5493008SR6XZECH6BN712020-01-012020-12-31iso4217:EUR5493008SR6XZECH6BN712021-01-012021-12-31iso4217:EURxbrli:shares5493008SR6XZECH6BN712020-12-315493008SR6XZECH6BN712021-12-315493008SR6XZECH6BN712019-12-31ifrs-full:IssuedCapitalMember5493008SR6XZECH6BN712019-12-31ifrs-full:SharePremiumMember5493008SR6XZECH6BN712019-12-31ifrs-full:RetainedEarningsMember5493008SR6XZECH6BN712019-12-31ifrs-full:TreasurySharesMember5493008SR6XZECH6BN712019-12-31ifrs-full:ReserveOfExchangeDifferencesOnTranslationMember5493008SR6XZECH6BN712019-12-31ifrs-full:ReserveOfGainsAndLossesFromInvestmentsInEquityInstrumentsMember5493008SR6XZECH6BN712019-12-31ifrs-full:ReserveOfRemeasurementsOfDefinedBenefitPlansMember5493008SR6XZECH6BN712019-12-31bekb:Bekb_DeferredTaxReserveMemberMember5493008SR6XZECH6BN712019-12-31ifrs-full:EquityAttributableToOwnersOfParentMember5493008SR6XZECH6BN712019-12-31ifrs-full:NoncontrollingInterestsMember5493008SR6XZECH6BN712019-12-315493008SR6XZECH6BN712020-01-012020-12-31ifrs-full:RetainedEarningsMember5493008SR6XZECH6BN712020-01-012020-12-31ifrs-full:EquityAttributableToOwnersOfParentMember5493008SR6XZECH6BN712020-01-012020-12-31ifrs-full:NoncontrollingInterestsMember5493008SR6XZECH6BN712020-01-012020-12-31ifrs-full:ReserveOfExchangeDifferencesOnTranslationMember5493008SR6XZECH6BN712020-01-012020-12-31ifrs-full:ReserveOfGainsAndLossesFromInvestmentsInEquityInstrumentsMember5493008SR6XZECH6BN712020-01-012020-12-31ifrs-full:ReserveOfRemeasurementsOfDefinedBenefitPlansMember5493008SR6XZECH6BN712020-01-012020-12-31bekb:Bekb_DeferredTaxReserveMemberMember5493008SR6XZECH6BN712020-01-012020-12-31ifrs-full:IssuedCapitalMember5493008SR6XZECH6BN712020-01-012020-12-31ifrs-full:SharePremiumMember5493008SR6XZECH6BN712020-01-012020-12-31ifrs-full:TreasurySharesMember5493008SR6XZECH6BN712020-12-31ifrs-full:IssuedCapitalMember5493008SR6XZECH6BN712020-12-31ifrs-full:SharePremiumMember5493008SR6XZECH6BN712020-12-31ifrs-full:RetainedEarningsMember5493008SR6XZECH6BN712020-12-31ifrs-full:TreasurySharesMember5493008SR6XZECH6BN712020-12-31ifrs-full:ReserveOfExchangeDifferencesOnTranslationMember5493008SR6XZECH6BN712020-12-31ifrs-full:ReserveOfGainsAndLossesFromInvestmentsInEquityInstrumentsMember5493008SR6XZECH6BN712020-12-31ifrs-full:ReserveOfRemeasurementsOfDefinedBenefitPlansMember5493008SR6XZECH6BN712020-12-31bekb:Bekb_DeferredTaxReserveMemberMember5493008SR6XZECH6BN712020-12-31ifrs-full:EquityAttributableToOwnersOfParentMember5493008SR6XZECH6BN712020-12-31ifrs-full:NoncontrollingInterestsMember5493008SR6XZECH6BN712020-02-29xbrli:pure5493008SR6XZECH6BN712020-02-012020-02-295493008SR6XZECH6BN712021-01-012021-12-31ifrs-full:RetainedEarningsMember5493008SR6XZECH6BN712021-01-012021-12-31ifrs-full:EquityAttributableToOwnersOfParentMember5493008SR6XZECH6BN712021-01-012021-12-31ifrs-full:NoncontrollingInterestsMember5493008SR6XZECH6BN712021-01-012021-12-31ifrs-full:ReserveOfExchangeDifferencesOnTranslationMember5493008SR6XZECH6BN712021-01-012021-12-31ifrs-full:ReserveOfGainsAndLossesFromInvestmentsInEquityInstrumentsMember5493008SR6XZECH6BN712021-01-012021-12-31ifrs-full:ReserveOfRemeasurementsOfDefinedBenefitPlansMember5493008SR6XZECH6BN712021-01-012021-12-31bekb:Bekb_DeferredTaxReserveMemberMember5493008SR6XZECH6BN712021-01-012021-12-31ifrs-full:IssuedCapitalMember5493008SR6XZECH6BN712021-01-012021-12-31ifrs-full:SharePremiumMember5493008SR6XZECH6BN712021-01-012021-12-31ifrs-full:TreasurySharesMember5493008SR6XZECH6BN712021-12-31ifrs-full:IssuedCapitalMember5493008SR6XZECH6BN712021-12-31ifrs-full:SharePremiumMember5493008SR6XZECH6BN712021-12-31ifrs-full:RetainedEarningsMember5493008SR6XZECH6BN712021-12-31ifrs-full:TreasurySharesMember5493008SR6XZECH6BN712021-12-31ifrs-full:ReserveOfExchangeDifferencesOnTranslationMember5493008SR6XZECH6BN712021-12-31ifrs-full:ReserveOfGainsAndLossesFromInvestmentsInEquityInstrumentsMember5493008SR6XZECH6BN712021-12-31ifrs-full:ReserveOfRemeasurementsOfDefinedBenefitPlansMember5493008SR6XZECH6BN712021-12-31bekb:Bekb_DeferredTaxReserveMemberMember5493008SR6XZECH6BN712021-12-31ifrs-full:EquityAttributableToOwnersOfParentMember5493008SR6XZECH6BN712021-12-31ifrs-full:NoncontrollingInterestsMember5493008SR6XZECH6BN712021-07-31

JAARVERSLAG

2021

Bekaerts jaarverslag 2021 is de start van onze transitie naar een volledig geïntegreerd rapport. Dit bevestigt ons engagement ten aanzien van zowel financiële als niet-financiële doelstellingen en prestaties.
Bekaert zal niet langer een afzonderlijk Duurzaamheidsrapport publiceren. We hebben alle niet-financiële toelichtingen geïntegreerd volgens de richtlijnen van de Corporate Sustainability Reporting Directive en zullen de details en scope van onze doelstellingen en toelichtingen verder uitbreiden in de komende jaren. Onze aanpak plaatst de waarde en impact die we als onderneming creëren in een breder perspectief.


We kijken verder dan rapportering en financiële data, en bijgevolg verder dan morgen.

image

Inhoudsopgave

DEel I: STRATEGIE EN LEIDERSCHAP 5

Woord van de Gedelegeerd Bestuurder en de Voorzitter 6

Bekaert in een oogopslag 8

Over ons    9

De hoogtepunten van 2021: sterke oplevering van onze prioriteiten    10

Vier Business Units    12

Rubberversterking 12

Staaldraadtoepassingen 12

Specialty Businesses 13

Bridon-Bekaert Ropes Group 13

Waarde creëren voor onze stakeholders 14

Waardecreatiemodel    15

Onze strategie    17

Ons leiderschap    19

Onze stakeholders    29

Enterprise risk management    31

Materialiteitsmatrix    32

Onze prestaties in 2021 33

Financiële performantie    34

Waardeketen    38

Planeet    42

Kennis    46

Mensen    50

DEel II: Verklaringen 55

Corporate Governance Verklaring 56

Raad van Bestuur    57

Comités van de Raad van Bestuur    59

Evaluatie    60

Uitvoerend Management    60

Diversiteit    61

Regels van behoorlijk gedrag    62

Remuneratieverslag    63

Aandelen    82

Controle en ERM    91

Financieel overzicht 99

Geconsolideerde jaarrekening    100

Geconsolideerde winst-en-verliesrekening    100

Geconsolideerd overzicht van het volledig perioderesultaat 101

Geconsolideerd balans 102

Geconsolideerd mutatieoverzicht van het eigen vermogen 104

Geconsolideerd kasstroomoverzicht 106

Toelichtingen bij de geconsolideerde jaarrekening    108

1. Algemene informatie    108

2. Samenvatting van de belangrijkste grondslagen voor de financiële verslaggeving    108

2.1. Conformiteitsverslag    108

2.2. Algemene principes    109

2.3. Balanselementen    111

2.4. Elementen van de winst-en-verliesrekening    119

2.5. Overzicht van het volledig perioderesultaat en mutatieoverzicht van het eigen vermogen    120

2.6. Alternatieve prestatiemaatstaven    120

2.7. Diverse    120

3.  Significante beoordelingen en belangrijkste bronnen van schattingsonzekerheden    122

3.1. Significante beoordelingen bij de toepassing van de grondslagen voor financiële verslaggeving    122

3.2. Belangrijkste bronnen van schattingsonzekerheden    122

4. Segmentrapportering    123

4.1. Kerncijfers per rapporteringssegment    124

4.2. Omzet per land    126

5. Elementen van de winst-en-verliesrekening    127

5.1. Netto-omzet    127

5.2. Bedrijfsresultaat (EBIT) per functie    128

5.3. Bedrijfsresultaat (EBIT) per aard van opbrengsten en kosten    133

5.4. Renteopbrengsten en -lasten    137

5.5. Overige financiële opbrengsten en lasten    135

5.6. Winstbelastingen    136

image

5.7.  Aandeel in het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen    137

5.8. Winst per aandeel    137

6. Balanselementen    139

6.1. Immateriële activa    139

6.2. Goodwill    140

6.3. Materiële vaste activa    146

6.4. Recht-op-gebruik (RoU) vaste activa    149

6.5. Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen    152

6.6. Overige vaste activa    156

6.7. Uitgestelde belastingvorderingen en –verplichtingen    157

6.8. Operationeel werkkapitaal    161

6.9. Overige vorderingen    164

6.10. Geldmiddelen & kasequivalenten en geldbeleggingen    164

6.11. Overige vlottende activa    165

6.12. Activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop en verplichtingen verbonden met deze
          activa
    165

6.13. Gewone aandelen, eigen aandelen en in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aan
        delen gebaseerde betalingen
    166

6.14. Overgedragen resultaten en overige Groepsreserves    175

6.15. Minderheidsbelangen    178

6.16. Voorzieningen voor personeelsbeloningen    182

6.17. Overige voorzieningen    193

6.18. Rentedragende schulden    194

6.19. Overige verplichtingen op meer dan een jaar    197

6.20. Overige verplichtingen op ten hoogste een jaar    198

6.21. Belastingposities    198

7. Diverse elementen    199

7.1. Toelichting bij het kasstroomoverzicht    199

7.2. Beheer van financiële risico’s en financiële instrumente    203

7.3. Voorwaardelijke verplichtingen en toezeggingen, gewaarborgde verplichtingen en activa verpand
      als waarborg
    219

7.4. Verbonden partijen    220

7.5. Gebeurtenissen na balansdatum    222

7.6. Opdrachten uitgevoerd door de commissaris en aanverwante personen    222

7.7. Dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde ondernemingen    223

Informatie met betrekking tot de Moedervennootschap    230

Jaarverslag van de Raad van Bestuur en jaarrekening van NV Bekaert SA    230

Voorstel van resultaatverwerking NV Bekaert SA 2021    234

Statutaire benoemingen    234

Alternatieve prestatiemaatstaven    235

Verslag van de commissaris    240


Milieugegevens 248

Omgaan met en opslaan van chemicaliën    249

Energie    250

CO2        251

Water    253

Afval        255

Duurzame oplossingen    256

EU-Taxonomie    257


Sociale Verklaringen 261

Gezondheid en veiligheid    262

Communiceren met en engageren van onze medewerkers    266

Onderzoeks- en innovatiepartnerschappen    268

Hoogste ethische standaarden    269

Diversiteit bevorderen    270

Nieuwe medewerkers    273

Turnover    274

Prestatiebeoordelingen    275


DEel III: OVER DIT RAPPORT 277

Rapporteringsprincipes 278

Duurzaamheidsstandaarden 279

GRI Content Index 280

Verklarende woordenlijst 285

Management 286

STRATEGIE EN

LEIDERSCHAP

DEEL I

Woord van
de Voorzitter en de
Gedelegeerd Bestuurder

Oswald Schmid
Gedelegeerd Bestuurder

Jürgen Tinggren
Voorzitter van de Raad van Bestuur

image
image

digitalisatie zodat we onze klanten beter kunnen bedienen.

We hebben een ambitieuze duurzamheidsstrategie ontwikkeld met doelstellingen en actieplannen om onze duurzaamheidsperformantie te versnellen. We zijn overtuigd dat onze plannen significante waarde zullen blijven genereren voor al onze stakeholders.

De sterke prestatie die we geleverd hebben in 2021 en onze vastberadenheid om waardegroei te stimuleren in doelmarkten, sterken ons vertrouwen in het kunnen realiseren van onze strategische prioriteiten. Gezien de onzekerheid en onstabiliteit die momenteel in de wereld heerst, voornamelijk als gevolg van de crisis in Oekraïne, is de zichtbaarheid op de marktevoluties van 2022 beperkt. Toch bevestigen we onze ambitie om onze doelstellingen op middellange termijn (2022-2026) met een organische omzetgroei van 3%+ CAGR en een onderliggende EBIT-marge tussen 9% en 11% doorheen de cyclus te behalen.

Onze teams wereldwijd hebben onvermoeibaar gewerkt om de veiligheid van onze medewerkers en de businesscontinuïteit van onze klanten te garanderen en hebben zo bijgedragen aan de sterke prestaties van 2021. Bovendien waarderen we ten zeerste de acties en initiatieven die ze vandaag nemen om mensen uit Oekraïne via verschillende humanitaire programma’s te helpen en om de impact van de crisis op onze business te beperken. We willen ons management en onze teams bedanken voor hun inzet, energie en allesovertreffende attitude.

We danken onze klanten, partners en aandeelhouders voor hun aanhoudende steun en vertrouwen.

GRI 102-14

Beste Aandeelhouder,
Beste Lezer,

Jürgen Tinggren

Voorzitter van de Raad van Bestuur

Oswald Schmid

Gedelegeerd Bestuurder

Bekaert heeft een nieuwe performantiemijlpaal bereikt in 2021 ondanks de turbulentie van de pandemie.

We behaalden een sterke omzet en verbeterde winstgevendheid in al onze businesses dankzij businessmixverbeteringen, footprintaanpassingen en organisatorische efficiëntie.

Belangrijk was dat we vooruitgang boekten in onze strategische transformatie om Bekaert een sterkere, flexibelere organisatie te maken die hogere waarde creëert. Deze vooruitgang liet ons toe onze wereldwijde aanwezigheid en lokale dienstverlening volop te benutten om klantvragen te beantwoorden en ondertussen oplossingen te bieden voor de tekorten in arbeidskrachten, materialen, energie en logistiek.

Vanuit een financieel oogpunt behaalden we nieuwe prestatieniveaus voor onze kernindicatoren. De omzet steeg met 28% tot een recordniveau van € 4,8 miljard in 2021 en onderliggende EBIT nam toe met 89% tot € 515 miljoen. Het nettoresultaat voor de periode bedroeg € 451 miljoen met EPS van € 7,14. Effectief werkkapitaalbeheer en solide cashgeneratie leidden tot een verdere schuldgraadverlaging met een nettoschuld op onderliggende EBITDA van 0,61 bij jaareinde 2021.

Dankzij deze sterke resultaten zijn we verheugd aan te kondigen dat de Raad van Bestuur aan de Jaarlijkse Vergadering van Aandeelhouders in mei 2022 een brutodividend van € 1,50 zal voorstellen, wat overeenkomt met een stijging van 50% tegenover het vorige jaar. Daarnaast heeft de Raad een inkoopprogramma voor eigen aandelen aangekondigd om uitstaande aandelen terug te kopen en te vernietigen voor een totaalbedrag van ten hoogste € 120 miljoen over een maximale periode van 12 maanden.

We zijn vastbesloten in de toekomst nieuwe mijlpalen te blijven bereiken. We onderzoeken bijkomende kansen om verder te groeien en onze business te verbeteren. Ons doel is om groei te versnellen in veelbelovende markten, zowel binnen onze kerntechnologieën als beyond steel. We verhogen onze middelen in innovatie en

Woord van de Voorzitter en de Gedelegeerd Bestuurder

TITLE

Bekaert in een oogopslag

image

Over ons

Wie we zijn

Bekaert is een wereldmarkt- en technologisch leider in staaldraadtransformatie en deklaagtechnologieën. Door het continu creëren van toegevoegde waarde streven we ernaar de voorkeurleverancier voor producten, diensten en oplossingen te zijn voor onze klanten wereldwijd. Bekaert (Euronext Brussels: BEKB) werd opgericht in 1880 en is een globale onderneming met meer dan 27 000 medewerkers wereldwijd, hoofdzetel in België en een gezamenlijke omzet van bijna 6 miljard euro in 2021.

GRI 102-1, GRI 102-3, GRI 102-7

Wat we doen

Wij willen de beste zijn in het begrijpen van de toepassingen waarvoor onze klanten onze producten en diensten gebruiken. De kennis over hoe onze producten functioneren in de productieprocessen en producten van onze klanten helpt ons immers om oplossingen te ontwikkelen en te leveren die het best aan hun vereisten voldoen — zo creëren we meerwaarde voor onze klanten.

Staaldraad transformeren en unieke deklaagoplossingen toepassen, dat zijn onze kernactiviteiten. Afhankelijk van de wensen van onze klanten trekken we draad in diverse diameters en sterktes, zelfs tot ultrafijne vezels van één micron. We bundelen draden tot koord, kabels en strengen, weven of breien ze tot een weefsel of verwerken ze tot een eindproduct. De coatings die we aanbrengen verminderen wrijving, verbeteren de corrosiebestendigheid of bevorderen de adhesie met andere materialen. We ontwikkelen ook producten en oplossingen uit andere metalen en materialen. Dit is onderdeel van onze strategie om creativiteit te stimuleren in staal en daarbuiten: creativity beyond steel.

Meer informatie over ons productaanbod is beschikbaar op onze website bekaert.com.

GRI 102-2, GRI 102-6

Onze aanpak

better together beschrijft de unieke samenwerking binnen Bekaert en tussen Bekaert en zijn businesspartners. We creëren waarde voor onze klanten door het leveren en co-creëren van een kwaliteitsportfolio van producten en door het bieden van dienstverlening op maat in alle continenten.

We geloven in blijvende relaties met onze klanten, leveranciers en andere stakeholders en we verbinden ons ertoe om hen langetermijnwaarde te bieden. We zijn ervan overtuigd dat het vertrouwen, de integriteit en de onstuitbare spirit die onze medewerkers wereldwijd verenigen als één team de fundamenten vormen van succesvolle partnerschappen waar ook ter wereld.

GRI 102-16

image

De hoogtepunten van 2021: sterke oplevering van onze prioriteiten

GRI 102-4

image
image

Rubberversterking

Bekaerts business unit Rubberversterking ontwikkelt, produceert en levert staalkoord- en hieldraadproducten en -oplossingen voor de bandensector. Voor de machinebouwmarkten bevat de productenportefeuille slangendraad en transportbandversterking¹.

Om klanten wereldwijd te bedienen heeft de business unit een globale aanwezigheid met productie-eenheden in EMEA, de VS, Brazilië, India, Indonesië en China. Bekaert bouwt ook een nieuwe fabriek in Vietnam.

Staaldraadtoepassingen

Bekaerts business unit Staaldraadtoepassingen ontwikkelt, produceert en levert een zeer breed gamma van staaldraadproducten en -oplossingen aan klanten in diverse sectoren, waaronder landbouw, energie en nutsvoorzieningen, mijnbouw, bouw, consumptiegoederen, en de industriële sector in het algemeen.

Om klanten wereldwijd te bedienen heeft de business unit een globale aanwezigheid met productie-eenheden in EMEA, de VS, Latijns-Amerika en Azië en een wereldwijd verkoop- en distributienetwerk.

Vier Business Units

Onze ambitie

De meest geavanceerde leider zijn van innovatieve rubberversterkingsoplossingen die onze klanten helpen om de industrie duurzaam om te vormen.

Onze businesspositie en strategische focus

30% marktaandeel in staalkoord wereldwijd

Voorkeurtechnologiepartner voor de bandenindustrie

Aanbrengen van oplossingen voor nieuwe mobiliteitsvraagstukken:

Deel van de oplossing in de shift naar elektrische voertuigen

Veiligere, lichtere en duurzame materialen

Globale footprint – lokale aanwezigheid

Investeren in toekomstige groei

Belangrijkste toepassingen

Staalkoord en hieldraad voor banden

BU performantie 2021

€ 2,05 miljard geconsolideerde omzet • € 2,24 miljard gezamenlijke omzet²
11,8% onderliggende EBIT-marge • 16,5% onderliggende EBITDA-marge

¹ Noot: de slangendraad- en transportbandversterkingsactiviteiten werden in januari 2022 ondergebracht in de business unit Specialty Businesses. De financiële resultaten van deze activeiten zullen dusdanig worden gerapporteerd vanaf boekjaar 2022. Deze activiteiten noteerden een geconsolideerde omzet van € 115 miljoen in 2021. Als gevolg hiervan zal de business unit Rubberversterking zich volledig richten op de bandenindustrie en zal de business unit Specialty Businesses zijn activiteiten uitbreiden met een vierde subsegment.

GRI 102-2

Onze ambitie

Klanten bedienen met innovatieve waardeoplossingen die hen helpen hun businessperformantie te verbeteren

Onze businesspositie en strategische focus

Sterke positionering in doelmarkten

Diepe kennis van lokale marktdynamieken en positieve effecten van deglobaliseringstrends

Aanbieden van slimme oplossingen aan de energie- en nutsvoorzieningsmarkten en de landbouwsector

Significante verbetering van de businessportfolio

Verlaten van commodity-markten met beperkte waardetoevoegende kansen

Belangrijkste toepassingen

Staaldraadtoepassingen voor energie- en nutsvoorzieningsmarkten, bouw en infrastructuur, landbouw, mijnbouw, enzovoort

BU performantie 2021

€ 1,82 miljard geconsolideerde omzet • € 2,66 miljard gezamenlijke omzet²
11,3% onderliggende EBIT-marge • 13,5% onderliggende EBITDA-marge

GRI 102-2

² De gezamenlijke omzet is de omzet gerealiseerd door de geconsolideerde ondernemingen plus 100% van de omzet gerealiseerd door joint ventures en geassocieerde ondernemingen na eliminatie van onderlinge verkopen. Voor zowel Rubberversterking als Staaldraadtoepassingen omvat dit voornamelijk joint ventures in Brazilië.


image

Specialty Businesses

Bekaerts business unit Specialty Businesses omvat drie subsegmenten¹ die verschillende markten bedienen: bouwproducten, vezeltechnologieën, en verbrandingstechnologieën. Qua karakteristieken delen ze een high-end productportfolio, geavanceerde technologieën en de voortdurende zoektocht naar lichtgewichtoplossingen en milieuvriendelijke toepassingen.

Bouwproducten ontwikkelt en produceert producten die beton, metselwerk, pleisterwerk en asfalt verstevigen. Vezeltechnologieën biedt hoogwaardige producten aan voor filtratie, hitteresistent textiel, electrogeleidend textiel, de veilige ontlading van statische energie, sensortechnologieën, en halfgeleidertoepassingen. Verbrandingstechnologie richt zich op verwarmingsmarkten met milieuvriendelijke gas- en waterstofbranders en residentiële en commerciële warmtewisselaars.

Bridon-Bekaert Ropes Group

Als globale aanbieder van kabel- en advanced cords-oplossingen engageert Bridon-Bekaert Ropes Group zich om de leidende innovator en leverancier van de hoogst performante kabels en A-Cords te zijn voor klanten wereldwijd. De unieke combinatie van technologieën in staaldraadkabels, synthetische kabels en advanced cords (A-Cords) laat een hoge differentiatie toe in high-end markten.

BBRG-Ropes heeft een leidende positie in een heel breed gamma van sectoren, inclusief dag- en ondergrondse mijnbouw, offshore en onshore energie, hijskraan- en industriële toepassingen, visserij & marine, en structuren. De A-Cords-business van BBRG ontwikkelt en levert fijnkoord voor liften en distributieriemen die respectievelijk in de bouw- en machinebouwmarkten worden gebruikt, en raamsysteem- en verwarmingskabels voor de automobielsector.

Onze ambitie

De leidende aanbieder zijn van oplossingen met low-carbon betonversterking en fijnevezel- en verbrandingstechnologieën die bijdragen aan een schonere wereld

Onze businesspositie en strategische focus

40% marktaandeel in betonversterkingsvezels

40% marktaandeel in fijne metaalvezels

Aanbieder van oplossingen voor duurzame en digitale oplossingen:

Koolstofarme betonversterking

Lichte materialen

Waterstofenergietechnologieën

RFID en sensortechnologieën

Sterke focus op research en innovatie

Belangrijkste toepassingen

Dramix® staalvezels voor koolstofarme betonversterking

Fijne vezels voor filtratie, waterstofelectrolysers, RFID-labels

Gasbranders en warmtewisselaars met lage of nul-uitstoot

BU performantie 2021

€ 476 miljoen in geconsolideerde omzet
14,7% onderliggende EBIT-marge • 16,7% onderliggende EBITDA-marge

Onze ambitie

De leidende innovator zijn en wereldwijd superieure oplossingen aanbieden met de best presterende kabels en advanced cords

Onze businesspositie en strategische focus

Sterke positionering in doelmarkten

Leiderschap in geavanceerde technologieën en digitale diensten:

Ropes 360-diensten voor continue monitoring

Twin-modellering van nieuwe producttoepassingen

Simulatietechnologieën voor liftsystemen

Toenemende aanwezigheid in offshore projecten met drijvende windturbines

Significante verbetering van de businessportfolio

Verlaten van commodity-markten met beperkte waardetoevoegende kansen

Belangrijkste toepassingen

Missiekritische staal- en synthetische kabels voor verankering, hijsen en structuren

Advanced cords voor liften, raammechanismes, en distributieriemen

BU performantie 2021

€ 481 miljoen geconsolideerde omzet
9,3% onderliggende EBIT-marge • 15,8% onderliggende EBITDA-marge

GRI 102-2

¹ Zie voetnoot bij business unit Rubberversterking.

GRI 102-2

TITLE

Waarde creëren voor onze stakeholders

image
image

Waardecreatiemodel¹

Duurzaamheid is een integraal onderdeel van de Bekaert-strategie. We engageren ons tot het creëren van waarde voor al onze stakeholders door het opleveren ten aanzien van zowel onze financiële als niet-financiële doelstellingen. In dit verslag

beschrijven we hoe we de middelen die we investeren (‘inputs’) omzetten in duurzame waarde (‘outputs & impact’) voor onze aandeelhouders, klanten, medewerkers, gemeenschappen, en andere stakeholders.

1 Gebaseerd op het framework Guidelines of Value Reporting Foundation (International Reporting Council (IIRC) & Sustainability Accounting Standards Board (SASB)

2 JV’s inbegrepen
3 23 568 in geconsolideerde vestigingen + 3 613 in joint ventures = 27 181 gezamenlijk

4 Incidentengraad (TRIR) en frequentiegraad (LTFIR) 2021 versus 2020

image
image

De middelen die we investeren

Sterke cashgeneratie in de voorbije jaren heeft ons in staat gesteld geldmiddelen vrij te maken voor waardecreërende investeringen. In 2021 investeerden we € 153 miljoen in materiële vaste activa en € 67 miljoen in research & innovation (R&I)-activiteiten (voor aftrek van subsidies en belastingtoelagen).

We kochten materialen en diensten van 16 000 leveranciers wereldwijd en stellen meer dan 27 000 mensen te werk in 45 landen ter wereld, waaronder productiesites in 25 landen en bijkomende verkoop- en distributiefaciliteiten in nog eens 20 landen.

We investeerden in de ontwikkeling van duurzame oplossingen en digitale productiesystemen en verhoogden onze duurzaamheidsambities en -doelstellingen in lijn met de transitie naar een lageuitstootmaatschappij. We bleven investeren in gezondheid & veiligheid, opleiding, en digitale vaardigheden om data-inzichten en klantendiensten verder te verbeteren.

De waarde die we creëren

2021 was een recordjaar qua omzet en perioderesultaat per aandeel (EPS). Onderliggende EBIT steeg met +89% tot € 515 miljoen bij een marge van 10,6%. De sterke resultaten en het recordnettoresultaat toerekenbaar aan aandeelhouders van Bekaert leidde tot het voorstel van de Raad van Bestuur om een dividend van € 1,50 per aandeel uit te keren.

We leveren aan 13 500 klanten in 130 landen ter wereld. Onze investeringen in onderzoek en innovatie leverden 25 eerste patentaanvragen op in 2021, wat resulteerde in een portfolio van meer dan 1 900 patenten en patentrechten. 21 partnerschappen met academische en research instituten helpen onze innovatie-inspanningen te versnellen en meer dan 85% van Bekaerts wereldwijde portfolio van research en innovatieprojecten richt zich op duidelijke voordelen op het vlak van duurzaamheid.

Inspanningen om onze CO₂-afdruk te verminderen zijn gaande en 100% van het staalafval keert terug naar de staalfabrieken voor recyclage. We betaalden € 133 miljoen aan inkomstenbelastingen in de landen waar we actief zijn. Aanhoudende prioriteitsacties in gezondheid en veiligheid leidden voor het vierde jaar op rij tot een vermindering van de veiligheidsincidentcijfers. Onze focus op diversiteit & inclusie, training & development, en andere initiatieven om de betrokkenheid van medewerkers te verbeteren, dragen bij aan de onverzettelijkheid en sterke oplevering en inzet van onze teams wereldwijd.



In het volgende hoofdstuk ‘Onze strategie’ beschrijven we hoe we de middelen die we gebruiken omzetten in waarde.

¹ Gebaseerd op het framework Guidelines of Value Reporting Foundation (International Reporting Council (IIRC) & Sustainability Accounting Standards Board (SASB)

image
image

Onze strategie

Tijdens de Capital Markets Day op 28 mei 2021 heeft Bekaert de strategie van de onderneming voor de komende vijf jaar toegelicht.

Onze ambitie is gericht op duurzame waardecreatie voor al onze stakeholders: aandeelhouders, klanten en andere businesspartners, medewerkers en de gemeenschappen waar we actief zijn. Lees meer over onze stakeholders en de waardecreatie van onze strategie verder in dit hoofdstuk.

We zijn vastbesloten om deze strategie met passie en focus uit te voeren en zijn ervan overtuigd dat ze ons in staat zal stellen duurzame waarde te creëren.

Megatrends creëren kansen en stimuleren groei

De megatrends nieuwe mobiliteit, hernieuwbare energie, urbanisatie, slimme connectiviteit, deglobalisering en duurzaamheid worden gezien als kansen voor Bekaert om zich te differentiëren en te groeien.

Daarom positioneren we ons om die kansen optimaal te benutten:

We breiden ons aanbod uit met nieuwe, innovatieve producten en diensten.

We digitaliseren onze business om de competitiveit te verhogen.

We zijn vastbesloten om te leiden als een duurzame onderneming.

image
image

Onze aanpak in de implementatie van de strategie

Drie geboden vormen de basis voor de implementatie van onze strategie en hebben tot tastbare resultaten geleid in 2021.

We presteren

We transformeren

We groeien

We maakten goede vooruitgang in het verbeteren van onze strategische marktpositie en businessportfolio dankzij aanhoudend sterke oplevering.

De omzet groeide tot het hoogste niveau in de geschiedenis van Bekaert en de groei werd gedreven door waardetoevoegende businessopportuniteiten en prijszettingsdiscipline, wat leidde tot een robuuste margeperformantie in alle vier de Business Units.

Door onze wereldwijde aanwezigheid met lokale dienstverlening op maat te benutten, stelden we onze supply chain-uitmuntendheid veilig om continuïteit in leveringen te garanderen aan onze klanten wereldwijd, ondanks de globale impact van verstoringen in de toeleverketen.

Aanhoudend doeltreffend werkkapitaal- en kostenbeheer zorgde voor een sterke cashgeneratie en een snelle, significante afname van de schuldgraad.

We versnelden onze commerciële en operationele uitmuntendheidsprogramma’s om klanten beter te kunnen bedienen, onze go-to-market strategie te verbeteren, en de kwaliteit en efficiëntie van onze onze processen te verhogen.

De digitalisatie van onze businessprocessen en de uitbreiding van ons digitaal aanbod zijn gaande en zullen worden versneld.

We ontwikkelden een langetermijn duurzaamheidsstrategie die gericht is op het verhogen van onze ambities en het behalen van de decarboniseringsdoelstellingen waartoe we ons engageren.

We verhogen onze investeringen in onderzoek en innovatie om ons technologisch leiderschap in onze kernmarkten te versterken en om nieuwe vaardigheden te ontwikkelen die buiten ons huidige speelveld liggen.

Onze volumes herstelden tot boven pre-covid-19-niveaus in 2021 ondanks de relatief lage uitbreidingsinvesteringen in de voorbije jaren en een aantal footprintwijzigingen om commodity-markten te verlaten.

We hebben groeikansen onderzocht in bestaande en aangrenzende markten met strikte criteria op het gebied van bijdrage aan de winstgevendheid.

We sloten in 2021 geen omvangrijke fusie- of overnamedeals maar richtten ons op tactische overnames en partnerschappen om een groeiende aanwezigheid op te bouwen in offshore wind, nutsvoorzieningen, digitale monitoringexpertise, en groenewaterstoftechnologieën. Verdere groei zal ondersteund worden door een hoger niveau van uitbreidingsinvesteringen vanaf 2022 en door partnerschappen en niet-organische groeikansen die ons in staat zullen stellen onze positie in veelbelovende doelmarkten uit te breiden.



Voor meer informatie en details over onze performantie in 2021 verwijzen we naar de performantie-updates in dit hoofdstuk en naar de gedetailleerde toelichtingen over financiële en niet-financiële informatie in Deel II van dit verslag.

image
image

Ons leiderschap

Raad van Bestuur

De voornaamste taken van de Raad van Bestuur zijn het bepalen van de strategie en het algemeen beleid van de Groep en het opvolgen van de activiteiten van Bekaert. De Raad van Bestuur is het hoogste beslissingsorgaan van de onderneming. Enkel aangelegenheden die door de wet of de statuten zijn voorbehouden aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders vallen niet onder zijn bevoegdheid. De Raad van Bestuur telt momenteel dertien leden. Hun professioneel profiel omvat verschillende vakgebieden, zoals recht, business, industriële activiteiten, finance & investment banking, HR, consultancy, ESG, innovatie en compliance.

GRI 102-18, GRI 102-23, GRI 103-3

Samenstelling van de Raad van Bestuur

Jürgen Tinggren, Voorzitter ¹

Christophe Jacobs van Merlen

Caroline Storme

Oswald Schmid, Gedelegeerd Bestuurder

Hubert Jacobs van Merlen

Emilie van de Walle de Ghelcke

Gregory Dalle

Colin Smith ¹

Henri Jean Velge

Henriette Fenger Ellekrog ¹

Eriikka Söderström ¹

Mei Ye ¹

Charles de Liedekerke

¹ Onafhankelijke Bestuurders

Wijzigingen in 2021

De Jaarlijkse Algemene Vergadering van Aandeelhouders heeft op 12 mei 2021 de herbenoeming van Henriette Fenger Ellekrog en Eriikka Söderström als onafhankelijke Bestuurders goedgekeurd voor een periode van vier jaar tot en met de Jaarlijkse Algemene Vergadering in 2025.

De samenstelling van de Raad van Bestuur zal wijzigen in mei 2022

Het mandaat van de Bestuurders Charles de Liedekerke, Hubert Jacobs van Merlen, Oswald Schmid, en van de onafhankelijke Bestuurders Mei Ye en Colin Smith zal eindigen op de Gewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders van 11 mei 2022. Charles de Liedekerke en Hubert Jacobs van Merlen, die respectievelijk negen en zes ambtstermijnen in de Raad van Bestuur hebben uitgeoefend, zullen dan met pensioen gaan overeenkomstig de door Bekaert toegepaste pensioengerechtigde leeftijd voor Bestuurders. Colin Smith gaat ook met pensioen en stelt zich niet herverkiesbaar. De Raad van Bestuur zal voorstellen dat de Algemene Vergadering Maxime Parmentier benoemt als Bestuurder voor een termijn van één jaar, Oswald Schmid herbenoemt als Bestuurder voor een termijn van één jaar en Mei Ye herbenoemt als onafhankelijk Bestuurder voor een termijn van één jaar.

Het aantal Bestuurders zal dalen van dertien naar elf en de genderdiversiteit zal verder toenemen: van 38% naar 45% vrouwelijke Bestuurders.

De Raad van Bestuur is Charles de Liedekerke, Hubert Jacobs van Merlen en Colin Smith erkentelijk voor hun substantiële bijdragen als Bestuurders van de Vennootschap.

image
image

Jürgen Tinggren

VOORZITTER VAN DE RAAD

Onafhankelijk Bestuurder
Zweed, °1958

OPLEIDING

Stockholm School of Economics
New York University Leonard N Stern School of Business

Oswald Schmid

GEDELEGEERD BESTUURDER
LID VAN DE RAAD VAN BESTUUR

Oostenrijker, °1959

OPLEIDING

University of Applied Sciences in Wenen

Leeftijdsdiversiteit

Genderdiversiteit

Diversiteit in nationaliteiten

imageimage

EERSTE BENOEMING

Mei 2019

ERVARING

Jürgen Tinggren werd tot onafhankelijk Bestuurder en Voorzitter van de Raad van Bestuur van Bekaert benoemd op 8 mei 2019.

Jürgen Tinggren begon zijn carrière in 1981 als Senior Associate bij Booz Allen Hamilton en vervoegde Sika AG in 1985 waar hij verschillende management- en directierollen opnam met toenemende scope en verantwoordelijkheid.

In 1997 werd hij lid van het Directiecomité van Schindler Holding AG. In 2007 werd hij benoemd tot Chief Executive Officer en Voorzitter van het Group Executive Committee van Schindler. Hij werd er Bestuurder in 2014.

ANDERE MANDATEN

Bestuurder bij Johnson Controls, Inc.

EINDE HUIDIG BEKAERT-MANDAAT

Jaarlijkse Algemene Vergadering van 2023

COMITÉS

Voorzitter van het Nominatie- en Remuneratiecomité
Lid van het Audit, Risk & Finance-comité

EERSTE BENOEMING

Mei 2020

ERVARING

Oswald Schmid vervoegde Bekaert als COO op 1 december 2019. Op 12 mei 2020 werd hij aangesteld als interim-CEO en op 2 maart 2021 werd hij aangesteld als CEO.

Oswald Schmid begon zijn loopbaan bij Semperit in 1984 waarna hij in 1990 verhuisde naar Continental als Hoofd Aankoop. In 2002 startte hij bij Schindler als Hoofd Strategische Aankoop en bekleedde er verschillende CEO- en managementposities.

Vanaf 2013 was hij lid van het Group Executive Committee van Schindler. In 2017 verhuisde hij naar de Kalle Group als CEO en managing director.

ANDERE MANDATEN

Bestuurder bij Wienerberger

EINDE HUIDIG BEKAERT-MANDAAT

Jaarlijkse Algemene Vergadering van 2022

Niet-native = van een andere nationaliteit dan de hoofdzetel (België)

image
image

Gregory Dalle

Henriette Fenger Ellekrog

Charles de Liedekerke

BESTUURDER

Fransman, °1976

OPLEIDING

Université Paris-Dauphine
Cass Business School

BESTUURDER

Onafhankelijk Bestuurder
Deense, °1966

OPLEIDING

Copenhagen Business School, INSEAD,
London Business School en Wharton Business School

BESTUURDER

Belg, °1953

OPLEIDING

Université catholique de Louvain
Université de Namur

EERSTE BENOEMING

Mei 2015

ERVARING

Gregory Dalle is Managing Director bij Credit Suisse in de Investment Banking & Capital Markets Division in Londen.

Gregory Dalle startte bij Credit Suisse in 2000 als lid van de EMEA Mergers & Acquisitions Group. Hij vervoegde de Industrials Group in 2014 en werd vervolgens aangesteld als Head of EMEA Industrials Group (in 2017) en Global Co-Head of EMEA Diversified Industrials (in 2021). Gregory Dalle heeft verantwoordelijkheid over de investment banking coverage van een aantal van Credit Suisses grote industriële klanten en adviseert hen over een breed gamma aan M&A en Equity & Debt transacties.

EINDE HUIDIG BEKAERT-MANDAAT

Jaarlijkse Algemene Vergadering van 2023

EERSTE BENOEMING

Mei 2020

ERVARING

Henriette Fenger Ellekrog begon haar carrière bij Peptech A/S waar ze Director of Administration and Personnel werd. Vervolgens nam ze verschillende consultancy- en managementfuncties op bij Mercuri Urval A/S.

Henriette Fenger Ellekrog zette haar loopbaan verder bij TDC met verschillende HR-directierollen alvorens bij SAS AB als Executive VP HR aangesteld te worden. Recenter stond ze aan het hoofd van het HR office bij Danske Bank A/S. Momenteel is ze Chief Human Resources Officer bij Ørsted.

EERSTE BENOEMING

Mei 1988

ERVARING

Charles de Liedekerke startte zijn loopbaan bij Liedekerke, Wolters, Waelbroeck en Kirkpatrick en verhuisde in 1980 naar de VS als Finance and Administration Officer van een dochteronderneming van Carmeuse. Hij vervoegde Lafarge in 1982 waar hij verschillende operationele en functionele verantwoordelijkheden had in Parijs, Dallas en Calgary. In 1992 werd hij benoemd tot Chief Financial Officer van Bekaert. Hij keerde terug bij Lafarge als lid van het Group Executive Committee en als voorzitter van de Aggregates and Concrete-divisie tot 2004. Aansluitend zetelde hij in Raden van Bestuur van verschillende ondernemingen.

ANDERE MANDATEN

Lid van verschillende raden en comités sinds 2003

EINDE HUIDIG BEKAERT-MANDAAT

Jaarlijkse Algemene Vergadering van 2025

COMITÉS

Lid van het Nominatie- en Remuneratiecomité

EINDE HUIDIG BEKAERT-MANDAAT

Jaarlijkse Algemene Vergadering van 2022

COMITÉS

Lid van het Audit, Risk & Finance-comité

image
image

Christophe

Hubert Jacobs van Merlen

Colin Smith

Jacobs van Merlen

OPLEIDING

Université libre de Bruxelles
Ecole Centrale Lille (Ingénieur Généraliste)

BESTUURDER

Belg, °1953

OPLEIDING

Université catholique de Louvain

BESTUURDER

Onafhankelijk Bestuurder
Brit, °1955

OPLEIDING

University of Southampton

BESTUURDER

Belg, °1978

EERSTE BENOEMING

Mei 2016

ERVARING

Christophe Jacobs van Merlen vervoegde Bain Capital Europe, LLP (Londen) in 2004. Voorheen was hij consultant bij Bain & Company in Brussel, Amsterdam en Boston, waar hij instond voor strategische en operationele adviesverlening aan klanten actief in private equity, businessdiensten, industrie en financiële dienstverlening.

Christophe Jacobs van Merlen is momenteel Managing Director bij Bain Capital Europe en lid van het leiderschapsteam en van verschillende raad-, audit-, operationele en M&A-comités. Hij heeft een leidende rol in verschillende investeringen bij Bain Capital.

EINDE HUIDIG BEKAERT-MANDAAT

Jaarlijkse Algemene Vergadering van 2024

COMITÉS

Lid van het Nominatie- en Remuneratiecomité

EERSTE BENOEMING

Mei 2003

ERVARING

Hubert Jacobs van Merlen is adviseur in de private equity-sector. Van 1997 tot 2014 was hij Voorzitter en CEO van IEE SA, Luxemburg, een leidende onderneming in het domein van veiligheidssensoren voor de automobielsector met productiesites in Luxemburg en technische verkoopkantoren in de VS, Zuid-Korea en Japan.

Hij begon zijn carrière in 1978 als auditor bij KPMG (Houston, TX) en werd Divisiecontroller van de Drilling Fluids Division van Chromalloy American Corp (St. Louis, MO) in 1981. In 1987 verhuisde hij naar Commercial Intertech Corp. (Youngstown, OH) als Europese Finance Director en werd in 1995 benoemd tot Senior Vice President en CFO.

ANDERE MANDATEN

Voorzitter van Stichting Administratiekantoor Bekaert (STAK) dat de belangen van de referentieaandeelhouder van Bekaert vertegenwoordigt

EINDE HUIDIG BEKAERT-MANDAAT

Jaarlijkse Algemene Vergadering van 2022

COMITÉS

Voorzitter van het Audit, Risk & Finance-comité

ERVARING

Tijdens zijn carrière van meer dan 40 jaar bij Rolls Royce is Colin Smith uitgegroeid tot een wereldautoriteit in ruimtevaart-engineering en -technologie. He begon bij Rolls Royce in 1974 als stagiair en nam vervolgens verschillende functies op in engineering en technologie, met steeds toenemende scope en verantwoordelijkheid. Hij werd benoemd tot Director of Research and Technology in 2004 en Director of Engineering and Technology in 2005, alvorens Group President van Rolls Royce te worden in 2016, een rol die hij vervulde tot zijn pensioen.

ANDERE MANDATEN

Verschillende niet-uitvoerende en adviserende rollen

EINDE HUIDIG BEKAERT-MANDAAT

Jaarlijkse Algemene Vergadering van 2022

EERSTE BENOEMING

Mei 2018

image
image

Eriikka Söderström

Caroline Storme

Emilie

BESTUURDER

Onafhankelijk Bestuurder
Finse, °1968

OPLEIDING

University of Vaasa

BESTUURDER

Belg, °1977

OPLEIDING

Solvay Management School, Université libre de Bruxelles,
en INSEAD Frankrijk en Singapore

van de Walle de Ghelcke

BESTUURDER

Belg, °1981

OPLEIDING

Université catholique de Louvain, Université libre de Bruxelles
en London School of Economics

EERSTE BENOEMING

Mei 2020

EERSTE BENOEMING

Mei 2019

EERSTE BENOEMING

Mei 2016

ERVARING

Eriikka Söderström heeft een sterke financiële achtergrond dankzij een carrière in verschillende internationaal actieve ondernemingen.

Ze begon haar loopbaan bij Nokia waar ze 14 jaar verschillende financiële rollen bekleedde binnen Nokia Networks. Haar laatste posities waren interim-CFO van Nokia Networks en Corporate Controller van Nokia Siemens Networks.

Ze heeft ook gewerkt als CFO bij Oy Nautor Ab, Vacon Plc en Kone Corporation, en was de CFO van F-Secure, een cyber security-onderneming, van 2017 tot September 2021.

ANDERE MANDATEN

Lid van de Raad van Bestuur van Valmet sinds 2017 en Voorzitter van het Auditcomité sinds 2018
Lid van de Raad van Bestuur en Voorzitter van het Auditcomité van Kempower sinds 2021
Lid van de Raad van Bestuur en lid van het Auditcomité van Amadeus IT Group sinds 2022

EINDE HUIDIG BEKAERT-MANDAAT

Jaarlijkse Algemene Vergadering van 2025

COMITÉS

Lid van het Audit, Risk & Finance-comité

ERVARING

Caroline Storme startte haar carrière bij Deloitte Consulting België in 2000. Van 2004-2006 werkte ze bij Bekaert als financieel controller voor ze verhuisde naar Amtech, IGW in Suzhou, China, waar ze benoemd werd tot CFO.

Caroline Storme vervoegde UCB in 2021, eerst in controlfuncties voor ze werd aangesteld als hoofd van de Aziatische global business services in Shanghai, China. Sinds 2017 heeft ze verschillende financiële R&D-functies bekleed op het hoofdkantoor van UCB in Brussel, België.

Caroline Storme is momenteel R&D Finance Lead Neurology bij UCB in België.

EINDE HUIDIG BEKAERT-MANDAAT

Jaarlijkse Algemene Vergadering van 2023

ERVARING

Emilie van de Walle de Ghelcke is Head of Legal bij Sofina, een beursgenoteerde (Euronext Brussels, BEL20-index)  investeringsvennootschap onder familaal beheer.

Voor ze startte bij Sofina was Emilie vanaf 2005 lid van de Brusselse balie en vervoegde ze in 2009 de corporate and finance-praktijk van Freshfields Bruckhaus Deringer, waar ze Belgische en internationale klanten adviseerde over binnen- en buitenlandse M&A-transacties, corporate governance aangelegenheden, corporate herstructureringen, joint ventures en financieel recht.

Emilie van de Walle de Ghelcke vervoegde Sofina in 2016. Als Head of Legal en Compliance Officer behelzen haar verantwoordelijkheden voornamelijk M&A-transacties, advies over materies in verband met corporate governance en beursgenoteerde ondernemingen, group compliance en juridische zaken, alsook externe communicatie. Ze maakt deel uit van het kernteam dat de implementatie van Sofina’s ESG-strategie leidt.

EINDE HUIDIG BEKAERT-MANDAAT

Jaarlijkse Algemene Vergadering van 2024

image
image

Henri Jean Velge

Mei Ye

BESTUURDER

Belg, °1956

OPLEIDING

Katholieke Universiteit Leuven en IMD

BESTUURDER

Onafhankelijk Bestuurder
Amerikaanse, °1966

OPLEIDING

University of North Carolina
Fudan University in Shanghai

EERSTE BENOEMING

Mei 2016

EERSTE BENOEMING

Mei 2014

ERVARING

Henri Jean Velge begon zijn carrière in 1981 bij Shell (Nederland) als well-site petroleumingenieur. Hij verhuisde naar Brunei in 1982 als Operations Manager en verliet Shell in 1985 om een MBA-diploma te behalen.

In 1987 vervoegde Henri Jean Velge Bekaert als Executive Director van Industrias Chilenas de Alambre (Chili). In 1991 verhuisde hij naar de VS en werd in 1994 Corporate Vice President Wire Americas. In 2001 werd hij benoemd tot Executive Vice President en werd lid van het Bekaert Group Executive met verantwoordelijkheid voor de wereldwijde draadactiviteiten. Van 2013 tot midden 2014 was hij verantwoordelijk voor alle businessplatformen.

EINDE HUIDIG BEKAERT-MANDAAT

Jaarlijkse Algemene Vergadering van 2024

ERVARING

Mei Ye werkte gedurende 10 jaar bij McKinsey & Company (2003-2013) als senior expert en consultant in fnanciële diensten, beleidsaanbevelingen en corporate governance.

Daarvoor was Mei Ye corporate strategy manager en hoofdanalist bij E*TRADE Financial, een onderming die online financiële diensten verleent, gebaseerd in de VS (1999-2003). Ze heeft ook als onderzoeksanalist gewerkt bij Gartner Group (1997-1999), bij Social Policy Research Associates (1995-1997), en voor het kantoor van de Voorzitter van de University of North Carolina, VS (1992-1994).

ANDERE MANDATEN

Onafhankelijk Bestuurder bij Shenwan Hongyuan Group en externe adviseur bij McKinsey & Company.
Stichtend lid van de raad van Future China Society en SFY Foundation in China, en bestuurslid van de New York Military Academy en Stanford Global Projects Center

EINDE HUIDIG BEKAERT-MANDAAT

Jaarlijkse Algemene Vergadering van 2022

image
image

Bekaert Group Executive

Het Bekaert Group Executive (BGE) draagt de operationele verantwoordelijkheid voor de activiteiten van de onderneming en treedt op onder toezicht van de Raad van Bestuur. Het BGE wordt voorgezeten door Oswald Schmid, Gedelegeerd Bestuurder.

Wijzigingen in 2021

De Raad van Bestuur heeft Oswald Schmid benoemd als Gedelegeerd Bestuurder met ingang van 2 maart 2021. Oswald Schmid leidde het Bekaert Group Executive als interim CEO sinds 12 mei 2020, waarop hij benoemd werd als lid van de Raad van Bestuur.

Op 8 februari 2021 vervoegde Kerstin Artenberg Bekaert als Chief Human Resources Officer en werd ze lid van het Bekaert Group Executive. Zij verving Rajita D’Souza die de onderneming verliet aan het einde van 2020.

Op 1 april 2021 vervoegde Yves Kerstens Bekaert als Divisie-CEO Specialty Businesses en Chief Operations Officer, en werd hij lid van het BGE. Yves Kerstens verving Jun Liao - die de onderneming verliet in juli 2021 - in de rol van Divisie-CEO Specialty Businesses.

Organisatiestructuur

De samenstelling van het Bekaert Group Executive weerspiegelt de organisatiestructuur met vier Business Units en vier Globale Functionele Domeinen. De Business Units en Globale Functies worden door de volgende Executives geleid.

Business Units

De Business Unit Rubberversterking wordt geleid door Arnaud Lesschaeve, Divisie-CEO Rubberversterking.

De Business Unit Staaldraadtoepassingen wordt geleid door Stijn Vanneste, Divisie-CEO Staaldraadtoepassingen.

De Business Unit Specialty Businesses wordt geleid door Yves Kerstens, Divisie-CEO Specialty Businesses en Chief Operations Officer.

Bridon-Bekaert Ropes Group (BBRG) wordt geleid door Curd Vandekerckhove, Divisie-CEO van BBRG.

De Business Units dragen globale P&L-verantwoordelijkheid voor strategie en oplevering binnen hun bevoegdheden en beschikken over toegewezen productiefaciliteiten en commerciële en technologieteams binnen hun respectievelijke organisaties. Dit helpt hen een aanpak te ontwikkelen waarin de klant centraal staat en die afgestemd is op de specifieke noden en dynamieken in hun markten.

Globale Functies

Taoufiq Boussaid, Chief Financial Officer

Kerstin Artenberg, Chief Human Resources Officer

Juan Carlos Alonso, Chief Strategy Officer

Yves Kerstens, Chief Operations Officer (gecombineerd met Divisie-CEO-rol)

De Functies vervullen de rol van strategische businesspartners, verantwoordelijk voor het aanleveren van specifieke expertise en diensten doorheen de Groep, zodat de business kan rekenen op de juiste deskundigheid om korte- en langetermijndoelstellingen waar te maken.

image

Oswald Schmid

Chief Executive Officer

Oostenrijker, °1959

Opleiding

Engineering
University of Applied Sciences in Wenen

Taoufiq Boussaid

Chief Financial Officer

Fransman en Marokkaan, °1971

Opleiding

Wiskunde en Economie  - Finance
French College in Rabat
Institut Supérieur de Gestion in Parijs

Start loopbaan Bekaert

2019

Start loopbaan Bekaert

2019

Ervaring

Oswald Schmid vervoegde Bekaert als COO op 1 december 2019. Op 12 mei 2020 werd hij aangesteld als interim-CEO en op 2 maart 2021 werd hij aangesteld als CEO.

Oswald Schmid begon zijn loopbaan bij Semperit in 1984 waarna hij in 1990 verhuisde naar Continental als Hoofd Aankoop. In 2002 startte hij bij Schindler als Hoofd Strategische Aankoop en bekleedde er verschillende CEO en managementposities.

Vanaf 2013 was hij lid van het Group Executive Committee van Schindler. In 2017 verhuisde hij naar de Kalle Group als CEO en managing director.

Ervaring

Taoufiq Boussaid begon zijn loopbaan in international finance met een periode van tien jaar als Audit Manager, eerst bij Ernst & Young in Frankrijk en vervolgens bij The Coca-Cola Company in de VS. Van 2004 tot 2007 nam hij verschillende financiële functies op bij United Technologies Corporation, eerst als Corporate Controller EMEA en vervolgens als CFO voor de Carrier Heating Systems-activiteiten in Europa.

In 2007 vervoegde Taoufiq Bombardier Transportation waar hij binnen de financiële organisatie in verschillende regio’s opklom tot zijn meest recente positie als Vice President Finance voor EMEA en Pacifisch Azië. Hij nam ook verschillende operationele verantwoordelijkheden op zoals het aansturen van de Franse en Noord-Afrikaanse activiteiten van Bombardier Transportation.

Leeftijdsdiversiteit

Genderdiversiteit

Diversiteit in nationaliteiten

Niet-native = van een andere nationaliteit dan de hoofdzetel (België)

imageimage
image
image

Yves Kerstens

Divisie-CEO Specialty Businesses
Chief Operations Officer

Belg, °1966

Opleiding

Engineering - Industrial Management
Katholieke Universiteit Leuven
INSEAD Business School Parijs

Start loopbaan Bekaert

2021

Ervaring

Yves Kerstens begon zijn loopbaan in supply chain management voor de productie-industrie alvorens bij Ernst & Young (1996) en later Capgemini (2001) adviseur te worden voor de handels- en industriesector.

In 2005 vervoegde hij Bridgestone Corporation waar hij verschillende directiefuncties opnam met toenemende scope en verantwoordelijkheid in EMEA en Pacifisch Azië, alsook globale corporate governance-rollen zoals Vice President & Senior Officer van Bridgestone Corporation en Voorzitter van het comité voor globale digitale oplossingen en supply chain. In 2018 ging Yves naar Axalta Coating Systems waar zijn meest recente functie Vice President Axalta en President EMEA was.

Kerstin Artenberg

Chief Financial Officer

Duitse, °1972

Opleiding

Economie Verre Oosten - HR
University van Duisburg-Essen
University of Applied Sciences in Zürich

Start loopbaan Bekaert

2021

Ervaring

Kerstin Artenberg startte haar carrière in communicatie- en marketingrollen met verschillende leidinggevende posities bij Körber AG en Daimler AG.

In 2007 verhuisde Kerstin naar Borealis in Oostenrijk als External Communications Manager en werd daarna Director Communications. Vanaf 2010 breidde ze geleidelijk haar verantwoordelijkheden in HR uit en in 2016 nam ze de rol van Vice President Human Resources & Communications op. In 2020 vervoegde ze het Executive Committee.

Doorheen haar carrière heeft Kerstin culturele transformaties gestimuleerd met een focus op het ontwikkelen van organisaties die zin en diepgaande ontwikkelingsmogelijkheden bieden aan hun medewerkers.

Juan Carlos Alonso

Chief Strategy Officer

Mexicaan, °1974

Opleiding

Engineering - MBA
Universidad Panamericana in Mexico City
Stanford Graduate School of Business

Start loopbaan Bekaert

2019

Ervaring

Juan Carlos Alonso begon zijn loopbaan in 1998 bij Boston Consulting Group. In 2006 werd hij bij CEMEX Global Corporate Strategic Planning Manager, gebaseerd in Spanje. Hij verhuisde naar Comex Group in 2010 als Vice President Sales & Operations voor de de regio West-Amerika, alvorens bij Lhoist Group verschillende leidinggevende business development en strategiefuncties te bekleden met toenemende scope en verantwoordelijkheid.

In 2017 vervoegde Juan Carlos de Imerys Group als Head of the Americas en ontwikkelingsregio’s voor de Monolithic Refractories-divisie, en, parallel daarmee, als Global Head of Strategy, Business Development and Marketing voor de High Temperature Solutions business.

image
image

Curd Vandekerckhove

Divisie-CEO Bridon-Bekaert Ropes Group

Belg, °1965

Opleiding

Engineering - Toegepaste Economie
Katholieke Universiteit Leuven

Start loopbaan Bekaert

1989

Ervaring

Curd Vandekerckhove begon zijn carrière bij Bekaert als Total Quality Management-consultant. Na een Executive Training Programma van 18 maanden in Japan nam hij gedurende 13 jaar verschillende managementposities op in Bekaert Azië. Hij verhuisde terug naar Europa in 2004 om General Manager van Carding Solutions en vervolgens van het zaagdraadplatform te worden.

In 2012 werd Curd benoemd tot Executive Vice President (EVP) Noord-Azië en Zuidoost-Azië en werd hij lid van het Bekaert Group Executive. Vervolgens werd hij aangesteld als EVP Noord-Azië en Global Operations, en als Chief Operations Officer. In 2019 werd hij benoemd als Divisie-CEO van de Bridon-Bekaert Ropes Group.

Arnaud Lesschaeve

Divisie-CEO Rubberversterking

Fransman, °1969

Opleiding

Finance & Business Administration - Aankoop
Université Paris Dauphine
M.A.I. Management School in Bordeaux

Start loopbaan Bekaert

2019

Ervaring

Arnaud Lesschaeve begon zijn carrière bij Valeo in 1994, eerst in kwaliteitszorg en later als aankoopmanager. Hij verwierf bijkomende expertise in de domeinen van aankoop en operationeel en supply chain-beheer tijdens zijn 8 jaar als consultant bij respectievelijk KPMG en AT Kearney.

In 2003 vervoegde Arnaud Faurecia waar hij verschillende leiderschapsposities in aankoop opnam alvorens benoemd te worden tot VP Asia Division. Van 2013 tot 2018 breidde hij zijn loopbaan in de automobielsector uit bij GKN Driveline, initieel als COO, later als President Asia Pacific, en uiteindelijk als CEO van de joint systems-divisie, alvorens terug te keren naar Valeo als VP Thermal Systems.

Stijn Vanneste

Divisie-CEO Staaldraadtoepassingen

Belg, °1972

Opleiding

Engineering
Katholieke Universiteit Leuven

Start loopbaan Bekaert

1995

Ervaring

Stijn Vanneste startte zijn carrière als Process Development Engineer bij Bekaert. Tussen 2005 en 2004 nam hij verschillende internationale managementposities op binnen de rubberversterkingsbusiness van de Groep, waaronder General Manager van Bekaert Shenyang en Head of Operations Steel Cord China.

In 2010 werd hij gepromoveerd tot Vice President Rubber Reinforcement Europe and India. In 2014 werd Stijn Senior Vice President Manufacturing Excellence met een globale verantwoordelijkheid over alle businessplatformen. In april 2016 werd hij benoemd als lid van het Bekaert Group Executive en Executive Vice President voor Europa, Zuid-Azië en Zuidoost-Azië. Sinds maart 2019 is Stijn Divisie-CEO Staaldraadtoepassingen.

image
image

Onze stakeholders

We engageren ons tot hoge performantie

We dragen bij aan het succes van onze klanten

We zijn echt better together

We geven om de wereld rond ons

Hoge performantie laat ons toe aandeelhouderswaarde uit te keren aan onze investeerders die ons toelaten onze business te ontwikkelen en te laten groeien. Het verhoogt ook ons vermogen om economische waarde te creëren voor de gemeenschappen waar we actief zijn en voor de bredere maatschappij.

Onze innovatieve product- en dienstenoplossingen maken ons de voorkeurpartner van klanten overal ter wereld. We creëren klantwaarde door middel van innovatie, consistente kwaliteit, digitale diensten en duurzame oplossingen. Onze globale footprint helpt klantgerichtheid uit te bouwen en verkort de toeleverketen, ongeacht waar onze klanten gevestigd zijn.

De ware sterkte van Bekaert ligt in de passie die iedere medewerker heeft om tot het uiterste te gaan voor onze klanten en uitmuntendheid te tonen in alles wat ze doen binnen de dochterondernemingen en joint ventures van de Groep. Onze waarden zijn ingekapseld in onze cultuur en verbinden ons als één Bekaert-team.

Onze verantwoordelijkheid strekt zich tot buiten onze eigen organisatie, met een duidelijk engagement naar milieu en maatschappij. We ontwikkelen oplossingen die bijdragen aan een schoner milieu en verhogen onze inspanningen om een oprecht duurzame business te worden. We ondersteunen initiatieven die sociale omstandigheden in de gemeenschappen waar we actief zijn helpen ondersteunen en verbeteren.

Bekaert is een beursgenoteerde onderneming (Euronext BEKB) met een multinationale business scope en footprint. Daardoor treden we in interactie en werken we samen met vele stakeholders wereldwijd.

Bekaerts strategie is gericht op het creëren van duurzame waarde voor alle stakeholders:

GRI 102-40

image
image

Onze aandeelhouders en investeerders

Bekaert streeft ernaar tijdige en nauwkeurige informatie te verstrekken aan alle stakeholders in de beleggingsgemeenschap over de strategie, performantie en vooruitzichten van de onderneming.

De Voorzitter, leden van het Executive Management en Bekaerts Investor Relations-team hebben de nieuwe Bekaert-strategie gecommuniceerd tijdens de Capital Markets Day in mei 2021.

We bezorgen informatie over de vooruitgang die we maken tijdens alle ontmoetingen met beleggers. De vergaderingen in 2021 waren virtuele roadshows en conferenties, webcasts, en de Algemene Vergadering van Aandeelhouders.

Bekaerts toelichtingen, inclusief dit Jaarverslag, omvatten zowel financiële als niet-financiële prestaties, evenals markt- en strategische updates.

6 banken-beursvennootschappen volgen Bekaert en publiceren analistenrapporten.

Onze klanten en leveranciers

Onze medewerkers en businesspartners

Onze gemeenschappen en de bredere maatschappij

Bekaert heeft een uitgebreid, internationaal klantenbestand in mature en groeimarkten. We bedienen zowel globale als lokale klanten met een rijke portfolio aan producten en diensten. Onze investeringen in onderzoek & innovatie en in digitale en duurzame oplossingen bieden geavanceerde technologieën die onze klanten in staat stellen de meest veeleisende verwachtingen en ambities na te komen.

Bekaerts wereldwijde aanwezigheid en diepgaande kennis van lokale noden, heeft van ons een vertrouwde partner gemaakt in alle omstandigheden, met een hoge graad van weerbaarheid tegen onderbrekingen in de toeleveringsketen.

Als de grootste aankoper van walsdraad ter wereld kan Bekaert de toegang tot grondstoffen garanderen en zo ook leverzekerheid bieden aan zijn klanten. Onze leverancierscampagnes helpen ons ook om duurzaamheid doorheen de toeleveringsketen aan te sturen.

Meer dan 27 000 Bekaert-medewerkers werken samen als één team om kwaliteitsproducten en -diensten af te leveren en de performantie in veiligheid, digitale toepassingen, duurzaamheid en innovatie te verbeteren.

Of ze tewerkgesteld zijn in dochterondernemingen met meerderheids- of volle eigendom, of in de joint ventures, iedereen bij Bekaert werkt samen – better together – om een fijne werkplek te creëren met hoge ethische, veiligheids- en performantiestandaarden.

We bundelen de krachten met industriële en academische partners om ons technologisch leiderschap te versterken en onderzoeken proactief innovaties die de grenzen van ons huidige speelveld verleggen.

Als onderneming en als individuen willen we integer handelen en verbinden we ons tot de hoogste standaarden van zakelijke ethiek. We promoten gelijke kansen, koesteren diversiteit en inclusie, en creëren een zorgende en veilige werkomgeving doorheen onze organisatie.

We streven ernaar een maatschappelijk betrokken onderneming te zijn. We vervullen onze verplichtingen binnen iedere gemeenschap waarin we actief zijn en promoten en passen verantwoordelijke en duurzame businesspraktijken toe.

We steunen geen politieke organen en nemen een neutrale positie in ten aanzien van politieke kwesties. Verbonden door onze overtuiging ‘veiligheid voor iedereen’ veroordelen we echter elke daad van geweld en agressie tegen mensen. 

We engageren ons om de milieu-impact van onze activiteiten te minimaliseren. We voldoen aan alle toepasselijke wetten en regelgevingen.

Bekaert betaalde € 133 miljoen inkomstenbelasting op de resultaten van 2021.

We ijveren voor en ondersteunen initiatieven die de sociale omstandigheden helpen verbeteren in de gemeenschappen waar we actief zijn. We steunen lokale gemeeenschapsprojecten die een positief verschil maken in de levens van mensen, vandaag en in de toekomst.

GRI 102-40, GRI 102-42

imageimageimageimage

Totaal aantal contacten
bereikt via een-op-een- en webcastmeetings in 2021

Landen met
Bekaert-klanten

Bekaert-medewerkers wereldwijd

Aantal landen waar Bekaert mensen tewerkstelt

721

130

27 181

45

Gemiddelde doelprijs voor het Bekaert-aandeel op de ver-schijningsdatum van dit verslag

Aankoopbestedingen bij leve-
ranciers die de Supplier Code of Conduct hebben ondertekend

Verschillende nationaliteiten in ons personeelsbestand

55

95 %

72

Miljoen winstbelasting betaald op het resultaat van 2021

133 miljoen

image
image

Enterprise risk management

Een globale aanpak

Bekaerts benadering van Enterprise Risk Management of ERM (ondernemingsrisicobeheer) is geïntegreerd in de strategie van het bedrijf en de daaruit voortvloeiende beslissingen en activiteiten die de implementatie ervan aansturen.

Dit permanente ERM-raamwerk, onderschreven door de Raad van Bestuur van Bekaert, helpt onzekerheid te beheersen in het waardecreatiemodel van Bekaert. Het draagt ook bij aan het behalen van de financiële en niet-financiële doelstellingen van het bedrijf en het naleven van wet- en regelgeving en de Bekaert Gedragscode. Het kader bestaat uit de identificatie, beoordeling en prioritering van de belangrijkste risico's waarmee Bekaert geconfronteerd wordt. Het omvat ook continue rapportage en controle van deze belangrijke risico's en het ontwikkelen en implementeren van risicobeperkende maatregelen.

De risico's worden gegroepeerd in zeven risicocategorieën: strategisch, mensen/organisatie, operationeel, juridisch/naleving, financieel, groep, geopolitiek/landspecifiek. De geïdentificeerde risico's worden geclassificeerd op twee assen: waarschijnlijkheid van plaatsvinden en impact of gevolg. De risico-evolutie wordt elk kwartaal geëvalueerd.

Toenemend

Afnemend

De belangrijkste veranderingen in 2021

Blootstelling aan cyberbeveiligingsrisico’s

Veel operationele activiteiten van Bekaert zijn afhankelijk van IT-systemen die ontwikkeld zijn en onderhouden worden door interne en externe experten. Thuiswerk heeft het aantal eindpuntapparaten en verbindingskanalen uitgebreid. Een cyberaanval op kritieke IT-systemen kan de bedrijfscontinuïteit van Bekaert onderbreken en de winstgevendheid aantasten. Om deze risico's te beperken, organiseerde Bekaert in oktober 2021 een informatiebeveiligingsweek. 1 200 deelnemers leerden alles over cyber-smart-werkmodellen, tools en controles en slaagden voor een verplichte test aan het einde van de week. Bekaert investeert ook voortdurend in de beveiliging van haar

digitale systemen en kanalen, evenals in snelle hersteloplossingen mocht het risico op een cyberaanval zich voordoen.

Rendement op investeringen

Bekaerts strategie richt zich op waardecreërende groei. De Groep neemt zowel organische als anorganische groei in bestaande markten en daarbuiten in beschouwing. Een mogelijke vertraging in het genereren van het beoogde rendement op investeringen kan de oplevering van deze strategische prioriteit uitstellen. Om dit risico te beperken, werd een gestructureerd kapitaaltoewijzingskader ingevoerd dat de mogelijkheden en criteria bepaalt om de organische en anorganische groeiplannen te identificeren, analyseren, goed te keuren en te integreren.

Uitbatingsvergunning

De strategische rol en verantwoordelijkheid van industriële bedrijven worden steeds meer gestuurd door maatschappelijke en overheidsverplichtingen om de impact van klimaatverandering te beperken. Wet- en regelgeving kan operationele uitdagingen, hogere kosten en een mogelijk ongelijke concurrentieomgeving met zich meebrengen. Wanneer niet binnen een bepaalde termijn aan de wet- en regelgeving kan worden voldaan, kan het risico van verlies van een uitbatingsvergunning optreden. Ondermaatse prestaties op het gebied van duurzaamheidsdoelstellingen kunnen ook reputatieschade veroorzaken en de positie van Bekaert als voorkeurspartner voor klanten en beleggers beïnvloeden. Bekaert heeft een nieuwe duurzaamheidsstrategie ontwikkeld die onze duurzaamheidsprestaties zal verbeteren. Onze milieudoelstellingen, die zijn afgestemd op het Science-Based Targets-initiatief, zijn ambitieus en zullen worden geïmplementeerd volgens een stappenplan dat door de Raad van Bestuur is goedgekeurd.

Meer details over Controle en ERM en de respectievelijke bestuursorganen zijn opgenomen in Deel II: Corporate Governance Verklaringen.

Noot: dit 2021 ERM rapport, met risico-evaluatie en -matrix, werd niet aangepast met de verhoogde risico’s van de situatie in Oekraïne na balansdatum. Deze verhoogde risico’s omvatten de potentiële impact op vraagveranderingen, onderbrekingen in de toeleveringsketen, kredietrisico’s en andere. Bekaert heeft een crisisteam aangesteld om de situatie op dagelijkse basis op te volgen, zodat de mogelijke impact op de onderneming grondig wordt ingeschat en beperkt.

image
image

Materialiteitsmatrix

Waar het ERM-model risico's classificeert op basis van de waarschijnlijkheid van plaatsvinden en de impact of gevolgen voor ons bedrijf, positioneert de materialiteitsmatrix de hefbomen van waardecreatie

Zowel het ERM-kader als de materialiteitsanalyse worden beschouwd als strategische instrumenten om de acties te identificeren en te prioriteren die cruciaal zijn voor waardecreatie en voor het aanpakken van de uitdagingen en het beperken van de risico's.

voor ons bedrijf in relatie tot het belang dat onze stakeholders eraan hechten.
Onze aanpak zorgt ervoor dat de belangrijkste risico's van de Groep gekoppeld zijn aan materialiteit.


Meer informatie over ERM is opgenomen in Deel II: Corporate Governance Verklaringen van dit rapport.
Bekaert gebruikt het
GRI Reporting framework als externe referentie voor de materialiteitsanalyse. Meer informatie is opgenomen in Deel III: GRI inhoudsindex van dit rapport.
GRI 102-47, GRI 103-1

Onze prestaties in 2021

image

Financiële prestatie

Financiële hoogtepunten 2021¹

Geconsolideerde omzet van € 4,8 miljard (+28%) en gezamenlijke omzet van € 5,9 miljard (+32%)

Onderliggende EBIT van € 515 miljoen, een stijging met +89%, aan een marge van 10,6% (vs. 7,2%)

EBIT van € 513 miljoen, een verdubbeling tegenover vorig jaar, aan een marge van 10,6% (vs. 6,8%)

Onderliggende EBITDA van € 689 miljoen (+44%), leidend tot een marge op omzet van 14,2% (vs. 12,7%)

Onderliggende ROCE van 23,7%, een bijna-verdubbeling van de performantie in 2020 (12,2%)

EPS van € 7,14 per aandeel of een verdrievoudiging tegenover vorig jaar (€ 2,38)

Gemiddeld werkkapitaal op omzet van 12,6% vergeleken met 16,4% vorig jaar

Nettoschuld van € 417 miljoen, -31% lager dan € 604 miljoen bij jaareinde 2020, resulterend in een nettoschuld op onderliggende EBITDA van 0,61, minder dan de helft van vorig jaar (1,26)

€ 677 miljoen cash ter beschikking aan het einde van de periode na een nettokasvermindering van € 460 miljoen gelinkt aan schuldterugbetalingen, vergeleken met € 940 miljoen bij jaareinde 2020

GRI 201-1

¹ Alle vergelijkingen zijn ten opzichte van de cijfers voor het boekjaar 2020.

image
image

Bekaert heeft een nieuwe performantiemijlpaal bereikt in 2021. We boekten aanzienlijke vooruitgang in de implementatie van de bedrijfsstrategie en behaalden een recordomzet, solide margegroei, en de laagste schuldgraad ooit.

Volumegroei en marktaandeeltoename in doelmarkten, gedreven door:

Kansen te benutten van deglobaliseringseffecten

Groei te stimuleren door een klantgedreven en go-to-market strategie en focus

Het veiligstellen van supply chain-uitmuntendheid om continuïteit in leveringen te garanderen aan onze klanten

Structurele verbeteringen aan de algemene performantie van Bekaert, gedreven door:

Product- en businessmixverbeteringen in lijn met onze strategie om de businessportfolio te versterken

Het versnellen van onze transformationele innovatie-, digitalisatie- en duurzaamheidsstrategie

Prijszettingsdiscipline afgestemd op de kostinflatie

Het versnellen van commerciële en operationele uitmuntendheidsprogramma’s

Aanhoudend effectieve werkkapitaal- en kostcontrole

Versterken van onze financiële positie

Het gemiddeld werkkapitaal op omzet verbeterde verder van 16,4% vorig jaar naar 12,6% in 2021.

Geldmiddelen en kasequivalenten bedroegen € 677 miljoen aan het einde van de periode. De nettoschuld bedroeg € 417 miljoen, € -187 miljoen of -31% minder dan € 604 miljoen aan het einde van 2020, wat resulteerde in een nettoschuld op onderliggende EBITDA van 0,61, minder dan de helft van vorig jaar (1,26) en de laagste schuldgraad ooit. Op 31 december 2021 vertegenwoordigde het eigen vermogen 43,4% van de totale activa, een stijging tegenover 35,8% bij jaareinde 2020. De nettoschuld op eigen vermogen (gearing ratio) bedroeg 19,9%, significant lager dan 39,4% bij jaareinde 2020 door de sterke verlaging van de nettoschuld.

Bekaert levert superieure resultaten en verhoogt rendement voor aandeelhouders

Ons engagement ten aanzien van aandeelhoudersrendement

De financiële performantie van 2021 en de succesvolle uitvoering van het strategisch plan hebben Bekaerts cashgeneratieperspectieven voor de komende jaren versterkt.

De Raad wil een evenwicht creëren tussen het financieren van toekomstige groei en het verhogen van aandeelhoudersrendement.

De Raad van Bestuur zal aan de Algemene Vergadering in mei 2022 een brutodividend van € 1,50 voorstellen, een stijging met +50%.

Daarnaast heeft de Raad een inkoopprogramma voor eigen aandelen goedgekeurd voor een bedrag van maximaal € 120 miljoen, met opstart in maart 2022. Onder het programma kan Bekaert over een maximale periode van twaalf maanden uitstaande aandelen terugkopen voor een totaalbedrag van ten hoogste € 120 miljoen. Het doel van het programma is het verminderen van het geplaatste aandelenkapitaal van de onderneming. Alle ingekochte aandelen onder dit programma zullen worden vernietigd.
Meer informatie hierover in Deel II: Corporate Governance Verklaring - Aandelen.

Focus en daadkracht van onze acties in 2021

We hebben onze transformatie naar hogere waardecreatie versneld. Onze kernacties in 2021:

image
image

Meer details over Bekaerts financiële performantie in 2021 zijn opgenomen in Deel II: Financieel Overzicht, en in het persbericht dat op 25 februari 2022 werd gepubliceerd naar aanleiding van de bekendmaking van de 2021 jaarresultaten.

Omzet

Bekaert realiseerde een geconsolideerde omzet van € 4 840 miljoen in 2021, duidelijk boven 2020 (+28%) en 2019 (+12%). De groei tegenover 2020 vloeide voort uit hogere volumes (+9%) en een positieve impact van verrekende walsdraadprijswijzigingen en andere mixeffecten (+19%). Wisselkoersbewegingen waren verwaarloosbaar op het geconsolideerde omzetniveau. De omzet in het vierde kwartaal van 2021 was de hoogste kwartaalomzet van het jaar, ondanks seizoeneffecten.

De gezamenlijke omzet bedroeg € 5 854 miljoen, een stijging van +32% tegenover 2020 en +14% tegenover 2019. De organische omzetgroei van Bekaerts joint ventures in Brazilië (+59%) werd gedeeltelijk tenietgedaan door de devaluatie (-7,7%) van de Braziliaanse real, wat leidde tot een omzettoename van +51%.

Financiële resultaten

Bekaert behaalde een operationeel resultaat (onderliggende EBIT) van € 515 miljoen. Dit vertegenwoordigde een stijging met € +243 miljoen of +89% tegenover 2020 en leidde tot een marge op omzet van 10,6% (7,2% in 2020). Inclusief de eenmalige elementen (€ -1,5 miljoen) bedroeg de EBIT € 513 miljoen wat overeenkomt met een EBIT-marge op omzet van 10,6% (tegenover € 257 miljoen of 6,8% in 2020). Onderliggende EBITDA bedroeg € 689 miljoen (14,2% marge) vergeleken met € 479 miljoen (12,7%). EBITDA bereikte € 677 miljoen, of een EBITDA-marge op omzet van 14,0% (tegenover 12,5%).

De onderliggende overheadkosten daalden als percentage op omzet met -50 basispunten tot 8,4%, vergeleken met 8,9% in 2020, maar stegen met € +73 miljoen in absolute cijfers door hogere provisies voor incentive-programma’s op korte en lange termijn, de versnelling van digitale, innovatie- en duurzaamheidsprogramma’s, en het algemene herstel van businessactiviteiten tegenover vorig jaar.

De onderliggende andere bedrijfsopbrengsten en -kosten stegen van € +8 miljoen vorig jaar tot € +20 miljoen in 2021. De gerapporteerde andere bedrijfsopbrengsten en -kosten (€ +34 miljoen) waren beduidend lager dan tijdens dezelfde periode vorig jaar (€ +51 miljoen) door de lagere opbrengst op de verkoop van onroerend goed in 2021.

De nettorentelasten bedroegen € -41 miljoen, een daling ten opzichte van € -56 miljoen in 2020 en het gevolg van een daling van de interestaanpassende financiële derivaten in 2021 vergeleken met dezelfde periode in 2020 en dankzij de beperking van de financiële brutoschuld met -26% in 2021. Overige financiële opbrengsten en lasten bedroegen € +4 miljoen (€ -30 miljoen in 2020). De toename in 2021 vloeide voort uit de significant minder negatieve wisselkoerstranslatie-effecten en uit een waardestijging van € +9,4 miljoen van het VPPA-contract (Virtual Power Purchase Agreement) in de VS.

De winstbelasting nam toe van € -57 miljoen tot € -133 miljoen. De effectieve belastingvoet daalde van 33% tot 28% dankzij het gebruik van voordien niet-opgenomen uitgestelde belastingvorderingen in entiteiten die winstgevend zijn geworden.

Het aandeel in het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen was € +108 miljoen (tegenover € +34 miljoen vorig jaar) wat de sterke prestaties van de joint ventures in Brazilië weerspiegelt.

Het perioderesultaat bedroeg € +451 miljoen, vergeleken met € +148 miljoen in 2020. Het resultaat toerekenbaar aan minderheidsbelangen van derden bedroeg € +44 miljoen (tegenover € +13 miljoen) en het perioderesultaat toerekenbaar aan aandeelhouders van Bekaert bedroeg € +407 miljoen tegenover € +135 miljoen vorig jaar. EPS bedroeg € +7,14, een verdrievoudiging van 2020 (€ +2,38).

image
image

Geconsolideerde financiële cijfers

Winst- en verliesrekening

in miljoen €

2020

2021

Delta

Omzet

3 772

4 840

+28,3%

Bedrijfsresultaat (EBIT)

257

513

+100,0%

EBIT-onderliggend

272

515

+89,0%

Financieel resultaat

-86

-37

-57,4%

Winstbelasting

-57

-133

+135,9%

Aandeel in het resultaat van joint ventures

34

108

+213,3%

Perioderesultaat

148

451

+204,7%

toerekenbaar aan aandeelhouders van Bekaert

135

407

+202,2%

toerekenbaar aan minderheidsbelangen van derden

13

44

+226,9%

EBITDA-onderliggend

479

689

+43,7%

Afschrijvingen (materiële vaste activa)

185

175

-5,3%

Waardeverminderingen en bijzondere waardeverminderingen

31

-11

Balans

in miljoen €

2020

2021

Delta

Eigen vermogen

1 535

2 101

+36,8%

Vaste activa

1 823

1 972

+8,2%

Investeringen (materiële vaste activa)

100

153

+53,3%

Balanstotaal

4 288

4 844

+13,0%

Nettoschuld

604

417

-30,9%

Kapitaalgebruik (CE)

2 063

2 276

+10,3%

Werkkapitaal

535

678

+26,8%

Personeel op 31 december

23 939

23 568

-1,5%

Ratio´s

2020

2021

EBITDA op omzet

12,5%

14,0%

EBITDA-onderliggend op omzet

12,7%

14,2%

EBIT op omzet

6,8%

10,6%

EBIT-onderliggend op omzet

7,2%

10,6%

EBIT intrestdekking

4,8

13,0

ROCE-onderliggend

12,2%

23,7%

ROE

9,7%

24,8%

Eigen vermogen op totaal activa

35,8%

43,4%

Nettoschuld op eigen vermogen

39,4%

19,9%

Nettoschuld op EBITDA-onderliggend

1,26

0,61

Joint ventures en geassocieerde ondernemingen

in miljoen €

2020

2021

Delta

Omzet

665

1 015

+52,5%

Bedrijfsresultaat

109

282

+159,4%

Winst van het boekjaar

84

252

+198,9%

Investeringen (materiële vaste activa)

20

31

+52,4%

Afschrijvingen

12

13

+4,8%

Personeel op 31 december

3 516

3 613

+2,8%

Winstaandeel in consolidatie

34

108

+213,3%

Eigen vermogen

124

189

+52,2%

Gezamenlijke kerncijfers

in miljoen €

2020

2021

Delta

Omzet

4 438

5 854

+31,9%

Investeringen (materiële vaste activa)

120

184

+53,3%

Personeel op 31 december

27 455

27 181

-1,0%


Meer details over de financiële resultaten in Deel II: Financieel Overzicht van dit verslag. Andere marktgerelateerde data zoals directe economische waarde gecreëerd en verdeeld: zie het Financieel Overzicht §5.1, §5.3, §5.4, §5.6, §6.13.

GRI 201-1

image

Waardeketen

We geloven in duurzame relaties met onze klanten, leveranciers en andere stakeholders, en engageren ons tot het leveren van langetermijnwaarde voor hen.

We staan voor verantwoordelijke en duurzame businesspraktijken in al onze zakelijke en maatschappelijke relaties, consistent met internationaal aanvaarde ethische standaarden.

We voldoen aan de geldende regelgevingen voor de verantwoordelijke aankoop en opslag van chemicaliën, smeermiddelen en andere materialen.

We werken samen met klanten en leveranciers om duurzaamheid doorheen de waardeketen te verhogen.

We ontwikkelen, digitaliseren en monitoren productieprocessen om consistente kwaliteit te garanderen en continu de proces- en energie-efficiëntie van onze operaties te verbeteren.

image

Onze operaties

better together met onze leveranciers

Bekaert runt 75 fabrieken (dochterondernemingen en joint ventures) in 25 verschillende landen in EMEA, Noord-Amerika, Latijns-Amerika en Pacifisch Azië. Samen verbruikten en verwerkten ze in 2021 meer dan 3 miljoen ton walsdraad, onze belangrijkste grondstof. Bekaert heeft € 153 miljoen geïnvesteerd in materiële vaste activa in zijn dochterondernemingen in 2021. Bekaert investeert ook in operationele uitmuntendheidsprogramma’s als onderdeel van het Bekaert Manufacturing System dat standaardisatie, proces- en energie-efficiëntie, productkwaliteit, digitale modellering en monitoring, en afvalpreventie- en reductie stimuleert doorheen de Groep.

Onze toeleveringsketen

Walsdraad is de belangrijkste grondstof voor de vervaardiging van staaldraadproducten. Bekaert koopt verschillende soorten walsdraad van staalbedrijven van over de hele wereld en verwerkt deze tot staaldraad en staaldraadproducten door mechanische en hittebehandelingsprocessen en unieke deklaagtechnologieën toe te passen. Bekaert ontwikkelt en produceert ook in toenemende mate producten die gebaseerd zijn op andere metalen of synthetische materialen. De producten van Bekaert worden geleverd aan industriële klanten die ons materiaal verder verwerken tot half- of eindproducten, of aan eindklanten, rechtstreeks of via distributiekanalen.

GRI 102-9

Walsdraad vertegenwoordigt meer dan de helft van de totale uitgaven van aankopen van Bekaert en wordt besteld bij leveranciers over de hele wereld. Het toeleveringsproces wordt beheerd door de aankoopfunctie. 2021 werd gekenmerkt door significante onderbrekingen in de toeleveringsketen die werden veroorzaakt door de pandemie en containertekorten. Bekaert slaagde erin de aanlevering van grondstoffen te verzekeren dankzij zijn globale aanwezigheid en nauwe samenwerking met leveranciers overal ter wereld.

GRI 102-9, GRI 102-10

*  JV’s inbegrepen

** Percentages relatief tot Bekaerts leveranciersbestedingen

image

Bekaert koopt grondstoffen en andere leveringsbehoeften lokaal aan (d.w.z. in dezelfde regio als waar de materialen verwerkt worden), tenzij de aankoopmogelijkheden ontoereikend zijn wat betreft kwaliteit, kwantiteit of kost. In 2021 werd 92% van onze aankopen lokaal aangeleverd.

Bekaert koopt van verschillende bronnen in lijn met de productkwaliteitnoden en de beschikbare aankoopopties. Bekaert heeft ongeveer 16 000 actieve leveranciers¹ waarvan 56% in EMEA leveren, 11% in Latijns-Amerika, 8% in Noord-Amerika en 26% in Pacifisch Azië.

¹ Exclusief joint ventures


GRI 102-10, GRI 301-2, GRI 204-1

Verantwoord aankopen van mineralen

Bekaert erkent het belang van verantwoord aankopen. In 2021 hebben alle leveranciers onder het Responsible Minerals Initiative (RMI), de Bekaert Gedragscode voor Leveranciers ondertekend (of bewijs geleverd dat ze de principes ervan naleven) en 100% van onze tin- en wolfraamleveranciers hebben het meest recente Conflict Minerals Reporting Template (CMRT) ingevuld.

RMI is een initiatief van de Responsible Business Alliance (RBA), en het Global e-Sustainability Initiative (GeSi), die ondernemingen uit verschillende sectoren helpen om problemen met conflictmineralen in hun toeleveringsketen aan te pakken. Alle leveranciers die onder het RMI vallen, hebben het Conflict Free Minerals-beleid en nalevingsplan van Bekaert onderschreven.

GRI 102-10

Monitoring en engagement van leveranciers

De aankoopafdeling van Bekaert heeft haar engagement met leveranciers versterkt om het bewustzijn voor en de controle op duurzaam ondernemen in de toeleveringsketen te verbeteren. De Bekaert Gedragscode voor Leveranciers legt de vereisten op het vlak van milieu, werkomstandigheden en governance vast waaraan de leveranciers moeten voldoen. Op het einde van 2021 vertegenwoordigde dit engagement 95% van de bestedingen.

Bekaert betrekt leveranciers bij zijn duurzaamheidsagenda via EcoVadis. 58,5% van onze aankoopbestedingen in 2021 gebeurde bij leveranciers die door EcoVadis worden beoordeeld. 81 nieuwe leveranciers werden uitgenodigd om deel te nemen in de EcoVadis duurzaamheidsbeoordeling, vergeleken met 18 in 2020. Het platform geeft inzicht in de duurzaamheidsprestaties van onze belangrijke leveranciers en waar ruimte voor verbetering is. Het aankoopteam heeft de maturiteit en doeltreffendheid van de huidige processen geanalyseerd en heeft verschillende werkpunten geïdentificeerd om duurzaamheid beter in te bedden in de leverancierslevenscyclus vanaf 2022.

Alle leveranciers van kritische materialen en diensten worden jaarlijks formeel beoordeeld, en corrigerende actieplannen worden opgelegd als de minimaal vereiste niveaus niet zijn bereikt. Deze actieplannen worden nauwgezet gecontroleerd om de focus op verbetering te verzekeren.

Bij Bekaert volgen we de EU REACH-regelgeving nauwgezet om naleving te garanderen en we vragen onze leveranciers om hun REACH-naleving te verifiëren in het toeleveringsproces van grondstoffen.

We hebben 50 leveranciersaudits uitgevoerd in 2021, vergeleken met 36 in 2020. Leveranciersaudits worden gepland en geprioriteerd volgens kwaliteitsgaranties, veranderingen of uitbreidingen aan kritische leveranciersprocessen, en het risico dat geldende doelcriteria niet behaald worden.

GRI 308-1, GRI 407-1, GRI 408-1, GRI 409-1, GRI 414-1, GRI 414-2

Het gebruik van contracten met onze belangrijkste leveranciers (Key Supplier Agreements) blijft zeer belangrijk in de aankoop van walsdraad en andere toeleveringscategorieën omdat ze doeltreffende partnerschappen helpen ontwikkelen waarin duurzaamheid, supply chain integratie en innovatie centraal staan. In 2021 organiseerden we een nieuwe Virtual Supplier-campagne om alle belangrijke walsdraadleveranciers te betrekken.

Virtual Supplier-campagne
Duurzaamheids- en Innovatiepartnerschappen voor walsdraad

Om tastbare stappen te zetten richting Bekaerts Scope 3-duurzaamheidsambities werd in 2021 een Virtual Supplier-campagne georganiseerd met belangrijke walsdraadleveranciers. Het doel was een open dialoog te houden over vaardigheden en doelstellingen om zo de leveranciers te identificeren die het best geplaatst zijn om duurzaamheid en innovatie mee te stimuleren. Geselecteerde partners werden uitgenodigd om samen te werken op projecten die ons samen tot leiders in duurzaamheid in onze industrie zullen stuwen.

Deze campagne werd gelanceerd als onderdeel van Bekaerts ambitieuze op wetenschap gebaseerde broeikasgas- (BKG-) verminderingsdoelstellingen die onderhevig zijn aan onafhankelijke validatie door het Science Based Targets-initiatief (SBTi). Een van de doelen die we onszelf hebben gesteld, is het beperken van onze Scope 3-uitstoot met -20% tegen 2030. Scope 3-uitstoot omvat de upstream- en downstream-uitstoot buiten onze eigen organisatie.

Lees meer over Bekaerts decarboniseringsambities en performantie in 2021 in het volgende hoofdstuk: Planeet, en in Deel II: Milieugegevens van dit rapport.

image

better together met onze klanten

Kwaliteit als topprioriteit

Kwaliteit is essentieel voor goede klantenrelaties. Onze klanten hebben een keuze en wij streven ernaar om hun beste keuze te zijn. We ondersteunen onze klanten door waarde toe te voegen aan de producten en oplossingen die we hen bieden. Het is van het allergrootste belang om de kwaliteitsverwachtingen van onze klanten te beantwoorden, zowel wat betreft productspecificaties, dienstverlening, en huidige en toekomstige ontwikkelingsnoden. Het vormt de basis voor het creëren van klantwaarde.

De klant in het hart van onze business brengen

Om de digitale klantervaring te verbeteren hebben we nieuwe mogelijkheden toegevoegd aan het MyBekaert Agri klantenportaal voor landbouwklanten en hebben we een gelijkaardig klantenportaal gelanceerd voor klanten in Energie & Nutsvoorzieningen.

Duurzame producten en oplossingen

We hebben de ambitie om ideeën om te zetten in betekenisvolle duurzame oplossingen die de milieu-impact van onze klanten en eindmarkten verkleinen. Deze omvatten onder meer:

Bekaerts staalkoordgamma met super- en ultrahoge treksterkte (ST/UT) voor bandenversterking stelt bandenmakers in staat om banden te produceren met een lager gewicht, dunnere rubberlagen, en een lagere rolweerstand. Dit verbetert de batterijduur van elektrische voertuigen en vermindert de CO₂-uitstoot van voertuigen met verbrandingsmotoren tot 5%. Gebaseerd op huidige data, algemeen aanvaarde omzettingsmodellen, en testresultaten, bedraagt de jaarlijkse CO₂-besparing dankzij Bekaerts ST/UT-staalkoord minstens 2,4 miljoen ton.

Bekaert wint VCK’s Business Excellence award

Bekaerts Central Quality Assurance-team heeft de VCK Business Excellence Award 2021 gewonnen. VCK (Vlaams Centrum voor Kwaliteit) groepeert 200 organisaties die erin geloven dat kwaliteit een hefboom voor groei, performantie en duurzaamheid is. Ieder jaar beloont een professionele jury het beste kwaliteitsproject. Behalve de prijs van de professionele jury kon Bekaert de poppoll winnen waardoor het de publieksprijs mee naar huis nam .

Bekaert wint Best Quality Award van Prinx Chengshan

Bekaert werd erkend met de 2021 Best Quality Award van bandenfabrikant Prinx Chengshan Holdings Co., Ltd. We zijn een langetermijnpartner van Prinx Chengshan en zijn vereerd met deze trofee die onze producten van hoge kwaliteit en de uitstekende dienstverlening van onze staalkoordleveringen looft.

Onze stalen en synthetische ankerlijnen verbinden drijvende windturbines met ankers op de zeebodem en elimineren daarmee de nood aan zware funderingen. Daarnaast wordt Bezinox®, Bekaerts nieuwe generatie van wapeningsdraad, gebruikt in onderzeese stroomkabels die elektriciteit aan land brengen van offshore windmolenparken. Deze oplossing verlaagt de totale kost door energie- en hitteverliezen te reduceren en door een voorspelbare en betrouwbare levensduur van de kabels te garanderen.

Onze Dramix® staalvezels voor betonversterking gebruiken 50% minder staalgewicht vergeleken met traditionele staaloplossingen. Dit beperkt de CO₂-uitstoot van bouwprojecten met 20 tot 50%.

Bekaerts oplossingen voor poreuze transportlagen verhogen de performantie en duurzaamheid van elektrochemische toestellen gebruikt in de productie van waterstof.

Meer details over Bekaerts duurzame producten en oplossingen is beschikbaar in Deel II: Milieugegevens van dit rapport.

GRI 302-1

image

Planeet

Bij Bekaert geloven we dat het onze verantwoordelijkheid is om mogelijkheden te creëren voor een betere toekomst.

We implementeren maatregelen om het energieverbruik te verminderen in onze operaties.

We gebruiken hernieuwbare energie waar mogelijk en proberen het aandeel ervan te verhogen.

We promoten een circulaire economie door meer gerecycleerde walsdraad te gebruiken in onze productieprocessen en door 100% van ons staalafval te recycleren.

We vermijden lozingen van onbehandeld afvalwater.

We werken aan het verminderen van afval en waterconsumptie, vooral in gebieden met waterstress.

We ontwikkelen duurzame oplossingen die bijdragen aan een schonere omgeving en als doel hebben de milieufootprint tijdens de volledige levenscyclus van onze producten te verkleinen.

We engageren ons tot het Science Based Targets-initiatief.

image
image

Milieuperformantie

¹ Scope 1 (directe BKG-emissies): CO₂-uitstoot van bronnen die onze eigendom zijn of door ons worden beheerd (bvb. BKG-emissies van de verbranding van brandstof en gas)

Scope 2 (energiegerelateerde indirecte BKG-emissies): CO₂-uitstoot van aangekochte/verkregen elektriciteit, verwarming, koeling en stoom voor verbruik in onze fabrieken

Scope 3 (andere indirecte BKG-emissies): indirecte BKG-emissies niet inbegrepen in Scope 2 (energiegerelateerde indirecte) emissies, afkomstig van bronnen buiten onze organisatie, zowel upstream als downstream (bvb. transport)

Onze acties in 2021

In 2021 werd onze aanvraag aanvaard om de Business Ambition for 1.5°C-campagne te vervoegen. Dit is een dringende vraag tot actie van een globale coalitie van VN-agentschappen, ondernemingen en industrieleiders om de globale opwarming te beperken. We hebben ambitieuze, op wetenschap gebaseerde BKG-reductiedoelen bepaald die onafhankelijk gevalideerd worden door het Science Based Targets-initiatief (SBTi). Door ons te engageren tot doelstellingen in lijn met SBTi worden we deel van de VN Climate Champions Race to Zero en willen we een significante rol spelen in de strijd tegen klimaatverandering.

We hebben een gedetailleerd overzicht gemaakt van de productieactiviteiten, investeringen en toepasselijke uitgaven van de geconsolideerde Bekaert-entiteiten voor het rapporteringsjaar 2021 en hebben ze gematcht met de activiteiten zoals beschreven in de EU Taxonomy om hun geschiktheid (hun potentieel om duurzaam te zijn) te analyseren. De uitkomst van deze analyse is opgenomen in de gedetailleerde Milieuverklaringen in Deel II van dit verslag. De EU Taxonomy heeft tot doel de kapitaalinzet naar duurzame activiteiten te richten met als einddoel duurzame groei te financieren en de Europese doelstelling te behalen om klimaatneutraal te zijn tegen 2050.

Onze strategie en ambities

We willen bijdragen aan de inspanningen om de wereld een betere plek te maken voor toekomstige generaties en engageren ons daarom om een leider te worden in duurzaamheid. Met dit doel in het achterhoofd hebben we een ambitieus plan opgesteld dat Bekaert verbindt met de meest dringende uitdagingen en ons een breed gamma van opportuniteiten geeft. We noemen dit onze ambitie om green beyond tomorrow te worden.

In 2021 hebben we onze ambities, vaardigheden en plannen aangescherpt om duidelijke vooruitgang te boeken op onze milieudoelstellingen. We hebben een ‘Sustainability Office’ opgericht binnen het Strategy Office. De Raad van Bestuur heeft de nieuwe Duurzaamheidsstrategie van Bekaert goedgekeurd, en we hebben doelen bepaald die afgestemd zijn op het Science Based Targets-initiatief (SBTi).

Door ons te verbinden aan SBTi zetten we moedige stappen, denken we verder dan morgen, en baseren we onze initiatieven op de laatste wetenschappelijke inzichten die zullen helpen om een duurzame toekomst te creëren.

Onze ambitie voor het milieu ligt in lijn met het Klimaatakkoord van Parijs om de wereldwijde temperatuursstijging te beperken tot 1,5°C. We hebben als doel de Scope 1- en 2- Broeikasgasemissies (BKG) ¹ - waarvan de meerderheid afkomstig is van gas gebruikt in onze fabrieken en van elektriciteit die we aankopen - te beperken met -46,2% tegen 2030 en Carbon Net Zero te bereiken tegen 2050.

*  JV’s inbegrepen

image
image

Onze performantie in 2021¹

¹ Meer details over Bekaerts 2021 milieuperformantie en doelstellingen zijn opgenomen in Deel II: Milieuverklaringen van dit verslag.

Gebruik van en investeren in hernieuwbare energiebronnen

Ontwikkelen en installeren van milieuvriendelijkere productieprocessen in onze fabrieken wereldwijd

Gerecycleerd staal: stimuleren van een circulaire economie

Een katalysator om broeikasgasemissies te beperken is het gebruik van hernieuwbare elektriciteit waar dat beschikbaar en mogelijk is. In totaal was 39% van de elektriciteit die we in 2021 geconsumeerd hebben afkomstig van hernieuwbare bronnen. De slaagkans om energie van hernieuwbare bronnen aan te kopen is sterk afhankelijk van de beschikbaarheid van dergelijke bronnen en van bewijs van herkomst. In Brazilië, Canada, Colombia, Ecuador, Venezuela, Roemenië, Nederland en het VK is het elektriciteitsverbruik van Bekaert grotendeels afkomstig van hernieuwbare energiebronnen.

Wat betreft het opwekken van hernieuwbare energie zijn onze ogen gericht op zonne- en windenergie. We kijken naar windturbine-investeringen en private of publieke investeringen zodat onze fabrieken energie kunnen afnemen van on-site zonnepanelen.

GRI 302-4

We ontwikkelen en implementeren standaardoplossingen en -initiatieven die als doel hebben het energieverbruik en de broeikasgasemissies te beperken. Het Bekaert Manufacturing System (BMS), een langetermijntransformatieprogramma gericht op productieuitmuntendheid in het algemeen, focust expliciet op energie- en uitstootbeperkende maatregelen. Het grootste deel van Bekaerts broeikasgasemissies is gelinkt aan ‘Scope 2’-emissies van aangekochte elektriciteit. Deze Scope 2-emissies waren nagenoeg stabiel vergeleken met 2019 maar namen toe tegenover vorig jaar door het herstel van onze operaties tot pre-Covid-activiteitsniveaus. Scope 2-energieintensiteit daalde met -4% in 2021 vergeleken met het referentiebasisjaar 2019. Dit was het gevolg van verbeterde machine-efficiëntie en specifieke energie-efficiëntieprogramma’s.

Het totaal volume aan walsdraad dat we in 2021 aankochten bevatte 34% gerecycleerd materiaal¹, tegenover 38% in 2020. Het percentage gerecycleerd materiaal is afhankelijk van de productspecificaties en de beschikbaarheid van walsdraad gemaakt van staalschroot. Op vandaag wordt de meerderheid van het gebruikte staal geproduceerd via de primaire route. Dit proces is gebaseerd op ijzererts dat gesmolten wordt tot ruw ijzer in een hoogoven. Staal gemaakt van ijzererts bevat slechts een beperkt aandeel staalschroot (doorgaans ~18%) als koelmiddel voor het daaropvolgende conversieproces. Staal geproduceerd via de secundaire route is meestal gemaakt van veel hogere hoeveelheden gesmolten staalschroot aangevuld met ruw ijzer, DRI (Direct Reduced Iron) en HBI (Hot Briquetted Iron).

¹ Exclusief joint ventures.


GRI 301-2

Bekaert draagt bij aan een circulaire economie door 100% van het staalafval terug te sturen naar de staalindustrie voor recyclage.

imageimageimage
image
image

Focus op preventie- & risicobeheer

Preventie- en risicobeheer

Preventie is beter dan mitigatie. Onze preventie- en risicomanagementgerelateerde activiteiten omvatten onder meer:

Programma’s die ons waterverbruik verminderen, met name maar niet enkel in gebieden met waterstress. De totale wateronttrekking in 2021 was -3% lager dan in 2019.

Bescherming tegen bodem- en grondwaterverontreiniging met primaire en secondaire fysieke afdamming, opvolging en preventief onderhoud.

Aan het einde van 2021 was 78% van de Bekaert-fabrieken wereldwijd ISO 14001 gecertificeerd, de internationaal erkende milieumanagementstandaard. Bekaert behield zijn certificering op groepsniveau voor ISO 14001 en ISO 9001 (de kwaliteitsbeheerstandaard). Daarnaast zijn drie Bekaert-fabrieken nu ISO 50001 gecertificeerd (de energiemanagementstandaard). Volledige wereldwijde certificering voor Bekaert-fabrieken voor ISO 14001 en ISO 9001 en toename in certificering met ISO 50001 zijn het doel.

Bekaert voldoet aan de Europese RoHS-verordening inzake gevaarlijke stoffen.

GRI 102-11

Duurzame producten en oplossingen

We hebben de ambitie om ideeën om te zetten in duurzame oplossingen die de milieufootprint van onze klanten en eindmarkten verkleinen. Lees meer over de producten en oplossingen die bijdragen aan een schoner milieu in het Waardeketen-hoofdstuk en in Deel II: Milieuverklaringen.

You Know Watt

Omdat we ons bewust zijn van de significante CO₂-footprint afkomstig van de productie van onze producten en oplossingen, hebben we onlangs een nieuw globaal programma gelanceerd, “You Know Watt”, om het energieverbruik verder te beperken.

“You Know Watt” focust op:

Het meten van het energieverbruik en bewustzijn creëren

Het identificeren van potentiële energie-efficiëntieverbeteringen

Het evalueren van iedere kans daarop

Het implementeren van maatregelen die, waar mogelijk met standaardoplossingen, technisch en economisch haalbaar zijn

We geloven in de kracht van leren door te doen. Daarom hebben we verschillende pilootprogramma’s voor energie-implementatie gestart die elk een gestructureerd proces volgen over een periode van drie maanden. We gaan van fabriek tot fabriek om You Know Watt tot bij de lokale teams te brengen, evalueren de bevindingen en implementeren energie-efficiëntieverbeteringen.

We startten dit programma in onze Izmit-fabriek in Turkije in oktober 2021. De eerste resultaten zijn veelbelovend met mogelijke verbeteringen qua energie-intensiteit tussen 10-15%, wat in lijn ligt met de verwachtingen en ambities. Daarnaast hebben we verschillende leermogelijkheden geïdentificeerd om het proces te verbeteren. Die zijn opgenomen in het ontwerp van het volgende pilootproject dat gestart is in China in februari 2022.

Gezien onze ambitie om de CO₂-footprint te beperken en het belang dat energieconsumptie (zoals eerder beschreven) in de toekomst zal spelen, wordt onze energie-intensiteitsaanpak binnen BMS verder opgekrikt via een nieuw programma genaamd “You Know Watt”.

image

Kennis

Onze onderzoeks- en innovatieactiviteiten zijn gericht op het creëren van waarde voor onze klanten, onze business en alle stakeholders om op lange termijn succesvol te zijn.

We co-creëren met klanten en leveranciers over de hele wereld om huidige en toekomstige technologieën te ontwikkelen, implementeren, upgraden en beschermen.

We luisteren naar onze klanten zodat we hun innovatie- en procesnoden begrijpen.

Weten hoe onze producten functioneren in hun productieprocessen en eindproducten is essentieel om waardecreërende oplossingen te ontwikkelen.

We versnellen onze innovatieagenda en upgraden de innovatiepijplijn.

We installeren Industrial IoT in onze productie- en modelleringsinnovaties.

We breiden onze scope van innovatieactiviteiten uit buiten het domein van staaldraad: beyond steel.

image
imageimage

*  JV’s inbegrepen

imageimageimage

Hoogtepunten in 2021

Bekaert heeft in 2021 aanzienlijke vooruitgang geboekt om de innovatieagenda te accelereren. We hebben een nieuwe Chief Innovation and Technology Officer benoemd, toptalenten en consultancydiensten aangetrokken, en innovatieprojecten met veelbelovende groeikansen toegevoegd aan de projectenpijplijn. De totale R&D-uitgaven vóór aftrek van subsidies en fiscale voordelen bedroegen € 67 miljoen in 2021, vergeleken met € 57 miljoen in 2020. Investeringen in immateriële activa bedroegen € 13 miljoen in 2021 (€ 3 miljoen in 2020) en hadden vooral betrekking op digitale oplossingen.

Onze focus ligt op het ontwikkelen van duurzame en digitale oplossingen voor klanten, het verkennen van nieuwe businessmodellen, en het ondersteunen en versnellen van energietransitieprogramma’s.

Gezien we de scope van onze innovatieactiviteiten beyond steel willen uitbreiden, willen we onze partnerschappen in onderzoek, open innovatie, en samenwerking met durfkapitaalinvesteerders en start-ups in onze interessedomeinen, verder uitbreiden.

Innovatie is een kernpijler in de nieuwe Bekaert-strategie. We hebben drie ‘business motoren’ geïdentificeerd om een gebalanceerde pijplijn van incrementele en disruptieve innovaties samen te stellen. De versnelling van innovatieprogramma’s zal ondersteund worden door een toename van het innovatiebudget met +50% in de komende vijf jaar.

MOTOR 0 Ondersteunen van onze dagelijkse inspanningen door het neerzetten van:

MOTOR 1 Ondersteunen van onze waardecreërende strategie met:

MOTOR 2 Ontwikkelen van nieuwe wegen naar groei die ons toelaten:

Topprestaties in onze operaties

Productie van wereldklasseniveau door voortdurende kost- en procesverbeteringen

Responsieve ondersteuning van onze klanten

Innovatieplatformen gericht op klantennoden

Differentiatie om beter, goedkoper, groener en sneller te zijn dan onze concurrenten

Prioritering van strategische impact en waardepotentieel

Grote disrupties en vraagnoden in onze kernmarkten te beantwoorden

Zelf de disruptor te zijn in plaats van geconfronteerd te worden met disruptieve technologieën

Nieuwe businesses te betreden waar we onze kerncompetenties en schaalgrootte benutten

Extern samen te werken door middel van open innovatie

image

Bouwen aan een sterke innovatiecultuur

We maken ons flexibele en wendbare innovatiemethodologieën eigen en als illustratie daarvan organiseerden we een virtueel Dragon’s Den-evenement waarbij innovatoren uit de Business Units hun meest veelbelovende projecten voorstelden. Dit illustreerde de reikwijdte van onze ideeën en activiteiten en boeiende voorbeelden van teamwork ondanks de uitdagingen die gesteld werden door de thuiswerkmaatregelen. Door een ondernemersmindset te cultiveren willen we onze bestaande cultuur van operationele uitmuntendheid en technologisch leiderschap aanvullen met een sterke innovatiecultuur.

Oplossingen bieden aan onze klanten

In 2021 bleven we technologieën ontwikkelen die voldoen aan klantennoden of ze overtreffen, en ons kwaliteitsleiderschap in de industrie versterken. Voorbeelden omvatten producten om de energietransitie te ondersteunen zoals Fiber+ kabels voor het verankeren van offshore vlottende windturbines, Bezinox® wapeningoplossingen voor stroomkabels, en PEM-electrolyser-vezels voor waterstofproductie, maar ook oplossingen voor de bouwindustrie zoals de Sigmaslab® betontechnologie die CCL’s naspanningsstrengen combineert met Dramix® staalvezels voor betonversterking. In 2021 richtte meer dan 85% van Bekaerts globale portfolio van R&D-projecten zich op duidelijke voordelen op het vlak van duurzaamheid die het gebruik van natuurlijke en schadelijke bronnen beperken; het energieverbruik en de uitstoot verminderen; recyclagemogelijkheden vergroten; veiligheid verbeteren; en de noden van de hernieuwbare-energiemarkten beantwoorden. Meer informatie over nieuwe producten en oplossingen is te vinden in het Waardeketen-hoofdstuk.

Uitrollen van industriële IoT in operaties

Nu de digitale manier van werken en management execution systems (MES) omarmd worden in onze fabrieken, hebben we IoT-systemen (Internet of Things) uitgerold in staalkoordfabrieken om de kwaliteitsgarantie te verbeteren en het energieverbruik te monitoren. De gegenereerde data wordt zowel in fysieke modellen als in digital twins gevoed om R&D-processen te versnellen en innovaties te stimuleren die het energieverbruik en de CO₂-afdruk van onze productie verminderen.

Engineering

Bekaerts eigen engineeringafdeling speelt een cruciale rol in de optimalisatie en standaardisering van onze productieprocessen en -machines. Nieuwe machines combineren altijd innovatieve oplossingen voor prestatieverbeteringen op verschillende vlakken, zoals productkwaliteit, prestatievermogen en flexibiliteit, kostenefficiëntie, energieverbruik, machineveiligheid, ergonomie en de impact op het milieu. Momenteel implementeren we een nieuw en duurzaam werkingsmodel dat toelaat ons te concentreren op de ontwikkeling van innovatieve uitrusting voor nieuwe producten, nieuwe processen en uitgebreide digitale tools en functionaliteiten.

Bekaert verwerft ontwikkelingspartner VisionTek Engineering Srl

Bridon-Bekaert en VisionTek Engineering zijn partners sinds 2018. Wat begon als een durfkapitaalinvestering groeide geleidelijk aan uit tot een succesvol technologiepartnerschap en uiteindelijk in de verwerving en integratie van VisionTek in februari 2022. Samen met

Bridon-Bekaert heeft VisionTek de eerste mobiele 3D kabelmeet- en visualisatieuitrusting ontwikkeld. 360° miniatuurcamera’s nemen hogeresolutiefoto’s van de kabel in actie, en voeden een real-time model dat de data analyseert ten aanzien van artificiële intelligentie met zelflerend algoritmes.

Deze nieuwe, eigen monitoringtechnologie voert continue, realtime kwaliteitsinspectie uit, en overtreft andere meetinstrumenten zoals magnetische tests die niet altijd onfeilbaar zijn. Bridon-Bekaert is in 2021 gestart met de commercialisering van de uitrusting om staal- en synthetische kabels van klanten continu te monitoren. Op die manier vormt het een pijler van BBRG’s ambitie om een aanbieder van totaaloplossingen te zijn en de meest geavanceerde diensten op de kabelmarkt aan te bieden.

Intellectuele eigendommen

De afdeling Intellectuele Eigendommen (IE) van Bekaert staat in voor de patenten, ontwerpen, handelsmerken, domeinnamen en handelsgeheimen van de hele Bekaert Group, met inbegrip van de joint ventures in Brazilië. Het adviseert ook over IE-clausules in verschillende overeenkomsten zoals gezamenlijke ontwikkelingsovereenkomsten en -licenties. Aan het einde van 2021 had de Bekaert Groep een portfolio van meer dan 1 900 octrooien en octrooirechten, waaronder 25 eerste patentaanvragen in 2020, en meer dan 1 700 handelsmerkregistraties.

image

Veiligstellen van onze digitale activa

Cyberrisico’s kunnen intellectuele-eigendomsbescherming en data privacy raken. Daarom is informatieveiligheid - het veiligstellen van de data, activa en privacy van de onderneming en onze klanten - kritisch, vooral nu veel teamleden op afstand werken. Onze medewerkers zijn onze sterkste schakel, en de meest effectieve bescherming is hun bewustzijn van de informatieveiligheidsrisico’s en cyberbedreigingen. Onze informatieveiligheidsregels leggen uit welke maatregelen we kunnen treffen om ons te verweren tegen cybercriminelen en te garanderen dat onze informatie beschermd blijft.

Alle medewerkers moeten zich bewust zijn van de potentiële gevaren en moeten weten hoe ze cyberrisico’s kunnen beperken. Het hoofdstuk Mens geeft meer informatie over hoe we onze medewerkers opleiden over cyberbewustzijn.

Digital@Bekaert

Digital@Bekaert omvat veel meer dan informatieveiligheid alleen. Het gaat over het bouwen van digitale oplossingen en technologie in het algemeen. Met Digital@Bekaert zijn we op weg om productkwaliteit verder te verhogen, efficiëntie in onze productieprocessen toe te voegen, nieuwe businessmodellen te bouwen, waarde voor onze klanten te creëren en betere tools en inzichten te bieden aan onze medewerkers.

MES brengt machinedata in de handen van onze operatoren

In 2021 hebben we verdere stappen gezet in het aansluiten van fabrieken op ons manufacturing execution system (MES). Dat heeft tot doel het verbinden en monitoren van machines in de fabriekshal. Als gevolg daarvan kunnen we alle bewegingen van goederen volgen door binnenkomende en geproduceerde items te scannen, automatisch data opslaan van de geconnecteerde machines, en onmiddellijk input krijgen van de operatoren via hun mobiele toestellen.

Parallel met MES laat het Digital Bekaert Manufacturing System (BMS) ons toe om gebruikersinzichten om te zetten in data. De digitale performantiedialoog stelt supervisors in staat om meer beredeneerde beslissingen te nemen en meer tijd door te brengen op de fabrieksvloer. De nieuwe mobiele shopfloor app is het extra paar ogen en oren van de supervisors.

Open innovatie

Bekaert zoekt actief naar mogelijkheden voor samenwerking met strategische klanten, leveranciers en academische onderzoeksinstituten en universiteiten. We overwegen ook investeringen in start-upbedrijven en durfkapitaalfondsen die nieuwe aantrekkelijke businessmodellen buiten Bekaerts huidige speelveld kunnen creëren. We onderhouden en versterken onze onderzoekspartnerschappen en -netwerk in de domeinen van metallurgie en modellering met een verlenging van ons University Technology Center (UTC) in University College Dublin, en met doctoraten aan het Imperial College London, Zahreb University, CEIT Spanje, UGent, University of Lille en andere universiteiten. Bovendien vervoegden we en zijn we voorzitter van het Hyve-consortium, waarin verder de Vlaamse onderzoekscentra imec en VITO, en industriële pioniers Colruyt Group, DEME en John Cockerill zetelen. Hyve zal investeren in de ontwikkeling en productie van groene waterstofkracht en beoogt een kostefficiënte en duurzame productie van waterstof op gigawattniveau.

Erkenning

We danken het Vlaams Agentschap voor Innoveren en Ondernemen (VLAIO) en de Belgische federale overheid. De subsidies en stimuli voor R&D-projecten met hooggeschoold wetenschappelijk personeel en onderzoekers in Vlaanderen zijn essentieel voor het behoud van R&D-activiteiten in België. We willen ook onze oprechte dankbaarheid uitdrukken voor de steun van het Irish Research Council en I-Form, het SFI Research Centre for Advanced Manufacturing. Verder bedanken we ook het Research & Innovation-departement van de Europese Commissie voor hun steun aan innovatie door middel van projectsubsidies.

We zijn bevoorrecht om een winnende partner te zijn in de investeringsplannen van meer dan £ 60 miljoen die aangekondigd zijn door de regering van het VK voor de ontwikkeling van nieuwe technologieën voor vlottende windprojecten voor diepe wateren. Bridon-Bekaert werd geselecteerd als een van de gefinancierde ontwikkelingspartners voor twee van de elf ontwikkelingsprojecten: de ontwikkeling van een nieuw, lichtgewicht verankeringssysteem en de ontwikkeling van nieuwe verankeringssysteemtechnologieën, kabelbescherming, en een geavanceerd digitaal monitoringsysteem.

Meer informatie over Bekaerts 21 academische onderzoekspartnerschappen is beschikbaar in Deel II: Sociale Verklaringen van dit rapport.

Lidmaatschappen & associaties

Bekaert heeft verschillende ondernemingslidmaatschappen waaronder een aantal bilaterale kamers van koophandel en algemene industrieassociaties zoals Agoria, VOKA Vlaanderen en Wire Association International, en associaties die over industriegrenzen heen actief zijn zoals de Conference Board. Bekaert is ook lid van nationale werkgeversassociaties in alle landen waar Bekaert actief is.

GRI 102-13

image

Mens

We bevorderen gelijke kansen op werk en respecteren de rechten en waardigheid van iedere werknemer.

Bekaert engageert zich uitdrukkelijk om nationale wetgevingen en collectieve arbeidsovereenkomsten na te leven.

We empoweren onze teams met verantwoordelijkheid, autoriteit en aansprakelijkheid, en rekenen op het engagement van iedere Bekaert-medewerker om zich in te zetten voor een hoger niveau van performantie.

We stimuleren talent met loopbaanontwikkeling en levenslang leren. We hechten veel belang aan het bieden van uitdagende carrière- en persoonlijke ontwikkelingsmogelijkheden voor onze medewerkers.

De globale veiligheidsaanpak van Bekaert is erop gericht een werkomgeving te creëren die niemand schade berokkent. We geloven dat zorg dragen voor mensen fundamenteel bijdraagt aan het succes van het bedrijf.

Bij Bekaert zijn we ervan overtuigd dat samenwerken tot betere prestaties leidt. Als een echt globaal bedrijf stimuleren we diversiteit op alle niveaus van de organisatie en zien het als een belangrijke bron van kracht voor onze onderneming.

We ondersteunen en ontwikkelen maatschappelijke initiatieven die bijdragen aan de verbetering van de sociale omstandigheden in de gemeenschappen waarin we actief zijn. We stimuleren initiatieven die een duurzame toekomst creëren voor onze gemeenschappen en voor de bredere maatschappij.

image
image

Ons engagement ten aanzien van onze medewerkers

Respect voor

* 23 568 in geconsolideerde vestigingen + 3 613 in joint ventures = 27 181 gezamenlijk

De Bekaert Gedragscode beschrijft hoe we onze drie Bekaert-waarden - integriteit, vertrouwen en onstuitbare spirit - omzetten in de praktijk en welk leidersgedrag we verwachten van elke Bekaert-medewerker. Onze Gedragscode omvat onder andere belangrijke punten met betrekking tot mensenrechten, kinderarbeid en gedwongen arbeid, en anticorruptiebeleid & -procedures.

GRI 205-2, GRI 408-1, GRI 409-1

mensenrechten

Bekaert voldoet aan nationale wetgevingen en collectieve arbeidsovereenkomsten. Bekaert respecteert de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens en de verdragen en aanbevelingen van de Internationale Arbeidsorganisatie.

We respecteren de rechten en waardigheid van elke werknemer. We bevorderen gelijke kansen en discrimineren geen werknemers of sollicitanten op basis van leeftijd, ras, nationaliteit, sociale of etnische afkomst, geslacht, fysieke handicap, seksuele voorkeur, godsdienst, politieke voorkeur of vakbondslidmaatschap.  We erkennen en waarderen de culturele identiteit van onze teams in alle landen waar we actief zijn en zaken doen.

De werving, verloning, toepassing van arbeidsvoorwaarden, training, promotie en loopbaanontwikkeling van onze medewerkers gebeurt enkel op basis van beroepskwalificaties.

GRI 102-12

Onze medewerkers zijn de drijvende kracht achter ons wereldwijd succes. De sterkte van ons bedrijf is de passie van elke Bekaert-medewerker om een extra inspanning te leveren voor onze klanten en om te zorgen voor elkaar en voor de wereld om ons heen. Dat is waar better together om gaat.

Als bedrijf en als individuen handelen we met integriteit en houden we ons aan de hoogste normen van zakelijke ethiek. We bevorderen gelijke kansen, koesteren diversiteit en willen een risicovrije werkomgeving creëren doorheen onze organisatie. Onze waarden zijn verankerd in onze cultuur en verbinden ons als One Bekaert-team.

We handelen integer · We verdienen vertrouwen · We zijn niet te stuiten!

GRI 102-16

image
image

Leren en ontwikkelen

Het programma is een krachtige, gemengde leerervaring, die online e-learning combineert met praktijkgerichte workshops om theorie om te zetten in praktijk, en daaraan individuele coachingsessies met ervaren businessleiders toevoegt.

41 collega’s uit 20 verschillende landen namen deel aan het virtuele programma. Al onze Elevation-collega’s ontvingen een toolbox die hen moet ondersteunen tijdens hun ontwikkelingstraject.

Hybride werken

Elevation-programma gelanceerd

In 2021 lanceerden we Elevation, een ontwikkelingsprogramma ontworpen om startende teamleiders de kennis, vaardigheden en het vertrouwen te geven om een effectieve teamleider te worden die een team gemotiveerd, gealigneerd en betrokken houdt. Het programma coacht deze startende leiders om persoonlijke en professionele doelen te stellen, hun netwerk uit te breiden, en hun ervaring uit te diepen.

Information Security Week

Van 11-15 oktober organiseerden we onze jaarlijkse Information Security Week. Tijdens deze week leerden onze medewerkers hoe ze cyberslim kunnen worden en zagen ze met eigen ogen hoe makkelijk het is om onze systemen te hacken als we onze toestellen niet beveiligen. Tijdens een online escape-game waaraan meer dan 200 collega’s deelnamen werd de kennis getoetst.

Meer details over leren en ontwikkelen bij Bekaert zijn opgenomen in Deel II: Sociale verklaringen van dit verslag.

Leren gaat digitaal

Om onze medewerkers up to date te houden met de laatste innovaties in hun jobgebied, hebben we ons digitale trainingsaanbod uitgebreid. De academies van de Bekaert University boden meer lessen aan op het online My Learning-platform, en we bieden alle medewerkers nu ook toegang tot externe opleidingsdiensten.

Gezondheid en veiligheid

In januari 2021 introduceerden we een hybride werkingsmodel voor kantoormedewerkers, gebaseerd op het principe dat werk geen plaats is waar je naartoe gaat maar de activiteiten betreft waarvoor een team verantwoordelijk is. Deze nieuwe manier van werken wint tegenwoordig aan belang en heeft tot doel de gezondheid van mensen te beschermen tijdens de pandemie, maar ook productiviteit, betrokkenheid en welzijn te bevorderen.

De globale veiligheidsaanpak van Bekaert is erop gericht een werkomgeving te creëren die niemand schade berokkent. We geloven dat zorg dragen voor mensen fundamenteel bijdraagt aan het succes van het bedrijf. Om dit te bereiken hanteren we een set van standaarden, gebaseerd op interne en externe principes en na te leven reglementeringen, en moedigen we een cultuur van leiderschap en verantwoordelijkheidszin aan.

Voor het vierde jaar op rij boekten we vooruitgang in de veiligheidsgerelateerde performantie-indicatoren (gerapporteerde incidentengraad TRIR en frequentiegraad LTIFR). 2021 kende weliswaar een terugval op gebied van ernstgraad: het aantal incidenten met ernstige letsels nam toe van 1 in 2020

We stimuleren talent door loopbaanontwikkeling en levenslang leren. We hechten veel belang aan het creëren van uitdagende carrièregerichte en persoonlijke ontwikkelingsopportuniteiten voor onze medewerkers. Trainingsprogramma’s omvatten niet alleen technische en jobspecifieke trainingen, maar ook leiderschapsmodules die onze medewerkers helpen om zichzelf te ontwikkelen en samen te werken in een globale werkomgeving.

Gemiddeld aantal uren training per medewerker:

In 2021 kreeg elke medewerker gemiddeld 33 uur opleiding.

GRI 404-1, GRI 404-2

image
image

tot 8 in 2021, allemaal gelinkt aan hand- en vingerletsels. Bekaert versterkt zijn veiligheidsprogramma’s met bewustwordingscampagnes, opleidingen en specifieke investeringen om veilige werkomstandigheden te garanderen aan alle medewerkers.

TRIR: Total Recordable Incident Rate (gerapporteerde incidentengraad: aantal gerapporteerde incidenten per miljoen gewerkte uren)

LTIFR: Lost Time Incident Frequency Rate (frequentiegraad: aantal incidenten met werkverlet per miljoen gewerkte uren)

SI: Serious Injury (incidenten met levensingrijpende letsels)


Meer details over Bekaerts veiligheidsprestatie zijn opgenomen in Part II: Sociale verklaringen van dit rapport.

Veiligheidskampioenen

14 vestigingen noteerden in 2021 geen enkel veiligheidsincident. Negen vestigingen zijn twee jaar vrij van veiligheidsincidenten. Zeven vestigingen bereikten drie jaar zonder veiligheidsincidenten en twee vestigingen zijn erin geslaagd om al acht jaar of langer geen veiligheidsincidenten te hebben. Zij zijn Bekaerts veiligheidskampioenen en effenen het pad naar een werkomgeving die niemand schade berokkent.

Covid-19

Om de globale pandemie te helpen bestrijden bevelen we alle medewerkers sterk aan om zich te vaccineren in lijn met de nationale vaccinatiecampagnes en -regels en specifiek medisch advies. We ondersteunen toegang tot vaccinatie voor iedereen en organiseerden zelf de vaccinatie van medewerkers in landen zonder doeltreffende nationale vaccinatiecampagne, zij het telkens met respect voor de individuele vrijheid en privacy. We discrimineren geen medewerkers die besloten hebben vaccinatie te accepteren of weigeren wanneer die werd aangeboden. We rekenen ook op onze medewerkers om de keuze van iedereen te respecteren.

Compass: op weg naar meer veiligheid en naleving

Eind 2021 lanceerden we Compass, een leertraject voor onze operationele leiders over veiligheid, gezondheid en milieu. De opleiding heeft als doel bewustzijn, kennis en begrip op te bouwen over naleving en verantwoordelijkheden gelinkt aan veiligheid, gezondheid en milieu; het begrijpen van de rol van site-managers in het hele proces; het vergroten van de vaardigheden om veiligheids-, gezondheids- en milieuregels na te leven in de fabriek; en het zich eigen maken van de hulpmiddelen en nodige vaardigheden.

De opleiding wisselt live-sessies af met zelfstudie. Het programma is opgedeeld in 4 stromen die gealigneerd zijn met het BeCare Safety-programma: Leiderschap, Governance, Risico’s voor Mens & Milieu, Mensen nemen risico’s.

Compass zal wereldwijd uitgerold worden in 2022. De training wordt ook opgenomen in het standaardprogramma voor nieuwkomers in een operationele leiderschapsrol.

Gezondheids- en Veiligheidsweek over vingerletsel- en burn-outpreventie

In september organiseerden we onze jaarlijkse Gezondheids- en Veiligheidsweek met “alle letsels zijn vermijdbaar” als het centrale thema en bijzondere aandacht voor hand- en vingerletselpreventie, Covid-19-preventie, en mentale weerbaarheid.

Dokters weerlegden mythes over Covid-19 en tijdens online discussies leerden we van experts hoe maatschappelijke en psychologische veranderingen een effect zouden kunnen hebben op hoe we leven en werken. Een team van medische experts bracht meer inzicht in de medische en psychologische impact van handblessures. We leerden ook over het creëren van mentale weerstand en stressbewustzijn en het herkennen en vermijden van burn-outs. Het is Bekaerts ambitie om (lokale) mentalegezondheidsondersteuning te bieden aan onze teams. Het team in de BBRG-fabriek in het VK lichtte zijn Mental Health First Aid-programma toe. In België lanceerden we het Employee Assistance Program in samenwerking met een extern team van professionals. Via dit programma kunnen medewerkers met mentale kopzorgen langs verschillende kanalen hulp zoeken.

image
image

Diversiteit & Inclusie

We willen dat Bekaert een fijne plek is om te werken. Een plek die inspireert, creativiteit opwekt en waar iedereen zich veilig en welkom voelt. We willen dat onze medewerkers actief deelnemen aan het bouwen van een inclusieve werkplek voor iedereen. Met de steun van het Bekaert Group Executive (BGE) en de Diversity & Inclusion (D&I) Council worden medewerkers aangemoedigd om verwantschapsgroepen te vormen en samen te werken om inspirerende ideeën te bedenken die positieve verandering teweegbrengen.

Qua genderdiversiteit is 28% van de managers en bedienden van de Bekaert-dochterondernemingen vrouwelijk (bij jaareinde 2021). We engageren ons tot het verhogen van dit aandeel ter ondersteuning van gendergelijkheid. Onze doelstelling is om een ratio van 40% te behalen tegen 2030 dankzij een jaarlijkse verbetering van +1,5% in de komende acht jaar. Deze doelstelling is ook opgenomen vanaf 2022 in de kortetermijn-incentive-doelstellingen voor de leden van het Executive Management.

Bekaert is een echt internationale organisatie en omarmt de zeer rijke culturele diversiteit binnen ons team. We stellen mensen van 72 nationaliteiten in 45 landen te werk.

Meer details over diversiteit zijn opgenomen in de Leiderschap-sectie van dit verslag en in Deel II: Corporate Governance Verklaringen en Sociale Verklaringen.

Ons engagement tegenover de maatschappij

Bekaert streeft ernaar om een loyale, verantwoordelijke partner te zijn in de lokale gemeenschappen. We communiceren met de lokale overheden op een transparante, constructieve manier. We steunen geen politieke organen en nemen een neutrale positie in ten aanzien van politieke kwesties. Verbonden door onze overtuiging ‘veiligheid voor iedereen’ veroordelen we echter elke daad van geweld en agressie tegen mensen. 

Steun aan onderwijs- en opleidingsinitiatieven

Overal ter wereld hebben Bekaert-teams hulpprogramma’s opgezet die lokale gemeenschappen ondersteunen. Onze teams in India en Chili hebben computers en tablets geschonken aan scholen zodat kinderen les kunnen volgen tijdens Covid-lockdowns. Onze entiteiten in Ecuador en India steunden microfinancieringsprojecten die vrouwen helpen om kleine ondernemingen te starten. Teams overal ter wereld namen deel aan sport- en andere evenementen om mensen met fysieke of mentale beperkingen of personen in geldnood te steunen. Verschillende entiteiten betrokken lokale stakeholders in veiligheidsprogramma’s tijdens de Bekaert Gezondheids- en Veiligheidsweek.

Ondersteuning van sociale bijstand

Midden 2021 trof hevige regenval grote gebieden van Noord- en Centraal-Europa met verwoestende overstromingen tot gevolg. Gezinswoningen en volledige dorpskernen werden onbewoonbaar door de extreme stijging en stroming van het water. Het management van Bekaert was diep geraakt door de

menselijke en materiële schade van de overstromingen en doneerde € 50 000 aan het Rode Kruis om slachtoffers bij te staan met eerstelijnshulp en andere ondersteuning.

Begin 2022 veranderde de humanitaire impact van de situatie in Oekraïne onze blik op de wereld. Onze gedachten zijn bij de bevolking van Oekraïne en onze prioriteit is het welzijn van onze medewerkers en hun families, en ondersteuning waar ze zich ook bevinden. Onze teams in de regio doen hun uiterste best om hulpbehoevenden te ondersteunen op welke manier ook, en als onderneming steunen we verschillende humanitaire initiatieven met donaties en door werkgelegenheid of accommodatie aan te bieden in verschillende locaties.

We zijn één team, verenigd door Bekaerts geschiedenis en waarden, en door better together te werken met alle stakeholders.

Maatschappelijk engagement dat het milieu ten goede komt

Bekaert heeft in december 2021 een partnerschap gesloten met River CleanUp, een non-profit organisatie die evenementen organiseert om rivieren op te ruimen, technologie ontwikkelt voor permanente en mobiele plasticverwijdering uit rivieren, en bewustzijn creëert om te verhinderen dat plastic binnendringt in ecosystemen. Bekaert ondersteunt zowel financieel als in natura door technologisch advies en materialen te leveren, waaronder synthetische kabels. De organisatie zal Bekaert helpen om rivieropruimacties te organiseren langs waterwegen in verschillende locaties ter wereld. Het doel is om het werknemersengagement en gemeenschapsrelaties te versterken door samen in te zetten op duurzaamheidsbewustwording en -activiteiten.

Verklaringen

DEEL II

image

Corporate Governance Verklaring

image
image

Corporate governance verklaring

Raad van Bestuur

De vennootschap heeft een monistische structuur aangenomen: de Raad van Bestuur is het belangrijkste besluitvormingsorgaan. De Raad van Bestuur is bevoegd om alle handelingen te verrichten die nodig of dienstig zijn om het doel van de vennootschap te verwezenlijken, behoudens die waarvoor volgens de wet of de statuten de Algemene Vergadering van Aandeelhouders bevoegd is.

De Raad van Bestuur bestaat uit dertien leden die door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders worden benoemd. Zeven Bestuurders zijn benoemd op voordracht van de hoofdaandeelhouder. De functies van Voorzitter en van Gedelegeerd Bestuurder worden nooit door dezelfde persoon uitgeoefend. De Gedelegeerd Bestuurder is het enig lid van de Raad van Bestuur met een uitvoerende functie. Alle andere leden zijn niet-uitvoerende Bestuurders. Vijf Bestuurders zijn onafhankelijk op grond van de criteria van artikel 7:87, §1 van het WVV en van bepaling 3.5 van de Code 2020: Henriette Fenger Ellekrog (voor het eerst benoemd in 2020), Colin Smith (voor het eerst benoemd in 2018), Eriikka Söderström (voor het eerst benoemd in 2020), Jürgen Tinggren (voor het eerst benoemd in 2019) en Mei Ye (voor het eerst benoemd in 2014).

In 2021 kwam de Raad van Bestuur acht keer samen: er waren zes gewone vergaderingen en twee buitengewone vergaderingen. Naast de uitoefening van zijn bevoegdheden uit hoofde van de statuten en het Bekaert Corporate Governance Charter behandelde de Raad van Bestuur in 2021 onder meer de volgende onderwerpen:

de bedrijfsstrategie en strategische projecten;

de IT- en digitale strategie, met inbegrip van cybersecurity;

de duurzaamheidsstrategie;

het budget voor 2022;

de successieplanning op het niveau van de Raad van Bestuur en het Uitvoerend Management;

de Covid-19 pandemie: impact op de Groep, preventiemaatregelen en specifieke acties;

het herstructureringsproces en -plan in België;

de corporate governance structuur, waaronder het voorstel tot invoering van het dubbel stemrecht voor loyale aandeelhouders;

het remuneratiebeleid voor de niet-uitvoerende Bestuurders en het Uitvoerend Management;

de  vergoeding en langetermijnincentives voor de (interim-) Gedelegeerd Bestuurder en de andere leden van het Uitvoerend Management;

governance, risk en compliance;

de voortdurende opvolging van de schuld- en liquiditeitspositie van de Groep.

Op 1 januari 2020 zijn de Belgische Corporate Governance Code 2020 (de “Code 2020”) en het nieuwe Belgische Wetboek van vennootschappen en verenigingen (het “WVV”) van kracht gegaan en werden deze van toepassing op Bekaert. Het Bekaert Corporate Governance Charter en de statuten van de vennootschap werden gewijzigd om beide te laten overeenstemmen met de Code 2020 en het WVV.

Bekaert leeft de bepalingen van de Code 2020 na, met uitzondering van de bepaling 7.6.

In tegenstelling tot bepaling 7.6 van de Code 2020 volgens dewelke niet-uitvoerende Bestuurders een deel van hun remuneratie zouden moeten ontvangen onder de vorm van aandelen van de vennootschap, en deze dienen aan te houden tot minstens één jaar nadat de niet-uitvoerende Bestuurder de Raad van Bestuur verlaat en minstens drie jaar na het moment van toekenning, worden niet-uitvoerende Bestuurders gevraagd (maar niet verplicht) om:

gedurende hun mandaat een persoonlijke participatie in aandelen van de vennootschap op te bouwen ten belope van één vaste jaarlijkse vergoeding; en

om deze verder aan te houden tot minstens één jaar nadat de niet-uitvoerende Bestuurder de Raad van Bestuur verlaat en minstens drie jaar na het moment van toekenning ervan.

Ondanks het niet-verplichte karakter van deze persoonlijke participatie in aandelen van de vennootschap, is Bekaert van mening dat de langetermijnvisie van de aandeelhouders op een redelijke wijze vertegenwoordigd wordt in de Raad van Bestuur aangezien de Voorzitter vergoed wordt in aandelen dewelke onderworpen zijn aan een blokkeringsperiode van drie jaar, en aangezien de niet-uitvoerende Bestuurders die benoemd worden op voordracht van de referentieaandeelhouder reeds aandelen van de vennootschap bezitten (of certificaten die daarop betrekking hebben).

De Code 2020 is beschikbaar op
www.corporategovernancecommittee.be.

Het Bekaert Corporate Governance Charter is beschikbaar op www.bekaert.com.

image
image

Naam

Aanvang eerste mandaat

Einde huidig mandaat als Bestuurder

Hoofdfunctie²

Aantal bijgewoonde gewone/  buitengewone vergaderingen

Voorzitter

Jürgen Tinggren¹

mei 2019

mei 2023

NV Bekaert SA

8

Gedelegeerd Bestuurder

Oswald Schmid

mei 2020

mei 2022

NV Bekaert SA

8

Leden voorgedragen door de hoofdaandeelhouder

Gregory Dalle

mei 2015

mei 2023

Managing Director, Credit Suisse, divisie Investment Banking & Capital Markets (UK)

8

Charles de Liedekerke

mei 1997

mei 2022

Bestuurder van vennootschappen

8

Christophe Jacobs van Merlen

mei 2016

mei 2024

Managing Director, Bain Capital Europe, LLP (UK)

8

Hubert Jacobs van Merlen

mei 2003

mei 2022

Bestuurder van vennootschappen

7

Caroline Storme

mei 2019

mei 2023

R&D Finance Lead Neurology at UCB (Belgium)

8

Emilie van de Walle de Ghelcke

mei 2016

mei 2024

Head of Legal, Sofina (Belgium)

8

Henri Jean Velge

mei 2016

mei 2024

Bestuurder van vennootschappen

8

Onafhankelijke Bestuurders

Henriette Fenger Ellekrog

mei 2020

mei 2025

Chief Human Resources Officer, Ørsted

8

Colin Smith

mei 2018

mei 2022

Onafhankelijk bestuurder van en adviseur voor vennootschappen

8

Eriikka Söderström

mei 2020

mei 2025

Onafhankelijk bestuurder van vennootschappen

8

Mei Ye

mei 2014

mei 2022

Onafhankelijk bestuurder van en adviseur voor vennootschappen

7

¹ Jürgen Tinggren is een onafhankelijk Bestuurder.

² De curricula vitae van de Bestuurders zijn terug te vinden in Deel I van dit rapport.


Merk op: de samenstelling van de Raad van Bestuur zal wijzigen in 2022: zie Deel I: Ons leiderschap - Raad van Bestuur en Deel II: Financieel Overzicht - Informatie met betrekking tot de Moedervennootschap - Statutaire benoemingen.

image
image

Comités van de Raad van Bestuur

Benoemings- en Remuneratiecomité

Sinds 1 januari 2020 heeft de Raad van Bestuur twee adviserende comités.

Audit, Risk en Finance Comité

Het Audit, Risk en Finance Comité is samengesteld in overeenstemming met artikel 7:99 van het WVV en bepaling 4.3 van de Code 2020: alle vier leden zijn niet-uitvoerende Bestuurders en twee leden, Eriikka Söderström en Jürgen Tinggren, zijn onafhankelijk. De deskundigheid van Eriikka Söderström op het gebied van boekhouding en auditing blijkt uit haar voormalige functie als Chief Financial Officer van F-Secure Corporation, Kone Corporation, en Vacon PLC, alle beursgenoteerd op Nasdaq Helsinki. Daarnaast heeft ze ervaring als voorzitter van het auditcomité van Valmet, Kempower en Comptel. De leden van het Comité beschikken over een collectieve deskundigheid die relevant is voor de sector waarin de vennootschap actief is. Hubert Jacobs van Merlen werd benoemd tot Voorzitter door de leden van het Comité.

De Gedelegeerd Bestuurder en de Chief Financial Officer zijn geen lid van het Comité, maar worden voor de vergaderingen uitgenodigd. Deze regeling waarborgt de noodzakelijke interactie tussen de Raad van Bestuur en het Uitvoerend Management.

Het Benoemings- en Remuneratiecomité wordt samengesteld zoals vereist door artikel 7:100 van het WVV en bepaling 4.3 van de Code 2020: alle drie leden zijn niet-uitvoerende Bestuurders en de meerderheid van de leden is onafhankelijk. Het wordt voorgezeten door de Voorzitter van de Raad van Bestuur. De deskundigheid van het Comité op het gebied van remuneratiebeleid wordt aangetoond door de relevante ervaring van haar leden.

Naam

Einde huidig mandaat als Bestuurder

Aantal bijgewoonde vergaderingen

Jürgen Tinggren

2023

4

Henriette Fenger Ellekrog

2025

4

Christophe Jacobs van Merlen

2024

4

Eén van de door de hoofdaandeelhouder voorgedragen Bestuurders en de Gedelegeerd Bestuurder worden uitgenodigd om de vergaderingen van het Comité als gast bij te wonen zonder lid te zijn.

Het Comité vergaderde in 2021 viermaal. Naast de uitoefening van zijn bevoegdheden uit hoofde van de wet en het Bekaert Corporate Governance Charter besteedde het Comité bijzondere aandacht aan:

talent, leiderschap en bedrijfscultuur;

de successieplanning op het niveau van de Raad van Bestuur en het Uitvoerend Management;

het remuneratieverslag 2020;

het remuneratiebeleid voor de niet-uitvoerende Bestuurders en het Uitvoerend Management;

de variabele vergoeding van de (interim-) Gedelegeerd Bestuurder en de andere leden van het Uitvoerend Management voor hun prestaties in 2020;

de basisvergoeding van de (interim-) Gedelegeerd Bestuurder en de andere leden van het Uitvoerend Management;

de vergoeding van de Voorzitter van de Raad van Bestuur;

doelstellingen voor 2021;

genderdiversiteit.

.

Naam

Einde huidig mandaat als Bestuurder

Aantal bijgewoonde gewone en buitengewone vergaderingen

Hubert Jacobs van Merlen

2022

5

Charles de Liedekerke

2022

5

Eriikka Söderström

2025

5

Jürgen Tinggren

2023

5

Het Comité hield vier gewone en één buitengewone vergadering in 2021. De commissaris woonde drie vergaderingen bij. Naast de uitoefening van zijn bevoegdheden uit hoofde van de wet en het Bekaert Corporate Governance Charter besteedde het Comité bijzondere aandacht aan:

de financieringsstructuur van de Groep;

de schuld- en liquiditeitspositie;

de liquiditeitsovereenkomst met Kepler Cheuvreux;

de activiteitenverslagen van de afdeling Interne Audit;

de verslagen van de commissaris;

governance, risk en compliance en de bespreking van de voornaamste risico’s en van de desbetreffende risicobeheersingsplannen uit hoofde van het “enterprise risk management”-programma van Bekaert;

interne controle en risico’s.

image
image

Evaluatie

Uitvoerend Management

De voornaamste kenmerken van de werkwijze voor de evaluatie van de Raad van Bestuur, zijn Comités en de individuele Bestuurders zijn beschreven in dit hoofdstuk en in paragraaf II.3.4 van het Bekaert Corporate Governance Charter.

De Raad van Bestuur, onder leiding van de Voorzitter, evalueert minstens om de drie jaar zijn eigen prestaties alsook zijn interactie met het Uitvoerend Management, evenals zijn omvang, samenstelling en werking, alsook dat van de Comités. De evaluatie verloopt via een formele procedure, al dan niet extern gefaciliteerd, in overeenstemming met een door de Raad van Bestuur goedgekeurde methodologie.

Aan het einde van het mandaat van elke Bestuurder, evalueert het Benoemings- en Remuneratiecomité de aanwezigheid van de Bestuurder in de vergaderingen van de Raad en de Comités en hun engagement en constructieve betrokkenheid in besprekingen en besluitvorming, conform een vooraf bepaalde en transparante procedure. Het Benoemings- en Remuneratiecomité beoordeelt eveneens of de bijdrage van elke Bestuurder is afgestemd op de veranderende omstandigheden.

De Raad van Bestuur handelt op basis van de resultaten van de prestatie-evaluatie. In voorkomend geval houdt dit in dat er nieuwe leden ter benoeming worden voorgedragen, dat wordt voorgesteld om bestaande leden niet te herbenoemen of dat maatregelen worden genomen die nuttig worden geacht voor de doeltreffende werking van de Raad van Bestuur.

De Voorzitter blijft steeds beschikbaar om suggesties ter verbetering van de werking van de Raad of de Comités van de Raad in overweging te nemen.

De niet-uitvoerende Bestuurders komen minstens eenmaal per jaar bijeen in afwezigheid van de Gedelegeerd Bestuurder om hun interactie met het Uitvoerend Management te beoordelen.

In 2021 heeft de Raad van Bestuur een zelfevaluatie uitgevoerd, waarbij de nadruk lag op de rol en verantwoordelijkheden van de Raad en de Comités, de vergaderingen van de Raad, de samenstelling van de Raad en het teamwerk, de relatie met het management, de relatie met de aandeelhouders, de algemene doeltreffendheid van de Raad en de doeltreffendheid van de Voorzitter. Daarnaast heeft de Raad van Bestuur het Uitvoerend Management om feedback gevraagd met betrekking tot hun relatie met de Raad door middel van interviews door een externe deskundige.

De Raad van Bestuur heeft bijzondere operationele bevoegdheden gedelegeerd aan het Bekaert Group Executive (BGE), onder leiding van de Gedelegeerd Bestuurder. Het BGE heeft een aantal van deze operationele bevoegdheden gesubdelegeerd aan personen binnen hun functionele of operationele verantwoordelijkheid.

Het BGE bestaat uit leden die de wereldwijde divisies en de wereldwijde functies vertegenwoordigen.

Vanaf 12 mei 2020 trad Oswald Schmid op als interim-Gedelegeerd Bestuurder, in afwachting van de benoeming van een nieuwe Gedelegeerd Bestuurder. Op 2 maart 2021 heeft de Raad van Bestuur Oswald Schmid benoemd tot Gedelegeerd Bestuurder.

Kerstin Artenberg trad op 8 februari 2021 in dienst als Chief Human Resources Officer.

Yves Kerstens trad op 1 april 2021 in dienst als Divisie-CEO Specialty Businesses en Chief Operations Officer.

Jun Liao, de voormalige China CEO, verliet Bekaert op 14 juli 2021. Bekaert is op zoek naar een opvolger. In parallel werd begin 2022 een informeel orgaan met experten opgericht dat advies zal verstrekken aan het management en de Raad van Bestuur met betrekking tot de Chinese omgeving waarin de Bekaert-groep actief is.

Naam

Functie

Benoeming in BGE

Oswald Schmid¹

Gedelegeerd Bestuurder

2019

Taoufiq Boussaid

Chief Financial Officer

2019

Kerstin Artenberg²

Chief Human Resources Officer

2021

Juan Carlos Alonso

Chief Strategy Officer

2019

Curd Vandekerckhove

Divisie-CEO Bridon-Bekaert Ropes Group

2012

Arnaud Lesschaeve

Divisie-CEO Rubberversterking

2019

Yves Kerstens³

Divisie-CEO Specialty Businesses en Chief Operations Officer

2021

Stijn Vanneste

Divisie-CEO Staaldraadtoepassingen

2016

Jun Liao⁴

China CEO

2018

(1) Vanaf 2 maart 2021.

(2) Vanaf 8 februari 2021.

(3) Vanaf 1 april 2021.

(4) Tot 14 juli 2021.

image
image

Diversiteit

Bij Bekaert geloven we dat samenwerken tot betere prestaties leidt. Als echt internationaal bedrijf omarmen we diversiteit op alle niveaus binnen de organisatie, wat een belangrijke bron van kracht is voor ons bedrijf. Het gaat hierbij niet alleen om diversiteit op het gebied van nationaliteit, culturele achtergrond, leeftijd of geslacht, maar ook op het gebied van vaardigheden, zakelijke ervaring, inzichten en standpunten.

Diversiteit in nationaliteiten

Genderdiversiteit

Leeftijdsdiversiteit

Bekaert biedt tewerkstelling aan mensen van 72 verschillende nationaliteiten in 45 landen over de hele wereld. Deze diversiteit wordt weerspiegeld op alle niveaus van de organisatie en in de samenstelling van de Raad van Bestuur en het BGE.

Aantal personen

Aantal natio-naliteiten

Aantal niet-natives¹

% niet-natives

Raad van Bestuur

13

8

7

54%

BGE

8

5

5

63%

¹ Niet-native = andere nationaliteit dan het land waar de hoofdzetel van de vennootschap is gevestigd, zijnde België.

Sinds de Gewone Algemene Vergadering van 11 mei 2016 voldoet de vennootschap aan de wettelijke vereiste dat minstens een derde van de leden van de Raad van Bestuur van het andere geslacht is.

Bekaert hanteert een rekruterings- en promotiebeleid dat gericht is op meer diversiteit, waaronder genderdiversiteit. De doelstellingen ter ondersteuning van genderdiversiteit zijn opgenomen in Deel I van dit verslag: 'Onze prestaties in 2021: Mensen' en in Deel II: Sociale verklaringen.

Aantal personen

% mannen

% vrouwen

Raad van Bestuur

13

62%

38%

BGE

8

87%

13%

Aantal personen

Leeftijd 30-50 jaar

Leeftijd > 50 jaar

Raad van Bestuur

13

31%

69%

BGE

8

38%

62%

image
image

Regels van behoorlijk gedrag

Wettelijke belangenconflicten in de Raad van Bestuur

Volgens artikel 7:96 van het WVV moet een lid van de Raad van Bestuur de overige leden vooraf informeren over agendapunten waaromtrent hij/zij rechtstreeks of onrechtstreeks een met de vennootschap strijdig belang van vermogensrechtelijke aard heeft en moet hij/zij zich onthouden van deelname aan de beraadslaging en de stemming daarover. In 2020 was er twee keer sprake van een belangenconflict. De bepalingen van artikel 7:96 van het WVV werden nageleefd.

Op 19 januari 2021 had Oswald Schmid een belangenconflict toen de Raad van Bestuur de zoektocht naar een nieuw Gedelegeerd Bestuurder besprak.

Op 2 maart 2021 had Oswald Schmid een belangenconflict toen de Raad van Bestuur zijn variabele beloning op korte termijn wegens zijn prestaties in 2020 als Chief Operations Officer en interim-Gedelegeerd Bestuurder (€ 500 000), zijn benoeming tot Gedelegeerd Bestuurder en zijn beloning als Gedelegeerd Bestuurder (vast jaarsalaris van € 825 000, korte termijn variabele vergoeding van 75% van het vast jaarsalaris, lange termijn variabele vergoeding van 85% van het vast jaarsalaris en pensioenbijdrage van 25% van het vaste jaarsalaris) besprak en moest stemmen.

Uittreksel uit de notulen:

BESLUIT

Op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité keurt de Raad van Bestuur de voorgestelde korte termijn variabele vergoeding van de heer Oswald Schmid goed voor zijn prestaties als interim-Gedelegeerd Bestuurder en Chief Operations Officer in 2020.

BESLUIT

Op voorstel van het Benoemings- en Remuneratiecomité besluit de Raad van Bestuur:

om de heer Oswald Schmid met onmiddellijke ingang te benoemen tot Gedelegeerd Bestuurder van de vennootschap, en

om de bezoldiging van de heer Schmid goed te keuren zoals beschreven door de Voorzitter.

Andere transacties met Bestuurders en Uitvoerend Management

Het Bekaert Corporate Governance Charter bevat gedragsregels met betrekking tot rechtstreekse en onrechtstreekse belangenconflicten van de leden van de Raad van Bestuur en het BGE die buiten het toepassingsgebied van artikel 7:96 van het WVV vallen. Deze leden worden geacht met Bekaert verbonden partijen te zijn, en moeten jaarlijks melding maken van rechtstreekse of onrechtstreekse transacties met Bekaert of haar dochterondernemingen.

Bekaert is niet op de hoogte van enig potentieel belangenconflict betreffende dergelijke transacties in 2021 (cfr. Toelichting 7.4 bij de geconsolideerde jaarrekening).

Gedragscode

De Raad van Bestuur heeft de Bekaert Gedragscode goedgekeurd, die voor het eerst uitgegeven werd op 1 december 2004 en in oktober 2020 voor het laatst werd aangepast.

De Bekaert Gedragscode beschrijft hoe de waarden van Bekaert (We handelen integer – We verdienen vertrouwen – We zijn niet te stuiten!) in de praktijk worden gebracht. De Code verschaft richtlijnen wanneer medewerkers voor ethische keuzes en nalevingskwesties komen te staan.

De Bekaert Gedragscode is als Bijlage 3 volledig opgenomen in het Bekaert Corporate Governance Charter.

Marktmisbruik

Op 28 juli 2016 heeft de Raad van Bestuur de Bekaert Dealing Code aangenomen, die van kracht werd op 3 juli 2016. De Bekaert Dealing Code is als Bijlage 4 volledig opgenomen in het Bekaert Corporate Governance Charter.

De Bekaert Dealing Code legt de leden van de Raad van Bestuur, het BGE, het senior management en bepaalde andere personen beperkingen op inzake transacties in financiële instrumenten van Bekaert tijdens gesloten periodes en sperperiodes. De Code bevat ook regels betreffende de openbaarmaking van uitgevoerde transacties door leidinggevenden en hun nauw verbonden personen door middel van een kennisgeving aan de vennootschap en aan de Belgische Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten (FSMA). De Algemeen Secretaris is de Dealing Code Officer voor het doel van de Bekaert Dealing Code.

image
image

Remuneratieverslag

1. Beschrijving van de procedure die in 2021 werd gebruikt voor (i) de ontwikkeling van een remuneratiebeleid voor de niet-uitvoerende Bestuurders en het Uitvoerend Management en (ii) de bepaling van de remuneratie van de individuele Bestuurders en het Uitvoerend Management

In toepassing van het remuneratiebeleid werd de remuneratie van de leden van het BGE, andere dan de Gedelegeerd Bestuurder, bepaald door de Raad van Bestuur, die optreedt bij voorstellen van het NRC. De Gedelegeerd Bestuurder heeft een adviserende rol in deze procedure. Het NRC verzekert de conformiteit van het contract van elk BGE lid met het remuneratiebeleid van de vennootschap. Een kopie van elk contract is op verzoek van een Bestuurder bij de Voorzitter beschikbaar.

In de loop van 2021 heeft het NRC het remuneratiebeleid extern getoetst onder begeleiding van een externe adviseur. De remuneratie van de Gegelegeerd Bestuurder en de overige leden van het BGE werden getoetst ten opzichte van een geselecteerd panel van Europese ondernemingen. De resultaten van deze toetsing zullen meegenomen worden bij de volgende herziening van de vaste vergoeding in 2022. Het NRC heeft ook acties onderzocht die de duurzaamheidsstrategie van de vennootschap kunnen ondersteunen en heeft aanbevolen om een ESG element op te nemen in de prestatiemaatstaven voor de bepaling van de korte termijn variable vergoeding van 2022.

In overeenstemming met artikel 7:89/1 van het WVV werd het remuneratiebeleid voor de leden van de Raad van Bestuur en het Uitvoerend Management (de leden van het BGE) ter stemming voorgelegd aan haar aandeelhouders tijdens de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van 12 mei 2021.

Het remuneratiebeleid gaat in op 1 januari 2021 en zal bij elke wezenlijke wijziging ter stemming voorgelegd worden aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders, en in ieder geval minstens om de 4 jaar.

In toepassing van het remuneratiebeleid werd de remuneratie voor 2021 van de niet-uitvoerende Bestuurders bepaald door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders gehouden op 12 mei 2021, handelend op motie van de Raad van Bestuur. De remuneratie van de Voorzitter van de Raad van Bestuur voor het uitvoeren van zijn taken ten behoeve van de vennootschap voor de periode juni 2021 - mei 2023 is een vast bedrag van € 650 000 per jaar (voor de periode juni - mei).

In toepassing van het remuneratiebeleid werd de remuneratie van de Gedelegeerd Bestuurder bepaald door de Raad van Bestuur, die optreedt bij voorstellen van het Benoemings- en Remuneratiecomité (NRC). De Gedelegeerd Bestuurder is niet aanwezig bij deze procedure en neemt geen deel aan de stemming en de beraadslaging. Het NRC verzekert de conformiteit van het contract van de Gedelegeerd Bestuurder met het remuneratiebeleid van de vennootschap. Een kopie van het contract van de Gedelegeerd Bestuurder is op verzoek van een Bestuurder bij de Voorzitter beschikbaar.

image
image

2. Verklaring van het remuneratiebeleid dat in 2021 werd gebruikt voor de Raad van Bestuur en de leden van het BGE

Uitvoerend Bestuurder

Zonder afbreuk te doen aan de remuneratie in zijn hoedanigheid als lid van het Uitvoerend Management, heeft de Gedelegeerd Bestuurder geen recht op een remuneratie voor zijn mandaat als uitvoerend Bestuurder.

Structuur van de vergoeding

Er wordt een modulaire structuur toegepast voor niet-uitvoerende Bestuurders om ervoor te zorgen dat de remuneratie op een billijke manier hun rol reflecteert als lid van de Raad van Bestuur en hun specifieke rol als Voorzitter van de Raad van Bestuur, Voorzitter of lid van een Comité van de Raad van Bestuur, evenals de daaruit voortvloeiende verantwoordelijkheden en de tijd die ze daaraan besteden.

De remuneratie van de Voorzitter van de Raad van Bestuur wordt als volgt vastgesteld:

een vaste bedrag van € 650 000 per jaar omgezet in een aantal aandelen van de vennootschap dat zal berekend worden door toepassing van een gemiddelde koers van het aandeel; de toe te passen gemiddelde koers zal gelijk zijn aan het gemiddelde van de slotkoers van de laatste vijf beursdagen voorafgaand aan de dag van toekenning; de aandelen worden toegekend op de laatste beursdag van mei van het betreffende jaar en worden geblokkeerd voor een periode van drie jaren vanaf de datum van toekenning

De remuneratie van elke niet-uitvoerende Bestuurder, met uitzondering van de Voorzitter, wordt als volgt vastgesteld:

een vast bedrag van € 70 000 voor de uitoefening van de taken als lid van de Raad van Bestuur;

een vast bedrag van € 20 000 voor de uitoefening van de taken als lid of Voorzitter van een Comité van de Raad van Bestuur, en een bijkomend vast bedrag van € 5 000 voor de Voorzitter van het Audit, Risk en Finance Comité.

Prestatiemaatstaven

De Voorzitter en de andere niet-uitvoerende Bestuurders ontvangen geen prestatie-gebonden remuneratie die rechtstreeks verband houdt met de resultaten van de vennootschap. Ze hebben geen recht om deel te nemen aan een van de incentive programma’s van de vennootschap en ontvangen geen aandelenopties of voordelen verbonden aan pensioenplannen.

Raad van Bestuur

Doelstelling en bijdrage tot de strategie

De remuneratie wordt vastgesteld op een niveau dat voldoende is om niet-uitvoerende Bestuurders aan te trekken die beschikken over de competenties die nodig zijn om de internationale ambitie van het bedrijf waar te maken. Ze is vastgesteld om niet-uitvoerende Bestuurders te belonen voor hun rol als lid van de Raad van Bestuur en hun specifieke rol als Voorzitter van de Raad van Bestuur, Voorzitter of lid van de Comités van de Raad van Bestuur, evenals de daaruit voortvloeiende verantwoordelijkheden en de tijd die ze daaraan besteden.

Werking

Voorzitter van de Raad van Bestuur

De remuneratie van de Voorzitter wordt bij de aanvang van zijn opdracht bepaald, en geldt in principe voor de duur van die opdracht.

De remuneratie van de Voorzitter wordt bepaald door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders, op aanbeveling van de Raad van Bestuur, die handelt op basis van voorstellen van het NRC.

Vergoedingen kunnen deels uitbetaald in contanten en deels in aandelen van de vennootschap, die onderhevig zijn aan een driejarige blokkeringsperiode vanaf de datum van toekenning.

Overige niet-uitvoerende Bestuurders

De remuneratie van de overige niet-uitvoerende Bestuurders wordt bepaald voor het lopende boekjaar.

De remuneratie van de overige niet-uitvoerende Bestuurders wordt bepaald door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders op aanbeveling van de Raad van Bestuur, die handelt op basis van voorstellen van het NRC.

Vergoedingen worden in contanten betaald, maar met de mogelijkheid om elk jaar een deel daarvan (0%, 25% of 50%) te ontvangen onder de vorm van aandelen van de vennootschap.

De remuneratie van de Voorzitter en de overige niet-uitvoerende Bestuurders wordt regelmatig getoetst aan een geselecteerd panel relevante beursgenoteerde Belgische en internationale industriële ondernemingen met een vergelijkbare omvang en complexiteit.

image
image

Aandelen gerelateerde remuneratie

In tegenstelling tot bepaling 7.6 van de Code 2020 volgens dewelke niet-uitvoerende Bestuurders een deel van hun remuneratie zouden moeten ontvangen onder de vorm van aandelen van de vennootschap en deze aandelen dienen aan te houden gedurende minstens één jaar neerlegging van het mandaat en minstens drie jaar vanaf het moment van toekenning, zullen niet-uitvoerende Bestuurders aanbevolen (maar niet verplicht) worden om

de waarde van één vaste jaarlijkse vergoeding op te bouwen in aandelen van de vennootschap, en

deze aandelen minstens aan te houden tot een jaar na de neerlegging van het mandaat en minstens drie jaar vanaf het moment van toekenning.

Ondanks het niet-verplichte karakter van deze persoonlijke participatie in aandelen in de vennootschap, is de vennootschap van mening dat de langetermijnvisie van aandeelhouders op een redelijke wijze vertegenwoordigd wordt in de Raad van Bestuur, aangezien de Voorzitter gedeeltelijk wordt vergoed in aandelen van de vennootschap dewelke onderworpen zijn aan een blokkeringsperiode van drie jaar en de niet-uitvoerende Bestuurders die worden benoemd op voordracht van de referentieaandeelhouder reeds aandelen van de vennootschap bezitten (of certificaten die daarop betrekking hebben).

Management gevraagd om een minimum persoonlijke participatie in aandelen van de vennootschap op te bouwen en aan te houden.

De vaste vergoeding is de vaste remuneratie die een lid van het Uitvoerend Management ontvangt voor de verantwoordelijkheden van de functie. De vennootschap streeft ernaar om ervoor te zorgen dat de vaste vergoeding competitief is in vergelijking met de marktpraktijk op mediaan niveau. De mate waarin de vaste vergoeding verder evolueert hangt af van het potentieel voor verdere groei in de toekomst evenals aanhoudende prestaties uit het verleden.

De korte termijn variabele vergoeding is bedoeld om de leden van het Uitvoerend Management te motiveren en om de korte termijn doelen van de vennootschap over de periode van één jaar te sturen. De uiteindelijke uitbetaling ervan wordt gedreven door de prestatie van de Groep, de prestatie van de Business Unit en de individuele prestatie.

De lange termijn variabele vergoeding vergoedt de leden van het Uitvoerend Management voor hun bijdrage tot de verwezenlijking van de langetermijnstrategie van de Groep over een prestatieperiode van drie jaar. De prestatiegeboden maatstaven zijn objectieve financiële parameters die zijn afgestemd op de strategie van de Groep.

De pensioenbijdrage en diverse overige componenten zijn in overeenstemming met lokale gebruiken en het lokale beleid; ze zijn ontworpen om competitief en kosteneffectief te zijn; waarbij de pensioenbijdrage beoogt om bij te dragen tot de pensioenplanning van de leden van het Uitvoerend Management.

Een minimum persoonlijke participatie in aandelen van de vennootschap beoogt de belangen van het Uitvoerend Management af te stemmen op deze van de lange termijn aandeelhouders door een link te maken tussen het persoonlijk vermogen en de lange termijn prestatie van de Groep. Dit wordt mogelijk gemaakt door middel van een vrijwillig Share Matching Plan.

De remuneratie van de leden van het Uitvoerend Management wordt regelmatig, maar niet jaarlijks, getoetst aan een geselecteerd panel relevante beursgenoteerde Belgische en Europese industriële referenties.

De remuneratie van de leden van het Uitvoerend Management is afgestemd op het bredere remuneratiebeleid van de Groep.

Werking

De remuneratie van de Gedelegeerd Bestuurder (in zijn hoedanigheid als lid van het Uitvoerend Management) en de overige leden van het BGE worden bepaald door de Raad van Bestuur op gemotiveerde aanbeveling van het NRC.

Overige componenten

Uitgaven die Bestuurders redelijkerwijs in het kader van de uitoefening van hun taken doen, worden terugbetaald op voorlegging van rechtvaardigingsstukken. Bestuurders worden geacht het uitgavenbeleid voor leden van de Raad van Bestuur in acht te nemen bij het doen van uitgaven.

Leden van het BGE

Doelstelling en bijdrage tot de strategie

De vennootschap biedt competitieve totale remuneratie pakketten aan met het doel het beste executief en managementtalent aan te trekken en te behouden in elk deel van de wereld waar de Groep aanwezig is. De remuneratie is ingesteld om de leden van het Uitvoerend Management te belonen voor prestaties die leiden tot positieve bedrijfsresultaten op korte en lange termijn evenals waardecreatie voor het bedrijf.

De remuneratie van het Uitvoerend Management bestaat uit een vaste vergoeding, een korte termijn en een lange termijn variabele vergoeding, een pensioenbijdrage en diverse overige componenten. Bovendien worden de leden van het Uitvoerend

image
image

Vaste vergoeding

De vaste vergoeding wordt bepaald door de Raad van Bestuur op aanbeveling van het NRC rekening houdend met een geselecteerde groep van vergelijkbare ondernemingen.

De jaarlijkse verhogingen worden door de Raad van Bestuur bepaald op aanbeveling van het NRC en zijn over het algemeen afgestemd op de gemiddelde salarisverhogingen die van toepassing zijn op de bredere werknemerspopulatie, tenzij er gedurende het jaar sprake was van aanzienlijke wijzigingen in de rol en/of verantwoordelijkheden van een persoon.

Korte termijn variabele vergoeding (short term incentive of “STI”)

De korte termijn variabele vergoeding voor het Uitvoerend Management is volledig afgestemd op het Variable Pay Plan van Bekaert voor alle managers wereldwijd.

Een korte termijn variabele vergoeding wordt verdiend op basis van de prestaties vanaf 1 januari tot 31 december en wordt uitbetaald na afloop van het boekjaar waarop de beloning betrekking heeft.

De doelstellingen worden aan het begin van het jaar vastgesteld door de Raad van Bestuur op aanbeveling van het NRC. Deze doelstellingen omvatten doelstellingen van de Groep, de Business Unit en individuele doelstellingen, zowel financieel als niet-financieel, die relevant zijn voor de beoordeling van de jaarlijkse prestaties van de Groep en de geboekte vooruitgang ten opzichte van de overeengekomen strategische doelstellingen. Ze worden jaarlijks beoordeeld door de Raad van Bestuur.

Een illustratie van het STI plan wordt hieronder weergegeven:


Lange termijn variabele vergoeding (long term incentives of “LTI”)

Het Uitvoerend Management neemt deel aan het Performance Share Plan van Bekaert dat van toepassing is voor alle senior managers wereldwijd.

Performance share units worden elk jaar toegekend en vertegenwoordigen een voorwaardelijk recht om een aandeel van de vennootschap te verwerven; deze voorwaardelijke rechten worden na drie jaar definitief verworven mits het bereiken van vooraf vastgestelde prestatiedoelen.

Aan het begin van elke driejarige prestatieperiode beveelt het NRC een reeks prestatiedoelen aan op basis van objectieve financiële parameters die zijn afgeleid van de strategie op lange termijn. Deze driejarige prestatiedoelstellingen worden door het NRC vastgelegd en ter goedkeuring voorgelegd aan de voltallige Raad van Bestuur.

Note: For CEO and Corporate Functions the split [40% Company Performance - +60% business unit performance] is replaced by 100% Company performance.

image
image

De mate waarin de performance share units definitief verworven worden hangt af van het al dan niet bereiken van deze prestatiedoelen, waarbij er geen enkele definitieve verwerving plaatsvindt indien de werkelijke prestaties de vastgestelde minimumdrempel niet bereiken. Bij het bereiken van de vermelde minimumdrempel zal 50% van de performance share units definitief verworven worden; in geval van de volledige verwezenlijking van de overeengekomen prestatiedoelen zullen 100% van de performance share units definitief verworven worden, terwijl er een maximale definitieve verwerving van 300% van performance share units zal zijn wanneer de werkelijke prestaties gelijk zijn of hoger dan een overeengekomen bovengrens.

Verworven performance share units worden verstrekt in het boekjaar dat volgt op de prestatieperiode. In Europa worden deze verstrekt onder de vorm van aandelen van de vennootschap, terwijl dit in de rest van de wereld onder de vorm van contanten wordt uitbetaald.

Bij definitieve verwerving ontvangen de begunstigden ook de waarde van de dividenden over de laatste drie jaar met betrekking tot zulk aantal performance shares waarop de definitief verworven performance share units betrekking hebben.

Een illustratie van het LTI plan wordt hieronder weergegeven:

Prestatiemaatstaven

Korte termijn variabele vergoeding (short term incentive of “STI”)

De prestatie van de Groep voor de bepaling van STI in 2021 is gebaseerd op onderstaande prestatiemaatstaven en uitkomsten, gemeten door de interne Bekaert Management Reporting:

image
image

Doelstellingen Bekaert Groep

Gewicht

Minimum

Doel

Maximum

Bereikte prestatie

Beoordeling

Brutowinst Onderliggend

20%

€ 556 mln

€ 617 mln

€  679 mln

€ 903 mln

Uitzonderlijk

EBITDA Onderliggend

50%

€ 419 mln

€ 465 mln

€ 525 mln

€ 695 mln

Uitzonderlijk

Werkkapitaal als % van Omzet

20%

17,0%

16,1%

15,0%

12,6%

Overtroffen

Uitvoering van de Digitale Agenda

10%

Behaald

Totaal

Uitzonderlijk

Aangezien de uitkomst van het gewogen gemiddelde in bovenstaande score kaart een factor oplevert tussen 175% en 200% heeft de Raad van Bestuur, handelend op aanbeveling van het NRC, beslist om de globale prestatie van de Groep te beoordelen as Uitzonderlijk wat aanleiding geeft tot een factor 200%. De beoordeling van het uitvoeren van de digitale agenda werd gemeten op basis van geboekte vooruitgang ten opzichte van dertien digitale en/of digitaliseringsinitiatieven.

De prestatiedoelstellingen voor de Groep met betrekking tot 2022 worden bepaald als een korf van financiële doelstellingen (brutowinst, EBITDA-onderliggend en werkkapitaal) en daarnaast wordt ook een niet-financiële ESG doelstelling (verhouding vrouwelijke bedienden en kaderleden) geselecteerd. Deze doelstellingen worden gecombineerd met specifieke doelstellingen voor de Business Units en individuele doelstellingen. Gelet op de commerciële gevoeligheid van onze korte termijn doelstellingen, zullen de specifieke prestatiedoelstellingen verduidelijkt worden in het remuneratieverslag van 2022.

Lange termijn variabele vergoeding (long term incentive of “LTI”)

De werkelijke prestatie verbonden aan de performance share units uitgegeven in februari 2019, met betrekking tot de prestatieperiode 2019-2021, hebben de overeengekomen bovengrens overschreden. Als gevolg daarvan wordt 300% van de performance share units uitgegeven in 2019 met betrekking tot deze prestatieperiode definitief verworven door de leden van het BGE met uitzondering van de Divisional CEO BBRG. Voor de prestatieperiode 2019-2021 werden zijn prestatiedoelstellingen gelinkt aan een specifiek BBRG EBITDA Profit Restoration plan; wat aanleiding geeft tot 288% verwerving van de performance share units uitgegeven in februari 2019 met betrekking tot de prestatieperiode 2019-2021. Vanaf 2020 zijn de prestatiedoelstellingen van de performance share units uitgegeven aan de Divisional CEO BBRG gelijklopend met de doelstellingen van de Groep.

De prestatiecriteria van de performance share units uitgegeven in februari 2019 met betrekking tot de prestatieperiode 2019-2021 voor leden van het BGE, met uitzondering van de Divisional CEO BBRG, evenals de bereikte prestatie zoals gemeten door de interne  Bekaert Management Reporting, zijn als volgt:

Doelstellingen Bekaert Groep

Gewicht

Minimum

Doel

Maximum

Bereikte prestatie

Verwerving

Aangroei EBITDA onderliggend

50%

€ 100 mln

€ 140 mln

€ 200 mln

€ 270 mln

300%

Cum. operationele kasstroom  (1)

50%

€ 645 mln

€ 725 mln

€ 845 mln

€ 1 498 mln

300%

Totaal

100%

300%

¹ Gedefineerd als EBITDA-Onderliggend +  provisies kapitaalsuitgaven in Property Plant & Equipment (PP&E) en immateriële activa +  impact verkoop  PP&E en immateriële activa +/-  kasstroom werkkapitaal.


De criteria om de prestaties te evalueren voor de lange termijn variabele vergoeding voor de prestatieperiode 2022-2024 zijn specifieke financiële bedrijfsgebonden criteria; meer bepaald een groeidoelstelling voor EBITDA onderliggend, een cumulatieve doelstelling voor de kasstroom en Total Shareholder Return (“TSR”) in vergelijking met een referentiegroep. Gelet op de commerciële gevoeligheid van onze lange termijn doelstellingen, zullen de 2022-2024 doelstellingen verduidelijkt worden in op het einde van de drie jaar durende prestatieperiode.

image
image

Opportuniteit

De waarde van de korte termijn variabele vergoeding op doelniveau (“target”) van de Gedelegeerd Bestuurder is 75% van de vaste vergoeding en 60% van de vaste vergoeding voor de andere leden van het BGE. De maximale opportuniteit is 200% van dit doelniveau.

De waarde van de lange termijn variabele vergoeding op doelniveau van de Gedelegeerd Bestuurder is 85% van de vaste vergoeding en 65% van de vaste vergoeding voor de andere leden van het BGE. De maximale uitkering is 300% van het doelniveau.

Tegen pari niveau bedraagt de waarde van de variabele vergoeding van de Gedelegeerd Bestuurder en de andere leden van het BGE meer dan 25% van hun totale remuneratie. Meer dan de helft van deze variabele vergoeding is gebaseerd op criteria over een periode van drie jaar.

Minimum persoonlijke participatie in aandelen

Er wordt verwacht van de Gedelegeerd Bestuurder en de andere leden van het BGE dat zij een persoonlijke participatie in aandelen van de vennootschap opbouwen binnen vijf jaar vanaf hun aanstelling, en deze ook aanhouden gedurende hun mandaat.

Om dit mogelijk te maken biedt de vennootschap een vrijwillig Share Matching Plan aan. De vennootschap komt iedere persoonlijke investering in aandelen van de vennootschap (tot maximaal 15% van de uitgekeerde korte termijn variabele vergoeding) tegemoet met een directe toekenning van aandelen van de vennootschap in het derde kalenderjaar dat volgt op deze persoonlijke participatie, voor zover de persoonlijke participatie in aandelen van de vennootschap verder werd aangehouden.

Wanneer het BGE-lid de vennootschap verlaat voor het einde van deze periode van aanhouding, zal de vennootschap per gestart kalenderjaar een derde tegemoet komen van de persoonlijke participatie in aandelen van de vennootschap. In geval van vrijwillig vertrek of ontslag om dringende reden zal er geen tegemoetkoming zijn.

De termijn voor het aanhouden van deze matching shares vervalt drie jaar nadat deze aandelen werden toegekend, voor zover voldaan is aan de vereiste minimum persoonlijke participatie in aandelen.

image
image

3. Remuneratie van de niet-uitvoerende Bestuurders met betrekking tot 2021

Het bedrag van de remuneratie die rechtstreeks of onrechtstreeks aan de niet-uitvoerende Bestuurders, door de vennootschap of haar dochterondernemingen, worden toegekend met betrekking tot 2021, worden hieronder op individuele basis uiteengezet. De niet-uitvoerende Bestuurders ontvangen alleen een vaste remuneratie, gedeeltelijk uitbetaald in contanten en gedeeltelijk in aandelen van de vennootschap (cfr. sectie 4).

in €

Periode waarop de vaste vergoeding betrekking heeft

Vaste vergoeding voor de uitvoering van taken als lid van de Raad van Bestuur

Vaste vergoeding voor lidmaatschap en/of voorzitter- schap van een Comité van de Raad van Bestuur

Totaal

Jürgen Tinggren1,5

01.01.2021 - 31.12.2021

462 500

n.v.t.

462 500

Charles de Liedekerke²

01.01.2021 - 31.12.2021

70 000

20 000

90 000

Hubert Jacobs van Merlen3

01.01.2021 - 31.12.2021

70 000

25 000

95 000

Mei Ye

01.01.2021 - 31.12.2021

70 000

70 000

Gregory Dalle

01.01.2021 - 31.12.2021

70 000

70 000

Emilie van de Walle de Ghelcke

01.01.2021 - 31.12.2021

70 000

70 000

Christophe Jacobs van Merlen4

01.01.2021 - 31.12.2021

70 000

20 000

90 000

Henri Jean Velge

01.01.2021 - 31.12.2021

70 000

70 000

Colin Smith

01.01.2021 - 31.12.2021

70 000

70 000

Caroline Storme

01.01.2021 - 31.12.2021

70 000

70 000

Henriette Fenger Ellekrog4

01.01.2021 - 31.12.2021

70 000

20 000

90 000

Eriikka Söderström2

01.01.2021 - 31.12.2021

70 000

20 000

90 000

Totale remuneratie van Bestuurders

1 337 500

¹ Voorzitter, Voorzitter van het Benoemings- en Remuneratiecomité, lid van het Audit, Risk en Finance Comité.

² Lid van het Audit, Risk en Finance Comité

³ Voorzitter van het Audit, Risk en Finance Comité

⁴ Lid van het Benoemings- en Remuneratiecomité

⁵ De vaste vergoeding van 462 500 € is inclusief 83 333 € vergoeding voor de periode januari - mei 2021, en een pro-rata deel van de 650 000€ toegekende aandelen voor de periode juni-december 2021

image
image

5. Remuneratie van de Gedelegeerd Bestuurder met betrekking tot 2021 in zijn hoedanigheid van uitvoerend Bestuurder

Zonder afbreuk te doen aan hun remuneratie in hun hoedanigheid als lid van het Uitvoerend Management, ontving de Gedelegeerd Bestuurder geen remuneratie voor zijn mandaat als uitvoerend Bestuurder.

4. Op aandelen gebaseerde remuneratie voor niet-uitvoerende Bestuurders

De vaste vergoeding van de Voorzitter wordt volledig vereffend in aandelen van de vennootschap, dewelke worden geblokkeerd voor een periode van drie jaren vanaf de datum van toekenning.

Voor de andere niet-uitvoerende Bestuurders wordt de vaste vergoeding voor de uitvoering van de taken als lid van de Raad van Bestuur in contanten betaald, maar met de mogelijkheid om jaarlijks een deel (0%, 25% of 50%) in de vorm van aandelen van de vennootschap te ontvangen.

Hieronder staat het aantal aandelen van de vennootschap vermeld dat in 2021 aan niet-uitvoerende Bestuurders is toegekend. Duidelijkheidshalve, onderstaande bedragen zijn inbegrepen in de remuneratie van de niet-uitvoerende Bestuurders vermeld in sectie 3.

Niet-uitvoerende Bestuurder

Percentage aandelen

Brutobedrag in €

Aantal aandelen na aftrek van belasting

Einde van de bewaartermijn

Voorzitter

Jürgen Tinggren¹

100%

650 000

7 930

31/5/2024

Niet-uitvoerende Bestuurders benoemd door de hoofdaandeelhouder

Gregory Dalle

50%

35 000

474

n.v.t.

Charles de Liedekerke

—%

n.v.t.

Christophe Jacobs van Merlen

50%

35 000

474

n.v.t.

Hubert Jacobs van Merlen

25%

17 500

239

n.v.t.

Caroline Storme

—%

n.v.t.

Emilie van de Walle de Ghelcke

50%

35 000

444

n.v.t.

Henri Jean Velge

50%

35 000

444

n.v.t.

Onafhankelijke niet-uitvoerende Bestuurders

Henriette Fenger Ellekrog

25%

17 500

241

n.v.t.

Colin Smith

—%

n.v.t.

Eriikka Söderström

50%

35 000

483

n.v.t.

Mei Ye

25%

17 500

211

n.v.t.

Totaal

877 500

10 940

¹ De toegekende aandelen van 650 000 € hebben betrekking op de periode juni 2021 - mei 2022.

image
image

6. Remuneratie van de Gedelegeerd Bestuurder met betrekking tot 2021

Het bedrag van de remuneratie en andere voordelen die rechtstreeks of onrechtstreeks aan de Gedelegeerd Bestuurder door de vennootschap of haar dochterondernemingen worden toegekend met betrekking tot 2021 voor de rol van (interim-)Gedelegeerd Bestuurder wordt hieronder uiteengezet:

Gedelegeerd Bestuurder

Opmerkingen

Oswald Schmid

Periode

01.01.2021-31.12.2021

Vaste vergoeding

921 613

Omvat basissalaris, buitenlandse bestuurdersvergoedingen en de extra verantwoordelijkheidspremie voor de periode als  interim-Gedelegeerd Bestuurder

Korte termijn variabele vergoeding (“STI”)

1 160 250

Jaarlijkse korte termijn variabele vergoeding, gebaseerd op prestaties van 2021

Lange termijn variabele vergoeding (“LTI”)

Waarde van de verworven performance share units (prestatieperiode 2019- 2021)

Pensioen

185 179

Pensioentoezeggingen van het type vaste bijdragen en van het type cash balance

Share matching

Aantal toegekende aandelen in 2021 als tegemoetkoming voor persoonlijke participatie in aandelen gedaan in 2019 (0 aandelen)

Diverse overige componenten

89 295

Omvat bedrijfswagen en risicoverzekeringen

Totale remuneratie

2 356 337

Variabele remuneratie uitgedrukt als % van het totaal

49%

Totaal van STI, LTI en share matching

Vaste remuneratie uitgedrukt als % van totaal

51%

Totaal van vaste vergoeding, pensioen en diverse overige componenten

Oswald Schmid kwam in dienst op 2 december 2019 als Chief Operations Officer, vanaf 12 mei 2020 nam hij tevens de rol van interim-Gedelegeerd Bestuurder waar; op 2 maart 2021 werd hij benoemd tot Gedelegeerd Bestuurder.

Het remuneratiebeleid voorziet dat de waarde van de korte termijn variabele vergoeding op doelniveau (“target”) gelijk is aan 75% van de vaste vergoeding voor de Gedelegeerd Bestuurder en 60% van de vaste vergoeding voor de overige leden van het BGE. As gevolg daarvan werd een pro rata toegepast op de korte termijn variabele vergoeding op doelniveau voor 2021 waarbij 60% doelniveau van toepassing was voor de periode als interim-Gedelegeerd Bestuurder tot 2 maart 2021 en 75% doelniveau voor de periode als Gedelegeerd Bestuurder vanaf 2 maart 2021.

De beoordeling van criteria om de prestaties te evalueren voor de korte termijn variabele vergoeding over 2021 leidt tot een uitbetaling van 200% ten opzichte van de korte termijn variabele vergoeding op doelniveau (“target”) voor de Gedelegeerd Bestuurder.

Er is geen verwerving met betrekking tot de lange termijn variabele vergoeding in 2021; de Gedelegeerd Bestuurder kwam in dienst van de vennootschap in december 2019 en als gevolg daarvan nam hij geen deel aan het performance share plan met betrekking tot de prestatieperiode 2019-2021.

Het remuneratiebeleid voorziet dat de waarde van de lange termijn variabele vergoeding op doelniveau (“target”) gelijk is aan 85% van de vaste vergoeding voor de Gedelegeerd Bestuurder en 65% van de vaste vergoeding voor de overige leden van het BGE. Op 15 januari 2021 werden performance share units toegekend met betrekking tot de prestatieperiode 2021-2023 rekening houdend met 65% doelniveau. As gevolg van de benoeming tot Gedelegeerd Bestuurder op 2 maart 2021 later in het jaar, werden bijkomende performance share units toegekend op 9 september 2021 om rekening te houden met de toename van dit doelniveau van 65% naar 85%.

image
image

Er is in 2021 geen tegemoetkoming voor persoonlijke participatie in aandelen van de vennootschap na een aanhoudingsperiode van 3 jaar; de Gedelegeerd Bestuurder kwam in dienst in december 2019 waardoor er in 2019 geen persoonlijke participatie in aandelen van de vennootschap plaatsvond.

Als gevolg van de benoeming tot Chief Executive Officer werd de aansluiting aan het Cash Balance Plan voor Directieleden stopgezet in maart 2021. In toepassing van de dienstverleningsovereenkomst wordt de pensioenopbouw vanaf maar 2021 voorzien in een pensioenplan van het type vaste bijdrage. De bovenstaande tabel bevat opbouw in beide plannen gedurende dit transitiejaar.

7. Remuneratie van de andere leden van het BGE met betrekking tot 2021

Het bedrag van de remuneratie en andere voordelen die rechtstreeks of onrechtstreeks aan de BGE-leden anders dan de (interim-)Gedelegeerd Bestuurder door de vennootschap of haar dochterondernemingen worden toegekend met betrekking tot 2021 wordt hierna op globale basis weergegeven. De remuneratie is inclusief de pro rata remuneratie van Yves Kerstens en Kerstin Artenberg die in de loop van 2021 in dienst kwamen, en deze van Jun Liao die de vennootschap verliet.

Remuneratie

Opmerkingen

Vaste vergoeding

2 854 488

Omvat basissalaris en buitenlandse bestuurdersvergoedingen

Korte termijn variabele vergoeding (“STI”)

3 004 319

Jaarlijkse korte termijn variabele vergoeding, gebaseerd op prestaties van 2021

Lange termijn variabele vergoeding (“LTI”)

4 956 359

Waarde van de 140 447 verworven performance share units (prestatieperiode 2019-2021) en verworven aandelenopties

Pensioen

676 964

Pensioentoezegging van het type vaste bijdragen, van het type vaste prestaties en van het type cash balance

Share matching

Aantal toegekende aandelen in 2021 als tegemoetkoming voor persoonlijke participatie in aandelen gedaan in 2019 (0 aandelen)

Diverse overige componenten

259 535

Bevat bedrijfswagen, verzekeringen, schooltoeslag en huisvestingstoelage

Totale remuneratie

11 751 665

Variabele remuneratie uitgedrukt als % van het totaal

68%

Totaal van STI, LTI en share matching

Vaste remuneratie uitgedrukt als % van totaal

32%

Totaal van vaste vergoeding, pensioen en diverse overige componenten

De beoordeling van de criteria om de prestaties te evalueren voor de korte termijn variabele vergoeding in 2021 leidt tot een uitbetaling van 176% (gewogen gemiddelde) ten opzichte van de korte termijn variabele vergoeding op doelniveau (“target”) voor de andere leden van het BGE.

De prestatiecriteria voor het definitief verwerven van performance share units uitgegeven in februari 2019, in verband met de prestatieperiode 2019-2021, overschreden het maximum niveau. Hierdoor werden 300% van de performance share units, die toegekend werden in 2019, definitief verworven in 2021 voor de andere leden van het BGE, met uitzondering van de Divisional CEO BBRG. Voor de prestatieperiode 2019-2021 werden de prestatiecriteria van zijn performance share units gekoppeld aan een specifiek BBRG  Profit Restoration Plan; wat aanleiding gaf tot de definitieve verwerving van 288% van de performance share units uitgegeven in februari 2019.

De uitoefenprijs van aandelenopties die in 2021 definitief verworven werden, en die betrekking hebben op voorgaande lange termijn variabele vergoedingsprogramma’s, was lager dan de slotkoers van het aandeel van de vennootschap op de datum waarop deze definitief werden verworven.

De bijdrage pensioen bestaat uit een combinatie van verschillende pensioenregelingen in de verschillende werklocaties van de BGE-leden, met name België, Frankrijk en China. Het in de bovenstaande tabel vermelde bedrag bestaat uit de jaarlijkse werkgeversbijdrage voor de relevante pensioenregelingen van het type vast bijdragen, het toegekend bedrag voor de relevante pensioenregelingen van het type cash balance, de werkgeversbijdrage aan verplichte tweede pijler-pensioenregelingen en de IAS19-service cost voor pensioenregelingen van het type vaste prestaties met een collectieve financieringsbasis.

image
image

8. Op aandelen gebaseerde remuneratie voor leden van het BGE

Vanaf 2018 bestaat de lange termijn variabele vergoeding uitsluitend uit de toekenning van performance share units onder het Performance Share Plan 2018-2020, zoals voorgesteld door de Raad van Bestuur en goedgekeurd door de Gewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders op 9 mei 2018.

Tot 2017 was de lange termijn variabele vergoeding gebaseerd op een combinatie van aandelenopties (of ‘stock appreciation rights’, buiten Europa) en performance share units.

De Gedelegeerd Bestuurder en de andere leden van het BGE komen in aanmerking voor het vrijwillige Share Matching Plan.

Performance Share Units

Op 15 januari 2021 werden performance share units met betrekking tot de prestatieperiode 2021-2023 toegekend aan het Uitvoerend Management (19 augustus 2021 voor de twee nieuwe leden van het Uitvoerend Management die in dienst kwamen in 2021). Het remuneratiebeleid voorziet in een LTI gelijk aan 85% van de vaste vergoeding op doelniveau voor de Gedelegeerd Bestuurder en 65% van de vaste vergoeding voor de overige leden van het BGE. As gevolg van de benoeming tot Gedelegeerd Bestuurder na de toekenning van performance share units op 15 januari, werd voorzien in een bijkomende toekenning op 9 september 2021 om rekening te houden met deze toename in LTI op doelniveau van 65% naar 85%. 

De financiële maatstaven die weerhouden werden als prestatiedoelstellingen met betrekking tot de prestatieperiode 2021-2023 zijn aangroei in EBITDA Onderliggend en elementen van de cumulatieve kasstroom.

De onderstaande tabellen geven een overzicht van de op aandelen gebaseerde remuneratie die is toegekend aan BGE-leden, inclusief de belangrijkste kenmerken van elk plan.

Naam van het plan

Prestatie- periode

Prestatiemaatstaven

Toekennings- datum

Verwervings- datum

Aantal toegekende performance share units

Aantal niet definitief verworven performance share units aan het begin van het jaar

Toegekend

Verbeurd/vervallen

Verworven (300%)

Aantal niet definitief verworven performance share units aan het einde van het jaar

Oswald Schmid - Gedelegeerd Bestuurder

PSP 2018-2020

2020-2022

EBITDA Onderliggend & Cum. Kasstroom

21/1/2020

31/12/2022

10 957

10 957

0

0

0

10 957

PSP 2018-2020

2021-2023

EBITDA Onderliggend & Cum. Kasstroom

15/1/2021

31/12/2023

10 179

0

10 179

0

0

10 179

PSP 2018-2020

2021-2023

EBITDA Onderliggend & Cum. Kasstroom

09/09/2021

31/12/2023

7 966

0

7 966

0

0

7 966

TOTAAL

10 957

18 145

0

0

29 102

Taoufiq Boussaid - Chief Financial Officer

PSP 2018-2020

2019-2021

EBITDA Onderliggend & Cum. Kasstroom

26/7/2019

31/12/2021

10 478

10 478

0

0

-31 434

0

PSP 2018-2020

2020-2022

EBITDA Onderliggend & Cum. Kasstroom

21/1/2020

31/12/2022

9 810

9 810

0

0

0

9 810

PSP 2018-2020

2021-2023

EBITDA Onderliggend & Cum. Kasstroom

15/1/2021

31/12/2023

10 762

0

10 762

0

0

10 762

TOTAAL

20 288

10 762

0

-31 434

20 572

image
image

Kerstin Artenberg - Chief Human Resources Officer

PSP 2018-2020

2021-2023

EBITDA Onderliggend & Cum. Kasstroom

19/8/2021

31/12/2023

5 683

0

5 683

0

0

5 683

TOTAAL

0

5 683

0

0

5 683

Juan Carlos Alonso - Chief Strategy Officer

PSP 2018-2020

2019-2021

EBITDA Onderliggend & Cum. Kasstroom

26/7/2019

31/12/2021

9 391

9 391

0

0

-28 173

0

PSP 2018-2020

2020-2022

EBITDA Onderliggend & Cum. Kasstroom

21/1/2020

31/12/2022

8 409

8 409

0

0

0

8 409

PSP 2018-2020

2021-2023

EBITDA Onderliggend & Cum. Kasstroom

15/1/2021

31/12/2023

8 007

0

8 007

0

0

8 007

TOTAAL

17 800

8 007

0

-28 173

16 416

Yves Kerstens - Div. CEO SPB and Chief Operations Officer

PSP 2018-2020

2021-2023

EBITDA Onderliggend & Cum. Kasstroom

19/8/2021

31/12/2023

5 732

0

5 732

0

0

5 732

TOTAAL

0

5 732

0

0

5 732

Curd Vandekerckhove - Div. CEO BBRG

PSP 2018-2020

2019-2021

BBRG EBITDA (1)

15/2/2019

31/12/2021

11 962

11 962

0

0

-34 451

0

PSP 2018-2020

2020-2022

EBITDA Onderliggend & Cum. Kasstroom

21/1/2020

31/12/2022

10 447

10 447

0

0

0

10 447

PSP 2018-2020

2021-2023

EBITDA Onderliggend & Cum. Kasstroom

15/1/2021

31/12/2023

9 948

0

9 948

0

0

9 948

TOTAAL

22 409

9 948

0

-34 451

20 395

Stijn Vanneste - Div. CEO SWS

PSP 2018-2020

2019-2021

EBITDA Onderliggend & Cum. Kasstroom

15/2/2019

31/12/2021

9 321

9 321

0

0

-27 963

0

PSP 2018-2020

2020-2022

EBITDA Onderliggend & Cum. Kasstroom

21/1/2020

31/12/2022

8 378

8 378

0

0

0

8 378

PSP 2018-2020

2021-2023

EBITDA Onderliggend & Cum. Kasstroom

15/1/2021

31/12/2023

8 545

0

8 545

0

0

8 545

TOTAAL

17 699

8 545

0

-27 963

16 923

Arnaud Lesschaeve - Div. CEO RR

PSP 2018-2020

2019-2021

EBITDA Onderliggend & Cum. Kasstroom

26/7/2019

31/12/2021

6 142

6 142

0

0

-18 426

0

PSP 2018-2020

2020-2022

EBITDA Onderliggend & Cum. Kasstroom

21/1/2020

31/12/2022

9 428

9 428

0

0

0

9 428

PSP 2018-2020

2021-2023

EBITDA Onderliggend & Cum. Kasstroom

15/1/2021

31/12/2023

10 043

0

10 043

0

0

10 043

TOTAAL

15 570

10 043

0

-18 426

19 471

image
image

Jun Liao - former CEO China

PSP 2018-2020

2019-2021

EBITDA Onderliggend & Cum. Kasstroom

15/2/2019

31/12/2021

12 663

12 663

0

-12 663

0

0

PSP 2018-2020

2020-2022

EBITDA Onderliggend & Cum. Kasstroom

21/1/2020

31/12/2022

10 997

10 997

0

-10 997

0

0

TOTAAL

23 660

0

-23 660

0

0

¹ Voor de prestatieperiode 2019-2021 werden de prestatiecriteria gekoppeld aan een specifiek BBRG EBITDA Profit Restoration Plan; wat aanleiding gaf tot een definitieve verwerving van 288% van de performance share units uitgegeven in februari 2019.

Aandelenopties

In het overzicht hieronder staat het aantal aandelenopties dat in 2021 werd uitgeoefend of verviel met betrekking tot de voorgaande lange termijn variabele vergoedingsprogramma’s voor leden van het BGE. Waar van toepassing, bevat de tabel eveneens aandelenopties die toegekend werden voorafgaand aan de benoeming tot lid van het BGE.

De opties werden gratis aan de begunstigden aangeboden. Elke aanvaarde optie verleent de houder het recht op verwerving van één bestaand aandeel van de vennootschap tegen betaling van de uitoefenprijs, die definitief wordt bepaald ten tijde van het aanbod en die gelijk is aan het laagste van: (i) de gemiddelde slotkoers van de aandelen van de vennootschap op de beurs gedurende dertig dagen die de dag van het aanbod voorafgaan, of (ii) de laatste slotkoers die de dag van het aanbod voorafgaat.

Onder voorbehoud van de gesloten periodes en de sperperiodes voor handel in aandelen en het planreglement kunnen de opties uitgeoefend worden vanaf het begin van het vierde kalenderjaar volgend op de datum van hun aanbod tot het einde van het tiende jaar volgend op de datum van hun aanbod.

De aandelenopties die in 2021 uitoefenbaar waren, zijn gebaseerd op de toekenningen onder het aandelenoptieplan SOP 2015-2017 en de plannen die het aandelenoptieplan SOP 2015-2017 voorafgingen.

De bepalingen van die vroegere plannen zijn gelijkaardig aan die van het aandelenoptieplan SOP 2015-2017, met dien verstande dat de aan de werknemers toegekende opties onder de plannen voorafgaand aan het aandelenoptieplan SOP 2010-2014 de vorm hadden van inschrijvingsrechten die de houders het recht verlenen tot verwerving van nieuw uit te geven aandelen van de vennootschap, terwijl zelfstandige begunstigden recht hadden op de verwerving van bestaande aandelen.

image
image

Belangrijkste kenmerken van het plan

Wijzigingen over 2021

Naam van het plan

Datum van aanbod

Datum van toekenning

Datum van definitieve verwerving 

Einde uitoefenings periode

Aantal toegekende opties   

Uitoefen-prijs
(in €)

Aantal aande- lenopties aan het begin vanhet jaar

Verbeurd/vervallen

Uitgeoefend

Aantal aande- lenopties aan het einde vanhet jaar

Oswald Schmid - Gedelegeerd Bestuurder

Geen

TOTAAL

0

0

0

0

Taoufiq Boussaid - Chief Financial Officer

Geen

TOTAAL

0

0

0

0

Kerstin Artenberg - Chief Human Resources Officer

Geen

TOTAAL

0

0

0

0

Juan Carlos Alonso - Chief Strategy Officer

Geen

0

TOTAAL

0

0

0

0

Yves Kerstens - Div. CEO SPB and Chief Operations Officer

Geen

TOTAAL

0

0

0

0

Curd Vandekerckhove - Div. CEO BBRG

SOP 2010-2014

29/3/2013

28/5/2013

1/1/2017

28/3/2023

15 000

21,450

15 000

0

-15 000

0

SOP 2010-2014

19/12/2013

17/2/2014

1/1/2017

18/12/2023

14 000

25,380

14 000

0

14 000

SOP 2010-2014

18/12/2014

16/2/2015

1/1/2018

17/12/2024

15 000

26,055

15 000

0

15 000

SOP 2015-2017

17/12/2015

15/2/2016

1/1/2019

16/12/2025

10 000

26,375

10 000

0

10 000

SOP 2015-2017

15/12/2016

13/2/2017

1/1/2020

14/12/2026

15 000

29,426

15 000

0

15 000

SOP 2015-2017

21/12/2017

20/2/2018

1/1/2021

20/12/2017

9 000

34,600

9 000

0

9 000

TOTAAL

78 000

0

-15 000

63 000

Stijn Vanneste -  Div. CEO SWS

SOP 2010-2014

20/12/2012

18/2/2013

1/1/2016

19/12/2022

2 400

19,200

1 200

0

-1 200

0

SOP 2010-2014

19/12/2013

17/2/2014

1/1/2017

18/12/2023

3 200

25,380

3 200

0

-3 200

0

SOP 2010-2014

18/12/2014

16/2/2015

1/1/2018

17/12/2024

7 500

26,055

7 500

0

-7 500

0

SOP 2015-2017

17/12/2015

15/2/2016

1/1/2019

16/12/2025

6 250

26,375

6 250

0

0

6 250

SOP 2015-2017

15/12/2016

13/2/2017

1/1/2020

14/12/2026

12 500

39,426

12 500

0

0

12 500

SOP 2015-2017

21/12/2017

20/2/2018

1/1/2021

20/12/2027

10 000

34,600

10 000

0

0

10 000

TOTAAL

40 650

0

-11 900

28 750

Arnaud Lesschaeve - Div. CEO RR

Geen

TOTAAL

0

0

0

0

image
image

Stock Appreciation Rights

In het overzicht hieronder wordt het aantal Stock Appreciation Rights vermeld die in 2021 werden uitgeoefend of vervielen met betrekking tot voorgaande lange termijn variabele vergoedingsprogramma’s voor BGE-leden buiten Europa.

De stock appreciation rights (of “SAR’s”) werden gratis aan de begunstigden toegekend. Elke SAR verleent de houder het recht op een bedrag in contanten te ontvangen dat gelijk is aan het verschil tussen de slotkoers van één aandeel van de vennootschap op de datum van uitoefening en de uitoefenprijs, die definitief wordt bepaald ten tijde van het aanbod en die gelijk is aan het laagste van: (i) de gemiddelde slotkoers van de aandelen van de vennootschap op de beurs gedurende dertig dagen die de dag van het aanbod voorafgaan, of (ii) de laatste slotkoers die de dag van het aanbod voorafgaat.

Onder voorbehoud van de gesloten periodes en de sperperiodes voor handel in aandelen en van het planreglement, kunnen de SAR’s uitgeoefend worden vanaf het begin van het vierde kalenderjaar volgend op de datum van hun aanbod tot het einde van het tiende jaar volgend op de datum van hun aanbod.

De SAR’s die in 2021 uitoefenbaar waren, zijn gebaseerd op de toekenningen onder de SAR-plannen van 2015-2017 en de plannen die de SAR-plannen van 2015-2017 voorafgingen. Alle hieronder vermelde SAR’s werden toegekend aan Jun Liao voorafgaand aan zijn aanstelling als lid van het BGE.

Belangrijkste kenmerken van het plan

Wijzigingen over 2021

Naam van het plan

Datum van toekenning

Datum van definitieve verwerving

Einde uitoefenings periode

Aantal toegekende SAR's

Uitoefen-prijs
(in €)

Aantal SAR's aan het begin van het jaar

Verbeurd/vervallen

Uitgeoefend

Aantal SAR's aan het einde van het jaar

Jun Liao - former CEO China

SAR Asia 2010-2014

18/12/2014

1/1/2018

17/12/2024

6 000

26,055

6 000

0

-6 000

0

SAR Asia & Latam 2015-2017

17/12/2015

1/1/2019

16/12/2025

5 000

26,375

5 000

0

-5 000

0

SAR Asia & Latam 2015-2017

15/12/2016

1/1/2020

14/12/2026

7 000

39,426

7 000

0

-7 000

0

SAR Asia & Latam 2015-2017

21/12/2017

1/1/2021

20/12/2027

6 250

34,600

6 250

0

-6 250

0

TOTAAL

24 250

0

-24 250

0

image
image

Share-matching Plan

De onderstaande tabel toont het aantal aandelen toegekend als tegemoetkoming voor de persoonlijke participatie in aandelen van de vennootschap. Aangezien er in 2019 geen STI uitbetaald werd, werd er ook geen persoonlijke participatie in aandelen van de vennootschap opgenomen in 2019. Als gevolg daarvan is er geen tegemoetkoming in 2021 na de aanhoudingsperiode van drie jaar:

Naam van het plan

Datum persoonlijke participatie

Einde
aanhoudings-
periode

Aantal persoonlijk aangekochte aandelen

Aantal PSR’s aan het begin van het jaar

Persoonlijk aangekochte aandelen

Tegemoet-
koming
door de vennootschap

Verbeurd

Aantal PSR’s aan het einde van het jaar

Oswald Schmid – Chief Executive Officer

31/3/2020

31/12/2022

210

210

0

0

0

210

31/3/2021

31/12/2023

2 096

0

2 096

0

0

2 096

Taoufiq Boussaid - Chief Financial Officer

31/3/2020

31/12/2022

1 038

1 038

0

0

0

1 038

31/3/2021

31/12/2023

838

0

838

0

0

838

Kerstin Artenberg - Chief Human Ressources Officer

None

Juan Carlos Alonso - Chief Strategy Officer

31/3/2020

31/12/2022

971

971

0

0

0

971

31/3/2021

31/12/2023

922

0

922

0

0

922

Yves Kerstens - Div. CEO SPB and Chief Operations Officer

None

Curd Vandekerckhove - Div. CEO BBRG

31/3/2020

31/12/2022

2 413

2 413

0

0

0

2 413

31/3/2021

31/12/2023

2 114

0

2 114

0

0

2 114

Stijn Vanneste - Div. CEO SWS

31/3/2020

31/12/2022

1 608

1 608

0

0

0

1 608

31/3/2021

31/12/2023

1 816

0

1 816

0

0

1 816

Arnaud Lesschaeve- Div. CEO RR

31/3/2020

31/12/2022

1 270

1 270

0

0

0

1 270

31/3/2021

31/12/2023

698

0

698

0

0

698

Jun Liao - former CEO China

31/3/2020

31/12/2022

2 256

2 256

0

0

-2 256

0

image
image

9. Vertrek van leden van het Uitvoerend Management

Jun Liao, voormalig CEO China, heeft besloten om Bekaert vanaf 14 juli 2021 te verlaten.

10. Terugvorderingsrecht van de vennootschap

De Raad van Bestuur heeft de bevoegdheid om een deel of de volledige waarde van toegekende prestatiegebonden vergoedingen aan het Uitvoerend Management te verminderen (malus) of terug te vorderen (claw back) in geval van:

een significante neerwaartse herziening van de financiële resultaten van Bekaert;

een materiële inbreuk op de Gedragscode van Bekaert of ander nalevingsbeleid;

een inbreuk op beperkende overeenkomsten waarmee het individu zich akkoord verklaard had tot naleving ervan;

fraude, ernstig wangedrag of grove nalatigheid door het individu, wat resulteert in aanzienlijke verliezen of ernstige reputatieschade voor Bekaert.

De Raad van Bestuur heeft in 2021 geen gebruik gemaakt van dit recht.

11. Remuneratie van het Uitvoerend Management in een bredere context

Het belangrijkste verschil in het remuneratiebeleid tussen het Uitvoerend Management en de werknemers in het algemeen is de balans tussen vaste en prestatiegebonden remuneratie zoals korte termijn en lange termijn variabele vergoeding. Over het algemeen is de verhouding tussen prestatie-gebonden remuneratie, en met name de lange termijn variabele vergoeding, hoger voor leden van het Uitvoerend Management. Dit weerspiegelt dat de leden van het Uitvoerend Management meer handelingsvrijheid hebben en dat de gevolgen van hun beslissingen normaalgezien een breder en verregaander effect in de tijd hebben.

De remuneratie voor de leden van het Uitvoerend Management is echter afgestemd op de remuneratiestructuren van de bredere groep werknemers:

De managers van de Groep delen dezelfde scorekaart als de leden van het Uitvoerend Management voor het meten van de prestaties van de Groep en de Business Unit voor het meten van de prestaties van de korte termijn variabele vergoeding.

Daarnaast ontvangen ongeveer 100 hogere kaderleden van de Groep performance share units met dezelfde criteria voor het evalueren van de prestaties van de lange termijn variabele vergoeding als deze van toepassing voor de leden van het BGE.

De verhouding tussen  de  hoogste  remuneratie  van de leden van de Raad van Bestuur en het Uitvoerend Management tot de laagste remuneratie van de werknemers van NV Bekaert SA in België (exclusief BGE-leden) bedraagt 57:1.

Onderstaande tabel geeft de remuneratie weer van de leden van  de  Raad  van  Bestuur, het Uitvoerend Management, de gemiddelde remuneratie van andere werknemers (uitgedrukt in voltijdse equivalenten) en enkele belangrijke financiële bedrijfsgegevens over de laatste 5 kalenderjaren.

image
image

2017

2018

2019

2020

2021

Remuneratie

Niet-uitvoerende Bestuurders¹

Gemiddelde remuneratie  (€)

86 671

95 768

121 629

104 000

111 458

Verschil ten opzichte van voorgaand jaar (%)

-2,4%

10,5%

27,0%

-14,5%

+7,2%

Gedelegeerd Bestuurder

Gemiddelde remuneratie  (€)

1 562 907

1 135 011

1 787 480

1 225 527

2 356 337

Verschil ten opzichte van voorgaand jaar (%)

-11,9%

-27,4%

57,5%

-31,4%

+92,3%

Andere BGE-leden

Gemiddelde remuneratie  (€)

901 307

609 540

748 023

839 736

1 611 657

Verschil ten opzichte van voorgaand jaar (%)

+9.3%

-32,4%

22,7%

12,3%

+91,9%

Overige medewerkers²

Gemiddelde remuneratie  (€)

72 406

76 067

77 757

79 859

87 727

Verschil ten opzichte van voorgaand jaar (%)

+2.7%

+5.1%

+2.2%

+2.7%

+9.9%

Financiële bedrijfsgegevens

EBITDA-onderliggend

Bedrag in miljoen €

497

426

468

479

689

Verschil ten opzichte van voorgaand jaar (%)

-3,1%

-14,3%

+9.9%

+2.4%

+43,8%

Omzet

Bedrag in miljoen €

4 098

4 305

4 322

3 772

4 840

Verschil ten opzichte van voorgaand jaar (%)

+10.3%

+5.1%

+0.4%

-12,7%

+28,3%

Werkkapitaal

Bedrag in miljoen €

888

875

699

535

678

Verschil ten opzichte van voorgaand jaar (%)

+5.3%

-1,5%

-20,1%

-23,5%

+26,6%

Koers aandeel (op 31 december)

Koers van het aandeel (in €)

36,45

21,06

26,50

27,16

39,14

¹ Tot en met 2019 was de remuneratie van de Bestuurders gebaseerd op het aantal bijgewoonde vergaderingen van de Raad van Bestuur

² Gebaseerd op het gemiddelde bruto jaarinkomen van alle werknemers van NV Bekaert SA in België, exclusief BGE-leden.

12. Afwijkingen van de procedures voor de uitvoering van het remuneratiebeleid

In het kader van de aanwerving van Yves Kerstens, Divisional CEO Specialty Businesses en Chief Operations Officer, werd voorzien in een compensatie voor verlies van lange termijn variabele verloning bij de voorgaande werkgever voor een totaal bedrag van € 150 000, onderhevig aan terugbetalingsmodaliteiten in geval van vrijwillig vertrek of vertrek om dwingende reden.

image
image

Aandelen

Het Bekaert-aandeel in 2021

Het Bekaert-aandeel deed het in 2021 18% beter dan de referentie-index, Euronext Brussels BEL Mid, en won 44% ten opzichte van de slotkoers op het jaareinde van 2020.

Aandeelidentificatie

Het Bekaert-aandeel is genoteerd op Euronext Brussels als ISIN BE0974258874 (BEKB) en werd voor het eerst genoteerd in december 1972. De ICB-sectorcode is 2727 Diversified Industrials.

Aandelenprestatie

2013

2014

2015

2016

2017

2018

2019

2020

2021

Koers op 31 december (in €)

25,72

26,34

28,38

38,48

36,45

21,06

26,50

27,16

39,14

Hoogste koers (in €)

31,11

30,19

30,00

42,45

49,92

40,90

28,26

28,50

42,56

Laagste koers (in €)

20,01

21,90

22,58

26,56

33,50

17,41

19,38

13,61

27,34

Gemiddelde slotkoers (in €)

24,93

27,15

26,12

37,06

42,05

28,21

23,96

19,95

36,33

Dagelijks volume

126 923

82 813

120 991

123 268

121 686

154 726

96 683

72 995

68 749

Dagelijkse omzet (in miljoen €)

3,1

2,1

3,1

4,5

5,0

4,4

2,3

1,5

2,5

Jaarlijkse omzet (in miljoen €)

796

527

804

1 147

1 279

1 121

592

386

641

Omloopsnelheid (% jaarlijks)

54

35

52

53

51

65

41

31

29

Omloopsnelheid (% aangepaste free float)

90

59

86

88

86

109

68

52

49

Free float (%)

59,9

55,7

56,7

59,2

59,6

59,3

59,3

59,5

59,3

Aandelenhandel

Het gemiddelde aantal dagelijks verhandelde aandelen was ongeveer 69 000 aandelen in 2021. Het volume bereikte een piek op 19 november toen 364 635 aandelen werden verhandeld op de dag van de bekendmaking van de trading update voor het derde kwartaal.

Op 31 december 2021 had Bekaert een marktkapitalisatie van € 2,4 miljard en een free float marktkapitalisatie van € 1,4 miljard. De free float was 59,3% en de free float band 60%.

Op 3 september 2021 kondigde Bekaert aan dat een liquiditeitsovereenkomst werd afgesloten met Kepler Cheuvreux. Deze overeenkomst voorziet in de aankoop en verkoop door Kepler Cheuvreux van Bekaert-aandelen op de gereglementeerde markt van Euronext Brussel en het programma startte op 10 september 2021 voor een hernieuwbare periode van 12 maanden. Bekaert stelde 100 000 eigen aandelen ter beschikking van Kepler Cheuvreux. Het doel van het liquiditeitscontract is de liquiditeit van de Bekaert-aandelen te ondersteunen.

image
image

Aandeelhouderschap en kennisgevingen

Naar aanleiding van de inwerkingtreding van de wet van 2 mei 2007 op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen (de Transparantiewet) heeft Bekaert, in haar statuten, de drempels van 3% en 7,50% ingesteld bovenop de wettelijke drempels van 5% en elk veelvoud van 5%. Een overzicht van de kennisgevingen van deelnemingen van 3% of meer, indien van toepassing, is te vinden in de sectie met informatie over de moedervennootschap van dit jaarverslag (Deelnemingen in het kapitaal).

Op 8 december 2007 maakte de Stichting Administratiekantoor Bekaert overeenkomstig artikel 74 van de Wet van 1 april 2007 op de openbare overnamebiedingen bekend dat zij op 1 september 2007 individueel meer dan 30% van de effecten met stemrechten van de vennootschap bezat.

Op basis van een gedetailleerd onderzoek naar de identificatie van aandeelhouders in juni 2021 en rekening houdend met de daaropvolgende transparantiemeldingen, private banking en bewegingen in eigen aandelen tot eind 2021, bezaten Stichting Administratiekantoor Bekaert en in onderling overleg handelende partijen per 31 december 2021 36% van de aandelen. Institutionele aandeelhouders bezaten ongeveer 34% van de aandelen en retail en private banking ongeveer 23%. Eigen aandelen vertegenwoordigden 5% en 2% van de aandelen was niet-geïdentificeerd.

Kapitaalstructuur

Per 31 december 2021 bedraagt het kapitaal van de vennootschap € 177 923 000, vertegenwoordigd door 60 452 261 aandelen zonder vermelding van waarde. De aandelen zijn op naam of gedematerialiseerd. Alle aandelen hebben dezelfde rechten.

Toegestaan kapitaal

De Raad van Bestuur werd gemachtigd door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van 13 mei 2020 het kapitaal, in één of meer malen, te verhogen met een maximumbedrag (exclusief uitgiftepremie) van € 177 793 000. De Raad van Bestuur kan deze machtiging gebruiken tot 23 juni 2025.

De Raad van Bestuur is tevens uitdrukkelijk gemachtigd om het kapitaal te verhogen zelfs na het tijdstip dat de vennootschap de mededeling van de Belgische Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten (FSMA) ontvangt dat haar kennis is gegeven van een openbaar overnamebod op de effecten van de vennootschap, binnen de door de toepasselijke wettelijke bepalingen toegestane grenzen. Deze machtiging is geldig met betrekking tot openbare overnamebiedingen waarvan de vennootschap de voornoemde mededeling ontvangt uiterlijk drie jaar na 13 mei 2020.

Converteerbare obligaties

Op 9 juni 2021 betaalde Bekaert de converteerbare obligaties volledig terug in cash die op 19 mei 2016 waren uitgegeven voor een bedrag in hoofdstom van € 380 000 000. Geen van de obligaties werd geconverteerd in aandelen aangezien de conversieprijs niet werd bereikt.

Aandelenoptieplannen, performance share plannen en share matching plan

Het totale aantal uitstaande en in Bekaert-aandelen converteerbare inschrijvingsrechten onder het aandelenoptieplan SOP 2005-2009 is 26 400. In de loop van 2021 werden in totaal 37 420 inschrijvingsrechten uitgeoefend onder het aandelenoptieplan SOP 2005-2009. Dit resulteerde in de uitgifte van 37 420 nieuwe Bekaert-aandelen en een verhoging van het kapitaal met € 111 000 en van de uitgiftepremie met € 965 800,50.

image
image

Op 31 december 2020 bezat de vennootschap 3 809 534 eigen aandelen. Van deze 3 809 534 eigen aandelen werden in totaal 620 474 aandelen overgedragen (i) aan (voormalige) werknemers omwille van de uitoefening van aandelenopties onder SOP 2010-2014, SOP 2015-2017 en SOP2, (ii) aan (voormalige) BGE-leden omwille van de vereiste persoonlijke aandelenparticipatie, en (iii) aan de Voorzitter en andere niet-uitvoerende Bestuurders als deel van hun remuneratie (zie tabel hieronder). Er werden geen eigen aandelen vernietigd. Met inbegrip van de verrichtingen in het kader van de liquiditeitsovereenkomst met Kepler Cheuvreux, bedroeg het saldo van de eigen aandelen gehouden door de vennootschap op 31 december 2021 3 145 446.

Datum

Aantal eigen aandelen

Doel

Ontvanger

Prijs per aandeel (€)

3 maart 2021

6 300

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

25,140

3 maart 2021

62 400

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

25,380

3 maart 2021

4 000

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

21,450

3 maart 2021

6 300

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

26,055

4 maart 2021

1 800

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

26,055

5 maart 2021

1 200

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

19,200

5 maart 2021

3 200

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

25,380

5 maart 2021

5 000

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

25,140

5 maart 2021

6 250

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

26,375

8 maart 2021

7 000

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

21,450

8 maart 2021

2 700

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

25,140

9 maart 2021

2 100

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

26,055

9 maart 2021

4 000

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

25,140

10 maart 2021

2 000

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

25,380

10 maart 2021

6 400

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

26,055

10 maart 2021

9 200

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

25,140

10 maart 2021

5 000

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

19,200

10 maart 2021

10 000

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

21,450

10 maart 2021

1 500

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

26,375

11 maart 2021

1 000

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

26,055

11 maart 2021

3 000

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

25,380

11 maart 2021

1 750

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

26,375

12 maart 2021

2 100

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

26,055

15 maart 2021

2 000

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

26,375

17 maart 2021

2 650

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

26,375

18 maart 2021

2 000

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

26,375

18 maart 2021

668

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

19,200

18 maart 2021

2 400

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

25,380

18 maart 2021

17 100

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

26,055

19 maart 2021

1 100

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

26,055

22 maart 2021

2 100

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

25,140

22 maart 2021

1 890

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

19,200

24 maart 2021

3 500

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

25,140

image
image

24 maart 2021

6 000

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

26,055

26 maart 2021

6 250

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

26,375

31 maart 2021

4 000

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

19,200

31 maart 2021

14 000

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

25,380

31 maart 2021

1 000

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

25,140

31 maart 2021

2 100

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

26,055

31 maart 2021

600

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

26,375

31 maart 2021

9 112

Personal shareholding requirement

BGE-leden

35,780

1 april 2021

2 100

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

19,200

6 april 2021

7 000

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

21,450

6 april 2021

21 500

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

26,375

6 april 2021

10 000

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

34,600

7 april 2021

14 100

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

26,055

7 april 2021

9 000

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

25,380

7 april 2021

15 000

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

21,450

7 april 2021

7 033

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

26,375

8 april 2021

5 717

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

26,376

9 april 2021

1 800

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

26,055

12 april 2021

1 500

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

34,600

12 mei 2021

1 055

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

34,600

12 mei 2021

17 500

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

21,450

13 mei 2021

445

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

34,600

13 mei 2021

2 000

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

26,375

17 mei 2021

5 000

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

34,600

18 mei 2021

9 000

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

25,380

25 mei 2021

2 500

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

25,140

25 mei 2021

4 000

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

26,375

27 mei 2021

40 000

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

26,055

27 mei 2021

333

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

34,600

28 mei 2021

9 667

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

34,600

28 mei 2021

4 000

Uitoefening opties onder SOP2

Werknemers

30,175

31 mei 2021

6 000

Uitoefening opties onder SOP2

Werknemers

30,175

31 mei 2021

10 940

Vergoeding niet-uitvoerende Bestuurders

Voorzitter en andere niet-uitvoerende Bestuurders

1 juni 2021

700

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

26,055

4 juni 2021

6 000

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

26,055

7 juni 2021

1 500

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

34,600

7 juni 2021

500

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

26,375

9 juni 2021

500

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

25,140

10 juni 2021

2 400

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

25,380

23 juni 2021

100

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

34,600

image
image

24 juni 2021

3 500

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

21,450

28 juni 2021

2 100

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

25,140

30 juli 2021

8 000

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

26,055

30 juli 2021

2 400

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

25,380

30 juli 2021

6 500

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

34,600

30 juli 2021

6 000

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

26,375

3 augustus 2021

6 500

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

26,375

4 augustus 2021

2 500

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

34,600

4 augustus 2021

12 500

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

26,375

5 augustus 2021

750

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

34,600

6 augustus 2021

2 400

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

26,055

9 augustus 2021

2 400

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

26,055

11 augustus 2021

1 500

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

34,600

12 augustus 2021

2 500

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

34,600

13 augustus 2021

10 000

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

34,600

16 augustus 2021

144

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

39,426

16 augustus 2021

10 000

Uitoefening opties onder SOP2

Werknemers

28,335

17 augustus 2021

7 500

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

26,055

17 augustus 2021

9 320

Uitoefening opties onder SOP2

Werknemers

28,335

19 augustus 2021

4 000

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

21,450

15 september 2021

6 000

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

25,140

1 oktober 2021

2 100

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

26,055

19 november 2021

10 000

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

34,600

19 november 2021

6 250

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

26,375

7 december 2021

400

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

34,600

8 december 2021

1 125

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

34,600

13 december 2021

3 000

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

21,450

14 december 2021

1 500

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

34,600

16 december 2021

1 500

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

25,140

17 december 2021

7 700

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

25,140

17 december 2021

1 800

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

19,200

17 december 2021

2 400

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

25,380

24 december 2021

300

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

21,450

24 december 2021

2 000

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

26,375

27 december 2021

10 000

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

26,055

28 december 2021

1 800

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

26,055

28 december 2021

2 400

Uitoefening opties onder SOP 2010-2014

Werknemers

25,380

28 december 2021

2 000

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

26,375

28 december 2021

1 125

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

34,600

30 december 2021

5 000

Uitoefening opties onder SOP 2015-2017

Werknemers

34,600

image
image

Op 15 januari 2021 werd een eerste toekenning van 144 708 performance share units onder het Performance Share Plan 2018-2020 gedaan. Daarnaast werd op 19 augustus en 9 september 2021 een halfjaarlijkse toekenning van in totaal 23 066 performance share units gedaan onder het Performance Share Plan 2018-2020. Elke performance share unit geeft de begunstigde recht op een performance share aan de voorwaarden van het Performance Share Plan 2018-2020.

Deze performance share units zijn definitief verworven (‘gevest’) na afloop van een verwervingsperiode van drie jaar, mits het bereiken van vooropgestelde prestatiedoelen. De precieze mate waarin de performance share units definitief verworven (‘gevest’) worden, is afhankelijk van het al dan niet bereiken van deze prestatiedoelen. Indien de vastgelegde minimumdrempel niet behaald wordt, dan is er geen enkele definitieve verwerving (‘vesting’). Bij het bereiken van deze minimumdrempel, zal 50% van de performance share units definitief verworven (‘gevest’) worden; de volledige verwezenlijking van de overeengekomen prestatiedoelen zal leiden tot een ‘par vesting’ van 100% van de performance share units; terwijl er een maximale definitieve verwerving (‘vesting’) zal zijn van 300% van de performance share units indien de werkelijke prestaties gelijk zijn of hoger zijn dan een overeengekomen bovengrens.

Detailgegevens omtrent kapitaal, aandelen, aandelenoptieplannen en performance share plannen zijn te vinden in het Financieel Overzicht (Toelichting 6.13 bij de geconsolideerde jaarrekening).

Dividendbeleid en inkoop eigen aandelen

De Raad van Bestuur zal de op 11 mei 2022 te houden Gewone Algemene Vergadering voorstellen een brutodividend van € 1,50 per aandeel uit te keren.

De Raad van Bestuur herbevestigt het dividendbeleid dat, voor zover de winst het toelaat, een stabiel of groeiend dividend voorziet terwijl een voldoende niveau van kasstroom in de vennootschap wordt behouden voor investeringen en zelffinanciering ter ondersteuning van de groei. Op langere termijn streeft de vennootschap naar een ‘pay-out ratio’ van 40% van het perioderesultaat toerekenbaar aan aandeelhouders van Bekaert.

Op 25 februari 2022, na balansdatum, heeft Bekaert aangekondigd dat de Raad van Bestuur een inkoopprogramma voor eigen aandelen heeft goedgekeurd voor een bedrag van maximaal € 120 miljoen, met opstart in maart 2022. Onder het programma kan Bekaert over een maximale periode van twaalf maanden uitstaande aandelen terugkopen voor een totaalbedrag van ten hoogste € 120 miljoen. Het doel van het programma is het verminderen van het geplaatste aandelenkapitaal van de onderneming. Alle ingekochte aandelen onder dit programma zullen worden vernietigd. Dit programma zal uitgevoerd worden onder de voorwaarden die werden goedgekeurd door Bekaerts Buitengewone Algemene Vergadering van 13 mei 2020. Bekaert zal een beleggingsonderneming aanstellen om de inkoop van aandelen op de open markt uit te voeren tijdens open en gesloten periodes.

Bekaerts referentieaandeelhouder, Stichting Administratiekantoor Bekaert (STAK) en de personen die handelen in onderling overleg met de STAK, hebben de onderneming op de hoogte gebracht dat zij de gepaste maatregelen zullen treffen zodat hun stemrechten in Bekaerts aandelenkapitaal het huidige niveau (36,13%) niet overschrijden tegen het einde van het programma.

in €

2014

2015

2016

2017

2018

2019

2020

2021¹

Totaal brutodividend

0,850

0,900

1,100

1,100

0,700

0,350

1,000

1,500

Nettodividend²

0,638

0,657

0,770

0,770

0,490

0,245

0,700

1,050

Couponnummer

6

7

8

9

10

11

12

13

¹ Dividend onderhevig aan goedkeuring door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders 2022.

² Onderhevig aan de toepasselijke belastingwetgeving.

image
image

Algemene Vergaderingen van Aandeelhouders 2021

De Gewone Algemene Vergadering werd gehouden op 12 mei 2021. Zij werd georganiseerd als een virtuele vergadering in overeenstemming met de beschermingsmaatregelen van Covid-19 en bood de gelegenheid om tijdens de vergadering online in real time te stemmen.

Op 15 juli 2021 werd een Buitengewone Algemene Vergadering gehouden. De vergadering keurde de invoering van dubbel stemrecht niet goed. Bijgevolg blijft het beginsel "één aandeel - één stem" van toepassing voor alle aandeelhouders. De overige voorgestelde wijzigingen van de statuten werden goedgekeurd. De resoluties van de vergaderingen zijn beschikbaar op www.bekaert.com.

Investor Relations

Bekaert wil haar aandeelhouders van transparante financiële informatie voorzien.

Alle aandeelhouders kunnen rekenen op toegang tot informatie en ons engagement om relevante updates over marktontwikkelingen, prestatievoortgang en andere relevante informatie te delen. Alle dergelijke updates zijn online te vinden in het beleggersgedeelte van de website van de vennootschap en worden gepresenteerd in vergaderingen met analisten, aandeelhouders en investeerders. De kalender met investor relations conferences, roadshows en groepsbezoeken bij Bekaert wordt op onze website gepubliceerd.

Bekaert organiseerde op 28 mei 2021 een Capital Markets Day. De Voorzitter van de Raad van Bestuur, de Gedelegeerd Bestuurder, de Chief Financial Officer en de Chief Strategy Officer gaven inzichten over de nieuwe Bekaert strategie en de naar boven bijgestelde middellange termijn guidance voor de vennootschap. De opgenomen webcast is online beschikbaar in de rubriek Investors op www.bekaert.com.

Relevante elementen bij een openbaar overnamebod

Beperkingen van de overdracht van effecten

De statuten bevatten geen beperkingen inzake de overdraagbaarheid van de aandelen, behoudens ingeval van controlewijziging, voor dewelke conform artikel 9 van de statuten de voorafgaande goedkeuring van de Raad van Bestuur moet worden aangevraagd.

Voor het overige zijn de aandelen vrij overdraagbaar.

De Raad van Bestuur is niet op de hoogte van enige wettelijke beperking op de overdracht van aandelen in hoofde van enige aandeelhouder.

Beperkingen van de uitoefening van het stemrecht

Volgens de statuten geeft elk aandeel de houder het recht op één stem. De statuten bevatten geen beperkingen van het stemrecht en iedere aandeelhouder kan zijn stemrecht uitoefenen op voorwaarde dat hij geldig werd toegelaten tot de Algemene Vergadering en dat zijn rechten niet werden geschorst. De regels inzake de toelating tot de Algemene Vergadering zijn opgenomen in het WVV en in de statuten. Krachtens de statuten kan de vennootschap de uitoefening schorsen van rechten verbonden aan effecten die toebehoren aan verscheidene eigenaars.

Niemand kan op een Algemene Vergadering van Aandeelhouders aan een stemming deelnemen voor stemrechten die verbonden zijn aan effecten waarvan hij/zij niet krachtens de wet tijdig kennis heeft gegeven.

De Raad van Bestuur is niet op de hoogte van enige andere wettelijke beperking inzake de uitoefening van het stemrecht.

Aandeelhoudersovereenkomsten

De Raad van Bestuur heeft geen kennis van aandeelhoudersovereenkomsten die aanleiding kunnen geven tot beperking van de overdracht van effecten of van de uitoefening van het stemrecht.

image
image

Benoeming en vervanging van Bestuurders

De statuten en het Bekaert Corporate Governance Charter bevatten specifieke regels inzake de (her)benoeming, vorming en evaluatie van Bestuurders.

De Bestuurders worden voor een maximale duur van vier jaar door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders benoemd, die hen ook te allen tijde kan ontslaan. Een besluit tot benoeming of ontslag behoeft de gewone meerderheid van de stemmen. De kandidaten voor de opdracht van Bestuurder, die deze opdracht nog niet vervuld hebben binnen de vennootschap, moeten ten laatste twee maanden vóór de Gewone Algemene Vergadering de Raad van Bestuur op de hoogte brengen van hun kandidatuur.

Enkel wanneer een plaats van Bestuurder vroegtijdig openvalt, kunnen de overblijvende Bestuurders zelf een nieuwe Bestuurder benoemen (coöpteren). In dat geval zal de eerstvolgende Algemene Vergadering de definitieve benoeming doen.

Het benoemingsproces voor Bestuurders wordt geleid door het Benoemings- en Remuneratiecomité, dat een gemotiveerde aanbeveling doet aan de voltallige Raad van Bestuur. Op basis van deze aanbeveling besluit de Raad van Bestuur welke kandidaten aan de Algemene Vergadering voor benoeming zullen worden voorgedragen. Bestuurders zijn in de regel herbenoembaar voor een onbeperkt aantal termijnen, met dien verstande dat Bestuurders ten tijde van hun initiële benoeming niet jonger mogen zijn dan 30 jaar en niet ouder dan 66 jaar, en ontslag moeten nemen in het jaar waarin zij de leeftijd van 69 jaar bereiken.

Wijziging van de statuten

De statuten kunnen door een Buitengewone Algemene Vergadering worden gewijzigd conform het WVV. Elke wijziging van de statuten vereist een quorum van ten minste 50% van het kapitaal (indien niet aan het quorum wordt voldaan, moet een tweede vergadering met dezelfde agenda worden bijeengeroepen, waarvoor geen quorumvereiste van toepassing is) en een gekwalificeerde meerderheid van 75% van de stemmen die tijdens de vergadering worden uitgebracht (een meerderheid van 80% is van toepassing op wijzigingen van het voorwerp of de doelen van de vennootschap en de verandering van de rechtsvorm van de vennootschap).

Bevoegdheid van de Raad van Bestuur om aandelen uit te geven, te verwerven of over te dragen

De Raad van Bestuur is op grond van Artikel 40 van de statuten gemachtigd om het kapitaal in één of meer malen te verhogen met een maximumbedrag van € 177 793 000. De duur van deze machtiging is beperkt tot vijf jaar vanaf 23 juni 2020, doch is door de Algemene Vergadering hernieuwbaar.

De Raad van Bestuur is tevens uitdrukkelijk gemachtigd door Artikel 40 van de statuten om het kapitaal te verhogen, zelfs na het tijdstip dat de vennootschap de mededeling van FSMA ontvangt dat haar kennis is gegeven van een openbaar overnamebod op de effecten van de vennootschap, binnen de door de toepasselijke wettelijke bepalingen toegestane grenzen. Deze machtiging is geldig met betrekking tot openbare overnamebiedingen waarvan de vennootschap de voornoemde mededeling ontvangt, uiterlijk drie jaar na 13 mei 2020.

De vennootschap kan eigen aandelen of certificaten die daarop betrekking hebben verkrijgen en in pand nemen met inachtneming van de toepasselijke wettelijke voorwaarden.

De Raad van Bestuur is op grond van Artikel 10 van de statuten gemachtigd om, met inachtneming van de toepasselijke wettelijke voorwaarden, eigen aandelen of certificaten die daarop betrekking hebben, te verkrijgen en in pand te nemen, zonder dat het totale aantal eigen aandelen of certificaten die daarop betrekking hebben, dat de vennootschap in toepassing van deze machtiging bezit of in pand heeft 20% van het totale aantal aandelen mag overschrijden, tegen een vergoeding van minstens € 1,00 en hoogstens 30% boven het rekenkundig gemiddelde van de slotkoers van het aandeel van de vennootschap gedurende de laatste dertig beursdagen vóór het besluit van de Raad van Bestuur tot verkrijging van respectievelijk inpandneming. Deze machtiging is toegekend voor een periode van vijf jaar te rekenen van de bekendmaking van 23 juni 2020.

De Raad van Bestuur is ook gemachtigd door Artikel 10 van de statuten om, met inachtneming van de toepasselijke wettelijke voorwaarden, eigen aandelen of certificaten die daarop betrekking hebben, te verkrijgen en in pand te nemen wanneer deze verkrijging respectievelijk inpandneming noodzakelijk is ter voorkoming van een dreigend ernstig nadeel voor de vennootschap, hierin begrepen een openbaar overnamebod op de effecten van de vennootschap. Deze machtiging is toegekend voor een periode van drie jaar te rekenen vanaf 23 juni 2020.

De hierboven uiteengezette machtigingen doen geen afbreuk aan de mogelijkheden, overeenkomstig de toepasselijke wettelijke bepalingen, voor de Raad van Bestuur om

image
image

eigen aandelen en certificaten die erop betrekking hebben, te verkrijgen of in pand te nemen indien daartoe geen statutaire machtiging of machtiging van de Algemene Vergadering vereist is.

De Raad van Bestuur is op grond van Artikel 10 van de statuten gemachtigd om alle of een gedeelte van de verworven eigen aandelen of certificaten die daarop betrekking hebben, te vernietigen.

De vennootschap kan eigen aandelen, winstbewijzen of certificaten die daarop betrekking hebben, slechts vervreemden met inachtneming van de toepasselijke wettelijke voorwaarden.

De Raad van Bestuur is op grond van Artikel 11 van de statuten gemachtigd om, met inachtneming van de toepasselijke wettelijke voorwaarden, eigen aandelen, winstbewijzen of certificaten die daarop betrekking hebben, te vervreemden aan één of meer bepaalde personen andere dan het personeel.

De Raad van Bestuur is door Artikel 11 van de statuten gemachtigd om, met inachtneming van de toepasselijke wettelijke voorwaarden, eigen aandelen, winstbewijzen of certificaten die daarop betrekking hebben, te vervreemden ter vermijding van ernstig dreigend nadeel voor de vennootschap, hierin begrepen een openbaar overnamebod op de effecten van de vennootschap. Deze machtiging is toegekend voor een periode van drie jaar vanaf 23 juni 2020.

De hierboven uiteengezette machtigingen doen geen afbreuk aan de mogelijkheden, overeenkomstig de toepasselijke wettelijke bepalingen, voor de Raad van Bestuur om eigen aandelen, winstbewijzen en certificaten die erop betrekking hebben, te vervreemden indien daartoe geen statutaire machtiging of machtiging van de Algemene Vergadering vereist is.

De bevoegdheden van de Raad van Bestuur zijn in detail beschreven in de toepasselijke wettelijke bepalingen terzake, de statuten en het Bekaert Corporate Governance Charter.

Wijziging van controle

De vennootschap is partij bij een aantal belangrijke overeenkomsten die in werking treden, wijzigingen ondergaan of aflopen in geval van een wijziging van controle over de vennootschap, al dan niet na een openbaar overnamebod.

In de mate waarin op grond van deze overeenkomsten aan derden rechten worden toegekend die een aanzienlijke invloed hebben op het vermogen van de vennootschap, dan wel een aanzienlijke schuld of verplichting te haren laste doen ontstaan, werden

deze rechten, conform artikel 7:151 van het WVV, goedgekeurd door de Bijzondere Algemene Vergaderingen van 13 april 2006, 16 april 2008, 15 april 2009, 14 april 2010 en 7 april 2011 en door de Gewone Algemene Vergaderingen van 9 mei 2012, 8 mei 2013, 14 mei 2014, 13 mei 2015, 11 mei 2016, 10 mei 2017, 9 mei 2018, 8 mei 2019, 13 mei 2020 en 12 mei 2021; de notulen van deze vergaderingen werden neergelegd bij de griffie van de rechtbank van koophandel van Gent, afdeling Kortrijk op 14 april 2006, 18 april 2008, 17 april 2009, 16 april 2010, 15 april 2011, 30 mei 2012, 23 mei 2013, 20 juni 2014 ,19 mei 2015, 18 mei 2016, 2 juni 2017, 7 februari 2019, 23 mei 2019, 23 juni 2020 en 24 juni 2021 respectievelijk en zijn beschikbaar op www.bekaert.com.

Het betreft in hoofdzaak jointventure-overeenkomsten (die de relaties tussen partijen in het kader van een gemeenschappelijke dochtervennootschap omschrijven), overeenkomsten waarbij door financiële instellingen, particuliere investeerders of andere investeerders geldmiddelen ter beschikking van de vennootschap of van één van haar dochtervennootschappen worden gesteld, en overeenkomsten tot levering van goederen of diensten door of aan de vennootschap. Elk van deze overeenkomsten bevat clausules die, ingeval van wijziging van de controle van de vennootschap, de wederpartij in bepaalde gevallen en onder bepaalde voorwaarden het recht verlenen om de overeenkomst vervroegd te beëindigen, en in het geval van een financiële overeenkomst tevens de vervroegde terugbetaling van de ter beschikking gestelde geldmiddelen te eisen. In het geval van jointventure-overeenkomsten wordt voorzien dat, in het geval van controlewijziging van de vennootschap, de wederpartij de participatie van de vennootschap in de joint venture kan verwerven (met uitzondering van de Chinese vennootschappen, waarbij partijen in overleg dienen te bepalen of een partij de joint venture alleen voortzet, waarna deze de participatie van de andere partij moet kopen), waarbij de waarde tegen dewelke de participatie alsdan is over te dragen wordt bepaald in functie van contractuele formules die beogen een overdracht tegen een arm’s length prijs te verzekeren.

Overige elementen

De vennootschap heeft geen effecten uitgegeven waaraan bijzondere zeggenschapsrechten verbonden zijn.

De zeggenschapsrechten verbonden aan de door de werknemers ingevolge de langetermijnincentiveplannen te verwerven aandelen worden rechtstreeks door de betrokken werknemers uitgeoefend.

Tussen de vennootschap en haar Bestuurders of werknemers zijn geen overeenkomsten gesloten die in vergoedingen voorzien wanneer, naar aanleiding van een openbaar overnamebod, de Bestuurders ontslag nemen of zonder geldige reden moeten afvloeien of de tewerkstelling van de werknemers beëindigd wordt.

image
image

Controle en ERM

Interne controle- en risicobeheersingssystemen in verband met de voorbereiding van de geconsolideerde jaarrekening

De volgende beschrijving van Bekaerts interne controle en risicobeheerssystemen is gebaseerd op de “Internal Control Integrated Framework” (1992) en de “Enterprise Risk Management Framework” (2004), gepubliceerd door het Committee of Sponsoring Organizations of the Treadway Commission (“COSO”).

De Raad van Bestuur heeft een kader goedgekeurd voor interne controle en risicobeheer voor de vennootschap en de Groep dat werd opgesteld door het BGE, en controleert de implementatie daarvan. Het Audit, Risk en Finance Comité controleert de doeltreffendheid van de interne controle- en risicobeheersingssystemen, om ervoor te zorgen dat de belangrijkste risico’s correct worden geïdentificeerd, beheerd en bekendgemaakt volgens het door de Raad van Bestuur aangenomen kader. Het Audit, Risk en Finance Comité doet ook aanbevelingen aan de Raad van Bestuur in dit opzicht.

Controleomgeving

De organisatie van de diensten boekhouding en controle bestaat uit drie niveaus: (i) het boekhoudkundige team in de verschillende juridische entiteiten of gedeelde dienstencentra, verantwoordelijk voor de voorbereiding en de rapportering van de financiële informatie, (ii) de controllers op de verschillende niveaus in de organisatie (zoals fabriek en regio), verantwoordelijk voor o.a. het nazicht van de financiële informatie in hun verantwoordelijkheidsdomein, en (iii) de dienst Group Finance, verantwoordelijk voor het finale nazicht van de financiële informatie van de verschillende juridische entiteiten en voor de voorbereiding van de geconsolideerde jaarrekening.

In december 2021 werd het nieuwe Finance Operating Model aangekondigd. In dit nieuwe model (i) worden de gedeelde dienstencentra opgenomen in overkoepelende Global Business Services (GBS), met als doel hun prestaties naar een hoger niveau te tillen, (ii) wordt een profiel van Financial Controller ingevoerd, die onder meer

verantwoordelijk is voor de financiële staten van de juridische entiteiten en (iii) worden de rollen en verantwoordelijkheden van de plant controllers opgesplitst en geconcentreerd in (a) Operations Finance, die zich in de eerste plaats bezighoudt met de bedrijfskosten, de voorraden, het gebruik van activa en alle domeinen van Manufacturing Excellence, (b) Commercial Finance, die zich bezighoudt met de inkomsten en de brutomarge met de daarmee verband houdende analyse van de prijszetting en de doeltreffendheid van de verkooporganisatie, en (c) Financial Planning and Analysis (FP&A), die zich bezighoudt met de bedrijfsresultaten, toekomstgerichte budgetten en prognoses. De implementatie van het nieuwe model zal in 2022 plaatsvinden.

Naast bovengemelde gestructureerde controles voert de afdeling Interne Audit een risicogebaseerd programma uit om de doeltreffendheid van de interne controle in de verschillende processen op het niveau van de juridische entiteiten te valideren en een betrouwbare financiële rapportering te verzekeren.

De geconsolideerde jaarrekening van Bekaert is opgemaakt in overeenstemming met de “International Financial Reporting Standards” (IFRS), onderschreven door de Europese Unie. Die jaarrekening is eveneens conform de IFRS uitgegeven door de “International Accounting Standards Board”.

Alle IFRS-boekhoudnormen, richtlijnen en interpretaties, toe te passen door alle juridische entiteiten, zijn gegroepeerd in het handboek Bekaert Accounting Manual, dat voor alle werknemers die betrokken zijn bij de financiële rapportering beschikbaar is op het intranet van Bekaert. Dit handboek wordt regelmatig aangepast door Group Finance ingeval van relevante wijzigingen in IFRS, of interpretaties ervan, en de gebruikers worden van elke dergelijke wijziging op de hoogte gebracht. IFRS-opleidingen vinden plaats in de verschillende regio’s wanneer dit noodzakelijk of geschikt geacht wordt. E-learningmodules over IFRS worden ook beschikbaar gesteld door Group Finance om individuele training te bieden.

De meeste groepsvennootschappen gebruiken het globale ERP-systeem (Enterprise Resource Planning) van Bekaert; de boekhoudkundige transacties worden ingeboekt in een uniform rekeningenstelsel, waarbij boekhoudkundige manuals de standaardmanier van boeken voor de meest relevante transacties beschrijven. Deze boekhoudkundige manuals worden aan de gebruikers toegelicht tijdens opleidingssessies en zijn beschikbaar op het intranet van Bekaert.

Alle groepsvennootschappen gebruiken dezelfde software om de financiële gegevens te rapporteren voor consolidatie en externe rapporteringsdoeleinden. Een rapporterings-manual is beschikbaar op het intranet van Bekaert en trainingen vinden plaats wanneer dit noodzakelijk of geschikt geacht wordt.

image
image

Risicobeheer

Er worden geschikte maatregelen genomen om een tijdige en kwalitatieve rapportering te garanderen en om de potentiële risico’s die gerelateerd zijn aan het financieel rapporteringsproces te beperken, met inbegrip van (i) goede coördinatie tussen de diensten Groepscommunicatie en Group Finance, (ii) zorgvuldige planning van alle activiteiten, met inbegrip van verantwoordelijken en timing, (iii) richtlijnen verdeeld door Group Finance naar de verantwoordelijken vóór de kwartaal-rapportering, met inbegrip van relevante aandachtspunten en (iv) opvolging en terugkoppeling van de stiptheid, kwaliteit en aandachtspunten om te streven naar continue verbetering.

Materiële wijzigingen aan de IFRS-boekhoudnormen worden gecoördineerd door Group Finance, nagezien door de commissaris, gerapporteerd aan het Audit, Risk en Finance Comité en aan de Raad van Bestuur van de vennootschap meegedeeld.

Materiële wijzigingen aan de statutaire boekhoudnormen van een groepsvennootschap worden goedgekeurd door diens Raad van Bestuur.

Controleactiviteiten

De correcte toepassing van de boekhoudnormen door de juridische entiteiten zoals beschreven in de boekhoudkundige manual van Bekaert, zowel als de juistheid, de consistentie en de volledigheid van de gerapporteerde informatie, worden op een permanente basis nagezien door de controle organisatie (zoals hierboven omschreven).

Bijkomend worden alle relevante entiteiten op periodieke basis gecontroleerd door de afdeling Interne Audit. Voor de meest belangrijke onderliggende processen (verkoop, aankoop, investeringen, thesaurie, enz.) bestaan er richtlijnen en procedures.

In het ERP-systeem wordt nauw toezicht gehouden op mogelijke conflicten met betrekking tot scheiding van verantwoordelijkheden.

Informatie en communicatie

Bekaert heeft in de meeste groepsvennootschappen een globaal ERP-systeemplatform ingevoerd om de efficiente verwerking van transacties te ondersteunen en het management te voorzien van transparante en betrouwbare informatie om de operationele activiteiten te beheren, te controleren en te sturen.

De voorziening van diensten van informatie-technologie om deze systemen te laten lopen, te onderhouden en te ontwikkelen, is in grote mate uitbesteed aan professionele toeleveranciers van IT-diensten die gestuurd en gecontroleerd worden door geëigende 

IT-controlestructuren en waarvan de kwaliteit bewaakt wordt door uitgebreide dienstverleningscontracten.

Samen met haar IT-leveranciers heeft Bekaert adequate managementprocessen geïmplementeerd om te verzekeren dat geschikte maatregelen op dagelijkse basis getroffen worden om de prestaties, de beschikbaarheid en de integriteit van haar IT-systemen te behouden. Op regelmatige ogenblikken wordt de geschiktheid van deze procedures nagetrokken en geauditeerd en waar nodig verder geoptimaliseerd.

Gepaste toewijzing van verantwoordelijkheden, en coördinatie tussen de betrokken afdelingen, verzekeren een efficiënt en stipt communicatieproces van periodieke financiële informatie naar de markt. Voor het eerste en het derde kwartaal wordt een trading update gepubliceerd, terwijl alle relevante financiële informatie op halfjaarlijkse en op jaarlijkse basis wordt bekendgemaakt. Vóór de externe rapportering is de verkoops- en financiële informatie onderhevig aan (i) de gepaste controles door de bovenvermelde controleorganisatie, (ii) nazicht door het Audit, Risk en Finance Comité, en (iii) goedkeuring door de Raad van Bestuur van de vennootschap.

Opvolging

Elke beduidende wijziging aan de IFRS-boekhoudnormen die door Bekaert toegepast worden, wordt onderworpen aan nazicht door het Audit, Risk en Finance Comité en goedkeuring door de Raad van Bestuur van de vennootschap.

De leden van de Raad van Bestuur worden op periodieke basis op de hoogte gehouden van de evolutie en belangrijke wijzigingen in de onderliggende IFRS-standaarden. Alle relevante financiële informatie wordt toegelicht aan het Audit, Risk en Finance Comité en de Raad van Bestuur om hen in staat te stellen de jaarrekening te analyseren. Alle gerelateerde persberichten worden goedgekeurd vóór hun verspreiding naar de markt.

Relevante bevindingen van de afdeling Interne Audit en/of de commissaris in verband met de toepassing van de boekhoudnormen, alsook van de richtlijnen en procedures, en scheiding van verantwoordelijkheden worden gerapporteerd aan het Audit, Risk en Finance Comité.

Er wordt ook een periodieke thesaurie-update voorgelegd aan het Audit, Risk en Finance Comité.

Er is een procedure van kracht om het gepaste bestuursorgaan van de vennootschap op korte termijn samen te roepen wanneer de omstandigheden het nodig achten.

image
image

Algemene interne controle en ERM

De Raad van Bestuur heeft de Bekaert Gedragscode goedgekeurd, die voor het eerst uitgegeven werd op 1 december 2004 en in oktober 2020 voor het laatst werd aangepast. De Gedragscode bepaalt de Bekaert missie en waarden,evenals de basisprincipes van hoe Bekaert zaken wenst te doen.

Implementatie van de Gedragscode is verplicht voor alle dochtervennootschappen van de Groep en alle kaderleden en bedienden vernieuwen jaarlijks hun engagement. De procedure voor het melden van integriteitskwesties (klokkenluidersregeling) versterkt en ondersteunt de implementatie ervan. De Gedragscode maakt als Appendix 3 deel uit van het Bekaert Corporate Governance Charter en is beschikbaar op www.bekaert.com.

Meer gedetailleerde beleidsplannen en richtlijnen worden opgemaakt indien nodig om de consistente toepassing van de Gedragscode over de hele Groep te verzekeren.

Bekaerts interne controlemodel bestaat uit een reeks groepsprocedures voor de algemene bedrijfsprocessen en is wereldwijd van toepassing. Bekaert heeft diverse middelen om de effectiviteit en efficiëntie van het ontwerp en de werking van het interne controlemodel constant te bewaken.

De afdeling Interne Audit en Risicobeheer ziet toe op de interne controle en risico’s op basis van een algemeen kader en brengt op elke vergadering verslag uit aan het Audit, Risk en Finance Comité.  De afdeling Compliance brengt op elke vergadering van het Audit, Risk en Finance Comité verslag uit over compliance aangelegenheden.

Het BGE evalueert regelmatig de blootstelling van de Groep aan risico’s, de potentiële financiële impact hiervan en de acties om de blootstelling te beheren, beperken en controleren.

Op verzoek van de Raad van Bestuur en het Audit, Risk en Finance Comité heeft het management een kader voor permanent globaal enterprise risk management (ERM) ontwikkeld om de Groep bij te staan bij het beheren van onzekerheid in Bekaerts waardecreatieproces.

Het kader bestaat uit de identificatie, beoordeling en prioritering van de belangrijkste risico’s waarmee Bekaert geconfronteerd wordt en van de voortdurende rapportage en controle van die belangrijke risico’s (waaronder de ontwikkeling en implementatie van risicobeperkende plannen).

De risico’s worden geïdentificeerd in zeven risicocategorieën: strategische risico’s, risico’s betreffende mensen/organisatie, operationele risico’s, juridische/compliance risico’s, financiële risico’s, corporate risico’s en geopolitieke/landspecifieke risico’s. De geïdentificeerde risico’s worden geclassificeerd op twee assen: waarschijnlijkheid en impact of gevolg.

Er worden beslissingen genomen en actieplannen bepaald om de geïdentificeerde risico’s te beperken. Ook de evolutie van de risico-gevoeligheid (afname, toename, stabiel) wordt geëvalueerd.

Hieronder staan de belangrijkste risico’s opgenomen in het ERM-rapport 2021 van Bekaert, dat werd gerapporteerd aan het Audit, Risk en Finance Comité en de Raad van Bestuur.

Noot: dit 2021 ERM rapport, met risico-evaluatie en -matrix, werd niet aangepast met de verhoogde risico’s van de situatie in Oekraïne na balansdatum. Deze verhoogde risico’s omvatten de potentiële impact op vraagveranderingen, onderbrekingen in de toeleveringsketen, kredietrisico’s en andere. Bekaert heeft een crisisteam aangesteld om de situatie op dagelijkse basis op te volgen, zodat de mogelijke impact op de onderneming grondig wordt ingeschat en beperkt.

GRI 102-11

image
image

Risicodefinitie

Beperkende maatregelen

Trend

Strategische risico’s

Bekaert wordt blootgesteld aan risico’s die voortvloeien uit invloeden op de vraag door economische crisissen

Aanzienlijke veranderingen in de vraag kunnen invloed hebben op sectoren die relevant zijn voor Bekaert, zoals bandenmarkten, energie- en nutsmarkten, en de mijnbouw-, bouw- en infrastructuursectoren.


Zo kan een crisis of recessie leiden tot een aanzienlijke daling van de vraag door een zwak consumentenvertrouwen en uitgestelde investeringen. De resulterende upstream en downstream overcapaciteit kan leiden tot prijserosie in de hele toe-
leveringsketen. Zo hebben de COVID-pandemie en het wereldwijde tekort aan
microchips onlangs de vraag in OEM en andere sectoren beïnvloed. Het prijsniveau van olie en mineralen heeft invloed op het investeringsniveau van de extractie-
activiteiten en creëert een opwaarts of neerwaarts vraageffect voor producten en diensten die door Bekaert in de olie- en mijnbouwmarkten worden aangeboden.

Strategisch gezien maakt de aanwezigheid van Bekaert in verschillende sectoren en regio’s het bedrijf veerkrachtiger voor land- of sectorspecifieke trends.


De nieuwe strategie van Bekaert houdt rekening met de kansen en uitdagingen die uit de megatrends voortvloeien.


Bekaerts innovatiedrijfveer is een concurrentievoordeel bij het proactief ontwikkelen van oplossingen voor de huidige en toekomstige marktbehoeften.


De inspanningen van het bedrijf op het gebied van onderzoek en innovatie richten zich op de verwachte technologische verschuivingen naar duurzamere oplossingen. Dit omvat onder andere producten en diensten die oplossingen bieden voor nieuwe

mobiliteit, hernieuwbare energie, koolstofarme bouwmaterialen en lichtgewicht- en recycleerbare materialen in het algemeen.

Bekaert wordt blootgesteld aan mogelijke

technologiewissels

Aanzienlijke technologische veranderingen kunnen invloed hebben op sectoren die relevant zijn voor Bekaert, zoals bandenmarkten, energie- en nutsmarkten, en de mijnbouw-, bouw- en infrastructuursectoren.


Het streven naar duurzame energiebronnen en milieuvriendelijke materialen kan de perspectieven van de olie- en gasindustrie en de mijnbouwindustrie in de toekomst beïnvloeden.

Uitbreidingsinvesteringen worden blootgesteld aan risico’s van het leveren van het verwachte rendement

Investeringen in organische uitbreiding zijn onderhevig aan risico’s van vertraging en kostenoverschrijdingen als gevolg van onvoorziene hinder en als zodanig kan het verwachte rendement van dergelijke projecten mogelijk niet binnen de beoogde termijn worden bereikt.


Potentiële fusie- en overnameprojecten, groter in omvang en dus met een hoger risicopotentieel indien de verwachte rendementen niet worden behaald, brengen het extra risico met zich mee van het verwerven of fuseren van bedrijven die niet strategisch bij Bekaert passen.


De veronderstellingen die voor organische en anorganische businesscases (marktomstandigheden, bewegingen van concurrenten, ...) worden gebruikt, kunnen het rendement op de gemaakte investeringen veranderen en beïnvloeden. Grote investeringen met een vertraging in het genereren van het verwachte rendement kunnen de kaspositie en financieringskosten van het bedrijf beïnvloeden.

Bekaert heeft een rigoureus kapitaaltoewijzingskader geïmplementeerd met gedetailleerde criteria en een nauwgezet beheer, dat een kwaliteitslijn van verdedigingsmaatregelen biedt bij een gedisciplineerde voorbereiding, uitvoering en opvolging van

groeiprojecten.


De risicotrend voor organische investeringen neemt af.


De risicotrend voor anorganische investeringen kan toenemen naargelang de omvang van de overwogen fusies en overnames, maar is in 2021 niet gematerialiseerd.






Mensen/

organisatie

Bekaert wordt blootgesteld aan bepaalde risico’s op de arbeidsmarkt

Een concurrerende arbeidsmarkt kan leiden tot tekorten aan specifieke talentcapaciteiten, vooral in markten waar de talentenpool schaars is en waar onze kantoren en/of fabrieken zich op afgelegen plaatsen bevinden.


Dit kan leiden tot kosteninflatie of kan de bedrijfscontinuïteit beïnvloeden

Bekaert heeft een kader voor strategische talentpools ontwikkeld en heeft een analyse van de vaardigheidskloof uitgevoerd ten opzichte van de belangrijkste capaciteiten die het bedrijf wil ontwikkelen. Er is een benchmarkonderzoek naar vergoedingen en secundaire arbeidsvoorwaarden uitgevoerd voor de cruciale functiegroepen. Talentwerving en leiderschapsprogramma’s staan hoog op de agenda. Initiatieven en doelen voor diversiteit en inclusie worden ingevoerd om deze prestaties structureel te verbeteren.

Toenemend

Afnemend

Stabiel

imageimageimageimageimageimage
image
image

Risicodefinitie

Beperkende maatregelen

Trend

Operationele risico's

Bronafhankelijkheid kan de bedrijfsactiviteiten en winstgevendheid van Bekaert aantasten

Bekaert is onderhevig aan de risico’s van voortdurende veranderingen in het handelsbeleid wereldwijd en door handelsspanningen tussen specifieke landen en regio’s.


Bekaert is ook onderhevig aan verstoringen in toeleveringsketens als gevolg van
tekorten aan grondstoffen en logistieke diensten. Verhoogde bronafhankelijkheid
kan een impact hebben op de bedrijfscontinuïteit van Bekaert op bepaalde locaties
en op de winstgevendheid, als gevolg van verhoogde kosten en invoerrechten.

De wereldwijde aanwezigheid van Bekaert vermindert het risico op bronafhankelijkheid en gebrek aan alternatieven om de bedrijfsactiviteiten voort te zetten, mocht één bron niet kunnen leveren of te duur worden.


Bekaerts proactieve aanpak van risicobeheer voor leveranciers vermindert de waarschijnlijkheid en impact van het risico.


Als onderdeel van de focus van de Groep op prijszettingsdiscipline, is het doorrekenen van kosteninflatie in de verkoopprijzen een prioriteitsgebied om de winstgevendheid te waarborgen.

Bekaert is onderworpen aan strenge milieuwetten

Bekaert is onderworpen aan milieuwetten en -voorschriften, die over de hele wereld strenger worden. Wijzigingen in het beleid kunnen de milieuaansprakelijkheid van het bedrijf verhogen.

Preventie en risicobeheer spelen een belangrijke rol in Bekaerts milieubeleid. Dit omvat maatregelen tegen bodem- en grondwaterverontreiniging, verantwoord gebruik van water en een wereldwijde ISO14001-certificering. De wereldwijde procedure van Bekaert om voorzorgsmaatregelen tegen verontreiniging van bodem en grondwater (ProSoil) te verzekeren, wordt voortdurend gecontroleerd in verband met regelgeving, ISOcertificering, beste werkwijzen en daadwerkelijke implementatie.


Bekaert is onderworpen aan cyberbeveiligingsrisico's

Veel operationele activiteiten van Bekaert zijn afhankelijk van IT-systemen die ontwikkeld zijn en onderhouden worden door interne en externe experten. Thuiswerk heeft het aantal eindpuntapparaten en verbindingskanalen uitgebreid. Een cyberaanval op kritieke IT-systemen kan de bedrijfscontinuïteit van Bekaert onderbreken en de winstgevendheid aantasten. Het kan ook leiden tot risico’s in verband met gegevensprivacy en vertrouwelijkheid.

Bekaert implementeert een stappenplan voor cyberbeveiliging om het risico te verminderen. Dit omvat het opzetten van een Security Governance-model en voortdurende verbeteringen aan cyberbeveiligingsoplossingen, respons- en herstelcapaciteit en het managen van nieuwe-generatie dreigingen.

Juridische/

nalevings-

risico’s

Bekaert wordt blootgesteld aan risico’s op het gebied van regelgeving en naleving

Als globale onderneming is Bekaert onderworpen aan vele wetten en voorschriften in alle landen waar het actief is of zaken doet. Dergelijke wet- en regelgeving wordt steeds complexer, strenger en verandert sneller en vaker dan voorheen. Deze talrijke wetten en voorschriften omvatten, onder andere, gegevensprivacyvereisten (zoals de Europese Algemene Verordening Gegevensbescherming en California Consumer Privacy Act), wetten inzake intellectuele eigendom, arbeidsrelatiewetten, belastingwetgeving, antimededingingsregels, import- en handelsbeperkingen (bijvoorbeeld het handelsbeleid in de VS en de EU), uitwisselingswetten, antiomkoping- en anticorruptievoorschriften. Nalevingsacties kunnen extra kosten of investeringen vereisen die een negatieve invloed op de winstprestaties van de groep kunnen hebben. Bovendien is er, gezien het hoge niveau van complexiteit van deze wetten, ook het risico dat Bekaert sommige bepalingen onbedoeld niet (tijdig) naleeft. Schendingen kunnen leiden tot boetes, strafrechtelijke sancties, het stoppen van zakelijke activiteiten en een reputatierisico.

Bekaert stuurt naleving van wet- en regelgeving via een Compliance Committee dat de acties die nodig zijn om naleving te garanderen, controleert en beheert. De Bekaert Gedragscode heeft een klokkenluidersprocedure en alle managers en bedienden wereldwijd onderschrijven jaarlijks hun engagement ten aanzien van de Code na het slagen in een verplichte test.


Het bedrijf organiseert regelmatig trainingen over anti-omkoping, antitrust, veiligheid en andere juridische bewustzijnskwesties.

Het niet voldoende beschermen van de intellectuele eigendommen van Bekaert kan de business en bedrijfsresultaten schaden

Lekken van intellectuele eigendom kunnen Bekaert schaden en de concurrentie
helpen, zowel op het vlak van productontwikkeling, procesinnovatie en machinebouw. Bekaert kan niet garanderen dat er tegen haar intellectuele eigendom geen bezwaar zal worden gemaakt, dat het niet zal worden geschonden of omzeild door derden.
Bovendien kan Bekaert misschien geen octrooitoestemming verkrijgen, octrooiregistratie voltooien of dergelijke octrooien beschermen, wat een wezenlijke en negatieve invloed op onze bedrijfspositie kan hebben.

Aan het einde van 2021 had Bekaert ongeveer 1900 patenten en patentrechten in portefeuille. Bekaert initieert ook procedures wegen octrooiinbreuk tegen concurrenten in geval dergelijke inbreuken worden vastgesteld of gemeld.

Toenemend

Afnemend

Stabiel

imageimageimageimageimageimage
image
image

Risicodefinitie

Beperkende maatregelen

Trend

Financiële

risico’s

Bekaert wordt blootgesteld aan een valutarisico dat een invloed kan hebben op de resultaten en financiële positie

De activa, inkomsten, opbrengsten en kasstromen van Bekaert worden beïnvloed door bewegingen in wisselkoersen van verschillende valuta’s. Het valutarisico van de Groep kan in twee categorieën worden gesplitst: translatierisico en transactioneel valuta-
risico. Een translatierisico ontstaat wanneer de financiële gegevens van buitenlandse dochtervennootschappen worden omgezet in de consolidatievaluta van de Groep, de euro. De Groep wordt ook blootgesteld aan transactionele valutarisico’s als gevolg van investerings-, financierings-, verkoop- en operationele activiteiten.

Bekaert heeft een indekkingsbeleid om de impact van wisselkoersrisico’s te beperken.

Bekaert wordt blootgesteld aan een kredietrisico op haar contractuele en handelspartners

Bekaert is onderworpen aan het risico dat commerciële tegenpartijen hun uitstaande betalingen vertragen of niet nakomen. Hoewel Bekaert een kredietbeleid heeft dat
rekening houdt met de risicoprofielen van de klanten en de markten waartoe zij
behoren, kan dit beleid het kredietrisico niet volledig uitsluiten. Dit risico kan gevolgen hebben voor de kaspositie en de winstgevendheid van de Groep. Bekaert heeft een kredietverzekeringspolis om dergelijke risico’s te beperken.


Bekaert had de afgelopen jaren niet te maken met verhoogde voorzieningen voor oninbare schulden of faillissementen van klanten die leidden tot afschrijvingen van oninbare schulden.

Bekaert heeft oplossingen voor risicooverdracht om dergelijke risico’s te beperken.


De groep heeft ook haar kredietprocedures en acties versterkt bij het begin van de COVID-19-pandemie, dewelke het liquiditeitsrisico in veel markten en van bepaalde klanten verhoogde.

Bekaert wordt blootgesteld aan bepaalde landspecifieke risico’s met politieke en economische instabiliteit

In Venezuela zijn de activiteiten van Bekaert de afgelopen jaren beïnvloed door tekorten aan grondstoffen, stroomvoorziening en de extreme devaluatie van de valuta.

Ondanks de politieke en monetaire instabiliteit slaagde Bekaert erin de eigendoms-
controle te behouden en het bedrijf operationeel te houden. Het risico van uitstaande gecumuleerde omrekeningsverschillenwordt vermeld in de gedetailleerde jaarrekening onder ‘cruciale beoordelingen’.

Alle activa op Venezolaanse bodem werden sinds 2010 afgewaardeerd om het

uitstaande risico tot een minimum te beperken.

Ongunstige business prestaties of veranderingen in het onderliggende economische klimaat kunnen leiden tot een waardevermindering van activa

In overeenstemming met International Accounting Standards betreffende de afwaardering van activa (d.w.z. IAS36) mogen activa niet worden opgenomen in de financiële rekeningen van een bedrijf aan meer dan de hoogst realiseerbare waarde (d.w.z. bij verkoop of verbruik van de activa). In geval de boekwaarde de realiseerbare waarde overschrijdt, worden de activa afgewaardeerd. Voor meer informatie over de goodwill van Bekaert op de balans (en bijzondere waardeverminderingsverliezen die ermee verband houden), verwijzen we naar toelichting 6.2 (Goodwill) in de Financiële
Verklaringen van dit verslag.

Bekaert onderzoekt regelmatig activagroepen die individueel geen kasstromen genereren (d.w.z. Kasstroom Genererende Eenheden (Cash Generating Units, CGU's) en meer specifiek CGU’s waaraan goodwill wordt toegewezen. De onderneming heeft geen aanvullende risico’s geïdentificeerd in het boekjaar 2021.

Risico op gebeurtenissen of verliezen die onverzekerbaar, niet verzekerd of niet volledig verzekerd zijn

Er gelden beperkingen voor de verzekeringsdekking van de meeste risico’s en de verzekeringspremiekosten stijgen gestaag. Dit brengt een risico op nietverzekerde verliezen en hogere kosten met zich mee.

Bekaert richt zich op operationeel risicobeheer om de risico’s te verminderen en is voortdurend op zoek naar nieuwe en alternatieve verzekeringsoplossingen om de impact te verminderen.

Toenemend

Afnemend

Stabiel

imageimageimageimageimageimage
image
image

Risicodefinitie

Beperkende maatregelen

Trend

Financiële

risico’s

Volatiliteit van de walsdraadprijzen en energieprijzen kan tot marge-erosie leiden

Walsdraad, de belangrijkste grondstof van Bekaert, wordt gekocht van staalfabrieken van over de hele wereld. Walsdraad vertegenwoordigt ongeveer 50% van de kostprijs van verkopen. Als Bekaert er niet in slaagt om de verhoging van kosten tijdig aan klanten door te rekenen, kan dit een negatieve invloed op de winstmarges van Bekaert hebben. Ook de tegengestelde prijstrend houdt winstrisico’s in: als grondstoffenprijzen

aanzienlijk dalen en Bekaert hoger geprijsd materiaal op voorraad heeft, kan de winstgevendheid worden getroffen door (niet-cash) voorraadwaarderingscorrecties op de balansdatum van een rapportageperiode.


Als Bekaert er niet in slaagt om de verhoging van kosten tijdig aan klanten door te rekenen, kan volatiliteit van de energieprijzen ook een negatieve invloed op de winstmarges van Bekaert hebben.

In principe worden prijsbewegingen zo snel mogelijk doorgerekend in de verkoopprijzen, via contractueel overeengekomen prijsmechanismen of via individuele onderhandelingen. Bekaert heeft ook nieuwe hulpmiddelen om het risico te beperken. Dit omvat tools voor prijsbepaling en kapitaaltoewijzing.

Bekaert wordt blootgesteld aan fiscale risico's

De internationale aard van de activiteiten van Bekaert en de snel veranderende internationale fiscale omgeving omvatten een aantal fiscale risico’s. Bekaert is onderworpen aan verschillende belastingwetten in veel landen. Bekaert probeert haar activiteiten op een fiscaal efficiënte manier te structureren, met inachtneming van de toepasselijke belastingwetten en -voorschriften. Dit sluit het risico niet uit dat een dochteronderneming van Bekaert hogere belastingverplichtingen kan oplopen dan verwacht, wat een negatieve invloed kan hebben op de effectieve belastingvoet, de bedrijfsresultaten en de financiële positie.


Dochtervennootschappen van Bekaert kunnen onderworpen worden aan door de overheid opgelegde belastingcontroles. Dergelijke onderzoeken zijn de afgelopen jaren regelmatiger geworden en kunnen tot hogere advieskosten en extra verplichtingen leiden.

Hoewel ondersteund door belastingadviseurs en -specialisten, kan Bekaert niet garanderen dat wijzigingen in belastingwetgeving, afwijkende interpretaties en inconsistente

handhaving een negatieve invloed kunnen hebben op de effectieve belastingvoet, de bedrijfsresultaten en de financiële toestand van Bekaert. Bekaert streeft ernaar om voorzieningen (per entiteit) te erkennen voor potentiële belastingverplichtingen.

Geopolitieke/landspecifieke

risico’s

Bekaert wordt geconfronteerd met risico’s van activa- en winstconcentratie

Hoewel Bekaert een echte globale onderneming is met een wereldwijd netwerk van productieplatformen en verkoop- en distributiekantoren, waardoor de activa- en winstconcentratie tot een minimum wordt beperkt, wordt het toch geconfronteerd met een risico op activa en winstconcentratie op bepaalde locaties (zoals Jiangyin, China). In geval van een groot politiek, sociaal of activaschade-incident zou het risico op concentratie van activa en winst zich kunnen voordoen.

Als onderdeel van een businesscontinuïteitsplan heeft Bekaert maatregelen ingevoerd om dit risico te verminderen door middel van back-up  scenario’s en leveringsgoedkeuringen vanuit andere locaties.

Risico van pandemieën

De impact van de COVID-19-pandemie hangt af van een breed scala aan factoren, inclusief de duur en omvang van de pandemie, de getroffen geografische gebieden, de sociale impact, het effect ervan op de economische activiteit en de aard en ernst van maatregelen die door overheden worden genomen om de verdere verspreiding van het virus te beperken; inclusief beperkingen op zakelijke activiteiten en reizen, beperkingen op grote bijeenkomsten en de verplichting om zichzelf te isoleren.

Bekaert implementeerde in 2020 een crisisbeheersplan en een bestuursmodel om de COVID-19-pandemiecrisis te beheersen. Hierbij lag de focus op het beschermen van de gezondheid en veiligheid van onze werknemers, het beschermen van onze klanten en onze business, het verzekeren van financiële kracht, het identificeren en nastreven van kansen die voortvloeien uit de crisis en het in staat stellen van de organisatie om

met onduidelijke situaties om te gaan. In 2021 werden de uit de crisis voortgekomen maatregelen versterkt in de permanente functie en business governance.

Toenemend

Afnemend

Stabiel

imageimageimageimageimageimage
image
image

Een doeltreffend kader voor interne controle en ERM is noodzakelijk om een redelijke zekerheid te kunnen geven omtrent de financiële rapportering van Bekaert en om fraude te voorkomen. Interne controle op financiële rapportering kan niet alle fouten voorkomen of opsporen, wegens beperkingen eigen aan de controle, zoals mogelijke menselijke fouten, het misleiden of omzeilen van controles of fraude. Daarom kan een effectieve interne controle enkel een redelijke garantie bieden voor de voorbereiding en de correcte voorstelling van de financiële informatie. Het niet oppikken van een fout als gevolg van menselijke fouten, het misleiden of omzeilen van controles of fraude kan een negatieve invloed hebben op de reputatie en de financiële resultaten van Bekaert. Dit kan er ook toe leiden dat Bekaert niet voldoet aan haar lopende verplichtingen voor openbaarmaking

Risicodefinitie

Beperkende maatregelen

Trend

Geopolitieke/landspecifieke

risico’s

Risico op fysieke schade, businessonderbreking en/of verstoring van de toeleveringsketen

Schade veroorzaakt door de impact van klimaatverandering (zware regen/over-
stromingen, droogte/watertekorten, hoge omgevingstemperaturen, bosbranden,
extreme stormen/windschade) kan de continuïteit van Bekaerts activiteiten op de getroffen locaties beïnvloeden.

Bekaert beoordeelt de mogelijke impact van klimaatverandering en implementeert aanpassingsmaatregelen zoals adequate waterafvoer en/of -toevoer, bescherming tegen overstromingen, voorziening van adequate brandbestrijdingsfaciliteiten,

programma’s voor minimalisering van watergebruik en voorzieningen voor de

werkomstandigheden van werknemers in het geval van hoge temperaturen in de
zomermaanden.

Groep

Ondermaatse prestaties op het gebied van duurzaamheidsdoelstellingen

Ondermaatse prestaties op het gebied van duurzaamheidsdoelstellingen kunnen ook reputatieschade veroorzaken en de positie van Bekaert als voorkeurspartner voor klanten en beleggers beïnvloeden.

Bekaert heeft een nieuwe duurzaamheidsstrategie uitgewerkt die onze duurzaamheids-
prestaties zal verbeteren. Onze milieudoelstellingen, die zijn afgestemd op het Science-

Based Targets-initiatief, zijn ambitieus en zullen worden geïmplementeerd volgens een stappenplan dat door de Raad van Bestuur is goedgekeurd.

Toenemend

Afnemend

Stabiel

imageimageimageimageimageimage

Financieel Overzicht

image
image

Geconsolideerde jaarrekening

Geconsolideerde winst-en-verliesrekening

in duizend € - Jaren afgesloten per 31 december

Toelichting

2020

2021

Omzet

5.1

3 772 374

4 839 659

Kostprijs van verkopen

5.2

-3 214 056

-3 953 752

Marge op omzet

5.2

558 318

885 907

Commerciële kosten

5.2

-167 141

-186 239

Administratieve kosten

5.2

-133 526

-161 091

Kosten voor onderzoek en ontwikkeling

5.2

-52 361

-59 537

Andere bedrijfsopbrengsten

5.2

84 659

62 940

Andere bedrijfskosten

5.2

-33 422

-28 894

Bedrijfsresultaat (EBIT)

5.2

256 527

513 086

waarvan

EBIT - Onderliggend

5.2 / 5.3

272 244

514 617

Eenmalige elementen

5.2

-15 717

-1 531

Renteopbrengsten

5.4

3 386

3 260

Rentelasten

5.4

-59 554

-44 480

Overige financiële opbrengsten en lasten

5.5

-30 165

4 430

Resultaat vóór belastingen

170 194

476 296

Winstbelastingen

5.6

-56 513

-133 296

Resultaat na belastingen (geconsolideerde ondernemingen)

113 682

343 000

Aandeel in het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen

5.7

34 355

107 619

PERIODERESULTAAT

148 037

450 620

Toerekenbaar aan

aandeelhouders van Bekaert

134 687

406 977

minderheidsbelangen van derden

6.15

13 350

43 643

Winst per aandeel

in € per aandeel

5.8

2020

2021

Perioderesultaat toerekenbaar aan aandeelhouders van Bekaert

Basisberekening

2,382

7,140

Na verwateringseffect

2,266

7,063

De bijgevoegde toelichtingen maken integraal deel uit van deze winst-en-verliesrekening.

image
image

Geconsolideerd overzicht van het volledig perioderesultaat

in duizend € - Jaren afgesloten per 31 december

Toelichting

2020

2021

Perioderesultaat

148 037

450 620

Andere elementen van het resultaat

6.14

Andere elementen van het resultaat die later geherclassificeerd kunnen worden naar de winst-en-verliesrekening

Omrekeningsverschillen

Omrekeningsverschillen van de periode m.b.t. dochterondernemingen

-80 879

89 514

Omrekeningsverschillen van de periode m.b.t. joint ventures en geassocieerde ondernemingen

-38 134

1 647

Overboekingen naar de winst-en-verliesrekening ingevolge afstotingen of gefaseerde overnames van entiteiten

-2 987

Andere elementen van het resultaat die later geherclassificeerd kunnen worden naar de winst-en-verliesrekening, na belastingen

-119 013

88 173

Andere elementen van het resultaat die later niet geherclassificeerd kunnen worden naar de winst-en-verliesrekening

Herwaarderingen van de nettoverplichting m.b.t. toegezegdpensioenregelingen

2 497

47 351

Nettowijziging in reële waarde van deelnemingen aangemerkt als tegen reële waarde via eigen vermogen

250

5 882

Aandeel in niet-herclassificeerbare andere elementen van het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen

4

3

Uitgestelde belastingen met betrekking tot andere elementen van het resultaat die later niet geherclassificeerd kunnen worden naar de winst-en-verliesrekening

6.7

-1 024

-3 500

Andere elementen van het resultaat die later niet geherclassificeerd kunnen worden naar de winst-en-verliesrekening, na belastingen

1 727

49 736

Andere elementen van het resultaat (opgenomen in het eigen vermogen)

-117 286

137 909

VOLLEDIG PERIODERESULTAAT

30 751

588 529

Toerekenbaar aan

aandeelhouders van Bekaert

23 233

545 660

minderheidsbelangen van derden

6.15

7 518

42 869

De bijgevoegde toelichtingen maken integraal deel uit van deze winst-en-verliesrekening.

image
image

Geconsolideerd balans

Activa per 31 december

in duizend €

Toelichting

2020

2021

Immateriële activa

6.1

54 664

61 440

Goodwill

6.2

149 398

150 674

Materiële vaste activa

6.3

1 191 781

1 253 857

Recht-op-gebruik (RoU) vaste activa

6.4

132 607

132 073

Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen

6.5

123 981

188 661

Overige vaste activa

6.6

45 830

65 886

Uitgestelde belastingvorderingen

6.7

124 243

119 599

Vaste activa

1 822 503

1 972 189

Voorraden

6.8

683 477

1 121 219

Ontvangen bankwissels

6.8

54 039

41 274

Handelsvorderingen

6.8

587 619

750 666

Overige vorderingen

6.9 / 6.21

101 330

157 005

Geldbeleggingen

6.10

50 077

80 058

Geldmiddelen en kasequivalenten

6.10

940 416

677 270

Overige vlottende activa

6.11

41 898

42 272

Activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop

6.12

6 740

1 803

Vlottende activa

2 465 597

2 871 567

Totaal

4 288 100

4 843 756


image
image

Passiva per 31 december

in duizend €

Toelichting

2020

2021

Kapitaal

6.13

177 812

177 923

Uitgiftepremies

37 884

38 850

Overgedragen resultaten

6.14

1 614 781

1 984 791

Eigen aandelen

6.14

-106 148

-95 517

Overige Groepsreserves

6.14

-276 448

-136 495

Eigen vermogen toerekenbaar aan aandeelhouders van Bekaert

1 447 880

1 969 551

Minderheidsbelangen

6.15

87 175

130 971

Eigen vermogen

1 535 055

2 100 522

Voorzieningen voor personeelsbeloningen

6.16

130 948

77 659

Overige voorzieningen

6.17

25 166

23 311

Rentedragende schulden

6.18

968 076

953 581

Overige verplichtingen op meer dan een jaar

6.19

1 231

844

Uitgestelde belastingverplichtingen

6.7

38 337

51 979

Verplichtingen op meer dan een jaar

1 163 759

1 107 375

Rentedragende schulden

6.18

641 655

237 742

Handelsschulden

6.8

668 422

1 062 185

Personeelsbeloningen

6.8 / 6.16

149 793

177 159

Overige voorzieningen

6.17

11 421

4 392

Verplichtingen met betrekking tot winstbelastingen

6.21

53 543

86 131

Overige verplichtingen op ten hoogste een jaar

6.20

64 451

68 249

Verplichtingen verbonden met activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop

6.12

Verplichtingen op ten hoogste een jaar

1 589 286

1 635 859

Totaal

4 288 100

4 843 756

De bijgevoegde toelichtingen maken integraal deel uit van deze balans.



image
image

Geconsolideerd mutatieoverzicht van het eigen vermogen


Toewijsbaar aan aandeelhouders van Bekaert ¹

in duizend €

Kapitaal

Uitgifte-premies

Overge-dragen resultaten

Eigen aandelen

Gecumu-leerde omreke-nings-verschillen

Herwaar-derings-reserve voor niet-geconsoli-deerde deel-nemingen

Herwaar-derings-reserve voor DB-regelingen

Uitge-stelde-belasting-reserve

Totaal

Minder-heids-belangen ²

Totaal eigen vermogen

Saldo per 1 januari 2020

177 793

37 751

1 492 022

-107 463

-113 964

-12 117

-67 016

28 104

1 435 110

96 430

1 531 540

Perioderesultaat

134 687

134 687

13 350

148 037

Andere elementen van het resultaat

-113 858

250

3 473

-1 319

-111 454

-5 832

-117 286

Effect van aankoop minderheidsbelangen ³

-467

-467

-8 503

-8 970

In eigenvermogens-instrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen

8 556

8 556

8 556

Uitgifte nieuwe aandelen

19

133

152

152

Transacties eigen aandelen

-231

1 314

1 083

1 083

Dividenden

-19 787

-19 787

-8 270

-28 057

Saldo per 31 december 2020

177 812

37 884

1 614 780

-106 149

-227 822

-11 867

-63 543

26 785

1 447 880

87 175

1 535 055


¹ Zie toelichting 6.14. ‘Overgedragen resultaten en overige Groepsreserves’.

² Zie toelichting 6.15. ‘Minderheidsbelangen’.

³ In februari 2020 werd de uitkoop van Continental in Bekaert Slatina SRL door verwerving van Conti’s 20% minderheidsbelangen afgerond. Er werd een vergoeding van € 9,0 miljoen betaald.

image
image

Toewijsbaar aan aandeelhouders van Bekaert ¹

in duizend €

Kapitaal

Uitgifte-premies

Overge-dragen resultaten

Eigen aandelen

Gecumu-leerde omreke-nings-verschillen

Herwaar-derings-reserve voor niet-geconsoli-deerde deel-nemingen

Herwaar-derings-reserve voor DB-regelingen

Uitge-stelde-belasting-reserve

Totaal

Minder-heids-belangen ²

Totaal eigen vermogen

Saldo per 1 januari 2021

177 812

37 884

1 614 780

-106 149

-227 822

-11 867

-63 543

26 785

1 447 880

87 175

1 535 055

Perioderesultaat

406 977

406 977

43 643

450 620

Andere elementen van het resultaat

89 370

5 882

46 753

-3 321

138 683

-774

137 909

Kapitaalverhogingen door minderheidsbelangen

3 975

3 975

Overige wijzigingen in Groepsstructuur ⁴

-2 220

1 270

-951

3 601

2 650

In eigenvermogens-instrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen

15 261

15 261

15 261

Uitgifte nieuwe aandelen

111

966

1 077

1 077

Transacties eigen aandelen

6 787

10 631

17 419

17 419

Dividenden

-56 795

-56 795

-6 649

-63 444

Saldo per 31 december 2021

177 923

38 850

1 984 791

-95 517

-137 183

-5 986

-16 790

23 464

1 969 551

130 971

2 100 522

¹ Zie toelichting 6.14. ‘Overgedragen resultaten en overige Groepsreserves’.

² Zie toelichting 6.15. ‘Minderheidsbelangen’.

In juli 2021 heeft Almasa haar fabrieken in Barranquilla, Colombië in natura ingebracht in het eigen vermogen van Productora de Alambres Colombianos - Proalco. Daardoor is het Groepsbelang van Proalco verwaterd van 80% tot 40%.


image
image

Geconsolideerd kasstroomoverzicht

in duizend € - Jaren afgesloten per 31 december

Toelichting

2020

2021

Bedrijfsactiviteiten

Bedrijfsresultaat (EBIT)

5.2 / 5.3

256 527

513 086

Posten zonder kasstroomeffect verwerkt in het bedrijfsresultaat

7.1

270 417

190 222

Investeringsposten verwerkt in het bedrijfsresultaat

7.1

-38 626

-23 234

Gebruikte bedragen van voorzieningen voor personeelsbeloningen en overige voorzieningen

7.1

-50 756

-50 340

Betaalde winstbelastingen

5.6 / 7.1

-56 504

-92 737

Brutokasstromen uit bedrijfsactiviteiten

381 059

536 997

Wijzigingen in operationeel werkkapitaal

6.8

124 419

-119 773

Overige bedrijfskasstromen

7.1

-556

-32 620

Nettokasstroom uit bedrijfsactiviteiten

504 921

384 604

Investeringsactiviteiten

Nieuwe bedrijfscombinaties

7.2

-978

Andere verwervingen van deelnemingen

7.1

-863

Inkomsten uit verkoop van deelnemingen

-66

Ontvangen dividenden

6.5

25 324

24 858

Aankopen immateriële activa

6.1

-3 214

-12 852

Aankopen materiële vaste activa

6.3

-104 477

-143 753

Inkomsten uit verkoop van vaste activa

7.1

52 136

36 752

Nettokasstroom uit investeringsactiviteiten

-31 209

-95 924

Financieringsactiviteiten

Ontvangen rente

5.4

3 076

3 474

Betaalde rente

5.4

-42 864

-35 170

Betaalde brutodividenden aan aandeelhouders van NV Bekaert SA

-19 787

-56 795

Betaalde brutodividenden aan minderheidsbelangen

-5 953

-6 761

Inkomsten uit rentedragende langetermijnschulden

6.18

201 309

23 649

Aflossing van rentedragende langetermijnschulden

6.18

-247 673

-439 823

Kasstromen m.b.t. rentedragende kortetermijnschulden

6.18

41 358

-43 328

Transacties eigen aandelen

6.13

1 084

17 419

Verkopen en verwervingen van minderheidsbelangen

7.1

-8 970

Overige financieringskasstromen

7.1

-4 319

-29 747

Nettokasstroom uit financieringsactiviteiten

-82 741

-567 082

image
image

Toename of afname (-) in geldmiddelen en kasequivalenten

390 972

-278 401

Geldmiddelen en kasequivalenten - begin van de periode

566 176

940 416

Effect van wisselkoersfluctuaties

-16 731

15 255

Geldmiddelen en kasequivalenten - einde van de periode

940 416

677 270

De bijgevoegde toelichtingen maken integraal deel uit van deze winst-en-verliesrekening.



image
image

Toelichtingen bij de geconsolideerde jaarrekening

1. Algemene informatie

NV Bekaert SA (de ‘Onderneming’) is een onderneming die in België is opgericht en gedomicilieerd. De Onderneming is een wereldmarkt- en technologisch leider in staaldraadtransformatie en deklaagtechnologieën. De geconsolideerde jaarrekening van de Onderneming omvat de Onderneming en haar dochterondernemingen (samen verder de ‘Groep’ of ‘Bekaert’ genoemd) en het belang van de Groep in joint ventures en geassocieerde ondernemingen gewaardeerd volgens de equity-methode. De geconsolideerde jaarrekening werd door de Raad van Bestuur van de Onderneming vrijgegeven voor publicatie op 18 maart 2022.

2. Samenvatting van de belangrijkste grondslagen voor de financiële verslaggeving

2.1. Conformiteitsverslag

De geconsolideerde jaarrekening werd opgesteld in overeenstemming met en voldoet aan de International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals aanvaard binnen de Europese Unie.

Nieuwe en gewijzigde standaarden en interpretaties

Standaarden, interpretaties en aanpassingen die van kracht werden in 2021

In het huidige jaar heeft de Groep de onderstaande aanpassingen aan IFRS standaarden en interpretaties toegepast. Deze werden van kracht voor verslagperiodes die starten op of na 1 januari 2021. De toepassing van deze aanpassingen had geen materiële impact op de toelichtingen noch op de gerapporteerde bedragen in deze jaarrekening.

Aanpassingen aan IFRS 4 ‘Verzekeringen’, toepasbaar voor jaarlijkse periodes die beginnen op of na 1 januari 2021, die de vastgelegde einddatum voor de tijdelijke vrijstelling voor toepassing van IFRS 9 ‘Financiële instrumenten’ in IFRS 4 ‘Verzekeringen’ wijzigt.

Aanpassingen aan IFRS 9, IAS 39, IFRS 7, IFRS 4 en IFRS 16, toepasbaar voor jaarlijkse periodes die beginnen op of na 1 januari 2021, in het kader van fase 2 van de Hervorming van de referentie-rentevoeten.

Aanpassingen aan IFRS 16 ‘Lease-overeenkomsten’, toepasbaar vanaf 1 april 2021, met betrekking tot Covid-19 gerelateerde huurconcessies na 30 juni 2021.

Deze aanpassingen hadden geen impact op de geconsolideerde jaarrekening van de Groep.

image
image

Standaarden, aanpassingen en interpretaties die nog niet van kracht zijn in 2021 en die niet vervroegd toegepast werden

De Groep heeft niet geopteerd voor vervroegde toepassing van overige standaarden, aanpassingen en interpretaties die nog niet van kracht waren in 2021. Verwacht wordt dat deze nieuwe standaarden, aanpassingen aan standaarden en interpretaties, die na 2021 van kracht worden, geen belangrijke effecten op de jaarrekening zullen hebben.

Aanpassingen tot IAS 1 ‘Presentatie van de jaarrekening’ - Classificatie van schulden op korte of lange termijn, met ingangsdatum 1 januari 2023.

Aanpassingen tot IAS 1 ‘Presentatie van de jaarrekening’ - Grondslagen voor financiële verslaggeving, met ingangsdatum 1 januari 2023.

Aanpassingen tot IAS 8 ‘Grondslagen voor financiële verslaggeving, boekhoudkundige schattingen en fouten’ - Definitie van boekhoudkundige schattingen, met ingangsdatum 1 januari 2023.

Aanpassingen tot IAS 12 ‘Winstbelastingen’ - Uitgestelde belastingen gerelateerd aan activa en passiva die voortkomen uit eenzelfde transactie, met ingangsdatum 1 januari 2023.

Aanpassingen tot IAS 16 ‘Materiële vaste activa’ - Opbrengsten voor beoogd gebruik, met ingangsdatum 1 januari 2022.

Aanpassingen tot IAS 37 ‘Voorzieningen, voorwaardelijke activa en verplichtingen’ - Verlieslatende contracten - Kosten van het vervullen van een contract, met ingangsdatum 1 januari 2022.

Aanpassingen tot IFRS 3 ‘Bedrijfscombinaties’ - Verwijzingen naar het Conceptuele Kader, met ingangsdatum 1 januari 2022.

Aanpassingen tot IFRS 17 ‘Verzekeringen’ - Initiële toepassing van IFRS 17 en IFRS 9 - Vergelijkbare informatie, met ingangsdatum 1 januari 2023.

IFRS 17 ‘Verzekeringen’, met ingangsdatum 1 januari 2023.

Jaarlijkse verbeteringen aan IFRS standaarden 2018-2020, met ingangsdatum 1 januari 2022.

De Groep is van plan om deze standaarden en interpretaties, indien toepasselijk, toe te passen wanneer ze van kracht worden.

2.2. Algemene principes

Voorstellingsbasis

De geconsolideerde rekeningen worden voorgesteld in duizend euro (tenzij anders aangegeven), op basis van de historische kostprijsmethode, behalve voor derivaten, financiële activa aangemerkt als tegen reële waarde via OCI en financiële activa aangemerkt als tegen reële waarde via resultaat, die tegen reële waarde worden opgenomen. Financiële activa waarvoor geen prijsnotering voorhanden is in een actieve markt of waarvan de reële waarde niet op een betrouwbare manier kan bepaald worden, worden tegen historische kostprijs gewaardeerd. Tenzij anders vermeld, werden de grondslagen voor financiële verslaggeving consistent met het vorig boekjaar toegepast. De Groep heeft de jaarrekening opgesteld in de veronderstelling dat zij haar activiteiten in continuïteit zal voortzetten.

Consolidatieprincipes

Dochterondernemingen

Dochterondernemingen zijn entiteiten waarover NV Bekaert SA een beslissende invloed (‘zeggenschap’) uitoefent. Dit is het geval wanneer NV Bekaert SA blootgesteld is aan, of recht heeft op, variabele opbrengsten uit haar deelneming in de entiteit en de mogelijkheid heeft om deze opbrengsten te beïnvloeden door haar macht over de entiteit. De jaarrekeningen van dochterondernemingen worden in de geconsolideerde jaarrekening opgenomen vanaf de datum van verwerving tot het einde van de zeggenschap. Over het algemeen wordt aangenomen dat een meerderheid van de stemrechten leidt tot zeggenschap. Om dit vermoeden te staven en wanneer de Groep minder dan een meerderheid van de stemrechten van een deelneming heeft, houdt de Groep rekening met alle relevante feiten en omstandigheden bij het beoordelen of zij macht heeft over een deelneming, waaronder:

De contractuele regeling(en) met de andere stemhouders van de deelneming

Rechten die voortvloeien uit andere contractuele afspraken

De stemrechten en potentiële stemrechten van de Groep

Alle intragroepsverrichtingen, intragroepssaldi en niet-gerealiseerde winsten op intragroepsverrichtingen worden geëlimineerd; niet-gerealiseerde verliezen worden eveneens geëlimineerd tenzij het om permanente waardeverminderingen gaat. Het deel van het eigen vermogen en van het resultaat dat toewijsbaar is aan de minderheidsaandeelhouders wordt afzonderlijk vermeld in de balans, de winst-en-verliesrekening en het geconsolideerd overzicht van het volledig

image
image

perioderesultaat. Wijzigingen in het aandeelhouderschap van de Groep in dochterondernemingen waarbij de Groep de zeggenschap niet verliest, worden verwerkt als eigenvermogentransacties. Daarbij worden de nettoboekwaardes van de Groepsbelangen en van minderheidsbelangen aangepast aan de gewijzigde participatieverhoudingen in deze dochterondernemingen. Verschillen tussen de aanpassing van de minderheidsbelangen en de reële waarde van de betaalde of ontvangen overnamevergoeding worden rechtstreeks opgenomen in het eigen vermogen. Wanneer de Groep de zeggenschap in een dochteronderneming verliest, wordt de winst of het verlies op de afstoting bepaald als het verschil tussen:

de reële waarde van de ontvangen overnamevergoeding plus de reële waarde van het eventueel resterend belang, en

de nettoboekwaarde van de activa (inclusief goodwill), verplichtingen en eventuele minderheidsbelangen in de dochteronderneming vóór haar afstoting.

Alle dochterondernemingen volgen het kalenderjaar als boekjaar, met uitzondering van de Indiase vennootschappen (van april tot maart) en Scheldestroom NV (van oktober tot september). Deze laatste rapporteren wel per kalenderjaar aan de Groep. De dochterondernemingen passen dezelfde grondslagen voor financiële verslaggeving toe als de Groep.

Gezamenlijke overeenkomsten en geassocieerde ondernemingen

Er is sprake van een gezamenlijke overeenkomst wanneer NV Bekaert SA contractueel overeengekomen is om de zeggenschap te delen met een of meerdere partijen, wat enkel het geval is wanneer beslissingen over de relevante activiteiten de unanieme goedkeuring vereisen van de partijen die gezamenlijke zeggenschap hebben. Een gezamenlijke overeenkomst kan behandeld worden als een gezamenlijke activiteit (wanneer NV Bekaert SA rechten op de activa en verbintenissen voor de verplichtingen heeft) of als een gezamenlijke entiteit / joint venture (wanneer NV Bekaert SA enkel recht heeft op het nettoactief). Geassocieerde ondernemingen zijn ondernemingen waarin NV Bekaert SA, rechtstreeks of onrechtstreeks, een invloed van betekenis heeft en die geen dochterondernemingen of gezamenlijke overeenkomsten zijn. Dit is verondersteld het geval te zijn indien de Groep tenminste 20% van de stemrechten verbonden met de aandelen bezit. De opgenomen financiële informatie met betrekking tot deze ondernemingen is opgesteld volgens de grondslagen voor financiële verslaggeving van de Groep. Wanneer de Groep gezamenlijke zeggenschap in een joint venture verwerft of een invloed van betekenis in een geassocieerde onderneming, wordt het aandeel in de verworven activa, verplichtingen en voorwaardelijke verplichtingen initieel geherwaardeerd tegen de reële waarde op de overnamedatum en verwerkt volgens de equity-methode. Indien de overnamevergoeding meer bedraagt dan de reële waarde van het verworven aandeel in de overgenomen activa, verplichtingen en voorwaardelijke verplichtingen wordt

dit verschil als goodwill opgenomen. Goodwill met betrekking tot een geassocieerde onderneming of gezamenlijke entiteit wordt opgenomen in de boekwaarde van de deelneming en wordt niet afzonderlijk getest op bijzondere waardevermindering. Indien de berekende goodwill negatief is, dan wordt dit verschil onmiddellijk in het resultaat verwerkt. Daarna wordt het aandeel van de Groep in het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen overeenkomstig de equity-methode in de geconsolideerde jaarrekening opgenomen tot de dag dat er een einde komt aan de gezamenlijke zeggenschap of de invloed van betekenis. Wanneer het aandeel van de Groep in de verliezen van een joint venture of geassocieerde onderneming groter wordt dan de boekwaarde van de deelneming, wordt de boekwaarde op nul gezet en worden bijkomende verliezen enkel nog opgenomen in de mate dat de Groep bijkomende verplichtingen op zich genomen heeft. Niet-gerealiseerde winsten uit transacties met joint ventures en geassocieerde ondernemingen worden geëlimineerd ten belope van het belang van de Groep tegenover de deelneming in de joint venture of de geassocieerde onderneming. De nettoboekwaarde van deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen wordt opnieuw geëvalueerd indien er indicaties zijn van een bijzondere waardevermindering, of indicaties dat eerder opgenomen bijzondere waardeverminderingen niet langer gerechtvaardigd zijn. Indien dergelijke indicaties aanwezig zijn, berekent de Groep het bedrag van de bijzondere waardevermindering als het verschil tussen de realiseerbare waarde van de geassocieerde onderneming of joint venture en hun boekwaarde, en erkent vervolgens het verlies binnen het 'Aandeel in de resultaat van joint ventures en geassocieerde deelnemingen' in de winst- of verliesrekening. Bij verlies van invloed van betekenis over de geassocieerde deelneming of bij verlies van gezamenlijke zeggenschap over de joint venture, waardeert en erkent de Groep de behouden deelneming tegen reële waarde. Elk verschil tussen de boekwaarde van de geassocieerde onderneming of joint venture bij verlies van invloed van betekenis of gezamenlijke zeggenschap en de reële waarde van de behouden investering en de opbrengst van de vervreemding wordt opgenomen in de winst-en-verliesrekening.

De jaarrekening van de geassocieerde onderneming of joint venture wordt opgesteld volgens de grondslagen van financiële verslaggeving van de Groep en voor dezelfde verslagperiode als de Groep.

Valutaomrekening

Elementen uit de jaarrekening van elk van de Groepsentiteiten worden gewaardeerd in de valuta van de primaire economische omgeving waarin de entiteit werkt (de ‘functionele valuta’). De geconsolideerde jaarrekening wordt voorgesteld in euro, de functionele valuta van de onderneming en tevens de presentatievaluta van de Groep. De jaarrekeningen van buitenlandse dochterondernemingen worden als volgt omgerekend:

image
image

activa en verplichtingen tegen de slotkoers van de Europese Centrale Bank;

opbrengsten, kosten en kasstromen tegen de gemiddelde dagkoers van het jaar;

componenten van het eigen vermogen tegen historische wisselkoers.

Wisselkoersverschillen die ontstaan bij de omrekening van de nettoinvestering in buitenlandse dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde ondernemingen tegen de slotkoers worden in het eigen vermogen opgenomen onder ‘Gecumuleerde omrekeningsverschillen’. Bij verkoop van buitenlandse entiteiten worden de betreffende gecumuleerde omrekeningsverschillen opgenomen in de winst-en-verliesrekening als deel van de gerealiseerde meer- of minwaarde op de verkoop. In de jaarrekening van de moedervennootschap en haar dochterondernemingen worden alle monetaire activa en verplichtingen in vreemde valuta omgerekend tegen de wisselkoers op de balansdatum, wat aanleiding geeft tot niet-gerealiseerde wisselresultaten. Alle gerealiseerde en niet-gerealiseerde koerswinsten en -verliezen worden in de winst-en-verliesrekening opgenomen, behalve wanneer zij opgespaard worden in het eigen vermogen als in aanmerking komende kasstroomafdekkingen en afdekkingen van nettoinvesteringen. Goodwill wordt beschouwd als een actief van de overgenomen partij en wordt daarom verwerkt in de valuta van de overgenomen partij en omgerekend tegen de slotkoers.

Licenties, patenten en soortgelijke rechten

Uitgaven voor aangekochte licenties, patenten, handelsmerken en soortgelijke rechten worden geactiveerd en lineair afgeschreven over de contractuele looptijd, indien van toepassing, of over de geschatte gebruiksduur, die gewoonlijk ingeschat wordt op hoogstens 10 jaar.

Computersoftware

Uitgaven die rechtstreeks verband houden met de aankoop en implementatie van aangekochte ERP-software worden als immateriële activa opgenomen en lineair afgeschreven over 5 jaar.

Commerciële activa

Commerciële activa omvatten vooral klantenlijsten, contracten met klanten en merknamen, meestal verworven in bedrijfscombinaties, en met een gebruiksduur van 8 tot 15 jaar.

Emissierechten

Bij gebrek aan IASB-standaarden en -interpretaties betreffende de administratieve verwerking van CO₂-emissierechten, heeft de Groep de ‘nettobenadering’ gebruikt. Deze methode houdt in dat:

emissierechten worden opgenomen als immateriële activa tegen hun kostprijs (de gratis verkregen rechten worden dus tegen nulwaarde opgenomen); en

indien de werkelijke emissies de opgenomen rechten overtreffen, wordt een verplichting opgenomen tegen de reële waarde van de aan te kopen rechten om het tekort aan te vullen op balansdatum.

Onderzoek en ontwikkeling

Uitgaven voor onderzoeksactiviteiten met het oog op het verwerven van nieuwe wetenschappelijke of technologische kennis of inzichten worden als kosten in de winst-en-verliesrekening opgenomen op het ogenblik dat ze zich voordoen.

Uitgaven voor ontwikkelingsactiviteiten, waarbij onderzoeksresultaten toegepast worden in een plan of ontwerp voor de productie van nieuwe of substantieel verbeterde producten en processen voorafgaand aan commerciële productie of ingebruikname, worden alleen opgenomen in de balans als aan alle onderstaande voorwaarden is voldaan:

het product of proces is nauwkeurig omschreven en de uitgaven zijn afzonderlijk identificeerbaar en op een betrouwbare manier meetbaar;

2.3. Balanselementen

Immateriële activa

Immateriële activa verworven in een bedrijfscombinatie worden initieel gewaardeerd tegen reële waarde; afzonderlijk verworven immateriële activa worden initieel gewaardeerd tegen kostprijs. Na hun initiële opname worden immateriële activa gewaardeerd tegen kostprijs of reële waarde verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en gecumuleerde bijzondere waardeverminderingen. Immateriële activa worden lineair afgeschreven over hun naar best vermogen geschatte gebruiksduur. De afschrijvingsduur en -methode worden elk jaar opnieuw geëvalueerd bij afsluiting van het boekjaar. Een wijziging in de gebruiksduur van een immaterieel actief wordt prospectief verwerkt als een schattingswijziging. Volgens de bepalingen van IAS 38 kunnen immateriële activa een onbepaalde gebruiksduur hebben. Indien de gebruiksduur van een immaterieel actief niet kan worden bepaald, wordt er geen afschrijving opgenomen en wordt het actief minstens jaarlijks geëvalueerd met het oog op een bijzondere waardevermindering.

image
image

de technische haalbaarheid van het product is bewezen;

het product of proces zal gecommercialiseerd worden of binnen de onderneming aangewend worden;

er wordt verwacht dat de activa toekomstige economische voordelen zullen genereren (bv. er bestaat een potentiële markt voor het product of het nut voor interne aanwending is bewezen); en

de nodige technische, financiële en andere middelen zijn aanwezig om het project te finaliseren.

Geactiveerde ontwikkelingskosten worden lineair afgeschreven vanaf de start van de commerciële productie van het product over de verwachte duur van de gegenereerde voordelen. De afschrijvingsduur is normaliter hoogstens tien jaar. Een lopend onderzoeks- en ontwikkelingsproject verworven in een bedrijfscombinatie wordt afzonderlijk van goodwill geactiveerd als zijn reële waarde betrouwbaar kan bepaald worden.

Goodwill en bedrijfscombinaties

Overnames van bedrijven worden verwerkt volgens de overnamemethode. De overgedragen overnamevergoeding in een bedrijfscombinatie wordt gewaardeerd tegen reële waarde, die berekend wordt als de som van de reële waardes op de overnamedatum van de activa afgestaan door de Groep, de verplichtingen opgenomen door de Groep tegenover de vorige eigenaars van de overgenomen activiteit en de participaties afgestaan door de Groep in ruil voor de zeggenschap in de overgenomen partij. Uitgaven in verband met de overname worden opgenomen in het resultaat zodra ze zich voordoen. De identificeerbare overgenomen activa en opgelopen verplichtingen worden opgenomen tegen hun reële waarde op de overnamedatum. Goodwill wordt bepaald als het verschil tussen:

(i) de som van volgende elementen:

de overgedragen overnamevergoeding;

de minderheidsbelangen in de overgenomen partij;

de reële waarde van de (eventuele) participatie die de Groep voorheen had in de overgenomen partij; en

(ii) het saldo van de identificeerbare overgenomen activa min de opgelopen verplichtingen op de overnamedatum. Indien dit verschil, na een grondige evaluatie, negatief blijkt (‘negatieve goodwill’), dan wordt het onmiddellijk in het resultaat opgenomen als een opbrengst uit een voordelige aankoop.

Minderheidsbelangen worden initieel gewaardeerd ofwel tegen reële waarde ofwel tegen hun evenredig aandeel in de opgenomen waarde van de identificeerbare

nettoactiva van de overgenomen partij. Deze waarderingskeuze kan transactie per transactie gemaakt worden. Wanneer de overnamevergoeding die de Groep verschuldigd is bij een bedrijfscombinatie voorwaardelijke vorderingen of verplichtingen omvat, wordt de voorwaardelijke vergoeding gewaardeerd tegen haar reële waarde op de overnamedatum en opgenomen in de overnamevergoeding voor de bedrijfscombinatie. Latere wijzigingen in reële waarde van de voorwaardelijke vergoeding worden opgenomen in het resultaat.

Wanneer een bedrijfscombinatie in fasen tot stand komt, wordt het belang dat de Groep voorheen had in de overgenomen partij geherwaardeerd tegen de reële waarde op de overnamedatum (d.i. de datum waarop de Groep de zeggenschap verwerft), en wordt de eventuele opbrengst of last opgenomen in het resultaat. Bedragen met betrekking tot belangen in de overgenomen partij vóór de overnamedatum die voorheen rechtstreeks opgenomen werden in het eigen vermogen, worden overgedragen naar de winst-en-verliesrekening indien dat ook van toepassing zou zijn bij afstoting van de betreffende belangen.

Bijzondere waardeverminderingen van goodwill

Voor het toetsen op bijzondere waardevermindering wordt goodwill toegewezen aan de kasstroomgenererende eenheden van de Groep waarvan verwacht wordt dat zij voordelen zullen halen uit de synergieën van de bedrijfscombinatie. Kasstroomgenererende eenheden waaraan goodwill is toegewezen, worden jaarlijks getoetst op bijzondere waardeverminderingen. Dit gebeurt ook tussentijds wanneer er aanwijzingen zijn dat de boekwaarde van de eenheid hoger zou kunnen zijn dan de realiseerbare waarde. Indien de realiseerbare waarde van een kasstroomgenererende eenheid lager is dan haar boekwaarde, wordt de bijzondere waardevermindering eerst in mindering gebracht van de boekwaarde van de goodwill die aan de kasstroomgenererende eenheid werd toegewezen. Daarna wordt de bijzondere waardevermindering toegewezen aan de andere vaste activa die tot de eenheid behoren, evenredig met hun boekwaarde. Wanneer een bijzondere waardevermindering voor goodwill eenmaal is opgenomen, wordt deze in een latere periode niet teruggenomen.

Materiële vaste activa

De Groep heeft geopteerd voor het historischekostprijsmodel en niet voor het herwaarderingsmodel. Afzonderlijk verworven materiële vaste activa worden initieel gewaardeerd tegen kostprijs. Materiële vaste activa verworven in een bedrijfscombinatie worden initieel gewaardeerd tegen hun reële waarde, die vanaf dan geldt als hun kostprijs. Activa in aanbouw worden opgenomen tegen kostprijs, na aftrek van eventuele gecumuleerde bijzondere waardeverminderingen. Na hun initiële opname worden materiële vaste activa gewaardeerd tegen kostprijs verminderd met

image
image

gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen. De kostprijs omvat alle directe kosten en uitgaven die opgelopen werden om het actief op de locatie en in de staat te brengen die noodzakelijk is om op de beoogde wijze te functioneren. Financieringskosten die direct toewijsbaar zijn aan de verwerving, bouw of productie van een in aanmerking komend actief worden geactiveerd als deel van de kost van dat actief. Indien belangrijke onderdelen van materiële vaste activa op regelmatige tijdstippen dienen vervangen te worden, worden deze door de Groep afzonderlijk afgeschreven op basis van hun specifieke gebruiksduur. Evenzo wordt de kostprijs van een grote inspectie als vervanging opgenomen in de boekwaarde van de materiële vaste activa op voorwaarde dat aan de opnamecriteria is voldaan. Alle overige reparatie- en onderhoudskosten worden resultaat opgenomen zodra ze zich voordoen.

Materiële vaste activa worden lineair afgeschreven over hun verwachte gebruiksduur, naargelang van hun categorie. De gebruiksduur en de afschrijvingsmethode worden minstens op het einde van elk boekjaar opnieuw geëvalueerd. Tenzij herzien ten gevolge van specifieke wijzigingen in de verwachte gebruiksduur, worden volgende jaarlijkse afschrijvingspercentages toegepast:

terreinen: 0%

gebouwen: 5%

installaties, machines en uitrusting: 8%-25%

testapparatuur voor onderzoek en ontwikkeling: 16.7%-25%

meubilair en rollend materieel: 20%

computermaterieel: 20%

Materiële vaste activa en elk significant onderdeel dat aanvankelijk werd opgenomen in de balans, wordt niet langer opgenomen in de balans bij vervreemding (d.w.z. op de datum waarop de ontvanger zeggenschap verkrijgt) of wanneer er geen toekomstige economische voordelen worden verwacht van het gebruik of de vervreemding. Eventuele winsten of verliezen die voortvloeien uit het niet langer opnemen van het actief (berekend als het verschil tussen de netto-opbrengst van de vervreemding en de boekwaarde van het actief) worden in de geconsolideerde winst-en-verliesrekening opgenomen.

De restwaarden, gebruiksduur en afschrijvingsmethoden van materiële vaste activa worden aan het einde van elk boekjaar herzien en zo nodig prospectief aangepast.

Recht-op-gebruik (RoU) vaste activa

De Groep als leasingnemer

De Groep beoordeelt bij de start van een contract of het contract een lease betreft of een lease bevat. De Groep erkent een recht-op-gebruik actief en een overeenkomstige leaseverplichting voor alle lease-overeenkomsten waarin de Groep leasingnemer is, behalve voor de korte termijn leases (gedefinieerd als leases met een leasetermijn van 12 maanden of minder) of voor leases waar het onderliggend actief een lage waarde heeft (zoals printers, kopieerapparaten en klein kantoormaterieel). Voor deze leases erkent de Groep de leasebetalingen als een operationele kost die lineair wordt gespreid over de leaseperiode.

Het recht-op-gebruik actief bevat de initiële waarde van de overeenkomstige leaseverplichting, leasebetalingen gedaan bij of voor de start van de overeenkomst, na aftrek van eventuele ontvangen lease incentives en eventuele initiële directe kosten.

Ze worden vervolgens gewaardeerd tegen kostprijs verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen. Wanneer de Groep ook een verplichting op zich neemt voor kosten van demontage en verwijdering van geleasde activa, herstel van de site waarop deze zich bevindt of herstel van het onderliggende actief, in de staat vereist door de voorwaarden opgenomen in de lease, wordt een voorziening erkent en gewaardeerd onder IAS 37. Voor zover de kosten betrekking hebben op een recht-op-gebruik actief, worden de kosten opgenomen in de waarde van het gerelateerde recht-op-gebruik actief, tenzij deze kosten worden gemaakt om voorraden te produceren.

Recht-op-gebruik activa worden afgeschreven over de leaseperiode of de gebruiksduur van het onderliggende actief, afhankelijk welke van de twee de kortste periode heeft. Indien een lease-overeenkomst de eigendom van het onderliggende actief overdraagt, of de kosten van het recht-op-gebruik actief recflecteren dat de Groep verwacht om de aankoopoptie uit te oefenen, dan wordt het gerelateerde recht-op-gebruik actief afgeschreven over de gebruiksduur van het onderliggende actief. De gebruiksrechten van terreinen worden lineair afgeschreven over de contractuele periode die kan variëren tussen 30 en 100 jaar, maar die in de meeste gevallen 50 jaar bedraagt. De afschrijving begint op de ingangsdatum van de lease-overeenkomst.

De recht-op-gebruik activa worden gepresenteerd als een afzonderlijke regel in het geconsolideerde overzicht van de financiële positie. De Groep past IAS 36 toe om te bepalen of een recht-op-gebruik actief moet worden afgewaardeerd.

Variabele huur die niet gelinkt is aan een index of intrest is niet opgenomen in de waardering van de leaseverplichting en het recht-op-gebruik actief. De gerelateerde

image
image

betalingen worden opgenomen als een kost in de periode waarin de gebeurtenis of voorwaarde die dergelijke betalingen activeert, plaatsvindt. Als een praktisch hulpmiddel laat IFRS 16 toe dat een leasingnemer geen onderscheid maakt tussen leasecomponenten en non-leasecomponenten, en in plaats daarvan zowel de lease als de geassocieerde non-leasecomponenten als één geheel beschouwd. De Groep heeft deze optie gebruikt voor de contracten met betrekking tot bedrijfswagens en industriële voertuigen, waarbij non-leasecomponenten zoals onderhoud en vervanging van banden niet worden afgezonderd maar inbegrepen zijn in de leasecomponent.

Investeringssubsidies

Investeringssubsidies met betrekking tot de aankoop van materiële vaste activa worden in mindering gebracht van de kostprijs van deze activa. Zij worden in de balans opgenomen tegen hun verwachte waarde op het ogenblik van de initiële goedkeuring en – indien nodig – achteraf gecorrigeerd bij de definitieve toekenning. De subsidie wordt afgeschreven over dezelfde periode als de materiële vaste activa waarvoor de subsidie werd verkregen.

Financiële activa

De Groep classificeert zijn financiële activa in volgende categorieën: gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs, tegen reële waarde via het resultaat (RWvR) of tegen reële waarde via OCI (RWvOCI). De classificatie hangt af van de contractuele karakteristieken van de financiële activa en het bedrijfsmodel waaronder zij worden aangehouden. Management bepaalt de classificatie van haar financiële activa bij de initiële opname.

Financiële activa tegen geamortiseerde kostprijs

Financiële activa worden aangehouden tegen geamortiseerde kostprijs indien het contract de karakteristieken heeft van een basis leningovereenkomst en indien ze werden verworven met de intentie om de contractuele kasstromen te ontvangen tot aan de vervaldatum. De financiële activa die door de Groep gewaardeerd worden tegen geamortiseerde kostprijs bevatten, tenzij anders vermeld, volgende balanselementen: handelsvorderingen en overige vorderingen, ontvangen bankwissels, geldbeleggingen, geldmiddelen en kasequivalenten. Deze worden gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieverentemethode, na aftrek van bijzondere waardeverminderingen.

Een financieel actief (of, indien van toepassing, een deel van een financieel actief of een deel van een groep van vergelijkbare financiële activa) wordt voornamelijk niet langer opgenomen (d.w.z. verwijderd uit de geconsolideerde balans van de Groep) wanneer:

de rechten om kasstromen uit het actief te ontvangen zijn verlopen

de Groep haar rechten om kasstromen uit het actief te ontvangen heeft overgedragen of een verplichting heeft aangegaan om de ontvangen kasstromen zonder wezenlijke vertraging volledig te betalen aan een derde partij in het kader van een ‘pass-through-overeenkomst’; en ofwel (a) de Groep nagenoeg alle risico's en voordelen van het actief heeft overgedragen, of (b) de Groep niet nagenoeg alle risico's en voordelen van het actief heeft overgedragen of behouden, maar de zeggenschap over het actief heeft overgedragen.

Wanneer de Groep haar rechten op het ontvangen van kasstromen uit een actief heeft overgedragen of een pass-through-overeenkomst is aangegaan, evalueert zij of, en in welke mate, zij de risico's en voordelen van eigendom heeft behouden. Wanneer de Groep nagenoeg alle risico's en voordelen van het actief niet heeft overgedragen of behouden, noch de controle over het actief heeft overgedragen, blijft de Groep het overgedragen actief opnemen in de mate van haar aanhoudende betrokkenheid. In dat geval neemt de Groep ook een gerelateerde verplichting op. Het overgedragen actief en de bijbehorende verplichting worden gewaardeerd op een basis die de rechten en verplichtingen weerspiegelt die de Groep heeft behouden.

Voortdurende betrokkenheid in de vorm van een garantie over het overgedragen actief wordt gewaardeerd tegen de laagste van de oorspronkelijke boekwaarde van het actief en het maximale vergoedingsbedrag dat de Groep mogelijks zou moeten terugbetalen.

Financiële activa tegen reële waarde

Andere schuldinstrumenten en alle eigenvermogensinstrumenten worden gewaardeerd tegen reële waarde. Eigenvermogeninstrumenten worden ofwel gewaardeerd tegen reële waarde via het resultaat (RWvR) ofwel tegen reële waarde via OCI (Other Comprehensive Income = andere elementen van het resultaat)(RWvOCI). Deze optie kan instrument per instrument gekozen worden en kan vervolgens niet meer worden teruggedraaid. In principe zal Bekaert haar belangrijkste strategische niet-geconsolideerde eigenvermogensinstrumenten waarderen tegen reële waarde via OCI. Derivaten behoren ook tot de categorie tegen RWvR, tenzij ze aangemerkt werden en effectief zijn als afdekking.

Ontvangen bankwissels

Betaling door middel van bankwissels is een wijdverbreide praktijk in China. Ontvangen bankwissels worden ofwel geïnd op de vervaldag, ofwel verdisconteerd voor de vervaldag, ofwel doorgegeven aan een leverancier als betaling van een schuld. Verdisconteren gebeurt ofwel met, ofwel zonder verhaal. Met verhaal betekent dat de verdisconterende bank terugbetaling kan eisen indien de uitgever zijn verplichting niet nakomt. Wanneer een bankwissel verdisconteerd wordt met verhaal, wordt het

image
image

ontvangen bedrag niet afgeboekt van de uitstaande ontvangen bankwissels, maar wordt een verplichting opgezet onder ‘rentedragende schulden op ten hoogste een jaar’ tot de vervaldag van de wissel.

Geldmiddelen & kasequivalenten en geldbeleggingen

Kasequivalenten en geldbeleggingen zijn kortlopende beleggingen die onmiddellijk kunnen worden omgezet in geldmiddelen waarvan het bedrag gekend is. Zij houden geen significant risico op waardeverandering in. Kasequivalenten zijn in hoge mate liquide en hebben een oorspronkelijke looptijd van hoogstens drie maanden, terwijl geldbeleggingen een oorspronkelijke looptijd van meer dan drie maanden en ten hoogste een jaar hebben. Balansen uit cash pool faciliteiten worden gerapporteerd als geldmiddelen en kasequivalenten. Bankkredieten worden niet gerapporteerd als een vermindering van geldmiddelen en kasequivalenten, maar als rentedragende schulden.

Bijzondere waardevermindering van financiële activa 

Financiële activa die schuldinstrumenten zijn, behalve deze tegen RWvR, worden getoetst op bijzondere waardevermindering volgens het ‘Expected Credit Loss’(ECL)-model. Het bedrag van verwachte kredietverliezen wordt op iedere balansdatum bijgewerkt om wijzigingen in kredietrisico te weerspiegelen sinds de initiële opname van het respectievelijke financiële instrument. Bij de bepaling of het kredietrisico van een financieel actief aanzienlijk is toegenomen sinds initiële opname, en bij de inschatting van ECLs, houdt Bekaert rekening met logische en ondersteunende informatie die relevant en beschikbaar is zonder onnodige extra kosten of moeite. Dit omvat ook kwantitatieve en kwalitatieve informatie uit analyses gebaseerd op historische informatie binnen de Groep, een geïnformeerde kredietbeoordeling met inbegrip van vooruitziende informatie. De Groep neemt steeds levenslange ECLs op voor handelsvorderingen.

Op iedere balansdatum waardeert Bekaert de bijzondere waardevermindering voor financiële activa gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs (bijv. handelsvorderingen en ontvangen bankwissels) als de actuele waarde van de verwachte kastekorten (verdisconteerd aan de originele effectieve rentevoet). Oninbaar geachte bedragen worden afgewaardeerd tegenover de betreffende provisierekening op iedere balansdatum. Bij de beoordeling van een collectieve afwaardering maakt de Groep gebruik van historische informatie over werkelijk geleden verliezen, en corrigeert deze in het geval economische of kredietcondities van dien aard zijn dat de werkelijke verliezen waarschijnlijk groter of kleiner zijn dan gesuggereerd door historische trends. Toevoegingen aan deze provisierekening als terugnames worden gerapporteerd onder ‘commerciële kosten’ in de winst-en-verliesrekening.

Voorraden

Voorraden worden gewaardeerd tegen kostprijs of tegen opbrengstwaarde indien deze lager is. De kostprijs wordt bepaald volgens de FIFO-methode (first-in, first-out). Van geproduceerde voorraden omvat de kostprijs alle directe en indirecte productiekosten die nodig zijn om de goederen tot hun afwerkingsstadium op balansdatum te brengen. De opbrengstwaarde staat gelijk met de geschatte verkoopprijs in normale marktomstandigheden, verminderd met de kosten die nodig zijn voor afwerking en verkoop.

Kapitaal

Bij inkoop van eigen aandelen wordt de aanschaffingsprijs, samen met de direct toewijsbare transactiekosten, opgenomen als een wijziging van het eigen vermogen. Ingekochte eigen aandelen worden in de balans gerapporteerd als een vermindering van het eigen vermogen. Bij annulering of verkoop van eigen aandelen wordt het transactieresultaat opgenomen in de overgedragen resultaten.

Minderheidsbelangen

De minderheidsbelangen vertegenwoordigen het aandeel van de minderheidsaandeelhouders in het eigen vermogen van dochterondernemingen waarin de Groep niet de volle 100% bezit. Minderheidsbelangen worden op de overnamedatum gewaardeerd ofwel tegen hun reële waarde ofwel tegen het evenredig belang van de minderheidsaandeelhouders in de reële waarde van de opgenomen nettoactiva bij verwerving van een dochteronderneming (bedrijfscombinatie). Nadien wordt hun waarde aangepast voor hun evenredig deel in latere winsten of verliezen. De verliezen die toewijsbaar zijn aan minderheidsaandeelhouders in een geconsolideerde dochteronderneming kunnen groter zijn dan hun aandeel in het eigen vermogen van de dochteronderneming. Een evenredig deel van het volledig perioderesultaat wordt toegewezen aan de minderheidsbelangen, ook al wordt het saldo van de minderheidsbelangen daardoor negatief.

Overige voorzieningen

Voorzieningen worden opgenomen in de balans indien de Groep op balansdatum een wettelijke of feitelijke verplichting heeft als gevolg van een gebeurtenis in het verleden, waarvoor het waarschijnlijk nodig zal zijn middelen te besteden die economische voordelen inhouden die op een betrouwbare manier geschat kunnen worden. Elke voorziening is gebaseerd op de beste schatting van de uitgave die nodig is om aan de bestaande verplichting te voldoen op de balansdatum. Indien aangewezen, worden voorzieningen verdisconteerd.

image
image

Herstructurering

Een voorziening voor herstructurering wordt enkel opgenomen wanneer de Groep een gedetailleerd en formeel herstructureringsplan heeft goedgekeurd en de herstructurering ofwel werd aangevat, ofwel publiekelijk werd aangekondigd vóór balansdatum. Voorzieningen voor herstructurering omvatten enkel uitgaven die een rechtstreeks gevolg zijn van de herstructurering en geen verband houden met de lopende activiteiten van de entiteit.

Bodemsanering

Voorzieningen voor bodemsanering met betrekking tot vervuilde terreinen worden opgenomen overeenkomstig het door de Groep gepubliceerde milieubeleid en de vigerende wettelijke bepalingen.

Voorzieningen voor personeelsbeloningen

De moedervennootschap en verschillende van haar dochterondernemingen voorzien in pensioen-, overlijdens- en gezondheidszorgregelingen ten gunste van een belangrijk deel van hun werknemers.

Toegezegdpensioenregelingen

De meeste pensioenregelingen zijn van het type ‘toegezegdpensioen’, en de voordelen zijn afhankelijk van het aantal jaren dienst en het verloningsniveau. Bij toegezegdpensioenregelingen komt het in de balans opgenomen bedrag (de nettoverplichting of -vordering) overeen met de contante waarde van de brutoverplichting, verminderd met de reële waarde van de fondsbeleggingen. De contante waarde van de brutoverplichting van een toegezegdpensioenregeling is de contante waarde, vóór aftrek van de fondsbeleggingen, van de verwachte toekomstige betalingen die vereist zijn om de verplichting af te wikkelen die resulteert uit het dienstverband van de werknemer in de lopende periode en in voorgaande perioden. Voor toegezegdpensioenregelingen worden de contante waarde van de brutoverplichting en de aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten en eventuele pensioenkosten van verstreken diensttijd berekend volgens de projected unit credit-methode. De disconteringsvoet komt overeen met het rendement op balansdatum op hoogwaardige bedrijfsobligaties met een resterende looptijd die vergelijkbaar is met deze van de verplichtingen van de Groep. Wanneer de reële waarde van de fondsbeleggingen groter is dan de contante waarde van de brutoverplichting, wordt de op te nemen nettovordering begrensd tot een maximumbedrag (de asset ceiling). Het maximumbedrag komt overeen met de contante waarde van de economische voordelen die beschikbaar zijn in de vorm van terugbetalingen of verminderingen van toekomstige bijdragen tot de regeling. De nettorente op de nettoverplichting / nettovordering is gebaseerd op dezelfde disconteringsvoet. Actuariële winsten en

verliezen omvatten ervaringsaanpassingen (de gevolgen van verschillen tussen de voorgaande actuariële veronderstellingen en wat zich werkelijk voorgedaan heeft) en de gevolgen van wijzigingen in actuariële veronderstellingen. Pensioenkosten van verstreken diensttijd vertegenwoordigen de wijziging in de contante waarde van de brutoverplichting voor prestaties die in voorgaande perioden door werknemers zijn verricht, en die in de verslagperiode resulteren uit planwijzigingen of inperkingen. Pensioenkosten van verstreken diensttijd worden onmiddellijk opgenomen via het resultaat. Herwaarderingen van de nettoverplichting (-vordering) omvatten (a) actuariële winsten en verliezen, (b) het rendement op de fondsbeleggingen, na aftrek van de bedragen die opgenomen werden in de nettorente op de nettoverplichting (-vordering) en (c) wijzigingen in het effect van de asset ceiling, na aftrek van bedragen die al vervat zitten in de nettorente op de nettoverplichting (-vordering). Herwaarderingen worden onmiddellijk opgenomen via het eigen vermogen. Een afwikkeling is een transactie die alle verdere wettelijke of feitelijke verplichtingen wegneemt voor alle voordelen of een gedeelte van de voordelen voorzien door de toegezegdpensioenregeling, voor zover het niet gaat om een uitkering van voordelen aan, of in naam van, werknemers die beschreven is in de beschikkingen van de regeling en vervat zit in de actuariële veronderstellingen.

In de winst-en-verliesrekening worden de pensioenkosten zowel van het dienstjaar als van verstreken diensttijd, met inbegrip van winsten of verliezen uit afwikkelingen, opgenomen in het bedrijfsresultaat (EBIT), terwijl de nettorente op de nettoverplichting (-vordering) in de rentelasten wordt opgenomen, als rentegedeelte van rentedragende voorzieningen. Brugpensioenregelingen in België en gezondheidszorgregelingen in de Verenigde Staten worden ook verwerkt als toegezegdpensioenregelingen.

Toegezegdebijdragenregelingen

Verplichtingen aangaande bijdragen tot toegezegdebijdragenregelingen worden ten laste van de winst-en-verliesrekening genomen op het ogenblik dat zij ontstaan. In België legt de Belgische pensioenwetgeving een minimumrendement op. Tot voor 2015 werden toegezegdebijdragenregelingen in België in wezen verwerkt als toegezegdebijdragenregelingen. De nieuwe wetgeving die van kracht werd in december 2015 bracht de verplichte kwalificatie als toegezegdpensioenregeling met zich, waardoor er per jaareinde 2016 een actuariële waardering werd uitgevoerd.

Andere langetermijnpersoneelsbeloningen

Andere langetermijnpersoneelsbeloningen zoals jubileumpremies worden verwerkt volgens de projected unit credit-methode. De boekhoudkundige verwerking verschilt echter met die van de vergoedingen na uitdiensttreding, omdat actuariële winsten en verliezen onmiddellijk opgenomen worden via het resultaat.

image
image

Op aandelen gebaseerde betalingen

De Groep kent op aandelen gebaseerde, in eigenvermogensinstrumenten en in geldmiddelen afgewikkelde betalingen toe aan bepaalde werknemers. De plannen in eigenvermogensinstrumenten afgewikkeld kennen aan werknemers van de Groep het recht toe om aandelen van NV Bekaert SA te verwerven. Deze omvatten aandelenoptieplannen (‘SOP’), het prestatieaandelenplan (‘PSP’), het personal shareholding requirement plan (‘PSR’) en aandelengiften, allen geëxploiteerd in België. De plannen in geldmiddelen afgewikkeld kennen werknemers van de Groep een bonus in geldmiddelen toe waarvan het bedrag afhankelijk is van de koers van het Bekaertaandeel op de Euronextbeurs. Share appreciation rights (‘SAR’) en prestatieaandeeleenheden (‘PSU’) zijn van dit type, allen geëxploiteerd buiten België.

In eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen worden opgenomen tegen reële waarde op de toekenningsdatum (zonder rekening te houden met het effect van niet-marktgerelateerde toezeggingsvoorwaarden). De reële waarde op de toekenningsdatum van in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen wordt ten laste genomen van het resultaat met daartegenover een toename van het eigen vermogen. De reële waarde wordt lineair afgeschreven over de wachtperiode tot de definitieve toezegging, gebaseerd op het geschatte aantal aandelenopties van de Groep dat uiteindelijk zal toegezegd worden, en aangepast voor het effect van niet-marktgerelateerde toezeggingsvoorwaarden.

In geldmiddelen afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen worden opgenomen als verplichtingen tegen hun reële waarde, die op elke balansdatum en op de datum van afwikkeling herbepaald wordt. Wijzigingen in de reële waarde worden opgenomen in de winst-en-verliesrekening.

De Groep gebruikt een binomiaal model of Monte Carlo simulaties om de reële waarde van op aandelen gebaseerde betalingen te bepalen.

Rentedragende schulden

Rentedragende schulden omvatten financiële verplichtingen en leningen die initieel opgenomen worden tegen de reële waarde van de ontvangen geldmiddelen, na aftrek van transactiekosten. Later worden ze aangehouden tegen geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieverentemethode. Verschillen tussen het ontvangen bedrag (na aftrek van transactiekosten) en het terug te betalen bedrag op de vervaldatum worden in de winst-en-verliesrekening opgenomen tijdens de duur van de verplichting. Indien financiële verplichtingen afgedekt zijn met behulp van derivaten die als reëlewaardeafdekking worden aangemerkt, worden de afdekkingsinstrumenten gewaardeerd tegen reële waarde en wordt de waardering van de afgedekte posities aangepast voor reëlewaardewijzigingen ten gevolge van het afgedekte risico (zie grondslagen voor financiële verslaggeving over derivaten en afdekking).

Leaseverplichtingen

In de rentedragende schulden zijn ook leaseverplichtingen opgenomen met betrekking tot alle lease-overeenkomsten waarin de Groep optreedt als leasingnemer, behalve voor de korte termijn leases en de leases voor activa met een geringe waarde. De leaseverplichting wordt initieel gewaardeerd als de actuele waarde van de nog niet-betaalde leasebetalingen bij de start van de overeenkomst, verdisconteerd aan de intrest impliciet vermeld in de lease. Indien deze intrest niet gemakkelijk kan worden bepaald, gebruikt de Groep haar marginale rentevoet. De leasebetalingen die zijn inbegrepen in de waardering van de leaseverplichting omvatten:

vaste leasebetalingen, exclusief eventuele te ontvangen lease incentives;

variabele leasebetalingen die gelinkt zijn aan een index of intrest, initieel gewaardeerd aan de index of interest bij de start van de overeenkomst;

het verwachte bedrag dat door de leasingnemer moet worden betaald onder restwaardegaranties;

de uitoefenprijs van aankoopopties in het geval dat de leasingnemer redelijk zeker is deze optie te willen uitoefenen; en

betalingen voor boetes gelinkt aan het beëindigen van een lease, als de leasetermijn het uitoefenen van een dergelijke optie tot beëindigen, reflecteert.

De leaseverplichtingen worden vervolgens gewaardeerd door het verhogen van de boekwaarde voor het weerspiegelen van intrest op de leaseverplichting (met gebruik van de effectieverentemethode) en het verminderen van de boekwaarde voor het weerspiegelen van de gemaakte leasebetalingen. De Groep herwaardeert de leaseverplichting (en maakt een overeenkomstige aanpassing aan het recht-op-gebruik actief) wanneer:

Er een wijziging is aan de leasetermijn, of er is een belangrijke gebeurtenis of wijziging in omstandigheden resulterend in een wijziging in de beoordeling tot uitoefening van een aankoopoptie, waarbij bijgevolg de leaseverplichting wordt geherwaardeerd door het verdisconteren van de herziene leasebetalingen aan een herziene disconteringsvoet.

De leasebetalingen veranderen door een aanpassing aan de index of intrest, of een wijziging in de verwachte betaling, onder een restwaardegarantie, waarbij de leaseverplichting wordt geherwaardeerd door verdiscontering van de herziene leasebetalingen aan een onveranderde disconteringsvoet.

Een lease-overeenkomst wordt gewijzigd en de wijziging wordt niet aanzien als een afzonderlijke lease, waarbij de leaseverplichting wordt geherwaardeerd op basis van de leasetermijn van de herziene lease door verdiscontering van de herziene leasebetalingen aan een herziene disconteringsvoet op de effectieve datum van de herziening.

image
image

Handelsschulden en overige verplichtingen op ten hoogste een jaar

Handelsschulden en overige verplichtingen op ten hoogste een jaar – met uitzondering van derivaten – worden initieel gewaardeerd tegen kostprijs, die overeenkomt met de reële waarde van de te betalen vergoeding, en worden vervolgens gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs.

Winstbelastingen

Winstbelastingen worden ingedeeld in actuele en uitgestelde belastingen. Actuele belastingen omvatten de verwachte, over de verslagperiode verschuldigde belastingen en aanpassingen aan de belastingen van vorige jaren. Tijdens de beoordeling van mogelijke belastingsschulden neemt de Groep aan dat de belastingautoriteiten alle bedragen, waarvoor zij het recht hebben, zullen nakijken en alle gerelateerde informatie ter beschikking hebben tijdens deze controles. De Groep houdt rekening met zowel de inschattingen, beslissingen en uitspraken ontvangen in het kader van belastingscontroles en andere informatiebronnen alsook met andere mogelijke controlemiddelen van belastingautoriteiten. De Groep erkent een schuld indien de Groep oordeelt dat het niet waarschijnlijk is dat de belastingsdiensten de door de Groep ingenomen positie voor de betreffende belastingsbehandeling zal aanvaarden. De Groep berekent de belastingsschuld op basis van de meest waarschijnlijke uitkomst van mogelijke economische uitstromen. De Groep is evenwel van oordeel dat haar positie voor al deze controles verantwoord is.

Uitgestelde belastingen worden volgens de balansmethode berekend op tijdelijke verschillen tussen enerzijds de belastingbasis van activa en verplichtingen en anderzijds hun nettoboekwaarde. Uitgestelde belastingen worden gewaardeerd tegen de belastingtarieven die naar verwachting van toepassing zullen zijn op de belastbare winst in de periode waarin de tijdelijke verschillen gerealiseerd of afgerekend zullen worden, op basis van de belastingtarieven die wettelijk vastliggen of zo goed als vastgelegd zijn op de balansdatum. Uitgestelde belastingvorderingen worden opgenomen in de mate dat het waarschijnlijk is dat er voldoende belastbare winst zal gerealiseerd worden waartegen de tijdelijke verschillen afgezet kunnen worden; dit criterium wordt op elke balansdatum opnieuw geëvalueerd. Uitgestelde belastingen worden ook berekend voor tijdelijke verschillen op deelnemingen in dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde ondernemingen, behalve in het geval dat de Groep kan beslissen over het tijdstip waarop het tijdelijk verschil teruggedraaid wordt en het onwaarschijnlijk is dat het tijdelijk verschil teruggedraaid wordt in de nabije toekomst.

Derivaten, afdekking en afdekkingsreserve

De Groep gebruikt derivaten om valuta- en renterisico’s af te dekken die voortvloeien uit bedrijfs-, financierings- en investeringsactiviteiten. Het nettorisico

van alle dochterondernemingen van de Groep wordt centraal beheerd door de Groepsdienst Thesaurie in overeenstemming met de doelstellingen en regels die door het management vastgelegd werden. Het is de politiek van de Groep om geen speculatieve transacties of transacties met een hefboomeffect aan te gaan.

Derivaten worden initieel opgenomen en ook nadien gewaardeerd tegen reële waarde. De reële waarde van verhandelde derivaten is hun marktwaarde. Indien er geen marktwaarde beschikbaar is, wordt de reële waarde berekend op basis van gekende financiële waarderingsmodellen, gebaseerd op relevante marktkoersen op de balansdatum.

De Groep past hedge accounting toe in overeenstemming met IFRS 9 om de volatiliteit in de winst-en-verliesrekening te beperken. Afhankelijk van de aard van het afgedekte risico wordt een onderscheid gemaakt tussen reëlewaardeafdekkingen, kasstroomafdekkingen en afdekkingen van nettoinvesteringen in buitenlandse entiteiten.

Reëlewaardeafdekkingen zijn afdekkingen van het risico van veranderingen in de reële waarde van opgenomen activa en verplichtingen. De derivaten die aangemerkt werden als reëlewaardeafdekkingen worden gewaardeerd tegen reële waarde, en de waardering van hun afgedekte posities (activa of verplichtingen) wordt aangepast voor wijzigingen in reële waarde ten gevolge van het afgedekte risico. De overeenkomstige veranderingen in reële waarde worden opgenomen in de winst-en-verliesrekening. Wanneer een afdekking niet langer zeer effectief blijkt, wordt de hedge accounting stopgezet en wordt de aanpassing aan de boekwaarde van het afgedekte rentedragende financieel instrument gradueel opgenomen in de winst-en-verliesrekening tot op de vervaldag van de afgedekte positie.

Kasstroomafdekkingen zijn afdekkingen van de variabiliteit van toekomstige kasstromen die verband houden met opgenomen activa of verplichtingen, zeer waarschijnlijke verwachte toekomstige transacties, of het valutarisico op niet-opgenomen vaststaande toezeggingen. Veranderingen in de reële waarde van een afdekkingsinstrument dat voldoet als zeer effectieve kasstroomafdekking worden in het eigen vermogen opgenomen, meer bepaald in de afdekkingsreserve. Het niet-effectieve deel ervan wordt onmiddellijk in de winst-en-verliesrekening opgenomen. Ingeval de afgedekte kasstroom resulteert in de opname van een niet-financieel actief of een niet-financiële verplichting, worden de voorheen in het eigen vermogen opgenomen gecumuleerde winsten en verliezen op het derivaat overgeboekt uit het eigen vermogen en opgenomen in de initiële waardering van de kostprijs of de boekwaarde van het actief of de verplichting. Bij alle andere kasstroomafdekkingen worden de gecumuleerde winsten en verliezen op het derivaat overgeboekt van de afdekkingsreserve naar de winst-en-verliesrekening op het ogenblik dat de afgedekte

image
image

vaststaande toezegging of de voorziene transactie resulteert in het opnemen van een winst of een verlies. Zodra een afdekking niet langer zeer effectief blijkt, wordt de hedge accounting prospectief stopgezet. In dit geval blijven de gecumuleerde winsten en verliezen op het afdekkingsinstrument opgespaard in het eigen vermogen tot de toegezegde of voorziene transactie zich voordoet. Wanneer verwacht wordt dat een voorziene transactie zich niet meer zal voordoen, worden de gecumuleerde winsten en verliezen overgeboekt van het eigen vermogen naar de winst-en-verliesrekening.

Indien een netto-investering in een buitenlandse entiteit wordt afgedekt, worden alle winsten en verliezen met betrekking tot het effectieve deel van het afdekkingsinstrument, samen met de winsten en verliezen als gevolg van de omrekening van de afgedekte investering, onmiddellijk opgenomen in het eigen vermogen. Winsten en verliezen op het niet-effectieve deel worden onmiddellijk opgenomen in de winst-en-verliesrekening. De gecumuleerde winsten en verliezen als gevolg van de herwaardering van het afdekkingsinstrument die voorheen werden opgenomen in het eigen vermogen en de winsten en verliezen als gevolg van de omrekening van het afgedekte instrument worden enkel opgenomen in de winst-en-verliesrekening bij afstoting van de investering.

Om te voldoen aan de vereisten in IFRS 9 met het oog op de toepassing van hedge accounting, documenteert de Groep – bij het aangaan van de afdekking – de strategie en het doel van de afdekking, de relatie tussen het financieel instrument dat wordt gebruikt als afdekking en de afgedekte positie, en de verwachte (prospectieve) effectiviteit. De effectiviteit van bestaande afdekkingen wordt elk kwartaal opnieuw beoordeeld. Voor niet-effectieve afdekkingen wordt de hedge accounting onmiddellijk stopgezet.

De Groep maakt ook gebruik van derivaten die niet voldoen aan de voorwaarden voor hedge accounting in IFRS 9, maar als effectieve economische afdekkingen fungeren volgens het risicobeheer van de Groep. Wijzigingen in de reële waarde van dergelijke derivaten worden onmiddellijk opgenomen in de winst-en-verliesrekening.

Derivaten besloten in een basiscontract dat geen derivaat is en die geen financiële activa zijn, worden behandeld als afzonderlijke derivaten indien zij voldoen aan de definitie van een derivaat, hun risico’s en karakteristieken niet nauw verbonden zijn met het basiscontract en het basiscontract niet gewaardeerd is tegen reële waarde via het resultaat.

Bijzondere waardevermindering van activa

Goodwill, immateriële activa met een onbepaalde gebruiksduur en immateriële activa die nog niet gebruiksklaar zijn, worden minstens jaarlijks getoetst op bijzondere waardvermindering. Andere immateriële en materiële vaste activa worden getoetst

op bijzondere waardevermindering zodra bepaalde gebeurtenissen of gewijzigde omstandigheden erop wijzen dat hun boekwaarde misschien niet meer kan gerealiseerd worden. Een bijzondere waardevermindering wordt opgenomen in de winst-en-verliesrekening wanneer en in de mate dat de boekwaarde van een actief hoger is dan zijn realiseerbare waarde (zijnde het hoogste van de reële waarde min verkoopkosten en de bedrijfswaarde). De reële waarde min verkoopkosten is de te verwachten opbrengst uit een niet-gedwongen verkoop van een actief tussen goed geïnformeerde, onafhankelijke partijen, verminderd met de verkoopkosten. De bedrijfswaarde is de contante waarde van de verwachte kasstromen uit het gebruik van een actief. Realiseerbare waarden worden geraamd voor individuele activa, of – indien dit niet mogelijk is – voor de kleinste kasstroomgenererende eenheid waartoe de activa behoren. Bijzondere waardeverminderingen opgenomen in vroegere boekjaren worden teruggenomen via de winst-enverliesrekening wanneer er een aanwijzing is dat de vroeger opgenomen bijzondere waardeverminderingen weggevallen of gedaald zijn. Bijzondere waardeverminderingen op goodwill worden echter nooit teruggenomen.

2.4. Elementen van de winst-en-verliesrekening

Opname van opbrengsten

De Groep erkent hoofdzakelijk opbrengsten uit de verkoop van producten. Opbrengsten worden gewaardeerd op basis van de vergoeding waarop de Groep verwacht recht te hebben in een contract met klanten, en sluit bedragen uit ontvangen voor rekening van derden. De Groep erkent opbrengsten uit de verkoop van producten op het ogenblik dat de controle over de producten wordt overgedragen naar de klant. De opbrengsten uit de verkoop van producten worden erkend op een ogenblik in de tijd. Omzet wordt opgenomen na aftrek van omzetbelastingen en kortingen. Rente wordt opgenomen op een tijdsbasis die het effectieve rendement op het actief weerspiegelt. De Groep erkent enkel opbrengsten uit op verkoop of op gebruik gebaseerde royalty’s wanneer (of als) de laatste van volgende gebeurtenissen plaatsvindt: de daaropvolgende verkoop of het gebruik vindt plaats; en de prestatieverplichting waaraan een deel of alle royalty’s op basis van verkoop of gebruik zijn toegewezen, is voldaan. Royalty’s worden opgenomen op basis van het toerekeningsprincipe volgens de bepalingen van de overeenkomst en hebben betrekking op technologie en managementondersteuning. Dividenden worden opgenomen op het ogenblik dat het recht van de aandeelhouder op ontvangst vastgelegd is.

image
image

2.5. Overzicht van het volledig perioderesultaat en mutatieoverzicht van het eigen vermogen

Het overzicht van het volledig perioderesultaat presenteert een overzicht van alle opbrengsten en kosten die opgenomen werden hetzij in de winst-en-verliesrekening hetzij in het eigen vermogen. Volgens IAS 1 ‘Presentatie van de jaarrekening’ kan een entiteit kiezen voor ofwel één enkel overzicht van het volledig perioderesultaat ofwel twee overzichten, namelijk een winst-en-verliesrekening onmiddellijk gevolgd door een overzicht van het volledig perioderesultaat. De Groep heeft voor de tweede mogelijkheid geopteerd. Als gevolg van de presentatie van een overzicht van het volledig perioderesultaat beperkt de inhoud van het mutatieoverzicht van het eigen vermogen zich tot wijzigingen die verband houden met het aandeelhouderschap.

van afstotingen van activiteiten omvatten winsten en verliezen op de verkoop van activiteiten die niet kwalificeren als beëindigde bedrijfsactiviteiten. Deze afgestoten bedrijfsactiviteiten kunnen bestaan uit integrale of onderdelen (groepen activa die worden afgestoten) van dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde deelnemingen.

Naast milieuprovisies omvatten andere gebeurtenissen of transacties die niet inherent zijn aan het bedrijf en een eenmalig effect hebben, voornamelijk rampen en verkopen van vastgoedbeleggingen.

2.6. Alternatieve prestatiemaatstaven

Om de financiële prestaties van de Groep te analyseren, gebruikt Bekaert consequent verschillende non-GAAPmetrieken of Alternatieve Prestatiemaatstaven (“APM’s”) zoals gedefinieerd in de Richtlijnen voor alternatieve prestatiemaatregelen van de European Securities and Markets Authority’s (“ESMA”). In overeenstemming met deze ESMA-richtlijnen worden de definitie en reden voor gebruik, evenals de afstemmingstabellen, van elke van deze APM’s opgegeven in het gedeelte 'Alternatieve prestatiemaatstaven’ van het Financieel Overzicht. De belangrijkste APM’s die in het Financieel Overzicht worden gebruikt, hebben betrekking op onderliggende prestatiemaatstaven.

Onderliggende prestatiemaatstaven

Bedrijfsopbrengsten en -kosten die verband houden met herstructureringsprogramma’s, bijzondere waardeverminderingen, de eerste verwerking van bedrijfscombinaties, afstoting van activiteiten, milieuprovisies of andere gebeurtenissen en transacties met een eenmalig effect, zijn uitgesloten van de onderliggende EBIT(DA)-maatstaven.

Herstructureringsprogramma’s omvatten voornamelijk ontslagvergoedingen, winsten en verliezen bij verkoop en bijzondere waardeverminderingen van activa die betrokken zijn bij een shutdown, belangrijke reorganisatie of verplaatsing van activiteiten. Wanneer er geen verband is met herstructureringsprogramma’s, komen alleen bijzondere waardeverminderingen als gevolg van het testen van kasstroomgenererende eenheden in aanmerking als eenmalige effecten.

Eenmalige effecten van bedrijfscombinaties omvatten voornamelijk: aan acquisitiegerelateerde uitgaven, negatieve goodwill, winsten en verliezen op step acquisitie en recycling van CTA op de eerder gehouden rente. Eenmalige effecten

2.7. Diverse

Vaste activa aangehouden voor verkoop en beëindigde bedrij sactiviteiten

Een vast actief, of een groep activa die wordt afgestoten, wordt geclassificeerd als aangehouden voor verkoop wanneer de boekwaarde hoofdzakelijk gerealiseerd zal worden via een verkooptransactie eerder dan door het te blijven gebruiken. Deze voorwaarde is enkel vervuld als de verkoop heel waarschijnlijk geacht wordt en als het actief (of de groep activa die wordt afgestoten) klaar is voor onmiddellijke verkoop in zijn huidige staat. Een beëindigde bedrijfsactiviteit is een component van een entiteit die ofwel afgestoten is ofwel geclassificeerd als aangehouden voor verkoop, een afzonderlijke belangrijke bedrijfsactiviteit of geografisch bedrijfsgebied vertegenwoordigt en zowel operationeel als voor de financiële verslaggeving onderscheiden kan worden van de rest van de entiteit.

Er kan pas sprake zijn van een zeer waarschijnlijke verkoop als de entiteit zich verbonden heeft tot een plan voor de verkoop van het actief (of de groep activa die wordt afgestoten) en als een operationeel plan opgestart is om een koper te vinden en het plan tot een goed einde te brengen. Bovendien moet de verkoop van het actief (of van de groep activa die wordt afgestoten) actief gepromoot worden tegen een redelijke prijs in verhouding tot zijn huidige reële waarde en dient de verkoopovereenkomst naar verwachting afgesloten te worden binnen het jaar na de classificatiedatum. Activa die geclassificeerd zijn als aangehouden voor verkoop worden gewaardeerd tegen reële waarde na aftrek van verkoopkosten als deze lager is dan de boekwaarde. Een eventueel overschot van de boekwaarde tegenover de reële waarde na aftrek van verkoopkosten wordt afgeboekt als een bijzondere waardevermindering. Zodra activa geclassificeerd worden als aangehouden voor verkoop worden ze niet langer afgeschreven. Vergelijkende balansinformatie voor voorgaande perioden wordt niet herwerkt om de nieuwe classificatie in de balans te weerspiegelen.

image
image

Voorwaardelijke activa en verplichtingen

Voorwaardelijke activa worden niet opgenomen in de balans, maar worden opgenomen in de toelichtingen wanneer een instroom van economische voordelen waarschijnlijk is. Behalve als zij uit een bedrijfscombinatie ontstaan zijn, worden voorwaardelijke verplichtingen niet opgenomen in de balans maar vermeld in de toelichtingen, tenzij de kans op een verlies gering is.


Gebeurtenissen na balansdatum

Gebeurtenissen na balansdatum die bijkomende informatie verschaffen omtrent de situatie van de Onderneming op balansdatum (adjusting events) worden verwerkt in de jaarrekening. Andere gebeurtenissen na balansdatum (non-adjusting events) worden enkel vermeld in de toelichtingen als ze belangrijk geacht worden.

image
image

3. Significante beoordelingen en belangrijkste bronnen van schattingsonzekerheden

Bij de toepassing van de grondslagen voor financiële verslaggeving van de Groep is het management genoodzaakt om beoordelingen, schattingen en veronderstellingen over de boekwaarde van activa en verplichtingen te maken die niet onmiddellijk beschikbaar zijn uit enigerlei bronnen. Deze beoordelingen, schattingen en veronderstellingen worden voortdurend opnieuw geëvalueerd.

3.1. Significante beoordelingen bij de toepassing van de grondslagen voor financiële verslaggeving

Hierna volgen de significante beoordelingen, met uitzondering van deze die bestaan uit schattingen (zie toelichting 3.2. ‘Belangrijkste bronnen van schattingsonzekerheden’), die een belangrijke invloed hebben op de gerapporteerde bedragen in deze geconsolideerde jaarrekening.

Het management is van oordeel dat er in België een feitelijke verplichting bestaat om te voorzien in brugpensioenregelingen voor zijn werknemers vanaf de eerste dag dat zij in dienst zijn (zie toelichting 6.16. ‘Voorzieningen voor personeelsbeloningen’) en bijgevolg worden brugpensioenregelingen verwerkt als toegezegdpensioenregelingen volgens de projected unit credit-methode. De verplichting bedroeg € 8,0 miljoen (2020: € 8,4 miljoen).

Het management blijft van oordeel dat er niet voldaan werd aan de voorwaarden tot opname als immateriële activa en neemt aldus uitgaven voor onderzoek en ontwikkeling op via het resultaat.

Het management maakt een beoordeling bij het bepalen van de functionele valuta van Groepsondernemingen op basis van de huidige economische context van de transacties die relevant zijn voor deze ondernemingen. De functionele valuta is over het algemeen de munt van het land waarin de onderneming opereert. Zie toelichting 7.7. ‘Dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde ondernemingen’ voor een volledige lijst van entiteiten met hun functionele valuta.

Management oordeelde dat het controle heeft over de Venezolaanse entiteiten. Ondanks de politieke en monetaire instabiliteit in Venezuela is het management erin geslaagd om de onderneming operationeel te houden en oordeelde het bijgevolg dat het de zeggenschap heeft. De US dollar is de functionele valuta en sinds mei 2019 kunnen banken optreden als tussenpersoon in vreemde valuta-transacties via ‘wisseltabellen’, een maatregel die de controle op uitwisseling, van kracht sinds 2003, en waarbij de overheid een monopoly had op valutabeheer, soepeler maakt. Per jaareinde 2021 bedroegen de gecumuleerde omrekeningsverschillen € -59,7 miljoen die, bij verlies van de zeggenschap, zouden overgeboekt worden naar de winst-en-verliesrekening. Afgezien van de gecumuleerde omrekeningsverschillen is de bijdrage van de activiteiten in Venezuela tot de geconsolideerde jaarrekening niet van groot belang.

Uitgestelde belastingvorderingen werden enkel geboekt in de mate dat het waarschijnlijk was dat er toekomstige belastbare winsten zouden gemaakt worden, rekening houdend met zowel positieve als negatieve elementen. Deze afweging is gemaakt rekening houdend met voorzichtige schattingen op basis van het businessplan van de betrokken entiteit, meestal gekoppeld aan een tijdshorizon van 5 jaar. In sommige landen zijn uitgestelde belastingvorderingen op beleggingsverliezen, operationele verliezen en aftrekposten geboekt in de mate van geboekte onzekere belastingposities om aan te tonen dat sommige aanpassingen omwille van belastingcontroles zouden leiden tot een aanpassing van de belastingverliezen in plaats van een betaling van een belastingkost door de betrokken entiteit.

3.2. Belangrijkste bronnen van schattingsonzekerheden

Hierna volgt een overzicht van de belangrijkste veronderstellingen omtrent de toekomst en de belangrijkste andere bronnen van schattingsonzekerheden op het einde van de verslagperiode die een risico inhouden op beduidende aanpassingen aan de boekwaarden van activa en verplichtingen in de komende verslagperiode.

De test op bijzondere waardevermindering op de goodwill die toegewezen werd aan BBRG, werd uitgevoerd op basis van het laatste actieplan voor BBRG. Als gevolg van de gerealiseerde ommekeer in de performantie van de business in 2020 werd de bufferruimte zeer solide, waarmee de waarschijnlijkheid van een bijzondere waardevermindering ook sterk is afgenomen (zie toelichting 6.2. ‘Goodwill’).

Bijzondere waardevermindering analyses maken gebruik van assumpties voor bv. evolutie van de markt, marge evolutie en disconteringsvoeten. De mogelijkheid om wijzigingen in de prijs van grondstoffen door te rekenen naar de klanten (hetzij op basis van contractuele overeenkomsten hetzij als gevolg van commerciële onderhandelingen) zit vervat in de assumptie omtrent de marge evolutie. Toelichting 6.2. ‘Goodwill’ bevat scenario’s waarin de gevoeligheid van het resultaat van de test ten gevolge van mogelijke wijzigingen in deze assumpties beschreven worden.

Gezien haar wereldwijde aanwezigheid is Bekaert blootgesteld aan belastingrisico’s in veel rechtsgebieden. Enerzijds kan de toepassing van de belastingwetgeving in de verschillende rechtsgebieden complex zijn en een evaluatie van het risico en een inschatting van de uitkomst vereisen, wat een belangrijke bron van schattingsonzekerheden is. Anderzijds voeren de belastingsautoriteiten van

image
image


4. Segmentrapportering

Staaldraad transformeren en unieke deklaagoplossingen toepassen, dat zijn onze kernactiviteiten. Afhankelijk van de wensen van onze klanten trekken we draad in diverse diameters en sterktes, zelfs tot ultrafijne vezels van één micron. We bundelen draden tot koord, kabels en strengen, weven of breien ze tot een weefsel of verwerken ze tot een eindproduct. De coatings die we aanbrengen verminderen wrijving, verbeteren de corrosiebestendigheid of bevorderen de adhesie met andere materialen. We ontwikkelen ook producten en oplossingen die zijn gemaakt van andere metalen en materialen. Dit is onderdeel van onze strategie om creativiteit te stimuleren beyond steel.

Bekaert gebruikt een business segmentatie om de aard en de financiële prestaties van het bedrijf als geheel te evalueren, in overeenstemming met de manier waarop de financiële prestaties worden gerapporteerd aan de chief operating decision maker (Bekaert Group Executive (BGE)). De business units (BU) van de Groep worden gekenmerkt door BU-specifieke product- en marktprofielen, industrietrends, kostenfactoren en technologienoden die aangepast zijn aan de specifieke industrievereisten. Meer informatie over de segmenten vindt u in het deel ‘Over ons’ van dit verslag.

De volgende vier segmenten worden gepresenteerd:

1.Rubberversterking (RR): 42% van de geconsolideerde omzet aan derden (2020: 43%)

2.Staaldraadtoepassingen (SWS): 38% van de geconsolideerde omzet aan derden (2020: 36%)

3.Specialty Businesses (SB): 10% of van de geconsolideerde omzet aan derden (2020: 10%)

4.Bridon-Bekaert Ropes Group (BBRG): 10% van de geconsolideerde omzet aan derden (2020: 11%)


Er werden geen segmenten geaggregeerd.

de rechtsgebieden regelmatig belastingcontroles uit die mogelijke problemen aan het licht kunnen brengen. Gezien de belastingcontroles meerdere jaren kunnen duren verhoogt dit nog de onzekerheid. Gezien de uitkomst van zulke belastingcontroles onzeker is, heeft Bekaert in de algehele evaluatie van mogelijke belastingschulden rekening gehouden met de kwaliteit van zijn aangifteposities die het onderwerp uitmaken van iedere belastingcontrole, en concludeert dat de Groep inzake dergelijke blootstellingen voldoende verplichtingen opgenomen heeft in haar geconsolideerde jaarrekening. Overeenkomstig besluit Bekaert dat het onwaarschijnlijk is dat mogelijke belastingblootstellingen meer dan de bedragen momenteel opgenomen in de geconsolideerde jaarrekening een materieel effect zullen hebben op haar financiële positie. Zowel de duurtijd als de positie aangenomen door de belastingautoriteiten geven aanleiding tot onzekerheid en een risico dat kan leiden tot een aanpassing in het volgende boekjaar van de opgenomen bedragen voor belastingschulden gerelateerd aan onzekere belastingposities. In 2020 werden een aantal belastingcontroles afgerond wat aanleiding gaf tot een bijkomende belastingskost enerzijds en het vrijvallen van voorzieningen voor onzekere belastingposities anderzijds. Op jaareinde 2021 waren de bedragen gelinkt aan afgeronde belastingcontroles beduidend lager in vergelijking met jaareinde 2020. Bekaert heeft per jaareinde 2021 onzekere belastingposities opgenomen ten bedrage van € 38,9 miljoen (2020: € 31,6 miljoen). Zie ook toelichting 6.21. ‘Belastingposities’.

image
image


4.1. Kerncijfers per rapporteringssegment

Enkel de elementen van het kapitaalgebruik (immateriële activa, goodwill, materiële vaste activa, recht-op-gebruik vaste activa en de elementen van het operationeel werkkapitaal) worden toegewezen aan de verscheidene segmenten. Alle andere activa en verplichtingen worden gerapporteerd als ‘niet-toegewezen activa en verplichtingen’. ‘Groep’ omvat voornamelijk de functionele eenheid innovatie en technologie, engineering en niet-doorgerekende kosten voor groepsmanagement en -diensten; het is geen rapporteerbaar segment op zich. Eventuele verkopen tussen segmenten gebeuren tegen prijzen die beantwoorden aan het arm’s length principe. Intersegment omvat voornamelijk eliminaties van vorderingen en schulden, van verkopen en van marges op overdrachten van voorraden en van vaste activa en de bijhorende aanpassingen aan afschrijvingen en waardeverminderingen.

Er worden geen andere materiële rapportage-items dan de hieronder genoemde verstrekt aan de chief operating decision maker.

2020

in duizend €

Rubber-
versterking

Staaldraad-toepassingen

Specialty Businesses

BBRG

Groep

Intersegment

Geconsolideerd

Geconsolideerde omzet aan derden

1 614 077

1 333 513

389 434

424 359

10 991

3 772 374

Geconsolideerde omzet

1 644 744

1 363 252

396 030

426 682

71 658

-129 992

3 772 374

Bedrijfsresultaat (EBIT)

136 126

87 921

36 244

23 805

-33 772

6 203

256 527

EBIT - Onderliggend

144 305

96 093

45 285

33 763

-53 585

6 384

272 244

Afschrijvingen en waardeverminderingen ²

102 706

49 433

16 469

30 757

13 145

-10 407

202 103

Bijzondere waardeverminderingen

1 825

2 752

1 699

6 964

724

13 964

EBITDA

240 657

140 106

54 412

61 526

-19 903

-4 204

472 594

Activa van het segment

1 404 496

804 952

288 357

505 875

-8 564

-122 938

2 872 179

Niet-toegewezen activa

1 415 922

Totaal activa

4 288 100

Verplichtingen van het segment

310 268

307 519

71 377

82 838

84 133

-46 917

809 219

Niet-toegewezen verplichtingen

1 943 826

Totaal verplichtingen

2 753 045

Kapitaalgebruik

1 094 228

497 433

216 980

423 037

-92 697

-76 021

2 062 960

Gewogen gemiddeld kapitaalgebruik

1 166 713

544 493

226 288

457 583

-70 926

-88 974

2 235 178

ROCE

11,7%

16,1%

16,0%

5,2%

11,5%

Investeringsuitgaven materiële vaste activa

37 425

20 596

29 183

16 452

848

-4 510

99 993

Investeringsuitgaven immateriële activa

460

141

14

443

2 435

-279

3 214

Aandeel in het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen

7 121

27 240

-6

34 355

Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen

43 287

80 674

19

123 981

Aantal personeelsleden (einde jaar)¹

12 540

6 028

1 373

2 320

1 578

23 839

image
image

2021

in duizend €

Rubber-
versterking

Staaldraad-toepassingen

Specialty Businesses

BBRG

Groep

Intersegment

Geconsolideerd

Geconsolideerde omzet aan derden

2 054 155

1 818 504

475 661

481 000

10 339

4 839 659

Geconsolideerde omzet

2 090 259

1 856 998

488 129

483 165

94 227

-173 118

4 839 659

Bedrijfsresultaat (EBIT)

245 783

212 860

71 112

36 263

-54 572

1 640

513 086

EBIT - Onderliggend

247 371

209 330

71 872

45 050

-60 692

1 686

514 617

Afschrijvingen en waardeverminderingen ²

96 480

38 488

8 511

28 077

4 284

-10 067

165 774

Bijzondere waardeverminderingen

79

-1 535

45

-107

-1 518

EBITDA

342 342

249 813

79 668

64 340

-50 394

-8 426

677 342

Activa van het segment

1 642 685

1 141 109

350 997

579 047

-35 946

-146 702

3 531 190

Niet-toegewezen activa

1 312 566

Totaal activa

4 843 756

Verplichtingen van het segment

436 168

517 914

120 461

135 824

119 644

-74 383

1 255 628

Niet-toegewezen verplichtingen

1 487 606

Totaal verplichtingen

2 743 234

Kapitaalgebruik

1 206 517

623 195

230 536

443 223

-155 590

-72 319

2 275 562

Gewogen gemiddeld kapitaalgebruik

1 150 373

559 338

224 152

433 278

-123 646

-74 465

2 169 030

ROCE

21,4%

38,1%

31,7%

8,4%

23,7%

Investeringsuitgaven materiële vaste activa

58 392

42 907

17 944

40 160

1 735

-7 835

153 302

Investeringsuitgaven immateriële activa

465

1 752

76

111

10 809

-360

12 852

Aandeel in het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen

8 701

98 924

-6

107 619

Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen

49 977

138 670

13

188 661

Aantal personeelsleden (einde jaar)¹

12 437

6 121

1 534

2 287

1 130

23 509

¹ Aantal personeelsleden: voltijdse equivalenten.

² Afschrijvingen en waardeverminderingen omvatten afwaarderingen / (terugnames van afwaarderingen) op voorraden en handelsvorderingen.


image
image


4.2. Omzet per land

De tabel hieronder toont het relatief gewicht van België (land waar de Onderneming is gevestigd), Chili, China, de Verenigde Staten en Slovakije in termen van omzet en elementen van vaste activa (immateriële activa; goodwill; materiële vaste activa; recht-op-gebruik vaste activa; deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen).

in duizend €

2020

% van totaal

2021

% van totaal

Geconsolideerde omzet aan derden

vanuit België

272 187

7%

372 886

8%

vanuit Chili

348 906

9%

537 994

11%

vanuit China

841 825

22%

980 016

20%

vanuit de VS

553 461

15%

685 071

14%

vanuit Slovakije

320 459

8%

419 273

9%

vanuit andere landen

1 435 535

39%

1 844 419

38%

Totaal geconsolideerde omzet aan derden

3 772 374

100%

4 839 659

100%

Geselecteerde vaste activa, gelokaliseerd

in België

120 396

7%

122 469

7%

in Chili

84 340

5%

79 059

4%

in China

300 702

18%

315 190

18%

in de VS

118 356

7%

151 264

8%

in Slovakije

129 278

8%

125 848

7%

in andere landen

899 358

55%

992 874

56%

Totaal geselecteerde vaste activa

1 652 429

100%

1 786 704

100%


Bekaerts top 5-klanten vertegenwoordigden samen 21% (2020: 20%) van de totale geconsolideerde omzet van de Groep, terwijl de volgende top 5-klanten nog eens 8% (2020: 7%) vertegenwoordigden van de totale geconsolideerde omzet van de Groep. Geen enkele individuele klant bracht 10% bij tot de geconsolideerde omzet.

image
image

5. Elementen van de winst-en-verliesrekening


5.1. Netto-omzet

De Groep erkent omzet uit de volgende bronnen: levering van producten en, in beperkte mate, levering van diensten en projecten. Bekaert oordeelt dat de levering van producten de belangrijkste prestatieverplichting is. De Groep erkent omzet op het ogenblik dat de controle over de betrokken producten overgedragen wordt naar de klant. Klanten verwerven controle op het ogenblik van de levering (op basis van de inco terms in voege). Het bedrag dat aan omzet erkend wordt, wordt gecorrigeerd voor volumekortingen. Er wordt geen correctie gemaakt voor teruggaves of garanties of variabele vergoedingen gezien de impact op basis van historische informatie als niet materieel geacht wordt.

De disaggregatie van opbrengsten op basis van het moment waarop opbrengsten worden opgenomen, d.w.z. op een moment in de tijd of over een periode (gebruikelijk voor ontwikkelingsactiviteiten), brengt niet veel toegevoegde waarde aangezien de verkoop van machines aan derden zeer weinig bijdraagt tot de totale omzet.

in duizend €

2020

% van totaal

2021

% van totaal

Verkoop van goederen

3 765 501

99,8%

4 836 089

99,9%

Verkoop van machines door engineering

6 519

0,2%

3 449

0,1%

Andere verkopen

354

0,0%

122

0,0%

Netto-omzet

3 772 374

100,0%

4 839 659

100,0%

In de volgende tabel wordt de netto-omzet gedisaggregeerd per sector inclusief een reconciliatie tussen de netto-omzet per sector en de operationele segmenten van de Groep (zie toelichting 4.1. ‘Kerncijfers per rapporteringssegment’). Deze analyse wordt ook vaak getoond in persberichten, aandeelhoudersbrochures en andere presentaties.

2020

in duizend €

Rubber-
versterking

Staaldraad-
toepassingen

Specialty Businesses

BBRG

Groep

Geconsolideerd

Sector

Banden en automobiel

1 535 462

133 083

30 112

7 200

1 705 857

Energie en nutsvoorzieningen

85

183 525

22 118

78 296

284 024

Bouw

7

378 062

293 574

60 367

732 010

Consumptiegoederen

99 798

3 754

103 552

Landbouw

261 174

38 126

299 300

Machinebouw

68 307

74 357

3 937

116 585

10 991

274 177

Grondstoffen

10 215

203 513

35 940

123 785

373 453

Totaal

1 614 077

1 333 513

389 434

424 359

10 991

3 772 374


image
image

2021

in duizend €

Rubber-
versterking

Staaldraad-
toepassingen

Specialty Businesses

BBRG

Groep

Geconsolideerd

Sector

Banden en automobiel

1 932 457

168 775

34 114

8 538

2 143 884

Energie en nutsvoorzieningen

236

233 581

23 343

82 404

339 563

Bouw

11

568 665

349 639

68 914

987 229

Consumptiegoederen

135 793

4 335

140 128

Landbouw

310 871

40 084

350 955

Machinebouw

111 002

96 451

3 601

144 506

10 339

365 898

Grondstoffen

10 450

304 370

60 628

136 555

512 002

Totaal

2 054 155

1 818 504

475 661

481 000

10 339

4 839 659


5.2. Bedrijfsresultaat (EBIT) per functie


Omzet en marge op omzet

in duizend €

2020

2021

verschil (%)

Omzet

3 772 374

4 839 659

28,3%

Kostprijs van verkopen

-3 214 056

-3 953 752

23,0%

Marge op omzet

558 318

885 907

58,7%

Marge op omzet in % van omzet

14,8%

18,3%

Bekaert realiseerde een geconsolideerde omzet van € 4,8 miljard in 2021, gevoelig hoger dan vorig jaar (28,3%) door de ingrijpende impact van de Covid-19-pandemie in de eerste helft van 2020. De organische omzetstijging (28,4%) was het gevolg van hogere volumes (9,0%), verrekende walsdraadprijzen (13,5%) en andere prijsmixeffecten over het volledige jaar (5,8%). De wisselkoersbewegingen waren -0,1% negatief (hoofdzakelijk gerelateerd aan de US dollar, Tsjechische kroon en Chinese renminbi).

De omzetstijging had een positieve impact op de marge op omzet, gezien de Groep erin slaagde een toename van € 327,6 miljoen te realiseren in absolute bedragen (58,7%), wat resulteerde in een marge van 18,3% (2020: 14,8%). Dit werd gerealiseerd dankzij een sterke volumegroei, structurele verbeteringen met blijvende positieve impact op de business portefeuille en prestaties van Bekaert, positief effect van voorraadherwaardering ten gevolge van de stijging in grondstofprijzen en een beperkte positieve impact van wisselkoersen (€ 1,3 miljoen).

Overheadkosten

in duizend €

2020

2021

verschil (%)

Commerciële kosten

-167 141

-186 239

11,4%

Administratieve kosten

-133 526

-161 091

20,6%

Kosten voor onderzoek en ontwikkeling

-52 361

-59 537

13,7%

Totaal

-353 027

-406 867

15,3%

image
image

De overheadkosten stegen met € 53,8 miljoen tot € 406,9 miljoen (8,4% van omzet). De stijging in absolute termen was hoofdzakelijk het gevolg van het wegvallen in 2021 van de impact van de mitigerende acties genomen in 2020 (en dewelke niet meer van toepassing zijn in 2021) met betrekking tot Covid-19 ten bedrage van € 38,1 miljoen, de impact van de sterke prestaties op de korte termijn variabele verloning en op de waardering van lange termijn, op aandelen gebaseerde betalingsschema’s en consultancy kosten voor specifieke projecten. De impact van eenmalige elementen afkomstig van de herstructureringsprogramma’s op de overheadkosten daalden met € 19,0 miljoen en hadden hoofdzakelijk betrekking op ontslagkosten en bijzondere waardeverminderingen van activa. In 2021 waren in de verkoopskosten voor € -3,0 miljoen (2020: € -5,4 miljoen) voorzieningen voor dubieuze debiteuren en voor € 4,4 miljoen (2020: € 4,9 miljoen) vrijval van ongebruikte voorzieningen en aangewende bedragen voor dubieuze debiteuren inbegrepen.

Andere bedrijfsopbrengsten

in duizend €

2020

2021

verschil

Ontvangen royalty's

10 139

15 209

5 071

Winsten op verkoop van immateriële en materiële vaste activa

3 410

8 458

5 047

Gerealiseerde wisselresultaten op verkopen en aankopen

-1 047

1 237

2 284

Terugbetaalde belastingen

429

429

Overheidssubsidies

3 411

1 039

-2 372

Ontvangen vergoedingen voor schadeclaims

3 192

2 855

-337

Herstructurering¹

41 254

23 304

-17 950

Milieu

16 218

148

-16 070

Overige opbrengsten

8 081

10 260

2 179

Totaal

84 659

62 940

-21 719

¹ Hoofdzakelijk winsten uit de verkoop van vaste activa


Andere bedrijfskosten

in duizend €

2020

2021

verschil

Betaalde royalties

-1 012

-1 012

Verliezen op verkoop van immateriële en materiële vaste activa

-2 594

-1 375

1 219

Afschrijvingen op immateriële activa

-1 688

-1 512

176

Bankkosten

-2 615

-2 776

-161

Aan belastingen gerelateerde kosten (andere dan winstbelastingen)

-1 562

-2 639

-1 077

Bijzondere waardeverminderingen

-5 377

-278

5 099

Herstructurering

-13 832

-12 379

1 453

Verliezen op afgestoten activiteiten

-705

-170

535

Overige kosten

-5 049

-6 753

-1 704

Totaal

-33 422

-28 894

4 528

Het inkomen van royalties nam met 50% toe ten gevolge van hogere omzet. Overheidssubsidies hadden voornamelijk betrekking op subsidies in China. Er zijn geen aanwijzingen dat niet aan de voorwaarden voor dergelijke subsidies zal kunnen worden voldaan en dus ook niet dat de subsidies mogelijk teruggestort moeten worden in de toekomst.

image
image

De winsten op verkoop van immateriële en materiële vaste activa bevatten in 2021 de opbrengsten uit de verkoop van activa die geen deel uitmaken van herstructureringsprogramma’s, voornamelijk in België.

De ontvangen vergoedingen voor schadeclaims bevatten in 2020 vergoedingen ontvangen voor bedrijfsonderbrekingen ten gevolge van Covid-19 voor een bedrag van € 1,6 miljoen en in 2021 een positieve impact van de vermindering van een verzekeringsclaim.

In 2021 bestaan ‘Herstructurering - opbrengsten’ hoofdzakelijk uit de opbrengsten van de verkopen van gronden en gebouwen volgend op de sluiting van fabrieken ten gevolge van herstructureringen met daarnaast bijkomende impact van de terugname van zowel waardeverminderingen op voorraden alsook bijzondere waardeverminderingen op materiële en immateriële activa. ‘Herstructurering - kosten’ aan de andere kant bevatten een deel (ontslagkosten en bijzondere waardeverminderingen) gerelateerd aan de herstructureringsprogramma’s en sluiting van fabrieken.

In 2020 bevatten ‘Herstructurering - opbrengsten’ hoofdzakelijk de opbrengsten van de verkopen van gronden en gebouwen volgend op de sluiting van fabrieken ten gevolge van herstructureringen en bevatten ‘Herstructurering - kosten’ een deel (ontslagkosten en bijzondere waardeverminderingen) gerelateerd aan de herstructureringsprogramma’s en sluiting van fabrieken.

‘Milieu’ had in 2020 vooral betrekking op de terugname van provisies in België gelinkt aan het afstoten van activa en een vergoeding voor grond- en grondwatersanering in Italië.

De bijzondere waardeverminderingen in 2020 waren hoofdzakelijk voor activa in België en de Verenigde Staten als gevolg van de sluiting van fabrieken.

De sectie ‘Overige’ van de ‘Andere bedrijfskosten’ bevatte in 2020 een boete voor het opzeggen van een elektriciteitscontract tegen een lager tarief.

De sectie ‘Overige’ van de ‘Andere bedrijfsopbrengsten’ bevatte in 2021 de wisselkoers impact gerelateerd aan de afstoting van bedrijven.

De volgende tabellen combineren de gerapporteerde en onderliggende resultaten en geven een analyse van de eenmalige elementen per categorie (zoals gedefinieerd in toelichting 2.6. ‘Alternatieve prestatiemaatstaven), operationele segmenten en elementen in de winst-en-verliesrekening.

EBIT gerapporteerd en onderliggend

2020

2021

in duizend €

gerapporteerd

waarvan
onderliggend

waarvan
eenmalige elementen

gerapporteerd

waarvan
onderliggend

waarvan
eenmalige elementen

Omzet

3 772 374

3 772 374

4 839 659

4 839 659

Kostprijs van verkopen

-3 214 056

-3 173 517

-40 539

-3 953 752

-3 936 874

-16 878

Marge op omzet

558 318

598 857

-40 539

885 907

902 785

-16 878

Commerciële kosten

-167 141

-162 602

-4 538

-186 239

-186 017

-222

Administratieve kosten

-133 526

-121 961

-11 565

-161 091

-162 461

1 370

Kosten voor onderzoek en ontwikkeling

-52 361

-49 857

-2 504

-59 537

-59 440

-97

Andere bedrijfsopbrengsten

84 659

27 187

57 472

62 940

36 128

26 812

Andere bedrijfskosten

-33 422

-19 379

-14 043

-28 894

-16 377

-12 517

Bedrijfsresultaat (EBIT)

256 527

272 244

-15 717

513 086

514 617

-1 531


image
image


Eenmalige elementen 2020

in duizend €

Kostprijs van verkopen

Commerciële
kosten

Administratieve kosten

Onderzoek en ontwikkeling

Andere bedrijfs-opbrengsten

Andere bedrijfskosten

Totaal

Herstructureringsprogramma's per segment

Rubberversterking ¹

-3 427

-1 335

-402

283

-1 105

-5 986

Staaldraadtoepassingen ²

-7 754

-992

-985

2 609

-850

-7 972

Specialty Businesses ³

-7 869

-560

-23

-130

751

-1 039

-8 870

Bridon-Bekaert Ropes Group (BBRG) ⁴

-8 957

5

-191

55

-1 174

-10 262

Groep ⁵

-10 685

-951

-9 680

-2 374

37 738

-9 664

4 385

Intersegment

-181

-181

Totaal herstructureringsprogramma's

-38 692

-3 833

-11 280

-2 504

41 254

-13 832

-28 887

Afstoting van activiteiten

Groep ⁶

-705

-705

Totaal afstoting van activiteiten

-705

-705

Milieuprovisies/(terugdraai van provisies)

Rubberversterking

-2 192

-2 192

Groep ⁷

16 218

16 218

Totaal milieuprovisies/(terugdraai van provisies)

-2 192

16 218

14 026

Andere gebeurtenissen en transacties

Staaldraadtoepassingen

-199

-199

Specialty Businesses

-171

-171

Bridon-Bekaert Ropes Group (BBRG)

345

-41

304

Groep

-85

-85

Totaal andere gebeurtenissen en transacties

345

-284

-212

-151

Totaal

-40 539

-4 538

-11 565

-2 504

57 472

-14 043

-15 717

¹ Had voornamelijk betrekking op ontslagkosten, de sluiting van de fabriek in Figline (Italië) en de herstructurering in India.

² Had voornamelijk betrekking op ontslagkosten en bijzondere waardeverminderingen van activa als gevolg van de herstructurering in België.

³ Had voornamelijk betrekking op ontslagkosten en bijzondere waardeverminderingen van activa als gevolg van de herstructurering in China, de sluiting van de fabriek in Moen (België) en ontslagkosten als gevolg van de herstructurering in België.

⁴ Had voornamelijk betrekking op bijzondere waardeverminderingen van activa als gevolg van de geplande sluiting van de fabriek in Canada en ontslagkosten als gevolg van de herstructurering in het Verenigd Koninkrijk.

⁵ Had voornamelijk betrekking op ontslagkosten als gevolg van de herstructurering in België en winst op verkoop van terreinen en gebouwen in België.

⁶ Vrijwaring van contractuele aansprakelijkheid met betrekking tot eerdere desinvesteringen.

⁷ Had voornamelijk betrekking op de terugname van voorzieningen in België in verband met de verkoop van activa en een terugbetaling van grond- en grondwatersanering in Italië.



 

image
image

Eenmalige elementen 2021

in duizend €

Kostprijs van verkopen

Commerciële
kosten

Administratieve kosten

Onderzoek en ontwikkeling

Andere bedrijfs-opbrengsten

Andere bedrijfskosten

Totaal

Herstructureringsprogramma's per segment

Rubberversterking ¹

-1 749

356

-25

-171

-1 588

Staaldraadtoepassingen ²

-2 105

-185

-138

-771

11 035

-4 246

3 589

Specialty Businesses ³

476

-733

-49

5

276

-331

-356

Bridon-Bekaert Ropes Group (BBRG) ⁴

-10 344

34

36

11 493

-7 617

-6 399

Groep ⁵

-391

476

1 639

868

547

-184

2 955

Intersegment

-46

-46

Totaal herstructureringsprogramma's

-14 114

-52

1 464

-69

23 304

-12 379

-1 845

Afstoting van activiteiten

Groep ⁶

-170

-170

Totaal afstoting van activiteiten

-170

-170

Milieuprovisies/(terugdraai van provisies)

Bridon-Bekaert Ropes Group (BBRG) ⁴

-2 360

-28

-2 388

Groep

148

-37

111

Totaal milieuprovisies/(terugdraai van provisies)

-2 360

-28

148

-37

-2 277

Andere gebeurtenissen en transacties

Staaldraadtoepassingen

-59

-59

Specialty Businesses

-405

-405

Groep ⁷

-35

3 359

-100

3 224

Totaal andere gebeurtenissen en transacties

-405

-93

3 359

-100

2 761

Totaal

-16 878

-222

1 370

-97

26 812

-12 517

-1 531

¹ Had voornamelijk betrekking op de sluiting van de fabriek in Figline (Italië) en pensioenplannen in Spanje en Italië.

² Had voornamelijk betrekking op opbrengsten en kosten als gevolg van de herstructurering in Noord-Amerika en opbrengsten gerelateerd aan de herstructurering in Maleisië.

³ Had voornamelijk betrekking op de herstructurering in verbrandingstechnologie en zaagdraadactiviteiten..

⁴ Had voornamelijk betrekking op de herstructurering in Canada.

⁵ Had voornamelijk betrekking op de herstructurering in België.

⁶ Vrijwaring van contractuele aansprakelijkheid met betrekking tot eerdere desinvesteringen.

⁷ Had voornamelijk betrekking op de liquidatie van een vennootschap in China en Costa Rica.


image
image

5.3. Bedrijfsresultaat (EBIT) per aard van opbrengsten en kosten

De onderstaande tabel levert bijkomende informatie over de toewijzing van de voornaamste componenten van het bedrijfsresultaat (EBIT) per aard van de opbrengsten en kosten.

in duizend €

2020

% op omzet

2021

% op omzet

Omzet

3 772 374

100%

4 839 659

100%

Andere bedrijfsopbrengsten

84 659

62 940

Totaal bedrijfsopbrengsten

3 857 032

4 902 599

Zelfgeproduceerde materiële vaste activa

17 200

0,5%

31 872

0,7%

Grondstoffen

-1 349 418

-35,8%

-1 995 508

-41,2%

Halfproducten en handelsgoederen

-306 261

-8,1%

-523 793

-10,8%

Voorraadwijziging goederen in bewerking en gereed product

-43 634

-1,2%

277 348

5,7%

Personeelskosten

-796 051

-21,1%

-840 348

-17,4%

Afschrijvingen en waardeverminderingen

-202 103

-5,4%

-166 905

-3,4%

Bijzondere waardeverminderingen

-13 964

-0,4%

1 518

0,0%

Vervoer- en verhandelingskosten gereed product

-164 390

-4,4%

-249 476

-5,2%

Hulpstoffen en wisselstukken

-217 900

-5,8%

-273 318

-5,6%

Kosten voor nutsvoorzieningen

-224 534

-6,0%

-264 128

-5,5%

Onderhouds- en herstellingskosten

-57 147

-1,5%

-66 054

-1,4%

Leasing en gerelateerde kosten

-8 503

-0,2%

-9 451

-0,2%

Commissies in commerciële kosten

-6 315

-0,2%

-8 008

-0,2%

Douane en accijnzen

-2 432

-0,1%

-12 760

-0,3%

ICT-kosten

-39 208

-1,0%

-40 034

-0,8%

Reclame- en promotiekosten

-5 328

-0,1%

-6 444

-0,1%

Reis-, restaurant- en hotelkosten

-8 181

-0,2%

-8 605

-0,2%

Consultancy en overige honoraria

-29 753

-0,8%

-40 314

-0,8%

Kantoorbenodigdheden en -uitrusting

-8 451

-0,2%

-8 472

-0,2%

Durfkapitaalfondsen O&O

-1 973

-0,1%

-1 447

0,0%

Tijdelijke of externe personeelskosten

-27 261

-0,7%

-36 238

-0,7%

Verzekeringskosten

-10 692

-0,3%

-15 427

-0,3%

Diverse bedrijfskosten

-94 207

-2,5%

-133 520

-2,8%

Totaal bedrijfskosten

-3 600 506

-95,4%

-4 389 512

-90,7%

Bedrijfsresultaat (EBIT)

256 527

6,8%

513 086

10,6%

De bijzondere waardeverminderingen hadden voornamelijk betrekking op de verkoop van machines en terugnames als gevolg van de herstructurering van het voorgaande jaar. De afschrijvingen en waardeverminderingen omvatten waardeverminderingen / (terugnemingen van waardeverminderingen) op voorraden en handelsvorderingen.

image
image

5.4. Renteopbrengsten en -lasten

in duizend €

2020

2021

Renteopbrengsten van financiële activa niet gewaardeerd tegen RWvR

3 386

3 260

Renteopbrengsten

3 386

3 260

Rentelasten van financiële verplichtingen niet gewaardeerd tegen RWvR

-51 159

-39 159

Overige schuldgerelateerde rentelasten

-5 536

-3 496

Schuldgerelateerde rentelasten

-56 695

-42 655

Rentegedeelte van verdisconteerde voorzieningen

-2 859

-1 825

Rentelasten

-59 554

-44 480

Totaal

-56 168

-41 220


De daling van de rentelasten was hoofdzakelijk het gevolg van de terugbetaling van financiële schulden voor € 419 miljoen en van een daling in de rentelasten gerelateerd aan derivaten. Er was een verdere afname van intragroepsleningen in vreemde valuta enerzijds en schuld ten opzichte van derden in vreemde valuta anderzijds, wat een gelijkaardige daling tot gevolg heeft gehad in het volume aan derivaten die dienen om het onderliggende renterisico af te dekken (zie toelichting 7.2. ‘Beheer van financiële risico’s en derivaten’).

Rentelasten van financiële verplichtingen niet geclassificeerd als aangehouden als tegen reële waarde via het resultaat (RWvR) hebben betrekking op alle schuldinstrumenten van de Groep, andere dan renterisicobeperkende derivaten aangemerkt als economische afdekkingen.

In het rentegedeelte van verdisconteerde voorzieningen, had € -1,8 miljoen (2020: € -2,8 miljoen) betrekking op de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen (zie toelichting 6.16. ‘Voorzieningen voor personeelsbeloningen’). In 2020 had € -0,1 miljoen betrekking op overige voorzieningen, terwijl er in 2021 geen impact was (zie toelichting 6.17. ‘Overige voorzieningen’).

image
image


5.5. Overige financiële opbrengsten en lasten

in duizend €

2020

2021

Waardeaanpassingen van derivaten

567

4 987

Wisselresultaten op afgedekte posities

-9 765

1 570

Nettoimpact van derivaten en afgedekte posities

-9 198

6 557

Overige wisselresultaten

-17 934

-4 315

Winsten & verliezen op verkoop van financiële vaste activa

19

Dividenden van niet-geconsolideerde deelnemingen

1 184

5 088

Bankkosten en heffingen op financiële transacties

-3 376

-4 074

Bijzondere waardeverminderingen op overige vorderingen

-39

Overige

-842

1 194

Totaal

-30 165

4 430


Waardeaanpassingen omvatten de wijzigingen in reële waarde van alle derivaten die niet als kasstroomafdekkingen worden aangemerkt. Wisselresultaten op afgedekte posities hebben ook enkel betrekking op economische afdekkingen. De hier getoonde nettoimpact van derivaten en afgedekte posities omvat geen effecten die opgenomen werden in andere rubrieken van de winst-en-verliesrekening zoals rentelasten, kostprijs van verkopen of andere bedrijfsopbrengsten en -kosten. Waardeaanpassingen van derivaten bevatten een reëlewaardewinst van € 9,4 miljoen in 2021 (2020: winst van € 1,1 miljoen) die hoofdzakelijk betrekking had op een overeenkomst tot virtuele aankoop van energie (Virtual Power Purchase Agreement - VPPA). Voor meer details betreffende de impact van derivaten en afgedekte posities, zie toelichting 7.2. ‘Beheer van financiële risico’s en derivaten’.

De overige wisselresultaten bedroegen € -4,3 miljoen in 2021 en waren hoofdzakelijk te wijten aan de devaluatie van de Turkse lira en de Chileense peso, wat resulteerde in niet-gerealiseerde en gerealiseerde wisselkoersverschillen op elementen van het werkkapitaal en intragroepsleningen. De bankkosten en heffingen op financiële transacties bevatten eveneens de kosten gelinkt aan de factoring-overeenkomsten.

In 2021 hadden de overige elementen hoofdzakelijk betrekking op een winst uit netto vergoedingen ontvangen uit de overeenkomst tot virtuele aankoop van energie (VPPA) (€ 1,2 miljoen).

Alle dividenden van niet-geconsolideerde deelnemingen hebben betrekking op deelnemingen die zijn aangehouden tot op balansdatum aangezien er geen aandelen zijn verkocht gedurende het jaar.

image
image


5.6. Winstbelastingen

in duizend €

2020

2021

Verschuldigde belastingen over het lopend jaar

-58 130

-115 674

Verschuldigde belastingen over de voorbije jaren

21 386

-332

Uitgestelde belastingen - wegens wijzigingen in tijdelijke verschillen

-32 159

-40 181

Uitgestelde belastingen - wegens wijzigingen in belastingvoeten

-2 214

-3 710

Uitgestelde belastingen - aanpassingen inzake overgedragen verliezen van voorbije jaren

6 990

-2 150

Uitgestelde belastingen - aanwending van voorheen niet-opgenomen uitgestelde belastingvorderingen

7 614

28 751

Totale belastinglast

-56 513

-133 296


Verband tussen de totale belastinglast en winst vóór belastingen

In onderstaande tabel wordt de winst vóór belastingen getoond als resultaat vóór belastingen.

in duizend €

2020

2021

Resultaat vóór belastingen

170 194

476 296

Belastinglast op resultaten van fiscale entiteiten tegen de theoretische lokale belastingvoet van de betrokken landen

-46 943

-117 823

Theoretische belastingvoet ¹

-27,6%

-24,7%

Belastingimpact van:

Fiscaal niet-aftrekbare uitgaven

-8 528

-12 893

Andere belastingvoeten en speciale belastingregimes ²

13 334

13 979

Niet-opgenomen uitgestelde belastingvorderingen ³

-33 855

-16 803

Aanwending of opname van voorheen niet-opgenomen uitgestelde belastingvorderingen ⁴

7 614

28 751

Uitgestelde belastingen wegens wijzigingen in belastingvoeten

-2 214

-3 710

Belastingen met betrekking tot voorgaande jaren ⁵

28 376

-2 482

Fiscaal vrijgestelde inkomsten

129

3 224

Roerende voorheffing i.v.m. dividenden, royalty's, rente en diensten

-15 864

-21 308

Overige

1 438

-4 231

Totale belastinglast

-56 513

-133 296

Werkelijke belastingvoet

-33,2%

-28,0%

¹ De theoretische belastingvoet wordt berekend als een gewogen gemiddelde, rekening houdend met de resultaten vóór belastingen in verschillende landen met verschillende belastingvoeten.

² In 2021 hadden de speciale belastingregimes vooral betrekking op belastingstimulansen in België, net zoals in 2020.

³ In 2021 hadden niet-opgenomen uitgestelde belastingvorderingen voornamelijk betrekking op overgedragen verliezen in België, Canada, China, Spanje en de Verenigde Staten, terwijl in 2020 dit vooral betrekking had op overgedragen verliezen in Brazilië, Canada, China, Chili, Duitsland, Italië en de Verenigde Staten, en op bijzondere waardeverminderingen op activa van de zaagdraadactiviteiten in China.

⁴ In 2021 was de beweging vooral een gevolg van het gebruik van overgedragen verliezen en opname van uitgestelde belastingvorderingen die voorheen niet erkend werden, net als in 2020.

⁵ In 2021 waren de belastingen met betrekking tot voorgaande jaren vooral het gevolg van aangiftes, terwijl in 2020 een aantal belastingcontroles in meerdere landen afgerond werden wat aanleiding gaf tot een bijkomende belastingkost enerzijds en het vrijvallen van betrokken voorzieningen voor onzekere belastingposities anderzijds.




image
image

5.7. Aandeel in het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen

5.8. Winst per aandeel

2020

Aantal

Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen (basisberekening)

56 554 555

Verwateringseffect van op aandelen gebaseerde betalingsregelingen

85 471

Verwateringseffect van converteerbare obligatieleningen ¹

7 493 591

Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen (na verwateringseffect)

64 133 617

in duizend €

Basis-berekening

Na verwaterings-effect

Perioderesultaat toerekenbaar aan gewone aandeelhouders

134 687

134 687

Effect van converteerbare obligatieleningen ¹

10 613

Winst

134 687

145 300

Winst per aandeel (in €)

2,382

2,266

¹  Niet te vermelden als het effect van de converteerbare obligatie niet-dilutief is, d.i. als het effect zodanig is dat het de EPS-ratio zou verbeteren (zie verder).


In 2021 reflecteerde het aandeel in het resultaat van joint ventures en geassocieerde deelnemingen de zeer sterke prestaties van de Staaldraadtoepassingen en Rubberversterking activiteiten in Brazilië. Bovendien is Belgo Bekaert Arames Ltda er in geslaagd om BRL 670 miljoen aan indirecte belastingtegoeden (PIS/COFINS) te recupereren, wat een eenmalig netto-effect van BRL 485 miljoen opleverde (€ 34,2 miljoen equivalent voor het groepsaandeel). De performantieverbeteringen waren licht getemperd door de daling in waarde van de Braziliaanse real ten opzichte van de euro (gemiddelde koers daalde van 2020 naar 2021 met 8,4%). Deze daling in YTD gemiddelde koers van 2021 ten opzichte van 2020 was vooral het gevolg van een aanzienlijke daling in de loop van 2020 terwijl de koers in 2021 min of meer stabiel bleef.

Aanvullende informatie met betrekking tot de Braziliaanse joint ventures wordt verstrekt onder toelichting 6.5. ‘Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen’.

in duizend €

2020

2021

Joint ventures

Agro-Bekaert Colombia SAS

Colombia

-244

-390

Agro - Bekaert Springs, SL

Spanje

-6

-6

Belgo Bekaert Arames Ltda

Brazilië

27 631

99 349

BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda

Brazilië

7 121

8 701

Servicios Ideal AGF Inttegra Cía Ltda

Ecuador

-147

-34

Totaal

34 355

107 619


image
image

2021

Aantal

Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen (basisberekening)

57 000 709

Verwateringseffect van op aandelen gebaseerde betalingsregelingen

620 115

Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen (na verwateringseffect)

57 620 824

in duizend €

Basis-berekening

Na verwaterings-effect

Perioderesultaat toerekenbaar aan gewone aandeelhouders

406 977

406 977

Winst

406 977

406 977

Winst per aandeel (in €)

7,140

7,063


De winst per aandeel (earnings per share, ‘EPS’) is het bedrag van de winst na belastingen toewijsbaar aan elk aandeel. De basisberekening van de winst per aandeel komt overeen met het resultaat van de periode toerekenbaar aan aandeelhouders van Bekaert gedeeld door het gewogen gemiddeld aantal uitstaande aandelen gedurende het jaar. De winst per aandeel na verwateringseffect weerspiegelt de verbintenissen van de Groep tot het uitgeven van aandelen in de toekomst. Daartoe behoren in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde plannen (inschrijvingsrechten, opties, prestatieaandelen en matching shares, zie toelichting 6.13. ‘Gewone aandelen, eigen aandelen en in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen’) en mogelijks de afwikkeling van de converteerbare obligatielening. Inschrijvingsrechten, opties en andere op aandelen gebaseerde regelingen zijn slechts dilutief in de mate dat hun uitoefenprijs lager is dan de gemiddelde slotkoers van de periode, waarbij in de uitoefenprijs ook de reële waarde van nog te leveren diensten tijdens de resterende wachtperiode is inbegrepen. Voorwaardelijke uit te geven aandelen (bijv. prestatieaandelen) zijn alleen dilutief als aan de voorwaarden is voldaan op balansdatum. Het verwateringseffect van op aandelen gebaseerde regelingen beperkt zich tot het gewogen gemiddeld aantal aandelen op te nemen in de noemer van de EPS-ratio; er is geen effect op de winst op te nemen in de teller van de EPS-ratio. De converteerbare obligatielening heeft meestal een effect op zowel de noemer als de teller van de EPS-ratio. Het verwateringseffect van de converteerbare obligatielening op de winst (op te nemen in de teller van de EPS-ratio) bestaat uit het terugdraaien van alle opbrengsten en kosten die direct verband houden met de converteerbare obligatielening en die de ‘basis’-winst voor de periode beïnvloed hebben. In 2020 werd de winst-en-verliesrekening voor € -10,6 miljoen beïnvloed door de converteerbare obligatielening.

Om de impact van verwatering te berekenen, wordt er verondersteld dat alle potentieel dilutieve aandelen werden uitgeoefend bij het begin van de periode, of, als de instrumenten uitgegeven werden gedurende de periode, op uitgiftedatum. Dit resulteerde in een totaal verwateringseffect van € -0,08 per aandeel (2020: € -0,116), dat integraal verband hield met de op aandelen gebaseerde regelingen (2020: € -0,004) en waarvan niets meer was gelinkt aan de converteerbare obligatielening (2020: € -0,112).

De gemiddelde slotkoers tijdens 2021 was € 36,33 per aandeel (2020: € 19,92 per aandeel). Volgende tabel toont alle niet-dilutieve instrumenten tijdens de verslagperiode. Opties en inschrijvingsrechten waren out of the money aangezien de uitoefenprijs hoger lag dan de gemiddelde slotkoers, terwijl prestatieaandelen niet-dilutief waren doordat de prestatiedoelstelling niet was voldaan.

Niet-dilutieve instrumenten

Datum van toekenning

Uitoefenprijs
(in €)

Aantal
toegekend

Aantal
uitstaand

SOP 2015-2017 - opties

13.02.2017

39,43

273 325

226 056



image
image

6. Balanselementen


6.1. Immateriële activa

Aanschaffingswaarde

Licenties, patenten en soortgelijke rechten

Computer software

Commerciële activa

Overige

Totaal

in duizend €

Per 1 januari 2020

23 773

91 649

56 408

16 208

188 037

Aanschaffingen

3 214

3 214

Eerste consolidatie

7

7

Verkopen en buitengebruikstellingen

-2 048

-2 048

Overdrachten ¹

2 601

216

-37

2 779

Omrekeningswinsten en verliezen (-)

-34

-1 566

-2 081

-642

-4 323

Per 31 december 2020

26 340

91 472

54 290

15 566

187 667

Per1 januari 2021

26 340

91 472

54 290

15 566

187 667

Aanschaffingen

17

11 207

1 627

2

12 852

Verkopen en buitengebruikstellingen

-100

-7 143

-1 169

-1 649

-10 062

Overdrachten ¹

844

93

937

Omrekeningswinsten en-verliezen (-)

205

1 760

3 968

834

6 768

Per 31 december 2021

27 305

97 388

58 717

14 752

198 162

¹ Overdrachten vallen op nul wanneer de totalen van 'Immateriële activa' en 'Materiële vaste activa' (zie toelichting 6.3.) en 'Recht-op-gebruik (RoU) vaste activa' (zie toelichting 6.4.) worden opgeteld.




Afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen

Licenties, patenten en soortgelijke rechten

Computer software

Commerciële activa

Overige

Totaal

in duizend €

Per1 januari 2020

15 859

77 730

18 487

15 696

127 772

Afschrijvingen van het boekjaar

1 655

4 815

3 311

108

9 890

Bijzondere waardeverminderingen

103

103

Verkopen en buitengebruikstellingen

-2 039

-2 039

Omrekeningswinsten (-) en -verliezen

-3

-1 498

-604

-616

-2 722

Per 31 december 2020

17 510

79 111

21 194

15 188

133 003

Per1 januari 2021

17 510

79 111

21 194

15 188

133 003

Afschrijvingen van het boekjaar

1 920

3 573

3 872

30

9 395

Verkopen en buitengebruikstellingen

-100

-7 143

-1 169

-1 649

-10 062

Omrekeningswinsten (-) en-verliezen

11

1 575

1 616

1 184

4 386

Per 31 december 2021

19 341

77 116

25 514

14 752

136 723

Nettoboekwaarde per  31 december 2020

8 830

12 361

33 096

378

54 664

Nettoboekwaarde per  31 december 2021

7 965

20 273

33 202

61 440

image
image

De aanschaffingen van software hadden voornamelijk betrekking op de omvangrijke implementatie van de ‘digital roadmap’ in diverse domeinen (verkoop, toeleveringsketen, aankoop, financiën, HR, ...). Immateriële activa die volledig afgeschreven waren, werden van de balans genomen.

Op balansdatum waren er geen immateriële activa met een onbepaalde gebruiksduur.


6.2. Goodwill

Deze toelichting behelst hoofdzakelijk goodwill op verwerving van dochterondernemingen. Goodwill met betrekking tot joint ventures en geassocieerde ondernemingen zit vervat in toelichting 6.5. ‘Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen’.

Aanschaffingswaarde

in duizend €

2020

2021

Per 1 januari

155 024

154 280

Toenames

598

Omrekeningswinsten en -verliezen (-)

-1 342

1 689

Per 31 december

154 280

155 970

Bijzondere waardeverminderingen

in duizend €

2020

2021

Per 1 januari

5 240

4 883

Omrekeningswinsten (-) en -verliezen

-358

413

Per 31 december

4 883

5 295

Nettoboekwaarde per 31 december

149 398

150 674


image
image



Goodwill per kasstroomgenererende eenheid

De goodwill verworven ten gevolge van een bedrijfscombinatie wordt bij acquisitie toegewezen aan de kasstroomgenererende eenheden waarvan verwacht wordt dat zij voordeel zullen halen uit deze bedrijfscombinatie. De nettoboekwaarde van de goodwill en de eraan verbonden bewegingen van de periode zijn als volgt toegewezen:

2020

in duizend €

Groep van kasstroomgenererende eenheden

Nettoboekwaarde per 1 januari

Toename

Omrekenings-verschillen

Nettoboekwaarde per 31 december

Dochterondernemingen

SWS

Bekaert Bradford UK Ltd

2 631

-141

2 490

SB

Verbrandingstechnologie - verwarming EMEA

3 027

3 027

SB

Bouwproducten

71

71

RR

Rubberversterkingsproducten

4 255

4 255

SWS

Productie-eenheid Orrville (USA)

10 442

-882

9 560

SWS

Inchalam-groep

750

-23

727

SWS

Bekaert Ideal SL vennootschappen

844

844

SWS

Bekaert (Qingdao) Wire Products Co Ltd

385

385

SWS

Bekaert Jiangyin Wire Products Co Ltd

47

47

SWS

Grating Peru SAC

598

-51

547

BBRG

BBRG

127 332

113

127 445

Subtotaal

149 784

598

-984

149 398

Joint ventures en geassocieerde ondernemingen

SWS

Belgo Bekaert Arames Ltda

3 328

-970

2 358

RR

BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda

2 035

-593

1 442

Subtotaal

5 363

-1 563

3 800

Totaal

155 148

598

-2 547

153 198

image
image


2021

in duizend €

Groep van kasstroomgenererende eenheden

Nettoboekwaarde per 1 januari

Toename

Omrekenings-verschillen

Nettoboekwaarde per 31 december

Dochterondernemingen

SWS

Bekaert Bradford UK Ltd

2 490

174

2 664

SB

Verbrandingstechnologie - verwarming EMEA

3 027

3 027

SB

Bouwproducten

71

71

RR

Rubberversterkingsproducten

4 255

4 255

SWS

Productie-eenheid Orrville (USA)

9 560

798

10 357

SWS

Inchalam-groep

727

-70

657

SWS

Bekaert Ideal SL vennootschappen

844

547

46

1 437

SWS

Bekaert (Qingdao) Wire Products Co Ltd

385

385

SWS

Bekaert Jiangyin Wire Products Co Ltd

47

47

SWS

Grating Peru SAC

547

-547

BBRG

BBRG

127 445

329

127 774

Subtotaal

149 398

1 276

150 674

Joint ventures en geassocieerde ondernemingen

SWS

Belgo Bekaert Arames Ltda

2 358

24

2 382

RR

BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda

1 442

14

1 456

Subtotaal

3 800

38

3 838

Totaal

153 198

1 314

154 513

Naar aanleiding van de fusie tussen Grating Peru SAC in Productos de Acero Cassadó S.A. werd de goodwill die initieel toegewezen was aan Grating Peru SAC toegewezen aan de Bekaert Ideal SL vennootschappen.

De disconteringsvoet is gebaseerd op de (langetermijn-)kapitaalkosten vóór belastingen en de risico’s zitten ingebed in de kasstromen. Er wordt een gewogen gemiddelde kapitaalkost (weighted average cost of capital = WACC) bepaald voor de regio’s waarin de euro, de US dollar en de Chinese renminbi de dominante valuta’s zijn. Voor landen of activiteiten met een hoger ingeschat risico wordt de WACC opgetrokken met een risicopremie die specifek is voor dit land of deze activiteit. De WACC wordt bepaald vóór belastingen omdat de relevante kasstromen ook vóór belastingen bepaald worden. De weging van kapitaalkosten voor schulden en eigen vermogen is gebaseerd op een streefcijfer van 50% gearing (nettoschuld in verhouding tot het eigen vermogen). Voor kasstroommodellen die in reële termen uitgedrukt zijn (zonder inflatie), wordt de nominale WACC aangepast voor de verwachte inflatievoet. Voor kasstroommodellen die in nominale termen uitgedrukt zijn wordt de nominale WACC gebruikt. Alle parameters die de berekening van de disconteringsvoeten beïnvloeden, worden minstens jaarlijks herzien.

In het model voor het toetsen op bijzondere waardevermindering van de goodwill voortvloeiend uit de BBRG-bedrijfscombinatie werden volgende karakteristieken verwerkt:

een tijdshorizon van 5 jaar voor de kasstroomprognose gebaseerd op het laatste businessplan, gevolgd door een eindwaarde op basis van een nominale perpetuele groeivoet van 2% (in 2020: 2%), die in hoofdzaak berust op een conservatieve inschatting van de industriële BNP-evolutie;

de kasstromen weerspiegelen de evolutie op basis van overeengekomen actieplannen en de huidige toestand van de activa, zonder effecten van toekomstige herstructureringen mee te rekenen die nog niet vastgelegd zijn;

image
image

er wordt enkel rekening gehouden met investeringsuitgaven vereist voor het instandhouden van de activa, dus niet met toekomstige uitgaven om de prestaties van activa te verhogen tegenover hun oorspronkelijk ingeschatte prestatienorm;

verbeteringen van de kostenstructuur worden niet meegerekend tenzij ze afdoende onderbouwd zijn; en

kasuitstromen met betrekking tot het werkkapitaal zijn berekend als een percentage van de omzettoename, gebaseerd op de voorbije prestaties van BBRG.

De bufferruimte voor bijzondere waardeverminderingen op de goodwill van BBRG, d.i. het overschot van de realiseerbare waarde tegenover de boekwaarde van de kasstroomgenererende eenheid van BBRG, wordt geschat op € 375,0 miljoen (2020: € 218,7 miljoen). De stijging is het gecombineerd resultaat van een bijgewerkt actieplan (€ +177,8 miljoen) verminderd door een stijging van het kapitaalgebruik in de business (€ +21,6 miljoen).

Bij wijze van voorbeeld geven de volgende scenario’s de gevoeligheid van deze bufferruimte weer voor wijzigingen in de belangrijkste assumpties van het actieplan:

Indien de omzet 10% lager zou zijn in elke periode van het actieplan, dan zou de bufferruimte afnemen met € 112,9 miljoen (met een saldo van € 262,1 miljoen);

Indien de ratio EBITDA-onderliggend tegenover omzet in elke periode van het actieplan 1% lager zou zijn, dan zou de bufferruimte met € 65,2 miljoen afnemen (met een saldo van € 309,8 miljoen);

Indien de EBITDA-onderliggend in elke periode van het actieplan telkens € 5,0 miljoen lager zou zijn, dan zou de bufferruimte € 55,1 miljoen lager zijn (met een saldo van € 319,9 miljoen);

Bij een 1% hogere disconteringsvoet zou de bufferruimte met € 80,9 miljoen dalen (met een saldo van € 294,1 miljoen);

Bij een gezamenlijk effect van een lagere omzet van 10% en een lagere marge van Onderliggende EBITDA ten opzichte van omzet van 1%, in elke periode van het actieplan, zou de bufferruimte met € 171,6 miljoen dalen (met een saldo van € 203,4 miljoen);

Bij een gezamenlijk effect van een lagere omzet van 10%, een lagere marge van Onderliggende EBITDA ten opzichte van omzet van 1% in elke periode van het actieplan en een hogere disconteringsvoet van 1% zou de bufferruimte met € 236,3 miljoen afnemen (met een saldo van € 138,7 miljoen).

Op basis van de gegevens die op vandaag gekend zijn, zouden redelijkerwijs mogelijke veranderingen in de voornaamste veronderstellingen (waaronder de disconteringsvoet, de omzet- en marge-evolutie) geen aanleiding geven tot bijzondere waardeverminderingen voor kasstroomgenererende eenheden waaraan goodwill werd toegewezen.

image
image

Disconteringsvoeten voor toetsen op bijzondere waardevermindering

2020

EUR regio

USD regio

CNY regio

Streefcijfers voor de Groep

Gearing: nettoschuld / eigen vermogen

50%

% schulden

33,3%

% eigen vermogen

66,7%

% langetermijnschulden

75%

% kortetermijnschulden

25%

Schuldkost voor Bekaert

1,2%

3,8%

4,8%

Langetermijnrentevoet

1,5%

4,2%

4,9%

Kortetermijnrentevoet

0,4%

2,7%

4,4%

Eigenvermogenkost voor Bekaert (na belastingen)

= Rf + b * Em

7,9%

9,0%

13,1%

Risicovrije rentevoet = Rf

-0,3%

0,8%

4,9%

Beta = b

1,3

Marktrisicopremie voor eigen vermogen = Em

6,3%

Belastingvoet

27%

Eigenvermogenkost vóór belastingen voor Bekaert

10,8%

12,4%

18,0%

Bekaert WACC - nominaal

7,6%

9,5%

13,6%

Verwachte inflatie

1,4%

2,0%

2,8%

Bekaert WACC in reële termen

6,2%

7,5%

10,8%

image
image

Disconteringsvoeten voor toetsen op bijzondere waardevermindering

2021

EUR regio

USD regio

CNY regio

Streefcijfers voor de Groep

Gearing: nettoschuld / eigen vermogen

50%

% schulden

33,3%

% eigen vermogen

66,7%

% langetermijnschulden

75%

% kortetermijnschulden

25%

Schuldkost voor Bekaert

1,8%

4,7%

4,8%

Langetermijnrentevoet

2,1%

5,2%

4,9%

Kortetermijnrentevoet

0,7%

3,1%

4,4%

Eigenvermogenkost voor Bekaert (na belastingen)

= Rf + b * Em + S

9,3%

10,8%

14,1%

Risicovrije rentevoet = Rf

0,1%

1,6%

4,9%

Beta = b

1,3

Marktrisicopremie voor eigen vermogen = Em

6,0%

Size premie = S

1,4%

Belastingvoet

27%

Eigenvermogenkost vóór belastingen voor Bekaert

12,8%

14,8%

19,3%

Bekaert WACC - nominaal

9,1%

11,4%

14,5%

Verwachte inflatie

2,1%

2,3%

3,0%

Bekaert WACC in reële termen

7,0%

9,1%

11,5%

image
image

6.3. Materiële vaste activa

Aanschaffingswaarde

Terreinen
en
gebouwen

Installaties, machines en uitrusting

Meubilair en rollend materieel

Overige materiële vaste activa

Activa in aanbouw

Totaal

in duizend €

Per 1 januari 2020

1 203 052

2 921 507

111 751

17 266

83 209

4 336 784

Aanschaffingen

30 526

56 434

4 638

366

8 140

100 104

Verkopen en buitengebruikstellingen

-23 901

-94 502

-5 109

-1 014

-195

-124 271

Eerste consolidatie

250

19

268

Overdrachten ¹

2 254

39

-2 817

-524

Herclassificering als (-) / uit aangehouden voor verkoop ²

-8 482

-8 482

Omrekeningswinsten en-verliezen (-)

-48 096

-110 778

-3 225

-320

-4 313

-166 732

Per 31 december 2020

1 153 100

2 775 614

108 112

16 298

84 023

4 137 147

Per 1 januari 2021

1 153 100

2 775 614

108 112

16 298

84 023

4 137 147

Aanschaffingen

22 434

60 371

6 768

370

63 107

153 050

Verkopen en buitengebruikstellingen

-21 252

-52 833

-3 724

-417

-57

-78 283

Merger / Split

5 537

2 223

49

7 809

Overdrachten ¹

105

-937

-832

Herclassificering als (-) / uit aangehouden voor verkoop ²

-1 551

-278

-451

-2 280

Omrekeningswinsten en-verliezen (-)

61 060

167 912

4 626

167

4 955

238 720

Per 31 december 2021

1 219 328

2 953 008

115 937

15 968

151 091

4 455 332

¹ Overdrachten vallen op nul wanneer de totalen van 'Immateriële activa' (zie toelichting 6.1. 'Immateriële activa') en 'Recht-op-gebruik vaste activa' (zie toelichting 6.4. 'Recht-op-gebruik (RoU) vaste activa') en materiële vaste activa worden opgeteld.

² In 2020 heeft de herclassificering als aangehouden voor verkoop hoofdzakelijk betrekking op de gebouwen in Canada; in 2021 heeft dit betrekking op de Ingelmunster site (België) (zie toelichting 6.12.'Activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop en verplichtingen verbonden met deze activa').

image
image

Afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen

Terreinen
en
gebouwen

Installaties, machines en uitrusting

Meubilair en rollend materieel

Overige materiële vaste activa

Activa in aanbouw

Totaal

in duizend €

Per 1 januari 2020

631 920

2 251 771

91 236

5 457

2 980 384

Afschrijvingen van het boekjaar

41 434

111 237

8 236

760

161 667

Bijzondere waardeverminderingen

1 931

14 779

210

16 920

Terugname van bijzondere waardeverminderingen en afschrijvingen

-3 125

-16

-3 141

Verkopen en buitengebruikstellingen

-15 797

-93 637

-4 913

-784

-115 131

Overdrachten ¹

788

788

Herclassificering als (-) / uit aangehouden voor verkoop ²

-2 115

-2 115

Omrekeningswinsten (-) en -verliezen

-22 617

-74 523

-2 667

-187

-99 994

Per 31 december 2020

634 755

2 207 291

92 087

5 246

2 939 379

Per 1 januari 2021

634 755

2 207 291

92 087

5 246

2 939 379

Afschrijvingen van het boekjaar

41 600

101 370

7 704

755

151 429

Bijzondere waardeverminderingen

1 077

158

9

1 244

Terugname van bijzondere waardeverminderingen en afschrijvingen

-2 760

-2

-2 762

Verkopen en buitengebruikstellingen

-19 345

-49 080

-3 591

-208

-72 225

Overdrachten ¹

78

78

Herclassificering als (-) / uit aangehouden voor verkoop ²

-744

-148

-89

-981

Omrekeningswinsten (-) en -verliezen

37 566

137 913

4 046

85

179 611

Per 31 december 2021

693 833

2 395 662

100 479

5 798

3 195 772

¹ Overdrachten vallen op nul wanneer de totalen van 'Immateriële activa' (zie toelichting 6.1. 'Immateriële activa') en 'Recht-op-gebruik vaste activa' (zie toelichting 6.4. 'Recht-op-gebruik (RoU) vaste activa') en materiële vaste activa worden opgeteld.

² In 2020 heeft de herclassificering als aangehouden voor verkoop hoofdzakelijk betrekking op de gebouwen in Canada; in 2021 heeft dit betrekking op de Ingelmunster site (België) (zie toelichting 6.12.'Activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop en verplichtingen verbonden met deze activa').


image
image

Aanschaffingswaarde

in duizend €

Terreinen
en
gebouwen

Installaties, machines en uitrusting

Meubilair en rollend materieel

Overige materiële vaste activa

Activa in aanbouw

Totaal

Nettoboekwaarde per  31 december 2020 vóór investeringssubsidies

518 345

568 324

16 026

11 051

84 023

1 197 769

Netto-investeringssubsidies

-4 704

-1 284

-5 988

Nettoboekwaarde per  31 december 2020

513 641

567 040

16 026

11 051

84 023

1 191 781

Nettoboekwaarde per  31 december 2021 vóór investeringssubsidies

525 495

557 347

15 457

10 168

151 091

1 259 559

Netto-investeringssubsidies

-4 780

-922

-5 702

Nettoboekwaarde per  31 december 2021

520 716

556 425

15 457

10 168

151 091

1 253 857

Investeringen in materiële vaste activa omvatten uitbreidingsprogramma’s en technologische aanpassingen aan bestaande installaties in de ganse groep, maar hoofdzakelijk in Rubberversterking (in de fabrieken in EMEA en China, als ook voor de opstart in Vietnam). In de Staaldraadtoepassingen vonden de investeringen voornamelijk plaats in Centraal-Europa, Noord-Amerika en Latijns-Amerika. In de Specialty Businesses werd geïnvesteerd in uitbreidingsprogramma’s in Centraal-Europa (bouwproducten), in België (staalvezeltechnologieën) en in de Europese vestigingen van verbrandingstechnologie. Tenslotte vonden de investeringen in BBRG voornamelijk plaats in de kabelentiteit gevestigd in het VK en Noord-Amerika en in de advanced cords-vestigingen.

Het saldo van de Activa in Aanbouw op eind 2021 had betrekking op enkele grote expansieprojecten (zoals de fabriek in Vietnam, in Centraal- en Oost-Europa, de BBRG fabriek in Noord-Amerika en de uitbreiding in advanced cords), maar voornamelijk op veel kleinere investeringprojecten die nog niet volledig operationeel zijn in alle Bekaert fabrieken.

In 2020 werden bijzondere waardeverminderingen genomen in BBRG (Canada), Specialty Businesses (verbrandingstechnologie in China) en in Staaldraadtoepassingen (EMEA).

Er werden geen materiële vaste activa verpand als waarborg voor leningen.

image
image

6.4. Recht-op-gebruik (RoU) vaste activa

Deze toelichting verstrekt informatie over lease-overeenkomsten waar de Groep optreedt als een leasingnemer. Over het algemeen treedt de Groep niet op als leasinggever.

De balans van de recht-op-gebruik vaste activa toonde volgende bewegingen gedurende het jaar:

Aanschaffingswaarde

Recht op gebruik terreinen

Recht op gebruik gebouwen

Recht op gebruik installaties, machines en uitrusting

Recht op gebruik industriële voertuigen

Recht op gebruik bedrijfs-
wagens

Recht op gebruik kantoor-
materieel

Recht op gebruik overige materiële vaste activa

Totaal

in duizend €

Per 1 januari 2020

78 789

72 863

4 381

15 411

20 808

1 547

373

194 173

Nieuwe lease-overeenkomsten / uitbreidingen

11 809

1 500

5 026

5 334

406

235

24 309

Beëindigde overeenkomsten / inkorting van de contractduur

-3 978

-7 710

-285

-2 399

-3 122

-135

-12

-17 641

Overdrachten ¹

-2 255

-2 255

Omrekeningswinsten en -verliezen (-)

-3 434

-3 276

-135

-545

-396

-87

-8

-7 881

Per  31 december 2020

71 376

73 686

3 206

17 494

22 624

1 730

589

190 704

Per 1 januari 2021

71 376

73 686

3 206

17 494

22 624

1 730

589

190 704

Nieuwe lease-overeenkomsten / uitbreidingen

6 123

782

7 116

4 184

398

144

18 748

Beëindigde overeenkomsten / inkorting van de contractduur

-985

-2 966

-104

-3 017

-4 229

-241

-11 542

Overdrachten ¹

-105

-105

Omrekeningswinsten en -verliezen (-)

7 554

2 817

59

416

324

121

32

11 323

Per  31 december 2021

77 945

79 661

3 943

22 009

22 798

2 249

523

209 129


Afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen

Recht op gebruik terreinen

Recht op gebruik gebouwen

Recht op gebruik installaties, machines en uitrusting

Recht op gebruik industriële voertuigen

Recht op gebruik bedrijfs-
wagens

Recht op gebruik kantoor-
materieel

Recht op gebruik overige materiële vaste activa

Totaal

in duizend €

Per 1 januari 2020

16 809

16 818

1 331

3 781

6 015

296

71

45 121

Afschrijvingen van het boekjaar

1 419

9 987

832

4 949

6 301

353

88

23 930

Bijzondere waardeverminderingen

59

59

Beëindigde overeenkomsten

-400

-3 792

-285

-1 542

-2 318

-34

-1

-8 372

Overdrachten ¹

-788

-788

Omrekeningswinsten (-) en-verliezen

-627

-853

-36

-163

-147

-25

-3

-1 853

Per 31 december 2020

17 201

22 219

1 055

7 026

9 852

590

155

58 097

Per 1 januari 2021

17 201

22 219

1 055

7 026

9 852

590

155

58 097

Afschrijvingen van het boekjaar

1 381

10 211

979

5 169

5 950

433

88

24 210

Beëindigde overeenkomsten

-273

-2 418

-75

-2 520

-3 291

-15

-8 592

Overdrachten ¹

-78

-78

Omrekeningswinsten (-) en -verliezen

1 968

1 066

12

162

152

49

10

3 418

Per 31 december 2021

20 277

31 077

1 971

9 836

12 585

1 072

238

77 056

¹ Overdrachten vallen op nul wanneer de totalen van 'Immateriële activa' (zie toelichting 6.1. 'Immateriële activa') en 'Materiële vaste activa' (zie toelichting 6.3. 'Materiële vaste activa') en 'Recht-op-gebruik vaste activa' worden opgeteld.

image
image

in duizend €

Recht op gebruik terreinen

Recht op gebruik gebouwen

Recht op gebruik installaties, machines en uitrusting

Recht op gebruik industriële voertuigen

Recht op gebruik bedrijfs-
wagens

Recht op gebruik kantoor-
materieel

Recht op gebruik overige materiële vaste activa

Totaal

Nettoboekwaarde per  31 december 2020

54 175

51 467

2 151

10 468

12 773

1 141

433

132 607

Nettoboekwaarde per  31 december 2021

57 668

48 584

1 972

12 172

10 214

1 178

285

132 073

De Groep huurt verscheidene fabrieken, kantoren, opslagplaatsen, industrieel materieel, industriële voertuigen, bedrijfswagens, servers en klein kantoormaterieel zoals printers. Deze contracten kunnen zowel lease als non-leasecomponenten bevatten. De Groep wijst de vergoeding in het contract toe aan lease- en non-leasecomponenten gebaseerd op hun relatieve individuele prijzen. Echter voor de leases van bedrijfswagens en industriële voertuigen, waarbij de Groep optreedt als een leasingnemer, werd gekozen om lease- en non-leasecomponenten niet af te zonderen. In plaats daarvan werd gekozen deze te beschouwen als één enkele leasecomponent. De voornaamste non-leasecomponenten die werden opgenomen in de leasecomponent zijn kosten voor onderhoud en kosten voor de vervanging van banden. De Groep heeft de praktische uitzondering voor activa met lage waarde toegepast op de leases van printers en klein kantoormaterieel. De Groep heeft de praktische uitzondering ook toegepast voor korte termijn leases (gedefinieerd als leases met een looptijd van maximum 12 maanden). Er waren geen contracten waarin ontmantelingskosten, restwaardegaranties of initiële directe kosten waren opgenomen, noch contracten met variabele huurkosten andere dan die gekoppeld aan een index of intrest.

Toevoegingen aan RoU gebouwen omvatten nieuwe contracten voor magazijnen en kantoren, voornamelijk in China en de Verenigde Arabische Emiraten.

De gemiddelde huurtermijn voor de recht-op-gebruik activa (exclusief de gebruiksrechten van terreinen) bedroeg 9,9 jaar (2020: 9,8 jaar). RoU gebouwen hadden een gemiddelde looptijd van 13 jaar (2020: 13 jaar) en de overige categorieën van vaste activa (met uitzondering van terreinen) hadden een gemiddelde looptijd tussen 4 en 6 jaar.

RoU terreinen hebben betrekking op de gebruiksrechten van terreinen die vooraf werden betaald en hadden een gemiddelde gebruiksduur van 54 jaar.

De leasebetalingen worden verdisconteerd op basis van de intrestvoet impliciet vermeld in de lease. Indien deze intrest niet gemakkelijk kan worden bepaald, wat in het algemeen het geval is voor de leases van de Groep, wordt de marginale rentevoet van de leasingnemer gebruikt om de toekomstige leasebetalingen te verdisconteren. De marginale rentevoet is de rente die een individuele leasingnemer zou moeten betalen om de nodige fondsen te ontlenen, om een actief met een vergelijkbare waarde als het recht-op-gebruik actief te verkrijgen in een gelijkaardige economische context met overeenkomstige condities en zekerheden.

De marginale rentevoet wordt bepaald door de Groepsdienst Thesaurie en houdt enerzijds rekening met de marktrente per munt voor verschillende relevante tijdbuckets en anderzijds met een kredietmarge voor iedere individuele entiteit gebaseerd op diens kredietwaardigheid. De marginale rentevoet wordt berekend als de som van beide elementen. De gewogen gemiddelde disconteringsvoet per eind 2021 bedroeg 4,01% (2020: 4,09%).

De financiële kost wordt tijdens de leaseperiode toegerekend aan de winst-en-verliesrekening om op die manier een constante periodieke rente te produceren over het resterende saldo van de verplichting voor elke periode. Voor verdere informatie verwijzen we naar toelichting 6.18. ‘Rentedragende schulden’.

De Groep is blootgesteld aan mogelijke toekomstige stijgingen in variabele leasebetalingen die gebaseerd zijn op een index of intrest die, zolang ze niet van kracht zijn, niet werden inbegrepen in de leaseverplichting. Op het ogenblik dat de leasebetalingen worden aangepast door wijzigingen in de index of intrest, wordt de leaseverplichting opnieuw beoordeeld en aangepast tegenover het recht-op-gebruik actief.

Recht-op-gebruik vaste activa worden algemeen lineair afgeschreven over de kortste termijn, zijnde de gebruiksduur van het actief of de leasetermijn.

image
image

De winst-en-verliesrekening bevatte volgende elementen gelinkt aan leases:

2020

in duizend €

Recht op gebruik terreinen

Recht op gebruik gebouwen

Recht op gebruik installaties, machines en uitrusting

Recht op gebruik industriële voertuigen

Recht op gebruik bedrijfs-
wagens

Recht op gebruik kantoor-materieel

Recht op gebruik overige materiële vaste activa

Totaal

Afschrijvingen van recht op gebruik-activa

-1 419

-9 987

-832

-4 949

-6 301

-353

-88

-23 930

Rentelasten (inbegrepen in de financiële kosten)

-3 593

Kosten gelinkt aan kortlopende lease-overeenkomsten

-1 121

Kosten gelinkt aan activa met geringe waarde

-888

Totaal

-29 532

2021

in duizend €

Recht op gebruik terreinen

Recht op gebruik gebouwen

Recht op gebruik installaties, machines en uitrusting

Recht op gebruik industriële voertuigen

Recht op gebruik bedrijfs-
wagens

Recht op gebruik kantoor-materieel

Recht op gebruik overige materiële vaste activa

Totaal

Afschrijvingen van recht op gebruik-activa

-1 381

-10 211

-979

-5 169

-5 950

-433

-88

-24 210

Rentelasten (inbegrepen in de financiële kosten)

-3 152

Kosten gelinkt aan kortlopende lease-overeenkomsten

-837

Kosten gelinkt aan activa met geringe waarde

-727

Totaal

-28 926

De resterende operationele leasekosten opgenomen in het bedrijfsresultaat hadden voornamelijk betrekking op kosten die gelinkt zijn aan gehuurde activa zoals brandstof voor bedrijfswagens, niet-aftrekbare BTW op bedrijfswagens of onroerende voorheffing op gebouwen.

De totale uitgaande kasstroom voor leases bedroeg in 2021 € 27,9 miljoen (2020: € 27,8 miljoen).

image
image

6.5. Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen

In 2021 en in 2020 had de Groep geen deelnemingen in ondernemingen die worden geclassificeerd als geassocieerde ondernemingen.




Deelnemingen exclusief gerelateerde goodwill

Nettoboekwaarde

in duizend €

2020

2021

Per 1 januari

155 302

120 181

Kapitaalsverhogingen en -verminderingen

872

Resultaat van het boekjaar

34 355

107 619

Dividenden

-24 908

-44 872

Omrekeningswinsten en -verliezen

-45 443

1 891

Andere elementen van het resultaat

3

3

Per 31 december

120 181

184 823


Voor een analyse van het resultaat van het boekjaar verwijzen we naar toelichting 5.7. ‘Aandeel in het resultaat van joint ventures en geassocieerde ondernemingen’.

Omrekeningswinsten en –verliezen hadden voornamelijk te maken met de evolutie van de Braziliaanse real ten opzichte van de euro die min of meer stabiel bleef in 2021 (6,3 BRL/ EUR eind 2021 tegenover 6,4 BRL/EUR eind 2020). In 2020 kende de munt een aanzienlijke waardedaling tegenover de euro (4,5 BRL/EUR eind 2019).

In 2020 hadden de kapitaalverhogingen betrekking op Agro - Bekaert Springs, SL en Agro-Bekaert Colombia SAS, nieuwe 50/50 joint ventures in Spanje en Colombia, en in beperkte mate tot Servicios Ideal AGF Inttegra Cía Ltda in Ecuador.

image
image

Gerelateerde goodwill

Aanschaffingswaarde

in duizend €

2020

2021

Per 1 januari

5 363

3 800

Omrekeningswinsten en -verliezen

-1 563

38

Per 31 december

3 800

3 838

Nettoboekwaarde van gerelateerde goodwill per 31 december

3 800

3 838

Totale nettoboekwaarde van deelnemingen in joint ventures per 31 december

123 981

188 661

Zie toelichting 6.2. ‘Goodwill’ voor details per entiteit.

Het aandeel van de Groep in het eigen vermogen van de joint ventures is als volgt samengesteld:

in duizend €

2020

2021

Joint ventures

Agro-Bekaert Colombia SAS

Colombia

473

56

Agro - Bekaert Springs, SL

Spanje

20

13

Belgo Bekaert Arames Ltda

Brazilië

77 679

136 092

BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda

Brazilië

41 845

48 521

Servicios Ideal AGF Inttegra Cía Ltda

Ecuador

164

140

Totaal joint ventures, exclusief gerelateerde goodwill

120 181

184 822

Nettoboekwaarde van gerelateerde goodwill

3 800

3 838

Totaal joint ventures, inclusief gerelateerde goodwill

123 981

188 661


In overeenstemming met IFRS 12 ‘Informatieverschaffing over betrokkenheid in andere entiteiten’ wordt de volgende informatie verstrekt voor belangrijke joint ventures. De twee Braziliaanse joint ventures werden samengevoegd om te benadrukken dat de samenwerking met ArcelorMittal doorweegt bij het analyseren van het relatief belang van de joint ventures.

Deelnemingspercentage (en stemrechtenpercentage) aangehouden door de Groep op jaareinde

Naam van de joint venture

in duizend €

Land

2020

2021

Belgo Bekaert Arames Ltda

Brazilië

45.0% (50.0%)

45.0% (50.0%)

BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda

Brazilië

44.5% (50.0%)

44.5% (50.0%)

image
image

Belgo Bekaert Arames Ltda produceert en verkoopt een variatie van staaldraadproducten, veelal voor industriële klanten, en BMB produceert en verkoopt vooral draden en kabels voor de rubberversterking van banden.

Braziliaanse joint ventures: winst-en-verliesrekening

in duizend €

2020

2021

Omzet

694 366

1 041 142

Bedrijfsresultaat (EBIT)

109 680

282 531

Renteopbrengsten

8 524

53 043

Rentelasten

-4 397

-17 775

Overige financiële opbrengsten en lasten

-2 062

-2 051

Winstbelastingen

-25 656

-62 360

Perioderesultaat

86 089

253 389

Andere elementen van het resultaat

6

12

Volledig perioderesultaat

86 095

253 400

Afschrijvingen en waardeverminderingen

16 214

15 803

EBITDA

125 894

298 334

Dividenden ontvangen van de entiteiten

24 908

44 872


Braziliaanse joint ventures: balans

in duizend €

2020

2021

Vlottende activa

217 429

406 456

Vaste activa

189 957

239 857

Verplichtingen op ten hoogste een jaar

-109 817

-184 396

Verplichtingen op meer dan een jaar

-33 600

-53 086

Nettoactiva

263 969

408 831


Braziliaanse joint ventures: nettoschuldelementen

in duizend €

2020

2021

Rentedragende schulden op meer dan een jaar

8 247

5 963

Rentedragende schulden op ten hoogste een jaar

17 252

18 454

Totaal financiële schulden

25 499

24 417

Financiële vorderingen en kaswaarborgen op meer dan een jaar

-18 862

-16 466

Geldmiddelen en kasequivalenten

-19 393

-31 940

Nettoschuld

-12 756

-23 990

image
image


De Braziliaanse joint ventures worden geconfronteerd met betwistingen van hun indirecte belastingvorderingen (ICMS) voor een totaal van € 5,0 miljoen (2020: € 6,0 miljoen). Daarnaast zijn er nog meerdere andere belastinggeschillen hangende, waarvan de meeste al jaren teruggaan, voor een totaal nominaal bedrag van € 18,6 miljoen (2020: € 11,6 miljoen). Het spreekt vanzelf dat eventuele winsten en verliezen voortvloeiend uit bovenvermelde voorwaardelijke verplichtingen de Groep slechts zouden affecteren in de mate van hun participatie in de betrokken joint ventures (d.i. 45%).

Niet-opgenomen verbintenissen om materiële vaste activa te verwerven bedroegen € 16,2 miljoen (2020: € 4,6 miljoen), waarvan € 12,4 miljoen (2020: € 2,7 miljoen) tegenover andere Bekaertvennootschappen. Bovendien hadden de Braziliaanse joint ventures ook niet-opgenomen verbintenissen lopen om de komende vijf jaar elektriciteit aan te kopen voor een totaalbedrag van € 24,9 miljoen (2020: € 25,2 miljoen).

Er waren geen beperkingen om geld over te maken in de vorm van contanten en dividenden. Bekaert had geen voorwaardelijke verplichtingen tegenover haar Braziliaanse joint ventures.

Braziliaanse joint ventures: aansluiting met nettoboekwaarde

in duizend €

2020

2021

Nettoactiva van Belgo Bekaert Arames Ltda

171 882

301 977

Deelnemingspercentage van de Groep

45,0%

45,0%

Proportionele nettoactiva

77 347

135 890

Consolidatie-aanpassingen

332

202

Nettoboekwaarde van de deelneming van de Groep in Belgo Bekaert Arames Ltda

77 679

136 092

Nettoactiva van BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda

92 088

106 854

Deelnemingspercentage van de Groep

44,5%

44,5%

Proportionele nettoactiva

40 979

47 550

Consolidatie-aanpassingen

866

971

Nettoboekwaarde van de deelneming van de Groep in BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda

41 845

48 521

Nettoboekwaarde van de deelneming van de Groep in de Braziliaanse joint ventures

119 524

184 613


De volgende tabel geeft de geaggregeerde informatie voor de andere joint ventures weer die in deze context niet materieel werden geacht.

Geaggregeerde informatie van de overige joint ventures

in duizend €

2020

2021

Aandeel van de Groep in het resultaat uit voortgezette bedrijfsactiviteiten

-397

-430

Aandeel van de Groep in andere elementen van het resultaat

-14

-2

Aandeel van de Groep in het volledig perioderesultaat

-411

-432

Geaggregeerde nettoboekwaarde van het aandeel van de Groep in deze joint ventures

657

210


image
image

6.6. Overige vaste activa


in duizend €

2020

2021

Financiële vorderingen op meer dan een jaar en kaswaarborgen

7 451

10 192

Restitutierechten en overige vorderingen op meer dan een jaar

3 164

2 522

Derivaten (zie toelichting 7.2.)

3 762

13 244

Nettovordering uit toegezegdpensioenregelingen op meer dan een jaar

18 082

19 847

Eigenvermogensinstrumenten aangehouden tegen RWvOCI

13 372

20 081

Totaal overige vaste activa

45 830

65 886


De nettovordering uit toegezegdpensioenregelingen was gerelateerd aan de pensioenregelingen in het Verenigd Koninkrijk. Voor meer informatie hierover verwijzen we naar toelichting 6.16. ‘Voorzieningen voor personeelsbeloningen’.

Eigenvermogensinstrumenten aangemerkt als tegen RWvOCI

Nettoboekwaarde

in duizend €

2020

2021

Per 1 januari

13 152

13 372

Aanschaffingen

863

Veranderingen in reële waarde

220

5 847

Per 31 december

13 372

20 081


De eigenvermogensinstrumenten aangemerkt als tegen reële waarde via eigen vermogen (RWvOCI), in overeenstemming met IFRS 9 ‘Financiële instrumenten’, hadden hoofdzakelijk betrekking op:

Shougang Concord Century Holdings Ltd, een vennootschap die genoteerd is op de beurs van Hong Kong (€ 9,8 miljoen). Op deze deelneming werd een toename in reële waarde (€ 3,9 miljoen) opgenomen in het eigen vermogen (2020: € 0,1 miljoen).

Bekaert Xinyu Metal Products Co Ltd (€ 8,0 miljoen). Op deze deelneming werd een toename in reële waarde van € 2,0 miljoen opgenomen in het eigen vermogen (2020: € 0,2 miljoen).

Transportes Puelche Ltda (€ 0,5 miljoen), een deelneming aangehouden door Acma SA en Prodalam SA (Chili).

Greenzest Sun Park Private Limited (€ 0,9 miljoen), een nieuwe investering aangehouden door Bekaert Industries Private Limited (India).

De Groep heeft gekozen om de eigenvermogensinstrumenten te waarderen tegen reële waarde via eigen vermogen aangezien het om strategische investeringen gaat die niet worden aangehouden voor handelsdoeleinden. Voor meer informatie over de herwaarderingsreserve voor deelnemingen aangemerkt als tegen reële waarde via eigen vermogen, zie toelichting 6.14. ‘Overgedragen resultaten en overige Groepsreserves’.

image
image


6.7. Uitgestelde belastingvorderingen en –verplichtingen


Nettoboekwaarde

Vorderingen

Verplichtingen

in duizend €

2020

2021

2020

2021

Per 1 januari

142 333

124 243

34 182

38 337

Toename of afname via resultaat

-9 302

-2 821

10 467

14 469

Toename of afname via OCI

557

-2 191

1 580

1 308

Eerste consolidatie

1 184

Omrekeningswinsten en -verliezen

-6 372

6 869

-4 919

3 183

Saldering vorderingen en verplichtingen

-2 973

-6 501

-2 973

-6 501

Per 31 december

124 243

119 599

38 337

51 979


Opgenomen uitgestelde belastingvorderingen en –verplichtingen

Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen waren toe te wijzen aan de volgende rubrieken:

Vorderingen

Verplichtingen

Nettovorderingen

in duizend €

2020

2021

2020

2021

2020

2021

Immateriële activa

19 553

17 390

12 051

12 390

7 502

5 000

Materiële vaste activa

44 130

46 338

52 401

55 828

-8 271

-9 490

Financiële vaste activa

111

90

20 961

31 967

-20 850

-31 877

Voorraden

9 565

10 581

2 103

8 168

7 462

2 413

Vorderingen

4 614

4 156

57

128

4 557

4 027

Andere vlottende activa

831

1 004

2 598

1 995

-1 767

-991

Voorzieningen voor personeelsbeloningen

23 494

20 697

119

120

23 375

20 577

Overige voorzieningen

3 477

1 938

177

4

3 300

1 934

Overige verplichtingen

27 967

38 630

8 299

8 311

19 668

30 319

Overdraagbare fiscaal aftrekbare verliezen, aftrekposten en terugvorderbare belastingen

50 930

45 707

50 930

45 707

Belastingvorderingen / -verplichtingen

184 672

186 529

98 766

118 910

85 906

67 620

Saldering vorderingen en verplichtingen

-60 429

-66 930

-60 429

-66 930

Nettobelastingvorderingen / -verplichtingen

124 243

119 599

38 337

51 979

85 906

67 620

De uitgestelde belastingverplichtingen met betrekking tot materiële vaste activa kwamen voornamelijk voort uit verschillen qua afschrijvingsmethode tussen IFRS en fiscale boeken, terwijl de uitgestelde belasting gerelateerd aan immateriële activa voornamelijk gegenereerd werd door de eliminatie van intragroepswinsten in de geconsolideerde jaarrekening. De uitgestelde belastingen met betrekking tot voorzieningen voor personeelsbeloningen werden hoofdzakelijk gegenereerd door tijdelijke verschillen als gevolg van de toepassing van IAS 19 ‘Personeelsbeloningen’. De uitgestelde belastingverplichtingen met betrekking tot financiële vaste activa hadden voornamelijk te maken met tijdelijke verschillen die ontstaan uit niet-uitgekeerde winsten bij dochterondernemingen en joint ventures.

image
image

De evolutie van uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen was als volgt te verklaren:

2020

in duizend €

Per
1 januari

Opgenomen via winst-en-verlies-rekening

Opgenomen via OCI

Overnames en afstotingen

Omreke-ningswinsten en -verliezen

Per
31 december

Tijdelijke verschillen

Immateriële activa

12 019

-4 805

288

7 502

Materiële vaste activa

2 346

-13 535

2 918

-8 271

Financiële vaste activa

-16 132

-3 136

-1 770

188

-20 850

Voorraden

6 677

646

139

7 462

Vorderingen

3 860

840

-143

4 557

Andere vlottende activa

-842

-933

8

-1 767

Voorzieningen voor personeelsbeloningen

20 942

2 812

580

-959

23 375

Overige voorzieningen

3 473

-300

167

-40

3 300

Overige verplichtingen

19 525

853

-710

19 668

Overdraagbare fiscaal aftrekbare verliezen, aftrekposten en terugvorderbare belastingen

56 283

-2 211

-3 142

50 930

Totaal

108 151

-19 769

-1 023

-1 453

85 906

2021

in duizend €

Per
1 januari

Opgenomen via winst-en-verlies-rekening

Opgenomen via OCI

Overnames en afstotingen

Omreke-ningswinsten en -verliezen

Per
31 december

Tijdelijke verschillen

Immateriële activa

7 502

-2 221

-281

5 000

Materiële vaste activa

-8 271

-1 224

-1 184

1 189

-9 490

Financiële vaste activa

-20 850

-9 294

-1 288

-445

-31 877

Voorraden

7 462

-4 459

-590

2 413

Vorderingen

4 557

-596

66

4 027

Andere vlottende activa

-1 767

722

55

-991

Voorzieningen voor personeelsbeloningen

23 375

-997

-2 212

411

20 577

Overige voorzieningen

3 300

-1 415

48

1 934

Overige verplichtingen

19 668

9 455

1 195

30 319

Overdraagbare fiscaal aftrekbare verliezen, aftrekposten en terugvorderbare belastingen

50 930

-7 261

2 038

45 707

Totaal

85 906

-17 290

-3 500

-1 184

3 686

67 620



image
image

Uitgestelde belastingen in verband met andere elementen van het resultaat (OCI)

2020

in duizend €

Voor belastingen

Belastingen

Na belastingen

Omrekeningsverschillen

-119 013

-119 013

Nettowijziging in reële waarde van deelnemingen aangemerkt als tegen reële waarde via eigen vermogen

250

250

Winsten en verliezen uit herwaardering van toegezegdpensioenregelingen

2 497

-1 023

1 474

Aandeel in OCI van joint ventures en geassocieerde ondernemingen

4

4

Totaal

-116 262

-1 023

-117 285

2021

in duizend €

Voor belastingen

Belastingen

Na belastingen

Omrekeningsverschillen

88 173

88 173

Nettowijziging in reële waarde van deelnemingen aangemerkt als tegen reële waarde via eigen vermogen

5 882

5 882

Winsten en verliezen uit herwaardering van toegezegdpensioenregelingen

47 351

-3 500

43 851

Aandeel in OCI van joint ventures en geassocieerde ondernemingen

6

-3

3

Totaal

141 412

-3 503

137 909


Niet-opgenomen uitgestelde belastingvorderingen

Uitgestelde belastingvorderingen met betrekking tot tijdelijke verschillen werden niet opgenomen voor een brutobedrag van € 188,7 miljoen (2020: 235,5 miljoen). De niet-opgenomen belastingvorderingen inzake verliezen en aftrekposten zijn per vervaldatum voorgesteld in onderstaande tabel.

image
image

Beleggingsverliezen, operationele verliezen en aftrekposten per vervaldatum

De volgende tabel geeft een overzicht van de brutobedragen van de verliezen en aftrekposten die uitgestelde belastingvorderingen genereren en waarvan sommige niet opgenomen werden.

2020

in duizend €

Vervallend binnen 1 jaar

Vervallend tussen 1 en 5 jaar

Vervallend na meer dan 5 jaar

Niet vervallend

Totaal

Beleggingsverliezen

Bruto

536

43 072

43 608

Niet opgenomen

-36 872

-36 872

Netto

536

6 200

6 736

Operationele verliezen

Bruto

11 649

94 489

123 900

780 467

1 010 505

Niet opgenomen

-11 583

-73 063

-110 464

-656 033

-851 143

Netto

66

21 426

13 436

124 434

159 362

Aftrekposten

Bruto

4 106

35 884

35 752

75 742

Niet opgenomen

-17 775

-10 284

-28 059

Netto

4 106

18 109

25 468

47 683

Totaal

Bruto

15 755

94 489

160 320

859 291

1 129 855

Niet opgenomen

-11 583

-73 063

-128 239

-703 189

-916 074

Netto

4 172

21 426

32 081

156 102

213 781


2021

in duizend €

Vervallend binnen 1 jaar

Vervallend tussen 1 en 5 jaar

Vervallend na meer dan 5 jaar

Niet vervallend

Totaal

Beleggingsverliezen

Bruto

777

40 009

40 786

Niet opgenomen

-752

-39 758

-40 510

Netto

25

251

276

Operationele verliezen

Bruto

38 285

61 381

153 867

674 409

927 943

Niet opgenomen

-36 320

-47 215

-133 825

-551 123

-768 482

Netto

1 966

14 166

20 042

123 287

159 461

Aftrekposten

Bruto

34

306

20 554

20 894

Niet opgenomen

-306

-3 164

-3 470

Netto

34

17 389

17 423

Totaal

Bruto

38 319

61 381

154 950

734 972

989 622

Niet opgenomen

-36 320

-47 215

-134 882

-594 045

-812 462

Netto

2 000

14 166

20 068

140 927

177 160

De netto uitgestelde belastingvorderingen met betrekking tot deze brutobedragen bedroegen € 45,7 miljoen in 2021 (2020: € 50,9 miljoen).

image
image

Uitgestelde belastingvorderingen werden enkel geboekt in de mate dat het waarschijnlijk was dat er toekomstige belastbare winsten zouden gemaakt worden, rekening houdend met zowel positieve als negatieve elementen. Deze afweging is gemaakt rekening houdend met voorzichtige schattingen op basis van het businessplan van de betrokken entiteit, meestal gekoppeld aan een tijdshorizon van 5 jaar.

In sommige landen zijn uitgestelde belastingvorderingen op beleggingsverliezen, operationele verliezen en aftrekposten geboekt in de mate van geboekte onzekere belastingposities om aan te tonen dat sommige aanpassingen omwille van belastingcontroles zouden leiden tot een aanpassing van de belastingverliezen in plaats van een betaling van een belastingkost door de betrokken entiteit.

6.8. Operationeel werkkapitaal

2020

in duizend €

Per
1 januari

Organische toename of afname ¹

Afwaarder-ingen en terugname afwaarderingen

Eerste consolidatie

Omreken-ingswinsten en -verliezen

Overige

Per 31
december

Grondstoffen

139 985

-9 551

-3 815

69

-6 549

120 139

Hulpstoffen en wisselstukken

91 125

-5 870

-2 708

137

-3 972

78 711

Goederen in bewerking

136 425

-4 957

-817

-4 975

125 676

Gereed product

282 018

-38 208

2 045

53

-11 050

234 858

Handelsgoederen

133 477

-252

-1 609

83

-7 606

124 093

Voorraden

783 030

-58 838

-6 904

342

-34 153

683 477

Handelsvorderingen

644 908

-25 565

-400

681

-31 954

-51

587 619

Ontvangen bankwissels

59 904

-4 154

-1 710

54 039

Betaalde voorschotten

15 820

3 576

301

-1 102

18 594

Handelsschulden

-652 384

-41 706

-778

26 571

-125

-668 422

Ontvangen voorschotten

-18 791

2 425

-39

723

-15 682

Schulden m.b.t. verloning en sociale zekerheid

-125 051

4 969

-178

3 285

960

-116 014

Belastingen m.b.t. personeel

-8 543

-641

82

-9 101

Operationeel werkkapitaal

698 893

-119 935

-7 304

329

-38 257

784

534 510

image
image


2021

in duizend €

Per
1 januari

Organische toename of afname ¹

Afwaarder-ingen en terugname afwaarderingen

Eerste consolidatie

Omreken-ingswinsten en -verliezen

Overige

Per 31
december

Grondstoffen

120 139

116 358

4 247

4 514

245 259

Hulpstoffen en wisselstukken

78 711

3 241

7 191

4 027

93 170

Goederen in bewerking

125 676

45 196

958

6 329

178 159

Gereed product

234 858

110 973

4 059

12 282

362 173

Handelsgoederen

124 093

121 680

817

-4 131

242 458

Voorraden

683 477

397 448

17 272

23 021

1 121 219

Handelsvorderingen

587 619

146 039

1 412

15 595

750 666

Ontvangen bankwissels

54 039

-17 652

4 887

41 274

Betaalde voorschotten

18 594

-140

-1

1 535

19 988

Handelsschulden

-668 422

-368 659

-25 105

-1 062 185

Ontvangen voorschotten

-15 682

-7 581

-1 091

-24 354

Schulden m.b.t. verloning en sociale zekerheid

-116 014

-40 082

-4 602

1

-160 699

Belastingen m.b.t. personeel

-9 101

850

-138

-8 389

Operationeel werkkapitaal

534 510

110 224

18 683

14 101

1

677 519

¹ De organische toename of afname vertegenwoordigt de cash-bewegingen van het werkkapitaal. In het kasstroomoverzicht zijn de wijzigingen in operationeel werkkapitaal aangepast ten opzichte van de aankopen voor immateriële en materiële vaste activa voor de variatie van de openstaande handelsschulden op jaareinde gerelateerd aan investeringen (2021: toename van handelsschulden van € 9,4 miljoen (2020: afname van handelsschulden van € 4,5 miljoen)).


Het gemiddeld operationeel werkkapitaal, gewogen voor het aantal periodes dat een entiteit bijgedragen heeft tot het geconsolideerd resultaat, vertegenwoordigde 12,6% van de omzet (2020: 16,4%). Bijkomende informatie volgt hieronder:

Voorraden
De voorraden namen toe ten opzichte van vorig jaareinde omwille van het gecombineerd effect van hogere materieelprijzen, aanvulling van heel lage voorraadtonnages op jaareinde 2020 en het hogere activiteitsniveau. De kostprijs van verkopen bevatte vervoer- en verhandelingskosten van gereed product voor € 249,5 miljoen (2020: € 164,4 miljoen), die nooit werden gekapitaliseerd in voorraden. De bewegingen in de voorraden in 2021 omvatten afwaarderingen voor € -22,8 miljoen (2020: € -34,6 miljoen) en terugnames van afwaarderingen ten belope van € 40,1 miljoen (2020: € 27,7 miljoen).
Net als in 2020 werden in 2021 geen voorraden verpand als waarborg voor leningen.

Handelsvorderingen en ontvangen bankwissels
Het hogere bedrag op jaareinde 2021 is een gevolg van hogere verkoopsprijzen in het 4de kwartaal van 2021 in vergelijking met hetzelfde kwartaal van vorig jaar. Eind 2021 waren voor € 224,8 miljoen aan handelsvorderingen opgenomen in het factoringprogramma (2020: € 152,3 miljoen).
De volgende tabel stelt de bewegingen in waardeverminderingen op handelsvorderingen voor. Er werden geen waardeverminderingen geboekt voor ontvangen bankwissels.

Handelsvorderingen en ontvangen bankwissels

in duizend €

2020

2021

Brutoboekwaarde

682 152

833 840

Waardeverminderingen voor dubieuze vorderingen (afgewaardeerd)

-40 494

-41 899

specifieke waardevermindering voor dubieuze vorderingen

-35 097

-35 099

algemene waardevermindering voor dubieuze vorderingen

-5 397

-6 801

Nettoboekwaarde

641 658

791 940

image
image



De volgende tabel geeft verdere informatie omtrent waardeverminderingen van vorderingen:

Waardeverminderingen voor dubieuze vorderingen

in duizend €

2020

2021

Per 1 januari

-41 687

-40 494

Opgenomen verliezen in huidig jaar

-5 350

-3 009

Opgenomen verliezen in vorige jaren - aangewende bedragen

1 596

1 079

Opgenomen verliezen in vorige jaren - terugname van niet-aangewende bedragen

3 354

3 343

Eerste consolidatie

-81

Omrekeningswinsten en verliezen (-)

1 550

-2 817

Overige

124

Per 31 december

-40 494

-41 899

In overeenstemming met IFRS 9 ‘Expected credit loss’ model voor financiële activa, wordt er op iedere rapporteringsdatum een algemene waardevermindering voor handelsvorderingen geboekt om het ongekende afwaarderingsrisico af te dekken. Deze algemene waardevermindering bestaat uit een percentage van de handelsvorderingen op iedere rapporteringsdatum. De percentages houden rekening met historische informatie inzake verliezen op handelsvorderingen en worden ieder jaar opnieuw nagekeken. Voor meer informatie over kredietverbeteringstechnieken verwijzen wij naar toelichting 7.2. ‘Beheer van financiële risico’s en derivaten’.

De handelsschulden namen aanzienlijk toe als gevolg van de organische evolutie die gerelateerd is aan de hogere materiaalprijzen voor aangekochte walsdraad in het 4de kwartaal alsook aan uitzonderlijk hoge investeringen in het 4de kwartaal.

image
image


6.9. Overige vorderingen

Nettoboekwaarde

in duizend €

2020

2021

Per 1 januari

111 615

101 330

Toename of afname

-4 792

51 532

Waardeverminderingen (-) en terugnemingen van waardeverminderingen

158

Eerste consolidatie

192

Omrekeningswinsten en -verliezen

-5 685

3 985

Per 31 december

101 330

157 005


6.10. Geldmiddelen & kasequivalenten en geldbeleggingen

Overige vorderingen hadden voornamelijk betrekking op winstbelastingen (€ 43,2 miljoen (2020: € 35,1 miljoen)), BTW en overige belastingen (€ 74,6 miljoen (2020: € 52,1 miljoen)), leningen aan personeel (€ 3,4 miljoen (2020: € 3,7 miljoen)) en dividenden van joint ventures (€ 27,5 miljoen (2020: € 2,1 miljoen). Zie ook toelichting 6.21. ’Belastingposities’. Waardeverminderingen van overige vorderingen zijn opgenomen in toelichting 5.5. ‘Overige financiële opbrengsten en lasten’.


Voor de wijzigingen in geldmiddelen en kasequivalenten: zie het geconsolideerd kasstroomoverzicht en toelichting 7.1. ‘Toelichtingen bij het kasstroomoverzicht’. Kasequivalenten en geldbeleggingen omvatten op de balansdatum geen marktgenoteerde schuldinstrumenten of eigenvermogensinstrumenten.

Nettoboekwaarde

in duizend €

2020

2021

Geldmiddelen en kasequivalenten

940 416

677 270

Geldbeleggingen

50 077

80 058

image
image

6.11. Overige vlottende activa

6.12. Activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop en verplichtingen verbonden met deze activa


Nettoboekwaarde

in duizend €

2020

2021

Financiële vorderingen en kaswaarborgen

7 707

6 475

Betaalde voorschotten

18 594

19 988

Derivaten (zie toelichting 7.2.)

5 250

1 416

Overlopende rekeningen (actief)

10 346

14 394

Per 31 december

41 898

42 272

De financiële vorderingen en kaswaarborgen hadden voornamelijk betrekking op vorderingen uit de verkoop van het meerderheidsbelang in de rubberversterkingsfabriek Sumaré (Brazilië) in 2017 (€ 4,6 miljoen, zelfde bedrag als in 2020) en diverse kaswaarborgen (€ 0,5 miljoen (2020: € 1,0 miljoen)).

Betaalde voorschotten betroffen voornamelijk vooruitbetalingen in het kader van grote capex projecten en voorschotten voor leveringen van walsdraad.


in duizend €

2020

2021

Materiële vaste activa

6 740

1 803

Totaal activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop

6 740

1 803

Totaal verplichtingen verbonden met activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop


De wijziging van de activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop bevatte de verkoop van de gebouwen in Canada na de sluiting van de fabriek in Pointe-Claire (€ -6,1 miljoen) en de classificatie als aangehouden voor verkoop van het onroerend goed in Ingelmunster (België) na de stopzetting van de activiteiten, samen met de grond van Bridon-Bekaert ScanRope AS (Zweden) (€ +1,3 miljoen).

Per 31 december 2021 daalde de reële waarde minus verkoopkosten van de activa aangehouden voor verkoop niet onder de boekwaarde, waardoor er geen waardeverminderingen op de boekwaarde van de activa nodig waren.


Nettoboekwaarde

in duizend €

2020

2021

Per 1 januari

466

6 740

Toenames en afnames (-)

6 468

-5 264

Omrekeningswinsten en -verliezen

-193

327

Per 31 december

6 740

1 803

image
image


6.13. Gewone aandelen, eigen aandelen en in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen


Geplaatst kapitaal

2020

2021


in duizend €

Nominale waarde

Aantal
aandelen

Nominale waarde

Aantal
aandelen

1

Per 1 januari

177 793

60 408 441

177 812

60 414 841

Bewegingen van het jaar

Uitgifte van nieuwe aandelen

19

6 400

110

37 420

Per 31 december

177 812

60 414 841

177 922

60 452 261

2

Structuur

2.1

Soorten gewone aandelen

Gewone aandelen zonder nominale waarde

177 812

60 414 841

177 922

60 452 261

2.2

Aandelen op naam

22 502 452

22 841 937

Gedematerialiseerde aandelen

37 912 389

37 610 324

Toegestaan niet-geplaatst kapitaal

176 000

176 000

In de loop van 2021 werden in totaal 37 420 inschrijvingsrechten uitgeoefend onder het aandelenoptieplan SOP 2005-2009. Dit resulteerde in de uitgifte van 37 420 nieuwe aandelen van de vennootschap.

Op 31 december 2020 bezat de vennootschap 3 809 534 eigen aandelen. Van deze 3 809 534 eigen aandelen werden in totaal 620 474 aandelen overgedragen (i) aan (voormalige) werknemers met het oog op de uitoefening van aandelenopties onder SOP 2010-2014, SOP 2015-2017 en SOP2, (ii) aan (voormalige) BGE-leden met het oog op de vereiste persoonlijke aandelenparticipatie, en (iii) aan de Voorzitter en andere niet-uitvoerende Bestuurders als deel van hun remuneratie (zie hoofdstuk aandelen). Er werden geen eigen aandelen vernietigd. Op 3 september 2021 kondigde Bekaert aan dat zij een liquiditeitsovereenkomst had gesloten met Kepler Cheuvreux. Deze overeenkomst voorziet in de aankoop en verkoop door Kepler Cheuvreux van Bekaert aandelen op de gereglementeerde markt van Euronext Brussel en het programma startte op 10 september 2021 voor een hernieuwbare periode van 12 maanden. Bekaert stelde 100 000 eigen aandelen ter beschikking van Kepler Cheuvreux. Het doel van het liquiditeitscontract is de liquiditeit van de Bekaert aandelen te ondersteunen. Met inbegrip van de verrichtingen in het kader van de liquiditeitsovereenkomst met Kepler Cheuvreux, bedroeg het saldo van de eigen aandelen gehouden door de vennootschap op 31 december 2021 3 145 446.

image
image


Aandelenoptieplannen (‘SOP’)

In onderstaande tabellen zijn de details van de aandelenoptieplannen weergegeven die hetzij op de balansdatum, hetzij op de vorige balansdatum nog een uitstaand saldo vertoonden:

Overzicht aandelenoptieplan SOP2

Datum van aanbod

Datum van
toekenning

Uitoefenprijs
(in €)

Aantal opties

Eerste uitoefenperiode

Laatste uitoefenperiode

Toegekend

Uitgeoefend

Verbeurd
verklaard

Uitstaand

21.12.2006

19.02.2007

30,175

37 500

37 500

22.05 - 30.06.2010

15.11 - 15.12.2021

20.12.2007

18.02.2008

28,335

30 630

30 630

22.05 - 30.06.2011

15.11 - 15.12.2022

17.12.2009

15.02.2010

33,990

49 500

5 000

44 500

22.05 - 30.06.2013

15.11 - 15.12.2019

117 630

73 130

44 500

Overzicht aandelenoptieplan SOP 2005-2009

Datum van aanbod

Datum van
toekenning

Datum van uitgifte van warrants

Uitoefenprijs
(in €)

Aantal inschrijvingsrechten

Eerste uitoefenperiode

Laatste uitoefenperiode

Toegekend

Uitgeoefend

Verbeurd
verklaard

Uitstaand

22.12.2005

20.02.2006

22.03.2006

23,795

190 698

190 683

15

22.05 - 30.06.2009

15.11 - 15.12.2020

21.12.2006

19.02.2007

22.03.2007

30,175

153 810

153 210

600

22.05 - 30.06.2010

15.11 - 15.12.2021

20.12.2007

18.02.2008

22.04.2008

28,335

215 100

176 000

12 700

26 400

22.05 - 30.06.2011

15.11 - 15.12.2022

17.12.2009

15.02.2010

08.09.2010

33,990

225 450

69 600

155 850

22.05 - 30.06.2013

15.11 - 15.12.2019

785 058

589 493

169 165

26 400

Overzicht aandelenoptieplan SOP 2010-2014

Datum van aanbod

Datum van
toekenning

Uitoefenprijs
(in €)

Aantal opties

Eerste uitoefenperiode

Laatste uitoefenperiode

Toegekend

Uitgeoefend

Verbeurd
verklaard

Uitstaand

16.12.2010

14.02.2011

77,000

360 925

360 925

28.02 - 13.04.2014

Mid nov.- 15.12.2020

22.12.2011

20.02.2012

25,140

287 800

285 200

2 600

27.02 - 12.04.2015

Mid nov. - 21.12.2021

20.12.2012

18.02.2013

19,200

267 200

232 000

2 700

32 500

Eind feb. - 10.04.2016

Mid nov. - 19.12.2022

29.03.2013

28.05.2013

21,450

260 000

203 800

56 200

Eind feb. - 09.04.2017

Eind feb. - 28.03.2023

19.12.2013

17.02.2014

25,380

373 450

302 850

2 400

68 200

Eind feb. - 09.04.2017

Mid nov. - 18.12.2023

18.12.2014

16.02.2015

26,055

349 810

187 600

18 510

143 700

Eind feb. - 08.04.2018

Mid nov. - 17.12.2024

1 899 185

1 211 450

387 135

300 600


image
image

Overzicht aandelenoptieplan SOP 2015-2017

Datum van aanbod

Datum van
toekenning

Uitoefenprijs
(in €)

Aantal opties

Eerste uitoefenperiode

Laatste uitoefenperiode

Toegekend

Uitgeoefend

Verbeurd
verklaard

Uitstaand

17.12.2015

15.02.2016

26,375

227 250

100 500

28 250

98 500

Eind feb. - 07.04.2019

Mid nov. - 16.12.2025

15.12.2016

13.02.2017

39,426

273 325

144

47 125

226 056

Eind feb. - 12.04.2020

Mid nov. - 14.12.2026

21.12.2017

20.02.2018

34,600

225 475

72 500

8 375

144 600

Eind feb. - 11.04.2021

Mid nov. - 20.12.2027

726 050

173 144

83 750

469 156


2020

2021

Aandelenoptieplan SOP2

Aantal opties

Gewogen gemiddelde uitoefenprijs
(in €)

Aantal opties

Gewogen gemiddelde uitoefenprijs
(in €)

Uitstaand op 1 januari

29 320

28,963

29 320

28,963

Uitgeoefend gedurende het jaar

-29 320

28,963

Uitstaand op 31 december

29 320

28,963


2020

2021

Aandelenoptieplan SOP 2005-2009

Aantal inschrijvings-
rechten

Gewogen gemiddelde uitoefenprijs
(in €)

Aantal inschrijvings-
rechten

Gewogen gemiddelde uitoefenprijs
(in €)

Uitstaand op 1 januari

70 220

28,156

63 820

28,594

Uitgeoefend gedurende het jaar

-6 400

23,795

-37 420

28,776

Uitstaand op 31 december

63 820

28,594

26 400

28,335


2020

2021

Aandelenoptieplan SOP 2010-2014

Aantal opties

Gewogen gemiddelde uitoefenprijs
(in €)

Aantal opties

Gewogen gemiddelde uitoefenprijs
(in €)

Uitstaand op 1 januari

1 025 083

39,653

700 058

24,488

Verbeurd verklaard gedurende het jaar

-295 725

77,000

Uitgeoefend gedurende het jaar

-29 300

25,033

-399 458

24,630

Uitstaand op 31 december

700 058

24,488

300 600

24,300

image
image


2020

2021

Aandelenoptieplan SOP 2015-2017

Aantal opties

Gewogen gemiddelde uitoefenprijs
(in €)

Aantal opties

Gewogen gemiddelde uitoefenprijs
(in €)

Uitstaand op 1 januari

711 675

33,863

640 800

33,769

Verbeurd verklaard gedurende het jaar

-70 875

34,721

Uitgeoefend gedurende het jaar

-171 644

29,860

Uitstaand op 31 december

640 800

33,769

469 156

35,198


Gewogen gemiddelde resterende contractuele looptijd

in jaren

2020

2021

SOP2

1,6

0,0

SOP 2005-2009

1,8

1,0

SOP 2010-2014

3,0

2,2

SOP 2015-2017

6,0

5,1


De gewogen gemiddelde aandelenkoers bij uitoefening in 2021 was € 28,96 voor de SOP2-opties (2020: n/a), € 24,63 voor de SOP 2010-2014-opties (2020: € 25,03), € 29,86 voor de SOP 2015-2017-opties (2020: n/a) en € 28,78 voor de SOP 2005-2009-inschrijvingsrechten (2020: € 23,80). De uitoefenprijs van de inschrijvingsrechten en opties is gelijk aan het laagste van (i) de gemiddelde slotkoers van het aandeel van de Onderneming gedurende dertig dagen die de aanboddatum voorafgaan en (ii) de laatste slotkoers van de dag vóór de aanboddatum. Wanneer de inschrijvingsrechten onder het SOP 2005-2009-plan uitgeoefend worden, wordt het eigen vermogen verhoogd met de ontvangen opbrengsten. Volgens de voorwaarden van het SOP2-plan waren alle tot in 2004 toegekende inschrijvingsrechten of opties onmiddellijk toegezegd.

Onder de voorwaarden van het aandelenoptieplan SOP 2010-2014 werden opties tot het verwerven van bestaande aandelen van de Onderneming aangeboden aan de leden van het Bekaert Group Executive, de Senior Vice Presidents en hogere kaderleden gedurende de periode 2010-2014. De toekenningsdata van elk aanbod waren gepland in de periode 2011-2015. De uitoefenprijs van het aandelenoptieplan SOP 2010-2014 werd op dezelfde manier bepaald als van de voorgaande plannen. De toezeggingsvoorwaarden van zowel de SOP 2010-2014-toekenningen, de SOP 2005-2009-toekenningen als de SOP2-toekenningen vanaf 2006 zijn zo opgesteld dat de inschrijvingsrechten of opties volledig toegezegd zullen zijn op 1 januari van het vierde jaar na de datum van het aanbod. In het kader van de Economische Herstelwet van 27 maart 2009 werd de uitoefenperiode van de SOP2-opties en de SOP 2005-2009-inschrijvingsrechten toegekend in 2006, 2007 en 2008 met vijf jaar verlengd in het voordeel van begunstigden die onderworpen waren aan de Belgische inkomstenbelastingen op het ogenblik dat de verlenging werd aangeboden.

De opties toegekend onder SOP2, SOP 2010-2014 en SOP 2015-2017 alsook de inschrijvingsrechten toegekend onder SOP 2005-2009 worden opgenomen tegen reële waarde op de toekenningsdatum in overeenstemming met IFRS 2 (zie toelichting 6.14. ‘Overgedragen resultaten en overige Groepsreserves’). De reële waarde van de opties wordt bepaald door middel van een binomiaal waarderingsmodel. Voor de tranches die een kost met zich mee brachten in de huidige of voorgaande periode worden de inputs en de uitkomsten van dit waarderingsmodel hieronder gedetailleerd:

image
image


Details waarderingsmodel - aandelenoptieplannen 2015-2017

Toegekend in
februari 2016

Toegekend in
februari 2017

Toegekend in
februari 2018

Inputs van het model

Aandelenkoers op toekenningsdatum (in €)

27,25

39,39

37,40

Uitoefenprijs (in €)

26,38

39,43

34,60

Verwachte volatiliteit

39%

39%

39%

Verwacht dividendrendement

3%

3%

3%

Wachtperiode (jaren)

3,00

3,00

3,00

Contractduur (jaren)

10

10

10

Uitstroom van personeel

3%

3%

3%

Risicovrije rentevoet

0,05%

-0,18%

0,08%

Uitoefenfactor

1,40

1,40

1,40

Uitkomst van het model

Reële waarde (in €)

7,44

10,32

10,61

Uitstaande opties

98 500

226 056

144 600


Het model houdt rekening met een vervroegde uitoefening door middel van een uitoefenfactor. Een uitoefenfactor van 1,40 staat voor de veronderstelling dat de begunstigde de opties en inschrijvingsrechten uitoefent na de wachtperiode zodra de aandelenkoers de uitoefenprijs met 40% overstijgt (gemiddeld).

In de loop van 2021 werden geen opties (2020: geen opties) toegekend onder SOP 2015-2017. De Groep heeft geen kosten tegenover het eigen vermogen opgenomen (2020: € 0,7 miljoen) voor de toegekende opties op basis van hun reële waarde en toezeggingsperiode.

image
image

Prestatieaandelenplan (‘PSP’)

De leden van het Bekaert Group Executive, het senior management en een beperkt aantal kaderleden van de Onderneming en van enkele van haar dochtervennootschappen ontvingen prestatieaandeeleenheden die de begunstigde het recht geven prestatieaandelen te ontvangen: gedurende 2015, 2016 en 2017 volgens de voorwaarden van het Performance Share Plan 2015-2017 en in 2019, 2020 en 2021 volgens de voorwaarden van het Performance Share Plan 2018-2020. Deze prestatieaandeeleenheden zullen uitoefenbaar zijn na een wachttijd van drie jaar op voorwaarde dat een vooraf vastgelegde prestatiedoelstelling bereikt wordt. De prestatiedoelstelling werd vastgelegd door de Raad van Bestuur, in lijn met de strategie van de Groep. Het toekenningspercentage kan variëren van 0% tot 300%. Op toekenningsdatum wordt de assumptie genomen dat de toekenning zal gebeuren aan een toekenningspercentage van 100%, het toekenningspercentage wordt op elke balansdatum opnieuw beoordeeld en indien nodig wordt het aangepast. Voor meer informatie verwijzen we naar het ‘Remuneratieverslag’ in het ‘Corporate Governance Verklaring’ luik van dit rapport.

Overzicht prestatieaandelenplan

Aantal eenheden

Datum van
toekenning

Toegekend

Verbeurd
verklaard

Vervallen

Uitstaand

Vervaldag

PSP 2015-2017

21.12.2017

55 250

4 900

50 350

31.12.2020

PSP 2018-2020

15.02.2019

178 233

42 210

136 023

31.12.2021

PSP 2018-2020

26.07.2019

35 663

3 885

31 778

31.12.2021

PSP 2018-2020

21.01.2020

182 900

43 290

139 610

31.12.2022

PSP 2018-2020

17.08.2020

12 580

713

11 867

31.12.2022

PSP 2018-2020

15.01.2021

144 708

14 047

130 661

31.12.2023

PSP 2018-2020

19.08.2021

15 101

15 101

31.12.2023

PSP 2018-2020

09.09.2021

7 966

7 966

31.12.2023

632 401

109 045

50 350

473 006


De prestatieaandeeleenheden toegekend onder deze plannen worden opgenomen tegen reële waarde op de toekenningsdatum in overeenstemming met IFRS 2 (zie toelichting 6.14. ‘Overgedragen resultaten en overige Groepsreserves’). De reële waarde van de prestatieaandeeleenheden onder het Performance Share Plan 2015-2017 wordt bepaald door middel van een binominaal waarderingsmodel. Voor de openstaande tranches worden inputs en uitkomsten van het waarderingsmodel hieronder gedetailleerd:

Toegekend in


Details waarderingsmodel - Prestatieaandelenplan

december
2017

Inputs van het model

Aandelenkoers op toekennings-
datum (in €)

34,60

Verwachte volatiliteit

39%

Verwacht dividendrendement

3%

Wachtperiode (jaren)

3,00

Uitstroom van personeel

3%

Risicovrije rentevoet

-0,46%

Uitkomst van het model

Reële waarde (in €)

40,19

Uitstaande prestatieaandeel-eenheden


image
image

Onder PSP 2015-2017 heeft de Groep geen last tegenover het eigen vermogen opgenomen (2020: € 0,6 miljoen) voor de toegekende prestatieaandeeleenheden op basis van hun reële waarde en toezeggingsperiode.

In 2021 werd, op 15 januari een aanbod van 144 708 prestatieaandeeleenheden, op 19 augustus een aanbod van 15 101 prestatieaandeeleenheden en op 9 september een aanbod van 7 966 prestatieaandeeleenheden gedaan in het kader van het Performance Share Plan 2018-2020 (2020: op 21 januari een aanbod van 182 900 prestatieaandeeleenheden en op 17 augustus een aanbod van 12 580). De reële waarde van de prestatieaandeeleenheden is gelijk aan de aandelenkoers op toekenningsdatum (15 januari 2021: € 29,14; 19 augustus 2021: € 39,74 en 9 september 2021: € 38,44 (21 januari 2020: € 25,14 en 17 augustus 2020: € 16,92)), aangezien de prestatiedoelstelling niet-marktprijsgerelateerde voorwaarden zijn (Onderliggende EBITDA en operationele kasstroom). Het aanbod in 2021 vertegenwoordigde een reële waarde van € 5,1 miljoen (2020: € 4,8 miljoen). De Groep heeft een last tegenover het eigen vermogen opgenomen voor een bedrag van € 14,8 miljoen in 2021 (2020: € 4,7 miljoen).

2020

2021

PSP 2015-2017

Aantal eenheden

Gewogen gemiddelde uitoefenprijs (in €)

Aantal eenheden

Gewogen gemiddelde uitoefenprijs (in €)

Uitstaand op 1 januari

50 950

40,19

0

0

Verbeurd verklaard gedurende het jaar

-600

40,19

0

0

Vervallen gedurende het jaar

-50 350

40,19

0

0

Uitstaand op 31 december

0

0

0

0


2020

2021

PSP 2018-2020

Aantal eenheden

Gewogen gemiddelde uitoefenprijs (in €)

Aantal eenheden

Gewogen gemiddelde uitoefenprijs (in €)

Uitstaand op 1 januari

206 621

23,791

390 631

24,185

Toegekend gedurende het jaar

195 480

24,058

167 775

30,536

Verbeurd verklaard gedurende het jaar

-11 470

24,344

-85 400

25,217

Uitstaand op 31 december

390 631

24,185

473 006

26,251

image
image

Personal Shareholding Requirement Plan (‘PSR’)

In maart 2016 introduceerde de Onderneming het Personal Shareholding Requirement Plan voor de Chief Executive Officer en de andere leden van het Bekaert Group Executive (‘BGE’), op grond waarvan ze een persoonlijk belang in aandelen van de Onderneming opbouwen en behouden en waarbij de verwerving van het aantal aandelen van de Onderneming wordt ondersteund door een zogenaamd matching-mechanisme door de Onderneming. Het matching-mechanisme van de Onderneming bestaat erin dat de Onderneming de investering van het BGE-lid in aandelen van de Onderneming in jaar x zal evenaren door een gelijk aantal aandelen van de Onderneming als verworven door het BGE-lid toe te kennen op het einde van jaar x+2. Deze PSR eenheden zullen uitoefenbaar zijn na een wachtperiode van drie jaar, afhankelijk van een serviceconditie die onderhevig is aan slechte of goede vertrekomstandigheden. Voor meer informatie verwijzen we naar het ‘Remuneratieverslag’ in het ‘Corporate Governance Verklaring’ luik van dit rapport.

Overzicht Personal Shareholding Requirement Plan

Aantal eenheden

Toekenningsdatum

Toegekend

Geleverd

Verbeurd
verklaard

Uitstaand

Vervaldag

31.03.2017

14 668

13 428

1 240

31.12.2019

01.09.2017

2 523

2 523

31.12.2019

14.05.2018

15 251

14 191

1 060

31.12.2020

31.03.2020

10 766

1 000

9 766

31.12.2022

31.03.2021

9 112

9 112

31.12.2023

52 320

30 142

3 300

18 878


De matching shares toe te kennen onder het Personal Shareholding Requirement Plan 2016 worden opgenomen tegen reële waarde op de toekenningsdatum in overeenstemming met IFRS 2 (zie toelichting 6.14. ‘Overgedragen resultaten en overige Groepsreserves’). De reële waarde van de matching shares wordt bepaald door middel van een binominaal waarderingsmodel. Voor de openstaande tranches worden inputs en uitkomsten van het waarderingsmodel hieronder gedetailleerd:

Bij te passen
december 2020

Bij te passen
december 2022

Bij te passen
december 2023

Details waarderingsmodel - Personal Shareholding Requirement (PSR) plan

Startdatum mei 2018

Startdatum maart 2020

Startdatum maart 2021

Inputs van het model

Aandelenkoers op startdatum (in €)

34,00

14,98

35,68

Verwachte volatiliteit

39%

36%

36%

Verwacht dividendrendement

3%

3%

3%

Wachtperiode (jaren)

2,60

2,75

2,75

Uitstroom van personeel

4,38%

0%

0%

Risicovrije rentevoet

-0,39%

-0,47%

-0,47%

Uitkomst van het model

Reële waarde (in €)

27,95

13,81

32,99

Uitstaande PSR-eenheden

9 766

9 112

image
image


De toe te kennen matching shares vertegenwoordigen een reële waarde van € 0,4 miljoen (2020: € 0,1 miljoen). De Groep heeft kosten tegenover het eigen vermogen opgenomen voor een bedrag van € 0,1 miljoen (2020: € 0,2 miljoen) voor de aan te bieden matching shares op basis van hun reële waarde en toezeggingsperiode.

Aantal eenheden - PSR

2020

2021

Uitstaand op 1 januari

13 661

10 766

Bijgepast gedurende het jaar

-13 661

Verbeurd verklaard gedurende het jaar

-1 000

Verworven gedurende het jaar

10 766

9 112

Uitstaand op 31 december

10 766

18 878


Aandelengift leden Raad van Bestuur

De vaste vergoeding van de Voorzitter wordt gedeeltelijk betaald in cash en gedeeltelijk onder de vorm van aandelen van de vennootschap, met een aanhoudingsperiode van drie jaar vanaf de datum van toekenning. Voor andere niet-uitvoerende Bestuurders, wordt de vergoeding voor de uitoefening van taken als een lid van de Raad van Bestuur betaald in cash, maar met de optie om elk jaar een deel daarvan (0%, 25% of 50%) te ontvangen onder de vorm van aandelen van de vennootschap. In overeenstemming met IFRS 2 wordt dit behandeld als op aandelen gebaseerde betalingen met een cash alternatief. De reële waarde van de aandelengift is gelijk aan de aandelenkoers op toekenningsdatum, zijnde 31 mei 2021 (€ 39,37) (zijnde 29 mei 2020: € 18,43). Deze aandelengift is onmiddellijk toegekend. De aandelengift vertegenwoordigde een reële waarde van € 0,4 miljoen (2020: € 0,2 miljoen). De Groep heeft een last tegenover het eigen vermogen opgenomen voor een bedrag € 0,4 miljoen (2020: € 0,2 miljoen).

image
image

6.14. Overgedragen resultaten en overige Groepsreserves

Nettoboekwaarde

in duizend €

2020

2021

Herwaarderingsreserve voor niet-geconsolideerde eigenvermogendeelnemingen

-11 867

-5 986

Herwaarderingsreserve voor toegezegdpensioenregelingen

-63 543

-16 790

Reserve voor uitgestelde belastingen

26 785

23 464

Overige reserves

-48 626

688

Gecumuleerde omrekeningsverschillen

-227 823

-137 183

Totaal overige Groepsreserves

-276 448

-136 495

Eigen aandelen

-106 148

-95 517

Overgedragen resultaten

1 614 781

1 984 791


In de volgende secties van deze toelichting worden de bewegingen in de Groepsreserves en de overgedragen resultaten getoond en becommentarieerd.

Herwaarderingsreserve voor niet-geconsolideerde eigenvermogendeelnemingen

in duizend €

2020

2021

Per 1 januari

-12 117

-11 867

Wijzigingen in reële waarde

250

5 882

Per 31 december

-11 867

-5 986

Waarvan

Deelneming in Xinyu Xinsteel Metal Products Co Ltd

-1 951

Deelneming in Shougang Concord Century Holdings Ltd

-10 009

-6 078

Overige deelnemingen

92

92


De herwaardering van de deelneming in Shougang Concord Century Holdings Ltd is gebaseerd op de slotkoers van het aandeel op de beurs van Hongkong. De reële waarde van de investering in Xinyu Xinsteel Metal Products Co Ltd wordt bepaald op basis van een verdisconteringsmethode van toekomstige opbrengsten zoals getoond in het meest recent strategisch plan 2022-2026. Zie ook toelichting 6.6. ’Overige vaste activa’.

Herwaarderingsreserve voor toegezegdpensioenregelingen

in duizend €

2020

2021

Per 1 januari

-67 017

-63 543

Herwaarderingen van de periode

3 474

46 753

Per 31 december

-63 543

-16 790


image
image

De herwaarderingen resulteren uit het gebruik van gewijzigde actuariële veronderstellingen bij de bepaling van de toegezegdpensioenverplichtingen, uit verschillen tegenover de werkelijke rendementen van fondsbeleggingen op de balansdatum en uit wijzigingen in niet-opgenomen activa omwille van het asset ceiling-principe (zie toelichting 6.16. ‘Voorzieningen voor personeelsbeloningen’).

Reserve voor uitgestelde belastingen

in duizend €

2020

2021

Per 1 januari

28 104

26 785

Uitgestelde belastingen met betrekking tot andere elementen van het resultaat

-1 319

-3 321

Per 31 december

26 785

23 464


Uitgestelde belastingen met betrekking tot andere elementen van het resultaat (‘OCI’ = Other Comprehensive Income) worden eveneens opgenomen via OCI (zie toelichting 6.7. ‘Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen’).

Gecumuleerde omrekeningsverschillen

in duizend €

2020

2021

Per 1 januari

-113 964

-227 823

Omrekeningsverschillen op goedgekeurde dividenden

-2 244

-2 463

Overboekingen naar de winst-en-verliesrekening in verband met afgestoten entiteiten of gefaseerde overnames

1 270

Bewegingen ontstaan uit wisselkoersfluctuaties

-111 615

91 833

Per 31 december

-227 823

-137 184

Waarvan gerelateerd aan entiteiten met volgende functionele valuta's

Chinese renminbi

88 513

145 149

US dollar

12 453

30 502

Braziliaanse real

-220 231

-218 372

Chileense peso

-21 028

-28 753

Venezolaanse bolivar soberano ¹

-59 691

-59 691

Indische roepie

-10 319

-7 625

Tsjechische kroon

8 616

11 291

Britse pond

-13 974

2 115

Russische roebel

-7 984

-6 463

Roemeense leu

-3 296

-3 991

Andere valuta's

-881

-1 345

¹ Ten gevolge van de wijziging qua functionele munteenheid naar de US dollar op 1 januari 2019, is het bedrag bevroren.


image
image

De schommelingen in omrekeningsverschillen weerspiegelden zowel de wisselkoersevolutie als het relatief belang van de nettoactiva opgenomen in de vermelde valuta’s.

Eigen aandelen

in duizend €

2020

2021

Per 1 januari

-107 463

-106 148

Ingekochte aandelen

-11 570

Verkochte aandelen

1 314

28 988

Prijsverschillen op verkochte aandelen

-6 787

Per 31 december

-106 148

-95 517

Er waren voldoende eigen aandelen zowel om verwatering tegen te gaan als om het kasstroomrisico van op aandelen gebaseerde betalingsregelingen af te dekken. In 2021 werden 309 242 bijkomende aandelen ingekocht, inclusief de transacties uitgevoerd onder het liquiditeitscontract afgesloten met Kepler Cheuvreux (2020: geen aandelen). 973 330 eigen aandelen werden verkocht aan de begunstigden van de op aandelen gebaseerde betalingsregelingen van de Groep en onder het liquiditeitscontract afgesloten met Kepler Cheuvreux (2020: 63 541 aandelen). Eigen aandelen worden verwerkt volgens het FIFO-principe (first-in, first-out). Winsten en verliezen op verkopen van eigen aandelen worden rechtstreeks opgenomen in overgedragen resultaten (zie bewegingen in overgedragen resultaten hierna). Zie ook toelichting 6.13. ‘Gewone aandelen, eigen aandelen en in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen’.

Overgedragen resultaten

in duizend €

Notes

2020

2021

Per 1 januari

1 492 028

1 614 781

Toegekende eigenvermogensinstrumenten

6

8 556

15 261

Resultaat van de periode toerekenbaar aan aandeelhouders van Bekaert

134 687

406 977

Dividenden

-19 787

-56 795

Herclassificeringen binnen het eigen vermogen

-6

Overige elementen van het resultaat

1

Eigenaandelentransacties

6.13

-231

6 787

Wijzigingen in Groepsstructuur

-467

-2 220

Per 31 december

1 614 781

1 984 791


Eigenaandelentransacties (€ +6,8 miljoen tegenover € -0,2 miljoen in 2020) vertegenwoordigden het verschil tussen de opbrengsten en de FIFO-boekwaarde van de verkochte aandelen. Wijzigingen in Groepsstructuur in 2021 hadden betrekking op de de fusie van Proalco SAS (dochteronderneming van Bekaert) met de staaldraadactiviteiten van Almasa SA, beide gevestigd in Colombia, terwijl deze in 2020 betrekking hadden op de verwerving van de minderheidsbelangen in Bekaert Slatina SRL.

image
image

6.15. Minderheidsbelangen

Nettoboekwarde

in duizend €

2020

2021

Per 1 januari

96 430

87 175

Wijzigingen in Groepsstructuur

-8 503

3 601

Aandeel in het perioderesultaat

13 350

43 643

Aandeel in andere elementen van het resultaat behalve CTA

-677

422

Uitgekeerde dividenden

-8 270

-6 649

Kapitaalverhogingen

3 975

Omrekeningswinsten en -verliezen (-)

-5 155

-1 196

Per 31 december

87 175

130 971


De wijzigingen in Groepsstructuur in 2021 hadden vooral betrekking op de fusie van Proalco SAS (dochteronderneming van Bekaert) met de staaldraadactiviteiten van Almasa SA, beide gevestigd in Colombia, De wijzigingen in 2020 hadden quasi uitsluitend betrekking op de verwerving van de minderheidsbelangen in Bekaert Slatina SRL met een boekwaarde van € +8,5 miljoen op datum van de transactie.

Het aandeel in het perioderesultaat van minderheidsbelangen verbeterde aanzienlijk, Vooral de entiteiten in Chili en Peru droegen hierbij bij.

In overeenstemming met IFRS 12 ‘Informatieverschaffng over belangen in andere entiteiten’ wordt volgende informatie verschaft met betrekking tot dochterondernemingen waarin derden minderheidsbelangen aanhouden die van materieel belang zijn voor de Groep. De bedoeling van IFRS 12 is om van een entiteit bijkomende toelichting te vereisen die de lezers van haar jaarrekening toelaten volgende elementen te evalueren: (a) de aard van haar belangen in andere entiteiten en de daaraan verbonden risico’s en (b) de effecten van deze belangen op haar financiële positie, winstgevendheid en kasstromen. Bekaert heeft vele partnerschappen over de hele wereld, waarvan de meeste individuele entiteiten niet zouden voldoen aan redelijke materialiteitscriteria. Daarom heeft de Groep twee groepen van entiteiten met minderheidsbelangen geïdentificeerd die onderling verbonden zijn door de aard van hun activiteiten en aandeelhouderstructuur: (1) de Wire-entiteiten in Chili en Peru, waar de minderheidsbelangen hoofdzakelijk in handen zijn van de Chileense partners, en (2) de Wire-entiteiten in de Andina regio, waar de minderheidsbelangen hoofdzakelijk in handen zijn van de Ecuadoriaanse familie Kohn en van ArcelorMittal. Bij de groepering van de informatie werden enkel de intragroepseffecten binnen elke groep van entiteiten geëlimineerd, terwijl alle andere entiteiten van de Groep als derden werden behandeld.

image
image

Aandeel van minderheidsbelangen op jaareinde

Entiteiten opgenomen in de toelichting m.b.t. materiële minderheidsbelangen

Land

2020

2021

BBRG-entiteiten

Inversiones BBRG Lima SA

Peru

3,9%

Procables SA

Peru

3,9%

3,9%

Staaldraadtoepassingen-entiteiten Chili en Peru

Acma SA

Chili

48,0%

48,0%

Acmanet SA

Chili

48,0%

48,0%

Industrias Acmanet Ltda

Chili

48,0%

48,0%

Industrias Chilenas de Alambre - Inchalam SA

Chili

48,0%

48,0%

Grating Peru SAC

Peru

62,5%

Procercos SA

Chili

48,0%

48,0%

Prodalam SA

Chili

48,0%

48,0%

Prodicom Selva SAC

Peru

62,5%

62,5%

Prodimin SAC

Peru

62,5%

62,5%

Prodac Contrata SAC

Peru

62,5%

62,5%

Productos de Acero Cassadó SA

Peru

62,5%

62,5%

Staaldraadtoepassingen-entiteiten Andina regio

Agro-Bekaert Colombia SAS

Colombia

60,0%

60,0%

Agro - Bekaert Springs, SL

Spanje

60,0%

60,0%

Bekaert Ideal SL

Spanje

20,0%

20,0%

Bekaert Costa Rica SA

Costa Rica

41,6%

BIA Alambres Costa Rica SA

Costa Rica

41,6%

41,6%

Ideal Alambrec SA

Ecuador

41,6%

41,6%

InverVicson SA

Venezuela

20,0%

20,0%

Productora de Alambres Colombianos Proalco SAS

Colombia

20,0%

60,0%

Vicson SA

Venezuela

20,0%

20,0%


De hoofdactiviteit van de voornaamste entiteiten in bovenstaande lijst is de productie en verkoop van draad en andere draadproducten, in hoofdzaak voor de lokale markt. De volgende entiteiten zijn in wezen holdings die deelnemingen aanhouden in één of meer van de overige entiteiten in de vorige lijst: Industrias Acmanet Ltda, Procercos SA, Bekaert Ideal SL en Agro - Bekaert Springs SL.

De volgende tabel toont het relatief belang van de entiteitgroepen met materiële minderheidsbelangen in termen van resultaten en eigen vermogen toerekenbaar aan minderheidsbelangen.

image
image

Materiële en overige minderheidsbelangen

Perioderesultaat toerekenbaar aan minderheidsbelangen

Eigen vermogen toerekenbaar aan minderheidsbelangen

in duizend €

2020

2021

2020

2021

Staaldraadtoepassingen-entiteiten Chili en Peru

9 602

35 633

72 282

100 872

Staaldraadtoepassingen-entiteiten Andina regio

2 156

6 075

11 474

21 858

Consolidatieaanpassingen op materiële minderheidsbelangen

181

-651

-28 184

-27 573

Bijdrage van de materiële minderheidsbelangen tot de geconsolideerde minderheidsbelangen

11 939

41 057

55 572

95 157

Overige minderheidsbelangen

1 411

2 586

31 603

35 814

Totaal minderheidsbelangen

13 350

43 643

87 175

130 971


De onderstaande tabellen geven een beknopt overzicht van de financiële staten voor deze entiteitgroepen.

Staaldraadtoepassingen-entiteiten Chili en Peru

in duizend €

2020

2021

Vlottende activa

218 034

382 128

Vaste activa

121 990

119 973

Verplichtingen op ten hoogste een jaar

140 264

247 022

Verplichtingen op meer dan een jaar

62 648

60 402

Eigen vermogen toerekenbaar aan aandeelhouders van Bekaert

64 830

93 805

Eigen vermogen toerekenbaar aan minderheidsbelangen

72 282

100 872


Staaldraadtoepassingen-entiteiten Chili en Peru

in duizend €

2020

2021

Omzet

433 751

689 790

Kosten

-414 334

-619 952

Perioderesultaat

19 417

69 838

Perioderesultaat toerekenbaar aan aandeelhouders van Bekaert

9 815

34 205

Perioderesultaat toerekenbaar aan minderheidsbelangen

9 602

35 633

Andere elementen van het resultaat

-7 360

-8 946

Andere elementen van het resultaat toerekenbaar aan aandeelhouders van Bekaert

-3 270

-5 302

Andere elementen van het resultaat toerekenbaar aan minderheidsbelangen

-4 090

-3 644

Volledig perioderesultaat

12 057

60 892

Volledig perioderesultaat toerekenbaar aan aandeelhouders van Bekaert

6 545

28 903

Volledig perioderesultaat toerekenbaar aan minderheidsbelangen

5 512

31 989

Uitbetaalde dividenden aan minderheidsbelangen

-5 340

-3 475

Nettokasinstroom (-uitstroom) uit bedrijfsactiviteiten

60 491

-4 351

Nettokasinstroom (-uitstroom) uit investeringsactiviteiten

-4 228

-8 402

Nettokasinstroom (-uitstroom) uit financieringsactiviteiten

-28 441

22 430

Nettokasinstroom (-uitstroom)

27 822

9 676

image
image


Door de sterk toegenomen omzet (+59%) nam de winstgevendheid in absolute termen toe. Door verder te bouwen op het winstherstelprogramma dat vorig jaar opgestart was, kon opnieuw een margeverbetering gerealiseerd worden (15,0% onderliggend bedrijfsresultaat (EBIT) op omzet vergeleken met 7,7% vorig jaar).

De sterke stijging in EBITDA werd gecompenseerd door de evolutie in werkkapitaal. Hierdoor lag de nettoschuld op jaareinde veel hoger in vergelijking met vorig jaar.

Staaldraadtoepassingen-entiteiten Andina regio

in duizend €

2020

2021

Vlottende activa

75 125

150 291

Vaste activa

40 417

52 206

Verplichtingen op ten hoogste een jaar

74 998

143 778

Verplichtingen op meer dan een jaar

7 553

11 067

Eigen vermogen toerekenbaar aan aandeelhouders van Bekaert

21 517

25 795

Eigen vermogen toerekenbaar aan minderheidsbelangen

11 474

21 858


Staaldraadtoepassingen-entiteiten Andina regio

in duizend €

2020

2021

Omzet

157 487

237 878

Kosten

-152 300

-224 404

Perioderesultaat

5 188

13 473

Perioderesultaat toerekenbaar aan aandeelhouders van Bekaert

3 032

7 398

Perioderesultaat toerekenbaar aan minderheidsbelangen

2 156

6 075

Andere elementen van het resultaat

-3 325

-254

Andere elementen van het resultaat toerekenbaar aan aandeelhouders van Bekaert

-2 274

-203

Andere elementen van het resultaat toerekenbaar aan minderheidsbelangen

-1 052

-51

Volledig perioderesultaat

1 863

13 220

Volledig perioderesultaat toerekenbaar aan aandeelhouders van Bekaert

758

7 196

Volledig perioderesultaat toerekenbaar aan minderheidsbelangen

1 104

6 024

Uitbetaalde dividenden aan minderheidsbelangen

-2 060

-3 137

Nettokasinstroom (-uitstroom) uit bedrijfsactiviteiten

14 148

28 707

Nettokasinstroom (-uitstroom) uit investeringsactiviteiten

-3 635

-4 940

Nettokasinstroom (-uitstroom) uit financieringsactiviteiten

-5 295

-13 089

Nettokasinstroom (-uitstroom)

5 218

10 678


De omzet van 2021 was 51,0% hoger dan vorig jaar. De marge van onderliggend bedrijfsresultaat (EBIT) op omzet verhoogde van 8,6% vorig jaar tot 9,5% dit jaar. Door de controle op het werkkapitaal werd de kasstroom uit bedrijfsactiviteiten verhoogd wat tot een verdere daling van de netto schuld positie leidde.

De toestand voor Vicson SA (Venezuela) blijft onder controle. De onderneming slaagt er in om een voldoende hoeveelheid grondstoffen aan te kopen om de activiteiten draaiend te houden, zij het op een lager niveau. In de tweede jaarhelft kon er lokaal walsdraad aangeschaft worden. Niettegenstaande de zeer korte betaaltermijn voor dergelijke aankopen leidt dit toch tot hogere winstgevendheid end kasstromen in de toekomst. Bovendien is in het land de toegang tot US dollar flexibeler geworden zodat de facturaties aan veel klanten in die munt gebeuren. Geldmiddelen & kasequivalenten en geldbeleggingen bedroegen € 0,4 miljoen op 31 december 2021 (tegenover € 0,9 miljoen op 31 december 2020).

image
image

6.16. Voorzieningen voor personeelsbeloningen

Per 31 december 2021 bedroegen de totale nettovoorzieningen voor personeelsbeloningen € 235,0 miljoen (€ 262,7 miljoen per jaareinde 2020), met volgende samenstelling:

in duizend €

2020

2021

Voorzieningen voor

Toegezegdpensioenregelingen

118 892

71 363

Andere langetermijnpersoneelsbeloningen

4 700

4 821

In geldmiddelen afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen

2 556

7 150

Kortetermijnpersoneelsbeloningen

116 014

160 699

Ontslagvergoedingen

38 580

10 786

Totaal voorzieningen in de balans

280 742

254 818

waarvan

Voorzieningen op meer dan een jaar

130 948

77 659

Voorzieningen op ten hoogste een jaar

149 793

177 159

Activa voor

Toegezegdpensioenregelingen

-18 082

-19 847

Totaal activa in de balans

-18 082

-19 847

Totaal nettovoorzieningen

262 660

234 971

Vergoedingsregelingen na uitdiensttreding

In overeenstemming met IAS 19, ‘Personeelsbeloningen’ worden vergoedingsregelingen na uitdiensttreding opgedeeld in toegezegdebijdragenregelingen en toegezegdpensioenregelingen.

Toegezegdebijdragenregelingen

Bij toegezegdebijdragenregelingen betaalt Bekaert bijdragen aan publieke of private pensioenfondsen of aan verzekeringsmaatschappijen. Eenmaal de bijdragen zijn betaald, heeft de Groep geen verdere betalingsverplichtingen. Deze bijdragen worden ten laste genomen van de periode waarin de verplichting ontstaat.

De Belgische toegezegdebijdragenregelingen zijn bij wet onderworpen aan gewaarborgde minimumrendementen. De pensioenwetgeving definieert het minimum gegarandeerd rendement vanaf 1 januari 2016 als een variabel procent dat gelinkt is aan de rendementen op overheidsobligaties die in de markt worden waargenomen. Vanaf 2016 werd het minimum gegarandeerd rendement 1,75% op zowel werkgevers- als werknemersbijdragen. De vroegere rendementen (3,25% op werkgeversbijdragen en 3,75% op werknemersbijdragen) worden verder toegepast op de gecumuleerde bijdragen van het verleden aan de groepsverzekering op 31 december 2015. Bijgevolg werden de toegezegdebijdragenregelingen geherclassificeerd als toegezegdpensioenregelingen op jaareinde, waarbij een actuariële waardering werd uitgevoerd.

In Nederland neemt Bekaert deel aan een collectieve toegezegdpensioenregeling van meerdere werkgevers die gefinancierd wordt via het Pensioenfonds Metaal & Techniek (‘PMT’). Deze regeling wordt geclassificeerd als toegezegdebijdragenregeling omdat er onvoldoende informatie beschikbaar is met betrekking tot de fondsbeleggingen toerekenbaar aan Bekaert om toegezegdpensioenregeling toe te passen. De bijdragen met betrekking tot deze regeling bedroegen € 1,6 miljoen (2020: € 1,9 miljoen). De werkgeversbijdragen worden elke vijf jaar vastgelegd door het PMT, ze zijn gelijk voor alle deelnemende bedrijven en uitgedrukt als een percentage van het pensioengevend salaris. De totale bijdrage van Bekaert

image
image

Toegezegdebijdrageregelingen

in duizend €

2020

2021

Opgenomen kosten

15 534

14 420

Toegezegdpensioenregelingen

Meerdere ondernemingen van de Groep voorzien in toegezegdpensioenregelingen voor pensioenen en andere vergoedingen na uitdiensttreding. Dergelijke regelingen gelden meestal voor alle werknemers en zijn gebaseerd op hun bezoldiging en aantal dienstjaren.

De recentste actuariële IAS 19-waarderingen werden voor alle significante toegezegdpensioenregelingen na uitdiensttreding uitgevoerd op 31 december 2021 door onafhankelijke actuarissen. In België, de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk bevinden zich de belangrijkste toegezegdpensioenregelingen voor de Groep. Zij vertegenwoordigden 90,0% (2020: 89,1%) van de brutoverplichtingen en 99,6% (2020: 99,7%) van de fondsbeleggingen van de Groep.

Regelingen in België

De gefinancierde pensioenregelingen in België vertegenwoordigden een brutoverplichting van € 216,5 miljoen (2020: € 229,4 miljoen) en € 213,4 miljoen activa (2020: € 205,7 miljoen). Deze omvatten de toegezegdebijdragenregelingen gefinancierd door groepsverzekeringen.

De traditionele toegezegdpensioenregelingen voorzien in de betaling van een éénmalige kapitaalsuitkering bij pensionering en in geval van overlijden of invaliditeit voorafgaand aan pensionering. Deze regelingen worden extern gefinancierd door twee instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening (IBP) in eigen beheer. Op regelmatige basis wordt een Asset Liability Matching (‘ALM’) studie uitgevoerd, waarin de gevolgen van strategische investeringsrichtlijnen worden geanalyseerd in termen van risico- en rendementsprofielen. Uit deze studie worden de investeringsprincipes en het financieringsbeleid afgeleid. Het is de bedoeling de beleggingen afdoende te diversifiëren teneinde het risico onder controle te houden. De investerings- en aansprakelijkheidsrisico’s worden op kwartaalbasis opgevolgd. De financieringspolitiek heeft als doel om minstens volledig gefinancierd te zijn in termen van statutaire minimumvereisten (dit is een voorzichtige schatting van de pensioenverplichtingen).

Andere regelingen hebben in hoofdzaak betrekking op brugpensioenen (brutoverplichting € 8,0 miljoen (2020: € 8,4 miljoen)), die niet extern gefinancierd zijn. Een bedrag van € 4,6 miljoen (2020: € 3,4 miljoen) heeft betrekking op werknemers in actieve dienst die nog geen brugpensioenakkoord hebben afgesloten.

Regelingen in de Verenigde Staten

De gefinancierde pensioenregelingen in de Verenigde Staten vertegenwoordigden een brutoverplichting van € 128,1 miljoen (2020: € 127,4 miljoen) en € 124,4 miljoen activa (2020: € 104,8 miljoen). De plannen voorzien in levenslange rentebetalingen aan de deelnemers, maar werden gesloten voor nieuwe deelnemers. De activa zijn geïnvesteerd in obligaties en in aandelen. De financieringspolitiek is erop gericht om voldoende gefinancierd te zijn in termen van de vereisten van de Pension Protection Act om te vermijden dat er uitkeringsbeperkingen van kracht worden of dat de regelingen een at risk-status verwerven.

Niet-gefinancierde regelingen omvatten plannen voor medische zorgen (brutoverplichting € 2,4 miljoen (2020: € 3,8 miljoen)).

vertegenwoordigt minder dan 0,1% van de volledige PMT bijdrage. De financieringsregels specifiëren dat een werkgever niet verplicht is tot het betalen van verdere bijdragen met betrekking tot eerder opgebouwde uitkeringen. De financieringsstatus van het PMT was 106,1% op 31 december 2021 (2020: 95,4%). Gedurende de periode van 2015 tot 2022 is er geen verplichting voor de deelnemende bedrijven tot financiering van enig tekort van het PMT (of tot het ontvangen van enig overschot).

image
image

Regelingen in het Verenigd Koninkrijk

De gefinancierde pensioenregeling in het Verenigd Koninkrijk is een plan gesloten voor nieuwe deelnemers en verdere opbouw en vertegenwoordigt een brutoverplichting van € 93,6 miljoen (2020: € 92,0 miljoen) en € 113,5 miljoen activa (2020: € 110,1 miljoen). De regeling wordt beheerd door een aparte Raad van Bestuur die juridisch los staat van de onderneming. De Raad van Bestuur is samengesteld uit vertegenwoordigers van zowel werkgevers als werknemers. De bestuurders zijn wettelijk verplicht om te handelen in het belang van alle betrokken begunstigden en zijn verantwoordelijk voor het beleggingsbeleid van de activa en het dagelijkse beheer van de uitkeringen.

De pensioenverplichting omvat uitsluitend uitkeringen voor gewezen deelnemers (deelnemers wiens dienstverband is beëindigd en nog niet de in aanmerking komende pensioengerechtigde leeftijd hebben bereikt) en gepensioneerden (deelnemers die reeds pensioen ontvangen omdat zij de in aanmerking komende pensioengerechtigde leeftijd hebben bereikt). In grote lijnen is ongeveer 70% van de verplichtingen toe te schrijven aan inactieven en 30% aan gepensioneerden (2020: 30% gepensioneerden).

Britse wetgeving vereist dat pensioenregelingen op prudente wijze worden gefinancierd. De laatste waardering ter bepaling van de financiering werd uitgevoerd door een erkende actuaris per 31 december 2019 en resulteerde in een overschot van € 7,4 miljoen. Als gevolg hiervan hoeft de onderneming geen premie meer te betalen aan de regeling. Administratiekosten worden apart van IAS 19 gerapporteerd.

Volgende bedragen werden opgenomen in de balans:

in duizend €

2020

2021

België

Contante waarde van gefinancierde verplichtingen

229 377

216 562

Reële waarde van de fondsbeleggingen

-205 728

-213 440

Deficit / surplus (-) van gefinancierde verplichtingen

23 649

3 122

Contante waarde van niet-gefinancierde verplichtingen

8 365

7 994

Totaal deficit / surplus (-) van verplichtingen

32 014

11 116

Verenigde Staten

Contante waarde van gefinancierde verplichtingen

127 361

128 125

Reële waarde van de fondsbeleggingen

-104 847

-124 372

Deficit / surplus (-) van gefinancierde verplichtingen

22 514

3 753

Contante waarde van niet-gefinancierde verplichtingen

8 975

7 556

Totaal deficit / surplus (-) van verplichtingen

31 489

11 309

Verenigd Koninkrijk

Contante waarde van gefinancierde verplichtingen

91 997

93 635

Reële waarde van de fondsbeleggingen

-110 079

-113 482

Deficit / surplus (-) van gefinancierde verplichtingen

-18 082

-19 847

Contante waarde van niet-gefinancierde verplichtingen

Totaal deficit / surplus (-) van verplichtingen

-18 082

-19 847

Andere

Contante waarde van gefinancierde verplichtingen

1 633

2 545

Reële waarde van de fondsbeleggingen

-1 425

-1 615

Deficit / surplus (-) van gefinancierde verplichtingen

208

930

Contante waarde van niet-gefinancierde verplichtingen

55 181

48 008

Totaal deficit / surplus (-) van verplichtingen

55 389

48 938

image
image

Totaal

Contante waarde van gefinancierde verplichtingen

450 368

440 867

Reële waarde van de fondsbeleggingen

-422 079

-452 909

Deficit / surplus (-) van gefinancierde verplichtingen

28 289

-12 042

Contante waarde van niet-gefinancierde verplichtingen

72 521

63 558

Totaal deficit / surplus (-) van verplichtingen

100 810

51 516


De evolutie van de brutoverplichting, de fondsbeleggingen en de nettovoorziening en -vordering over het jaar waren als volgt:

in duizend €

Bruto-
verplichting

Fonds-
beleggingen

Netto
voorzieningen/
vorderingen (-)

Per 1 januari 2020

518 600

-408 821

109 778

Aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten

16 035

16 035

Pensioenkosten van verstreken diensttijd

937

937

Winsten (-) / verliezen uit afwikkelingen

-3 816

-3 816

Rentelasten / -opbrengsten (-)

9 402

-6 860

2 541

Kosten / opbrengsten (-) via het resultaat

22 557

-6 860

15 697

Componenten opgenomen in EBIT

13 155

Componenten opgenomen in het financieel resultaat

2 541

Herwaarderingen

Rendement op fondsbeleggingen, met uitzondering van bedragen opgenomen in de rentelasten /-opbrengsten (-)

-33 773

-33 773

Winsten (-) / verliezen door wijziging in demografische assumpties

-1 753

-1 753

Winsten (-) / verliezen door wijziging in financiële assumpties

34 728

34 728

Winsten (-) / verliezen bij ervaringsaanpassingen

-2

-1 697

-1 699

Wijzigingen geboekt via het eigen vermogen

32 973

-35 470

-2 497

Bijdragen

Werkgeversbijdragen / uitbetaalde vergoedingen

-17 052

-17 052

Werknemersbijdragen

170

-170

Uitbetalingen van het plan

Uitbetaalde vergoedingen

-30 914

30 914

Effecten van omrekening van vreemde valuta

-20 497

15 380

-5 116

Per 31 december 2020

522 889

-422 079

100 810

image
image

in duizend €

Bruto-
verplichting

Fonds-
beleggingen

Netto
voorzieningen/
vorderingen (-)

Per 1 januari 2021

522 889

-422 079

100 810

Aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten

17 424

17 424

Pensioenkosten van verstreken diensttijd

-252

-252

Winsten (-) / verliezen uit afwikkelingen

-87

-87

Rentelasten / -opbrengsten (-)

7 384

-5 500

1 884

Kosten / opbrengsten (-) via het resultaat

24 470

-5 500

18 969

Componenten opgenomen in EBIT

17 085

Componenten opgenomen in het financieel resultaat

1 884

Herwaarderingen

Rendement op fondsbeleggingen, met uitzondering van bedragen opgenomen in de rentelasten /-opbrengsten (-)

-21 127

-21 127

Winsten (-) / verliezen door wijziging in demografische assumpties

-1 622

-1 622

Winsten (-) / verliezen door wijziging in financiële assumpties

-28 439

-28 439

Winsten (-) / verliezen bij ervaringsaanpassingen

3 836

3 836

Wijzigingen geboekt via het eigen vermogen

-26 224

-21 127

-47 351

Bijdragen

Werkgeversbijdragen / uitbetaalde vergoedingen

-19 430

-19 430

Werknemersbijdragen

148

-148

Uitbetalingen van het plan

Uitbetaalde vergoedingen

-32 275

32 275

Effecten van omrekening van vreemde valuta

15 418

-16 900

-1 483

Per 31 december 2021

504 425

-452 909

51 516

De pensioenkosten van verstreken diensttijd hadden betrekking op wijzigingen in vergoedingsregelingen na uitdiensttreding in Chili en een correctie van de pensioenkosten van verstreken diensttijd als gevolg van de herstructurering van 2020 in België na de implementatiegolf van 2021. Winsten uit afwikkelingen hadden voornamelijk betrekking op het plannen van de sluiting van de Figline-site in Italië; en een correctie van de afwikkelingskosten als gevolg van de herstructurering van 2020 in België na de implementatiegolf van 2021. In de winst-en-verliesrekening worden zowel de pensioenkosten, toegerekend aan het dienstjaar als van verstreken diensttijd, inclusief de winsten en verliezen uit afwikkelingen, opgenomen in het bedrijfsresultaat (EBIT). De rentelast of -opbrengst maakt deel uit van de rentelasten, onder rentegedeelte van rentedragende voorzieningen.

Restitutierechten voortkomend uit herverzekeringscontracten met betrekking tot pensioenen, overlijdens- en invaliditeitsvergoedingen in Duitsland bedroegen € 0,1 miljoen (2020: € 0,2 miljoen).

image
image

Voor 2022 worden volgende bijdragen en uitbetaalde vergoedingen verwacht:

Verwachte bijdragen en uitbetaalde vergoedingen

in duizend €

2022

Pensioenregelingen

13 190

De reële waarde van de fondsbeleggingen per 31 december was als volgt samengesteld:

in duizend €

2020

2021

België

Obligaties

54 808

55 905

Aandelen

80 076

94 366

Geldmiddelen

920

4 077

Verzekeringen

69 923

59 092

Totaal België

205 728

213 440

Verenigde Staten

Obligaties

USD langetermijnobligaties

29 765

36 617

USD vastrentende effecten

4 944

5 842

USD gewaarborgde deposito's

3 191

4 437

Aandelen

USD aandelen

42 610

49 690

Niet-USD aandelen

19 026

20 317

Vastgoed

5 310

7 470

Totaal Verenigde Staten

104 847

124 372

Verenigd Koninkrijk

Obligaties

27 929

35 480

Afgeleide producten

60 967

62 806

Aandelen

14 576

13 850

Geldmiddelen

6 607

1 346

Totaal Verenigd Koninkrijk

110 079

113 482

Andere

Obligaties

1 425

1 614

Totaal Andere

1 425

1 614

Totaal

422 079

452 909

In de Verenigde Staten wordt voornamelijk geïnvesteerd via beleggingsfondsen en gekantonneerde fondsen van verzekeringsmaatschappijen in genoteerde aandelen en obligaties. In België wordt voornamelijk belegd via beleggingsfondsen in genoteerde aandelen en obligaties. De beleggingen zijn afdoende gediversifieerd zodat een faling van één enkele belegging geen materiële impact zou hebben op het globale niveau van de activa. In het Verenigd Koninkrijk wordt een groot deel van de activa geïnvesteerd in beleggingen die erop gericht zijn om te voldoen aan toekomstige kasstromen en obligaties.

image
image

De fondsbeleggingen van de Groep omvatten geen directe positie in Bekaertaandelen of -obligaties, noch in vastgoed dat wordt gebruikt door een Bekaertentiteit.

De voornaamste actuariële veronderstellingen op balansdatum (gewogen gemiddelden gebaseerd op uitstaande brutoverplichtingen) waren:

Actuariële veronderstellingen

2020

2021

Disconteringsvoet

1,4%

2,0%

Jaarlijkse verhoging van bezoldigingen

3,0%

3,3%

Onderliggende inflatie

1,4%

2,3%

Toename gezondheidszorgkost (initieel)

6,8%

6,5%

Toename gezondheidszorgkost (uiteindelijk)

5,0%

5,0%

Gezondheidszorg (jaren voor het bereiken van het uiteindelijke percentage)

7

6


De disconteringsvoet voor het Verenigd Koninkrijk, de Verenigde Staten en België is een weerspiegeling van zowel de huidige renteomgeving als van de specifieke karakteristieken van de planverplichtingen. In eerste instantie worden de geprojecteerde toekomstige uitbetalingen gekoppeld aan de toepasselijke contantkoersen, op basis waarvan de contante waarde berekend wordt. Daarna wordt teruggerekend wat de gemiddelde disconteringsvoet is die dezelfde contante waarde oplevert. De contantkoersen worden afgeleid van een rentecurve gebaseerd op hoogwaardige bedrijfsobligaties met een AA-kredietstatus uitgegeven in de munt van de toepasselijke regionale markt.

Dit resulteerde in de volgende disconteringsvoeten:

Disconteringsvoet

2020

2021

België

0,6%

1,0%

Verenigde Staten

2,4%

2,8%

Verenigd Koninkrijk

1,5%

1,9%

Overige

2,9%

4,7%


Dit resulteerde in de volgende inflatievoeten:

Inflatie

2020

2021

België

1,5%

1,8%

Verenigde Staten

N/A

N/A

Verenigd Koninkrijk

2,9%

3,3%

Overige

1,9%

2,9%

Totaal

1,4%

2,3%

image
image

Assumpties met betrekking tot toekomstige sterfte zijn gebaseerd op actuarieel advies in overeenstemming met gepubliceerde statistieken en ervaring voor elke regio. Deze assumpties worden vertaald in een gemiddelde levensverwachting in jaren voor een gepensioneerde die uit dienst treedt op de leeftijd van 65.

2020

2021

Levensverwachting voor een man van 65 (jaren) op de balansdatum

20,2

20,2

Levensverwachting voor een vrouw van 65 (jaren) op de balansdatum

22,6

22,6

Levensverwachting voor een man van 65 (jaren) tien jaar na de balansdatum

20,9

20,9

Levensverwachting voor een vrouw van 65 (jaren) tien jaar na de balansdatum

23,4

23,4

Een sensitiviteitsanalyse levert volgende effecten op:

Sensitiviteitsanalyse

in duizend €

Wijziging in veronder-
stelling

Impact op toegezegdpensioenregelingen

Disconteringsvoet

-0,50%

Increase by

29 222

5,8%

Salarisstijging

0,50%

Increase by

5 845

1,2%

Gezondheidszorgkost

0,50%

Increase by

104

0,02%

Levensverwachting

1 year

Increase by

8 338

1,6%


Bij bovenstaande sensitiviteitsanalyse werden alle andere veronderstellingen constant gehouden.

De Groep is door zijn toegezegdpensioenregelingen blootgesteld aan een aantal risico’s, waarvan de belangrijkste hieronder zijn toegelicht:

Volatiliteit van de activa

De verplichtingen van het plan worden berekend met behulp van een disconteringsvoet gebaseerd op bedrijfsobligatierendementen; wanneer de fondsbeleggingen dit rendement niet behalen, zal dit een tekort veroorzaken.

Wijzigingen in obligatierendementen

Een afname van de rendementen op bedrijfsobligaties leidt tot een toename van de verplichtingen, hoewel dit gedeeltelijk zal worden gecompenseerd door een waardestijging van de obligaties in portefeuille.

Salarisrisico

De brutoverplichtingen van de meeste regelingen worden berekend op basis van de toekomstige verloning van de deelnemers. Bijgevolg zal een hoger dan verwachte salarisstijging leiden tot hogere verplichtingen.

Langlevenrisico

Belgische pensioenplannen voorzien in de betaling van een éénmalige kapitaalsuitkering bij pensionering. Zodoende is er weinig of geen langlevenrisico. Pensioenplannen in de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk voorzien in voordelen voor de deelnemers zolang zij leven, dus zal een toename in levensverwachting resulteren in een toename van de planverplichtingen.


image
image

De gewogen gemiddelde vervaltermijnen van de brutoverplichtingen waren als volgt:

Gewogen gemiddelde vervaltermijnen van de brutoverplichtingen

in jaren

2020

2021

België

13,5

12,5

Verenigde Staten

12,1

11,5

Verenigd Koninkrijk

19,9

20,0

Overige

11,9

10,3

Totaal

14,1

13,4

Ontslagvergoedingen

Ontslagvergoedingen zijn geldmiddelen en andere vergoedingen die aan werknemers worden betaald wanneer hun dienstverband is beëindigd.


Andere langetermijnpersoneelsbeloningen

De andere langetermijnpersoneelsbeloningen hadden betrekking op jubileumpremies.


In geldmiddelen afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen

Stock appreciation rights (‘SAR’)

De Groep kent aan bepaalde werknemers Stock Appreciation Rights (SARs) toe die hen het recht geven om op de uitoefendatum de intrinsieke waarde van de SARs te ontvangen. Deze SARs worden verwerkt als in geldmiddelen afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen in overeenstemming met IFRS 2. De reële waarde van elke toekenning wordt herberekend op balansdatum, gebruik makend van hetzelfde binomiaal waarderingsmodel als voor de in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde aandelenoptieplannen (zie toelichting 6.13. ‘Gewone aandelen, eigen aandelen en in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen’). Gebaseerd op de lokale regulering is de uitoefenprijs voor elke toekenning onder de SAR-plannen in de VS gelijk aan de gemiddelde slotkoers van het aandeel van de Onderneming gedurende de dertig dagen volgend op de datum van het aanbod. De uitoefenprijs van de andere SAR-plannen is bepaald op dezelfde wijze als voor de in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde aandelenoptieplannen: als de laagste waarde van (i) de gemiddelde slotkoers van het aandeel van de Onderneming gedurende dertig dagen voorafgaand aan de datum van het aanbod, en (ii) de laatste slotkoers voorafgaand aan de datum van het aanbod.

Het model houdt rekening met volgende inputs voor alle toekenningen: de aandelenkoers op balansdatum: € 39,14 (2020: € 27,16), verwachte volatiliteit van 34% (2020: 36%), een verwacht dividend van 3,0% (2020: 3,0%), een wachtperiode van 3 jaar, een gemiddelde contractduur van 10 jaar, en een uitoefenfactor van 1,40 (2020: 1,40). De input voor de risicovrije rente varieert per toekenning en is gebaseerd op het rendement van de Belgische OLO’s (Obligation Linéaire / Lineaire Obligatie) met een looptijd gelijk aan de looptijd van de bewuste SAR-toekenning.

image
image

De uitoefenprijzen en reële waardes van de uitstaande SARs per toekenning worden weergegeven in onderstaande tabel:

Details van VS SAR-plannen per toekenning


in €

Aantal
toegekend

Uitoefenprijs

Reële waarde per 31 december 2020

Reële waarde per 31 december 2021

Toekenning 2012

21 200

27,63

3,20

Toekenning 2013

20 900

22,09

6,58

17,04

Toekenning 2014

36 800

25,66

5,41

13,72

Toekenning 2015

40 200

25,45

5,86

13,99

Toekenning 2016

20 250

28,38

5,34

11,91

Toekenning 2017

26 375

38,86

3,79

7,88

Toekenning 2018

16 875

37,06

4,33

8,76


Details van andere SAR-plannen per toekening

in €

Aantal
toegekend

Uitoefenprijs

Reële waarde per 31 december 2020

Reële waarde per 31 december 2021

Toekenning 2012

19 500

25,14

4,25

Toekenning 2013

24 500

19,20

8,43

19,92

Exceptionele toekenning 2013

10 000

21,45

7,17

17,69

Toekenning 2014

54 800

25,38

5,57

13,96

Toekenning 2015

44 700

26,06

5,73

13,42

Toekenning 2016

38 500

26,38

5,85

13,33

Toekenning 2017

53 000

39,43

3,68

7,85

Toekenning 2018

37 500

34,60

4,68

9,48


Op 31 december 2021 bedroeg de totale verplichting voor de VS SAR-plannen € 0,4 miljoen (2020: € 0,2 miljoen), terwijl de totale verplichting voor andere SAR-plannen € 0,5 miljoen bedroeg (2020: € 0,7 miljoen).

De Groep nam een totale opbrengst van € 0,0 miljoen op (2020: opbrengst van € 0,1 miljoen) tijdens het jaar in verband met SARs.

Performance Share Units (‘PSU’)

De Groep kende aan bepaalde werknemers in geldmiddelen afgewikkelde prestatieaandeeleenheden toe die de begunstigde het recht geven de waarde van de prestatieaandelen te ontvangen: gedurende 2015, 2016 en 2017 volgens de voorwaarden van het Performance Share Plan 2015-2017 en in 2019 en 2020 volgens de voorwaarden van het Performance Share Plan 2018-2020. Deze prestatieaandeeleenheden zullen uitoefenbaar zijn na een wachttijd van drie jaar afhankelijk van het bereiken van vooraf vastgelegde prestatiedoelstellingen. De prestatiedoelstellingen werden vastgelegd door de Raad van Bestuur, in lijn met de strategie van de Groep en kunnen variëren van 0% tot 300%. Op de toekenningsdatum wordt ervan uitgegaan dat de toekenning onvoorwaardelijk wordt bij een uitoefeningspercentage van 100%, de prestatiedoelstelling wordt op elke balansdatum opnieuw beoordeeld op de verwachte prestaties, indien nodig wordt het uitoefeningspercentage op basis van die beoordeling aangepast.

image
image

Deze prestatieaandeeleenheden worden verwerkt als in geldmiddelen afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen in overeenstemming met IFRS 2. De reële waarde van elke toekenning onder het Performance Share Plan 2015-2017 wordt herberekend op balansdatum, gebruik makend van hetzelfde binomiaal waarderingsmodel als voor de in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen (zie toelichting 6.13. ‘Gewone aandelen, eigen aandelen en in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen’). Het model houdt rekening met volgende inputs voor alle toekenningen: de aandelenkoers op balansdatum: € 39,14 (2020: € 27,16), verwachte volatiliteit van 34% (2020: 36%), een verwacht dividend van 3,0% (2020: 3,0%), een wachtperiode van 3 jaar. De input voor de risicovrije rentevoet varieert per toekenning en is gebaseerd op het rendement van de Belgische OLO’s met een vergelijkbare looptijd als de bewuste toekenning van prestatieaandeeleenheden.

De reële waarde van elke toekenning onder PSU 2018-2020 is gelijk aan de aandelenkoers op balansdatum aangezien de prestatiedoelstellingen niet-marktprijsgerelateerde voorwaarden zijn (Onderliggende EBITDA en operationale kasstroom).

De reële waardes van de uitstaande prestatieaandeeleenheden per toekenning worden weergegeven in onderstaande tabel:

Details van prestatieaandeeleenheden per toekenning


in €

Aantal
toegekend

Reële waarde per 31 december 2020

Reële waarde per 31 december 2021

PSU 2018-2020

Toekenning 2019

51 995

27,16

PSU 2018-2020

Toekenning 2020

45 141

27,16

39,14

PSU 2018-2020

Toekenning 2020

444

27,16

39,14

PSU 2018-2020

Toekenning 2021

4 567

39,14

Op 31 december 2021 bedroeg de totale verplichting voor de VS-prestatieaandeeleenheden € 1,6 miljoen (2020: € 0,3 miljoen), terwijl de totale verplichting voor de andere prestatieaandeeleenheden € 4,8 miljoen bedroeg (2020: € 1,3 miljoen).

De Groep nam een totale kost van € 4,8 miljoen (2020: kost van € 0,8 miljoen) op tijdens het jaar in verband met prestatieaandeeleenheden.


Kortetermijnpersoneelsbeloningen

Kortetermijnpersoneelsbeloningen hebben betrekking op verplichtingen voor verloning en sociale zekerheid die volledig betaalbaar zijn binnen de 12 maanden na het einde van de periode waarin werknemers de gerelateerde prestaties verrichten.

image
image

6.17. Overige voorzieningen

in duizend €

Herstructurering

Geschillen

Milieu

Overige

Totaal

Per 1 januari 2020

12 155

8 458

32 488

2 127

55 227

Bijkomende voorzieningen

755

2 391

2 090

935

6 170

Terugnemingen ongebruikte bedragen

-1 542

-2 596

-5 789

-153

-10 080

Toename in contante waarde

43

43

Opgenomen in de winst-en-verliesrekening

-787

-205

-3 699

825

-3 867

Aanwendingen van het jaar

-4 148

-1 077

-8 766

-169

-14 160

Overdrachten

-390

-369

24

734

Omrekeningswinsten (-) en -verliezen

-305

-208

-31

-69

-613

Per 31 december 2020

6 525

6 600

20 015

3 448

36 588

Waarvan

op ten hoogste een jaar

6 467

3 389

737

828

11 421

op meer dan 1 en ten hoogste 5 jaar

58

3 211

3 988

2 364

9 621

op meer dan vijf jaar

15 290

256

15 546


in duizend €

Herstructurering

Geschillen

Milieu

Overige

Totaal

Per 1 januari 2021

6 525

6 600

20 015

3 448

36 588

Bijkomende voorzieningen

56

1 516

2 397

867

4 836

Terugnemingen ongebruikte bedragen

-220

-3 309

-591

-1 069

-5 188

Toename in contante waarde

15

15

Opgenomen in de winst-en-verliesrekening

-164

-1 793

1 807

-187

-337

Aanwendingen van het jaar

-5 661

-1 930

-858

-388

-8 837

Omrekeningswinsten (-) en -verliezen

3

186

89

11

289

Per 31 december 2021

703

3 062

21 053

2 884

27 703

Waarvan

op ten hoogste een jaar

703

1 987

635

1 066

4 392

op meer dan 1 en ten hoogste 5 jaar

1 075

9 008

1 250

11 333

op meer dan vijf jaar

11 410

568

11 978

De daling van de voorziening voor herstructureringsprogramma’s had voornamelijk betrekking op het aanwenden van de provisie gelinkt aan de sluiting van de rubberversterkingsfabriek in Figline (Italië).

Voorzieningen voor geschillen hielden in hoofdzaak verband met productkwaliteitsklachten en productgaranties in meerdere entiteiten.

Milieuvoorzieningen hadden voornamelijk betrekking op vestigingen in EMEA. De verwachte bodemsaneringskosten worden elk jaar opnieuw geschat, gebaseerd op een evaluatie door een extern expert. Het is onzeker wanneer de kosten zullen worden gemaakt, want dit hangt vaak af van beslissingen inzake de bestemming van de sites. De stijging in de milieuvoorzieningen had hoofdzakelijk te maken met een nieuwe voorziening gerelateerd aan de verkoop van de grond en gebouwen van de fabriek in Canada, gedeeltelijk geneutraliseerd door het aanwenden en het terugnemen van de voorzieningen die werden aangelegd voor sites in België en het Verenigd Koninkrijk.

De daling in de overige voorzieningen had voornamelijk betrekking op terugnemingen van voorzieningen voor rechtszaken.

image
image

6.18. Rentedragende schulden

De volgende tabel toont een analyse van de nettoboekwaarde van de rentedragende schulden van de Groep, per contractuele vervaldatum:

2020

in duizend €

Vervallend binnen het jaar

Vervallend
over meer
dan 1 en ten
hoogste 5 jaar

Vervallend
over meer
dan 5 jaar

Totaal

Rentedragende schulden

Leaseverplichtingen

19 746

39 603

21 157

80 505

Ontvangen kaswaarborgen

51

120

171

Kredietinstellingen

246 817

187 511

434 328

Schuldschein-lening

298 702

20 933

319 635

Obligatieleningen

400 000

400 000

Converteerbare obligatieleningen

375 092

375 092

Totaal financiële schulden

641 655

525 867

442 210

1 609 732

2021

in duizend €

Vervallend binnen het jaar

Vervallend
over meer
dan 1 en ten
hoogste 5 jaar

Vervallend
over meer
dan 5 jaar

Totaal

Rentedragende schulden

Leaseverplichtingen

20 219

36 837

19 588

76 644

Ontvangen kaswaarborgen

84

120

204

Kredietinstellingen

217 523

177 047

394 571

Schuldschein-lening

298 964

20 941

319 905

Obligatieleningen

200 000

200 000

400 000

Totaal financiële schulden

237 742

712 932

240 649

1 191 324


Een analyse van de contractueel overeengekomen, niet-verdisconteerde kasuitstromen met betrekking tot financiële verplichtingen van de Groep wordt voorgesteld in toelichting 7.2. ‘Beheer van financiële risico’s en derivaten’. De financiële schuld vervallend binnen het jaar is met € 403,9 miljoen gedaald door het terugbetalen van de converteerbare obligatielening in juni 2021 (€ 375,1 miljoen tegen geamortiseerde kostprijs per jaareinde 2020).

In principe gaan entiteiten van de Groep leningen aan in hun lokale valuta om valutarisico’s te vermijden. Als de financiering in een andere valuta gebeurt, zonder enige compenserende balanspositie, dekken de entiteiten het valutarisico af door middel van derivaten (cross-currency interest-rate swaps of termijnwisselcontracten). Obligatieleningen, commercial paper en schulden tegenover kredietinstellingen zijn niet gewaarborgd, met uitzondering van de factoring-programma’s.

Voor meer informatie over het beheer van financiële risico’s verwijzen wij naar toelichting 7.2. ‘Beheer van financiële risico’s en derivaten’.

image
image

Berekening van de nettoschuld

In overeenstemming met alle financiële derivate vorderingen en schulden, is het derivaat dat de in de converteerbare obligatielening besloten conversieoptie vertegenwoordigt (€ 0,03 miljoen in 2020) niet opgenomen in de nettoschuld (zie toelichting 6.19. ‘Overige verplichtingen op meer dan een jaar’).

De volgende tabel geeft een overzicht van de berekening van de nettoschuld.

in duizend €

2020

2021

Rentedragende schulden op meer dan een jaar

968 076

953 581

Rentedragende schulden op ten hoogste een jaar

641 655

237 742

Totaal financiële schulden

1 609 732

1 191 324

Financiële vorderingen en kaswaarborgen op meer dan een jaar

-7 451

-10 192

Financiële vorderingen en kaswaarborgen op ten hoogste een jaar

-7 707

-6 475

Geldbeleggingen

-50 077

-80 058

Geldmiddelen en kasequivalenten

-940 416

-677 270

Nettoschuld

604 081

417 329

image
image

Wijzigingen in verplichtingen die ontstaan uit financieringsactiviteiten

Om tegemoet te komen aan de toelichtingsvereisten van IAS 7 ‘Het kasstroomoverzicht’ toont deze sectie een overzicht van de wijzigingen in verplichtingen die ontstaan uit financieringsactiviteiten. De opdeling in langetermijnschulden en kortetermijnschulden is gebaseerd op de initiële looptijd van de schuld. In het geconsolideerd kasstroomoverzicht worden de kasstromen met betrekking tot rentedragende langetermijnschulden opgedeeld in inkomsten en aflossingen.

In 2021 hadden de overige wijzigingen in financiële schuld hoofdzakelijk betrekking op non-cash bewegingen in de leaseverplichtingen (€ 19,6 miljoen) (zie ook toelichting 6.4. ‘Recht-op-gebruik (RoU) vaste activa’), en opgelopen rente uit afschrijvingen op verplichtingen via de effectieverentemethode (€ 4,9 miljoen). Derivaten aangehouden ter afdekking van financiële schulden omvatten swaps en opties die zorgen voor een (economische) afdekking van renterisico’s, zie toelichting 7.2. ‘Beheer van financiële risico’s en derivaten’.

Overnames en afstotingen hadden in 2020 betrekking op de overname van Grating Peru SAC. In 2020 hadden de overige wijzigingen in financiële schuld hoofdzakelijk betrekking op non-cash bewegingen in de leaseverplichtingen (€ 22,0 miljoen) (zie ook toelichting 6.4. ‘Recht-op-gebruik (RoU) vaste activa’), en opgelopen rente uit afschrijvingen op verplichtingen via de effectieverentemethode (€ 10,7 miljoen).

2020

Niet-kasstromen

Per 31 december

in duizend €

Per 1 januari

Kasstromen

Overnames
en afstotingen

Gecumuleerde
omrekenings-
verschillen

Reëlewaarde-
wijzigingen

Overige wijzigingen

Financiële schulden

Langetermijnschulden ¹

1 403 804

-46 364

-9 486

32 912

1 380 866

Ontvangen kaswaarborgen

175

-3

171

Leaseverplichtingen

88 253

-25 785

-3 914

21 952

80 505

Kredietinstellingen

386 171

-175 139

-5 569

205 463

Schuldschein-lening

319 368

267

319 635

Obligatieleningen

245 614

154 386

400 000

Converteerbare
obligatieleningen

364 398

10 694

375 092

Kortetermijnschulden

204 691

41 358

1 237

-18 420

228 865

Totaal financiële schulden

1 608 495

-5 006

1 237

-27 906

32 912

1 609 732

Derivaten aangehouden ter afdekking van financiële schulden

Interest-rate swaps

496

585

1 081

Cross-currency interest-rate swaps

-3 705

-1 325

-5 030

Overige verplichtingen uit financieringsactiviteiten

Conversiederivaat

115

-81

34

Totaal verplichtingen uit financieringsactiviteiten

1 605 400

-5 006

1 237

-27 906

-820

32 912

1 605 817

¹  Inclusief het deel van de schulden op meer dan een jaar dat binnen het jaar vervalt, nl. € 219,5 miljoen per 1 januari en € 412,8 miljoen per 31 december.

image
image

2021

Per 1 januari

Niet-kasstromen

Per 31 december

in duizend €

Kasstromen

Overnames
en afstotingen

Gecumuleerde
omrekenings-
verschillen

Reëlewaarde-
wijzigingen

Overige wijzigingen

Financiële schulden

Langetermijnschulden ¹

1 380 866

-416 174

3 619

24 802

993 114

Ontvangen kaswaarborgen

171

12

20

204

Leaseverplichtingen

80 505

-26 290

2 805

19 624

76 644

Kredietinstellingen

205 463

-9 896

794

196 361

Schuldschein-lening

319 635

270

319 905

Obligatieleningen

400 000

400 000

Converteerbare
obligatieleningen

375 092

-380 000

4 908

Kortetermijnschulden

228 865

-43 328

12 672

198 210

Totaal financiële schulden

1 609 732

-459 501

16 291

24 802

1 191 324

Derivaten aangehouden ter afdekking van financiële schulden

Interest-rate swaps

1 081

-964

118

Cross-currency interest-rate swaps

-5 030

6 675

1 645

Totaal verplichtingen uit financieringsactiviteiten

1 605 817

-459 501

16 291

5 677

24 802

1 193 087

¹ Inclusief het deel van de schulden op meer dan een jaar dat binnen het jaar vervalt, nl. € 412,8 miljoen per 1 januari en € 39,5 miljoen per 31 december.

6.19. Overige verplichtingen op meer dan een jaar

Nettoboekwaarde

in duizend €

2020

2021

Overige schulden op meer dan één jaar

150

142

Derivaten (zie toelichting 7.2.)

1 081

703

Totaal

1 231

844


De derivaten hadden voor € 0,1 miljoen betrekking op een interest-rate swap om de variabele rente in enkele van de Schuldschein-leningen af te dekken (2020: € 1,1 miljoen) en voor € 0,6 miljoen op CCIRS'en (2020: geen) (zie toelichting 6.18. 'Rentedragende schulden' en 7.2. ‘Beheer van risico’s en derivaten’).

image
image

6.20. Overige verplichtingen op ten hoogste een jaar

Nettoboekwaarde

in duizend €

2020

2021

Overige verplichtingen

9 939

9 122

Derivaten (zie toelichting 7.2.)

1 885

2 324

Ontvangen voorschotten

15 682

24 354

Overige belastingen

27 073

24 127

Overlopende rekeningen (passief)

9 872

8 322

Totaal

64 451

68 249


6.21. Belastingposities

De onderstaande tabel geeft een overzicht van de belastingvorderingen, belastingschulden en onzekere belastingposities opgenomen op balansdatum. De belastingvorderingen en 
-schulden bevatten zowel inkomstenbelastingen als BTW en overige belastingen.

De derivaten bevatten termijnwisselcontracten (€ 0,7 miljoen (2020: € 1,6 miljoen)) en CCIRS’en (€ 1,7 miljoen (2020: € 0,2 miljoen)). Overige belastingen hadden in hoofdzaak betrekking op BTW, afhoudingen op lonen en wedden en niet-winstgebaseerde belastingen.

De ontvangen voorschotten hadden voornamelijk betrekking op voorschotten van de Braziliaanse joint ventures op bestellingen van activa bij Engineering.

in duizend €

2020

2021

Belastingvorderingen

83 487

113 568

Vaststaande belastingschulden

48 976

71 376

Onzekere belastingposities

31 639

38 882

De vaststaande belastingschulden bevatten ook de saldi inzake overige belastingen opgenomen in de tabel van toelichting 6.20. ‘Overige verplichtingen op ten hoogste een jaar’.

image
image

7. Diverse elementen

7.1. Toelichting bij het kasstroomoverzicht

Samenvatting

in duizend €

2020

2021

EBIT

256 527

513 086

Posten zonder kasstroomeffect opnieuw bijgeteld bij EBIT

216 067

164 256

EBITDA

472 594

677 342

Overige brutokasstromen uit bedrijfsactiviteiten

-91 535

-140 345

Brutokasstromen uit bedrijfsactiviteiten

381 059

536 997

Wijzigingen in operationeel werkkapitaal ¹

124 419

-119 773

Overige bedrijfskasstromen

-556

-32 620

Nettokasstroom uit bedrijfsactiviteiten

504 921

384 604

Nettokasstroom uit investeringsactiviteiten

-31 209

-95 924

Nettokasstroom uit financieringsactiviteiten

-82 741

-567 082

Toename of afname in geldmiddelen en kasequivalenten

390 972

-278 401

¹ Zie toelichting 6.8. ‘Operationeel werkkapitaal’ voor de aansluiting van de wijzigingen in operationeel werkkapitaal met de organische evolutie van het werkkapitaal.


Het overzicht van de kasstromen uit bedrijfsactiviteiten is opgesteld volgens de indirecte methode, terwijl de directe methode gevolgd werd voor de kasstromen uit andere activiteiten. De directe methode is gericht op het classificeren van brutokasinstromen en brutokasuitstromen per categorie.


image
image

Nettokasstroom uit bedrijfsactiviteiten

Details van geselecteerde bedrijfskasstromen

in duizend €

2020

2021

Posten zonder kasstroomeffect verwerkt in bedrijfsresultaat (EBIT)

Afschrijvingen en waardeverminderingen ¹

202 103

165 774

Bijzondere waardeverminderingen op activa

13 964

-1 518

Posten zonder kasstroomeffect opnieuw bijgeteld bij EBIT

216 067

164 256

Voorzieningen voor personeelsbeloningen: aanleg / terugname (-) van ongebruikte bedragen

49 703

14 044

Overige voorzieningen: aanleg / terugname (-) van ongebruikte bedragen

-3 909

-352

CTA overgeboekt naar resultaat bij afgestoten activiteiten

-2 987

In eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen

8 556

15 261

Overige posten zonder kasstroomeffect verwerkt in bedrijfsresultaat (EBIT)

54 350

25 966

Totaal

270 417

190 222

Investeringsposten verwerkt in bedrijfsresultaat (EBIT)

Winst (-) of verlies bij verkoop van activiteiten

705

170

Winst (-) of verlies bij verkoop van immateriële en materiële vaste activa

-39 331

-23 404

Totaal

-38 626

-23 234

Terugname gebruikte bedragen op voorzieningen voor personeelsbeloningen en overige voorzieningen

Voorzieningen voor personeelsbeloningen: gebruikte bedragen

-36 596

-41 503

Overige voorzieningen: gebruikte bedragen

-14 160

-8 837

Totaal

-50 756

-50 340

Betaalde winstbelastingen

Verschuldigde winstbelastingen

-36 744

-116 006

Toename of afname (-) in nettoverplichtingen m.b.t. winstbelastingen

-19 760

23 269

Totaal

-56 504

-92 737

Overige bedrijfskasstromen

Bewegingen in overige vlottende activa en verplichtingen op ten hoogste een jaar

-1 225

-27 411

Overige

669

-5 209

Totaal

-556

-32 620

¹ Inclusief € -18,7 miljoen (2020: € 7,3 miljoen) afwaarderingen / (terugnames van afwaarderingen) op voorraden en handelsvorderingen (zie toelichting 6.8. ‘Operationeel werkkapitaal’).


Brutokasstromen uit bedrijfsactiviteiten stegen met € +155,9 miljoen als gevolg van betere operationele prestaties (€ +204,7 miljoen EBITDA), hogere opzet voor in in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen (€ +6,7 miljoen) en lagere aanpassing voor investeringsposten verwerkt in het bedrijfsresultaat (€ +15,4 mijoen), tegenover een lagere opzet van voorzieningen voor personeelsbeloningen (€ -35,7 miljoen lager) en een hogere kasuitstroom uit betaalde winstbelastingen (€ -36,2 miljoen hoger).

image
image

De kasuitstroom door de toename in werkkapitaal, gedreven door een sterke groei, bedroeg € -119,8 miljoen in 2021 (2020: € +124,4 miljoen) (zie organische afname in toelichting 6.8. ‘Operationeel werkkapitaal’).

Overige bedrijfskasstromen hadden voornamelijk te maken met verschuivingen in overige vorderingen en verplichtingen die niet vervat zitten in het werkkapitaal en geen verband houden met investerings- of financieringsactiviteiten.

In 2021 werden € 92,7 miljoen winstbelastingen betaald. De meeste belastingen werden betaald in China (€ 22,8 miljoen), Chili (€ 14,8 miljoen), België (€ 12,1 miljoen), Slovakije (€ 5,7 miljoen), Turkije (€ 10,7 miljoen) en Indonesië (€ 4,7 miljoen).

Nettokasstroom uit investeringsactiviteiten

De volgende tabel verschaft meer details in verband met welbepaalde investeringskasstromen:

Details van geselecteerde investeringskasstromen

in duizend €

2020

2021

Overige portfolio-investeringen

Nieuwe bedrijfscombinaties

-978

Overige investeringen

-863

Totaal

-978

-863

Inkomsten uit verkoop van vaste activa

Inkomsten uit verkoop van immateriële activa

121

Inkomsten uit verkoop van materiële vaste activa

48 199

12 235

Inkomsten uit verkoop van recht op gebruik vast actief

3 861

712

Totaal

52 135

36 752

De overige investeringen in 2021 zijn gerelateerd aan de investering in een energie-opwekkingsbedrijf in Indië. Nieuwe bedrijfscombinaties hebben hoofdzakelijk betrekking op de investeringen in nieuwe joint ventures in 2020.

Kasuitstromen van investeringen in materiële vaste activa namen toe van € 104,5 miljoen in 2020 tot € 143,8 miljoen in 2021.

Opbrengsten uit verkoop van materiële vaste activa hadden in 2021 betrekking op de verkoop van vastgoed, hoofdzakelijk in Peru, Maleisië, België en Canada. In 2020 hebben ze betrekking op de verkoop van (1) Bekaert sites in België, (2) gronden en gebouwen als gevolg van de herstructurering in België en (3) de Belton, Texas fabriek als gevolg van de herstructurering in de Verenigde Staten.

image
image

Nettokasstroom uit financieringsactiviteiten

De volgende tabel verschaft meer details in verband met welbepaalde financieringskasstromen:

Details van geselecteerde financieringskasstromen

in duizend €

2020

2021

Overige financieringsstromen

Nieuwe aandelen uitgegeven voor uitgeoefende inschrijvingsrechten

153

1 077

Toename (-) of afname van kort- en langlopende leningen en financiële vorderingen

-211

495

Toename (-) of afname van financiële activa op ten hoogste een jaar

-46

-28 439

Overige financiële opbrengsten en lasten

-4 215

-2 879

Totaal

-4 319

-29 747

Nieuwe rentedragende langetermijnschulden bleven beperkt tot € 23,6 miljoen in 2021 (2020: € 201,3 miljoen, sloegen vooral op de nieuwe obligatielening). Aflossing van rentedragende langetermijnschulden (€ -439,8 miljoen) hield voornamelijk verband met de terugbetaling van de converteerbare obligatielening (€ -380,0 miljoen) en de herfinanciering van lokale leningen in Peru (€ -14,6 miljoen), China (€ -12,8 miljoen) en Chili (€ -11,1 miljoen). Kasuitstroom m.b.t. kortetermijnschulden beliep € -43,3 miljoen in 2021 (2020: kasinstroom € 41,4 miljoen). Voor een overzicht van de bewegingen in verplichtingen die ontstaan uit financieringsactiviteiten, zie toelichting 6.18. ‘Rentedragende schulden’.

In 2021 beliepen de transacties in eigen aandelen € 17,4 miljoen (2020 € 1,1 miljoen) en bestonden vooral uit inkomsten uit de uitoefening van aandelenopties.

In 2020 omvatten de ‘Verkopen en aankopen van minderheidsbelangen’ de aankoop van de (20%) aandelen voorafgaand aangehouden door Continental Global Holding Netherlands BV in Bekaert Slatina SRL in Roemenië (€ -9,0 miljoen). Ontvangsten uit overige financieringskasstromen waren het gevolg van de uitgifte van nieuwe aandelen ten gevolge van de uitoefening van inschrijvingsrechten (€ 1,1 miljoen tegenover € 0,2 miljoen in 2020), netto-ontvangsten uit leningen en vorderingen (€ 0,5 miljoen tegenover € -0,2 miljoen in 2020) en kasuitstromen van uit vlottende financiële activa, voornamelijk kortlopende deposito's (€ -28,4 miljoen tegenover bijna nul in 2020). Overige financiële opbrengsten en lasten omvatten in hoofdzaak belastingen en bankkosten op financiële transacties (€ -4,1 miljoen tegenover € -3,4 miljoen in 2020).

image
image

7.2. Beheer van financiële risico’s en financiële instrumenten

Principes van financieel risicobeheer

De Groep is blootgesteld aan risico’s als gevolg van bewegingen in wisselkoersen, rentevoeten en marktrisico’s die haar activa en verplichtingen beïnvloeden. Het financieel risicobeheer van de Groep heeft tot doel om de effecten van deze marktrisico’s als gevolg van haar operationele en financiële activiteiten te beperken. Naargelang het ingeschatte risico worden daartoe welbepaalde derivaten als afdekkingsinstrumenten ingezet. De Groep dekt voornamelijk risico’s af die de kasstromen beïnvloeden. Derivaten worden enkel gebruikt als afdekkingsinstrument en niet voor handels- of speculatieve doeleinden. Om het kredietrisico te beperken, worden afdekkingstransacties over het algemeen enkel aangegaan met financiële instellingen die als lange termijn kredietrating door Moody’s Investors Service Inc., Fitch en S&P tenminste een A-kredietscore hebben.

De richtlijnen en principes van het financieel risicobeheer van Bekaert worden vastgelegd door het Audit, Risk en Finance Comité en gecontroleerd door de Raad van Bestuur van de Groep. De Groepsdienst Thesaurie is verantwoordelijk voor de implementatie van het financieel risicobeleid. Dit houdt in dat gepaste richtlijnen worden gedefinieerd en effectieve controle- en verslaggevingsprocedures worden opgezet. Het Audit, Risk en Finance Comité wordt geregeld geïnformeerd over de blootstelling aan deze risico’s.

Valutarisico

Het valutarisico van de Groep kan opgedeeld worden in twee categorieën: valutatranslatierisico en valutatransactierisico.

Valutatranslatierisico

Een valutatranslatierisico ontstaat wanneer de financiële gegevens van buitenlandse dochterondernemingen omgezet worden naar de presentatievaluta van de Groep, de euro. De voornaamste valuta’s zijn de Chinese renminbi, de US dollar, de Tsjechische kroon, de Braziliaanse real, de Chileense peso, de Russische roebel, de Indische roepie en de pond sterling. Aangezien er geen kasstroomeffect is, dekt de Groep dit risico gewoonlijk niet af.

Valutatransactierisico

De Groep is blootgesteld aan valutatransactierisico’s die voortvloeien uit haar investerings-, financierings- en bedrijfsactiviteiten.

Valutarisico’s in het kader van bedrijfsactiviteiten vloeien voort uit commerciële activiteiten met aan- en verkopen in vreemde valuta, alsook betalingen en ontvangsten van royalty’s. De Groep gebruikt termijnwisselcontracten om het valutarisico op de verwachte kasinstromen en kasuitstromen voor de volgende drie maanden te beperken. Belangrijke blootstellingen en vaststaande toezeggingen buiten dit tijdskader kunnen ook afgedekt worden.

Valutarisico’s op het vlak van investeringen ontstaan uit de overname of de verkoop van deelnemingen in buitenlandse vennootschappen, en soms ook uit te ontvangen dividenden vanuit buitenlandse deelnemingen. Indien materieel geacht, worden deze risico’s afgedekt door middel van termijnwisselcontracten.

Valutarisico’s op het vlak van financiering ontstaan uit financiële verplichtingen in vreemde valuta’s. De Groepsdienst Thesaurie dekt deze risico’s af en maakt hiervoor gebruik van cross-currency interest-rate swaps en termijnwisselcontracten om financiële verplichtingen in vreemde valuta’s om te zetten naar de functionele valuta van de betrokken entiteit. Op de verslagdatum bestonden de verplichtingen in vreemde valuta waarvoor het valutarisico werd afgedekt voornamelijk uit intragroepsleningen in euro en US dollar.

image
image

Valutagevoeligheidsanalyse

Valutagevoeligheid met betrekking tot de bedrijfs-, investerings- en financieringsactiviteiten

Volgende tabel geeft een samenvatting van de nettoposities van de Groep voor de belangrijkste valutaparen met betrekking tot bedrijfs-, investerings- en financiële vorderingen en schulden in vreemde valuta op de verslagdatum. De nettoposities van de valuta zijn vóór eliminaties van intragroepsverrichtingen. Een positief bedrag betekent dat de Groep een nettovordering heeft in de eerste valuta. In de tabel vertegenwoordigt de kolom ‘Totaal risico’ de balanspositie, terwijl de kolom ‘Totaal derivaten’ alle derivaten omvat ter afdekking van zowel de balanspositie als de verwachte transacties.

Valutapaar - 2020

in duizend €

Totaal risico

Totaal derivaten

Nettopositie

BRL/EUR

2 104

2 104

CZK/EUR

11 317

3 908

15 225

EUR/CNY

-27 568

-2 500

-30 068

EUR/GBP

-4 047

2 464

-1 583

EUR/INR

-33 691

18 530

-15 161

EUR/MYR

-23 277

-23 277

EUR/RON

-31 373

-31 373

EUR/RUB

-28 520

21 866

-6 654

EUR/USD

-2 648

4 014

1 365

IDR/USD

2 497

2 497

JPY/CNY

5 143

-2 554

2 589

JPY/USD

3 504

-2 042

1 462

NOK/GBP

11 878

11 878

NZD/USD

-9 585

-765

-10 350

RUB/EUR

21 869

21 869

TRY/EUR

14 378

14 378

USD/BRL

-17 094

-17 094

USD/CLP

1 586

1 586

USD/CNY

17 752

8 300

26 052

USD/COP

2 515

11 744

14 259

USD/EUR

140 981

-82 843

58 138

USD/GBP

-2 438

-2 438

USD/INR

-48 221

-48 221

image
image


Valutapaar - 2021

in duizend €

Totaal risico

Totaal derivaten

Nettopositie

AUD/EUR

-6 506

-8 323

-14 829

CAD/EUR

-11 171

-11 171

CZK/EUR

24 625

-1 132

23 493

EUR/CNY

-17 706

-17 706

EUR/GBP

12 479

6 206

18 685

EUR/INR

-27 084

19 725

-7 359

EUR/MYR

-12 495

-12 495

EUR/RON

-39 256

-39 256

EUR/RUB

-35 641

22 134

-13 507

IDR/USD

-13 740

-13 740

JPY/CNY

8 229

-1 925

6 304

JPY/USD

5 888

-3 362

2 526

NOK/GBP

16 221

16 221

USD/BRL

-10 822

-10 822

USD/CLP

-18 970

-18 970

USD/CNY

35 648

11 528

47 176

USD/EUR

140 008

-96 566

43 442

USD/INR

-48 924

-48 924

USD/MXN

-5 939

-5 939

USD/RUB

-6 970

-6 970


De redelijkerwijs mogelijke schommelingen die gebruikt worden in deze berekening, zijn gebaseerd op de volatiliteit op jaarbasis met betrekking tot de dagelijkse wisselkoersbewegingen gedurende de verslagperiode, met een betrouwbaarheidsinterval van 95%.

Indien de valuta’s verzwakt of versterkt waren met de redelijkerwijs mogelijke procenten en indien alle andere variabelen constant gebleven waren, zou het perioderesultaat vóór belastingen € 10,8 miljoen (2020: € 1,6 miljoen) lager respectievelijk hoger geweest zijn. De stijging in impact is te wijten aan een hogere volatiliteit in verschillende munten zoals de Chileense peso, Indische roepie, Braziliaanse real en de US dollar.

Valutagevoeligheid bij hedge accounting

Per 31 december 2021 maakt de Groep geen gebruik van hedge accounting (idem per 31 december 2020).

image
image

Renterisico

De Groep is onderworpen aan renterisico en dit voornamelijk op schulden in US dollar, Chinese renminbi en euro. Om het effect van rentevoetfluctuaties in de betrokken regio’s te minimaliseren, wordt het renterisico op de nettoschuld uitgedrukt in deze valuta’s afzonderlijk beheerd. De volgende algemene richtlijnen worden toegepast om het renterisico af te dekken:

De beoogde gemiddelde duur van langlopende schulden bedraagt vier jaar.

De verhouding tussen variabele en vaste rentevoeten moet voor langlopende schulden beantwoorden aan de limieten bepaald door het Audit, Risk en Finance Comité.

De Groepsdienst Thesaurie gebruikt interest-rate swaps en cross-currency interest-rate swaps om ervoor te zorgen dat de vaste/ variabele renteverhouding van langlopende schulden binnen de limieten blijft.

Het volgende overzicht toont de gewogen gemiddelde rentevoeten, exclusief het effect van swaps, op balansdatum.

De converteerbare obligatielening werd aangehouden tegen geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieverentemethode wat resulteert in de spreiding van de conversieoptie en de transactiekosten over de duur van de verplichting via de rentelasten. Bijgevolg zullen de effectieve rentelasten hoger zijn dan de nominale rentelasten.

2020

Lange termijn

Vaste rentevoet

Vlottende rentevoet

Totaal

Korte termijn

Totaal

US dollar

4,69%

3,50%

4,10%

1,72%

2,06%

Chinese renminbi

—%

3,71%

3,71%

3,80%

3,79%

Euro

1,39%

1,48%

1,43%

0,55%

1,43%

Overige

6,31%

—%

6,31%

3,92%

4,83%

Totaal

1,72%

1,67%

1,71%

2,82%

1,92%


2021

Lange termijn

Vaste rentevoet

Vlottende rentevoet

Totaal

Korte termijn

Totaal

US dollar

4,04%

2,37%

3,29%

1,31%

1,60%

Chinese renminbi

—%

—%

—%

3,62%

3,62%

Euro

2,27%

1,48%

2,07%

—%

2,07%

Overige

6,71%

—%

6,71%

4,58%

4,58%

Totaal

2,65%

1,53%

2,38%

2,41%

2,38%


image
image

Rentegevoeligheidsanalyse

Rentegevoeligheid van de financiële schuld

Zoals vermeld in toelichting 6.18. ‘Rentedragende schulden’ bedroeg de totale financiële schuld van de Groep € 1 191,3 miljoen op 31 december 2021 (2020: € 1 609,7 miljoen). De volgende tabel toont het valuta- en renteprofiel, d.i. de procentuele verdeling van de totale financiële schuld per valuta en per type van rentevoet (vast, vlottend), inclusief het effect van swaps.

Lange termijn

Korte termijn

2020

Vaste rentevoet

Vlottende rentevoet

Vlottende rentevoet

Totaal

US dollar

0,80%

0,80%

9,10%

10,70%

Chinese renminbi

—%

0,50%

4,40%

4,90%

Euro

62,10%

13,00%

0,30%

75,40%

Overige

3,40%

—%

5,60%

9,00%

Totaal

66,30%

14,30%

19,40%

100,00%


Lange termijn

Korte termijn

2021

Vaste rentevoet

Vlottende rentevoet

Vlottende rentevoet

Totaal

US dollar

1,40%

1,10%

14,30%

16,80%

Chinese renminbi

—%

—%

3,00%

3,00%

Euro

52,70%

17,70%

—%

70,40%

Overige

4,40%

—%

5,40%

9,80%

Totaal

58,50%

18,80%

22,70%

100,00%


De volgende tabel toont voor de belangrijkste valuta’s de redelijkerwijs mogelijke schommelingen met een 95%-betrouwbaarheidsinterval; de cijfers zijn gebaseerd op de volatiliteit op jaarbasis van de dagelijkse noteringen van de Interbank Offered Rate op 3 maanden in 2021 en 2020.

2020

Rentevoet per 31 december

Redelijkerwijs mogelijke schommelingen (+/-)

Chinese renminbi ¹

2,53%

0,42%

Euro

—%

0,00%

US dollar

0,24%

0,24%


2021

Rentevoet per 31 december

Redelijkerwijs mogelijke schommelingen (+/-)

Chinese renminbi ¹

2,21%

0,36%

Euro

—%

0,00%

US dollar

0,21%

0,17%

¹ Voor de Chinese renminbi werd de PBOC-referentievoet voor leningen op hoogstens 6 maand genomen.

image
image


Indien we de geschatte mogelijke renteschommelingen toepassen op de schuld met vlottende rentevoet – in de veronderstelling dat alle andere variabelen constant bleven – zou het perioderesultaat vóór belastingen € 3,5 miljoen (2020: € 3,9 miljoen) hoger/ lager geweest zijn. Aangezien de EURIBOR negatief was en Bekaert een 0% floor in voege heeft, gaan rederlijkerwijs mogelijke schommelingen van de EURIBOR geen effect genereren met uitzondering van de reëlewaardebepaling van de interest-rate swap op balansdatum.

Rentegevoeligheid bij hedge accounting

De Groep maakt geen gebruik van hedge accounting per 31 december 2021 (2020: ook niet) en bijgevolg was geen gevoeligheidsanalyse vereist.

Kredietrisico

Kredietrisico is het risico dat een tegenpartij haar verplichtingen uit hoofde van een financieel instrument of klantencontract niet nakomt, wat leidt tot een financieel verlies. De Groep is blootgesteld aan kredietrisico’s ten gevolge van haar bedrijfsactiviteiten en bepaalde financieringsactiviteiten, inclusief deposito's bij banken en financiële instellingen. In het kader van haar bedrijfsactiviteiten heeft de Groep een kredietbeleid opgezet dat rekening houdt met het risicoprofiel van de klanten in functie van het marktsegment waartoe zij behoren. Op basis van hun activiteitenplatform, productsegment en regio wordt het kredietrisico van de klanten geanalyseerd en wordt beslist om het kredietrisico af te dekken. De blootstelling aan kredietrisico’s wordt continu opgevolgd en de kredietwaardigheid van alle klanten wordt geregeld geëvalueerd. Omwille van het specifieke karakter van sommige staaldraadactiviteiten die slechts een beperkt aantal wereldwijd opererende klanten tellen, wordt het concentratierisico van dichtbij opgevolgd en wordt – overeenkomstig de kredietbeleidslijnen – indien nodig onmiddellijk actie ondernomen. Er dient geen enkele van de volgens IFRS 8 §34 vereiste toelichtingen in verband met individuele klanten (of groepen van klanten onder gezamenlijke zeggenschap) verstrekt, aangezien geen enkele klant van de Groep instaat voor meer dan 10% van de omzet. Op 31 december 2021 was 65,4% (2020: 57,3%) van het kredietrisico afgedekt door kredietverzekeringspolissen en handelsfinancieringsinstrumenten zoals kredietbrieven, documentaire kredieten en bankgaranties. In het kader van financieringsactiviteiten worden transacties in principe enkel afgesloten met tegenpartijen die minstens een A-kredietscore hebben. Daarbij worden kredietlimieten vastgelegd voor elke tegenpartij in functie van haar kredietwaardigheid. Dankzij deze aanpak acht de Groep de risico’s bij staking van betaling door de tegenpartij beperkt, zowel wat bedrijfsactiviteiten als wat financieringsactiviteiten betreft. In overeenstemming met het in IFRS 9 opgenomen ‘verwachte verlies’ model voor financiële vorderingen, werd er een algemene waardevermindering voor handelsvorderingen aangelegd met als bedoeling ongekende risico’s verbonden aan handelsvorderingen op iedere rapporteringsdatum af te dekken. Deze algemene waardevermindering voor handelsvorderingen bestaat uit een percentage van openstaande handelsvorderingen op iedere rapporteringsdatum. De percentages weerspiegelen de waarschijnlijkheidsgewogen uitkomst, de tijdswaarde van geld en redelijke en gefundeerde informatie die op de rapporteringsdatum beschikbaar is over gebeurtenissen in het verleden, huidige omstandigheden en prognoses van toekomstige economische omstandigheden en worden jaar-op-jaar herbekeken.

Liquiditeitsrisico

Liquiditeitsrisico betekent het risico dat de Groep haar verplichtingen niet kan nakomen op de vervaldag omdat ze niet in staat is om activa te gelde te maken of de nodige kredieten te bekomen. Om de liquiditeit en de financiële flexibiliteit te allen tijde te garanderen, beschikt de Groep, naast de beschikbare geldmiddelen, over verscheidene kortlopende, niet-toegezegde kredietlijnen in de belangrijkste valuta’s en voor bedragen die geacht worden toereikend te zijn voor de huidige en toekomstige financiële behoeften. Deze kredietfaciliteiten hebben meestal een gemengd karakter en kunnen bijvoorbeeld worden gebruikt voor voorschotten, kaskredieten, acceptkredieten en verdisconteringen. De Groep heeft ook toegezegde kredietfaciliteiten ter beschikking voor een maximumbedrag van € 200 miljoen (2020: € 200 miljoen) tegen variabele rentevoeten met vaste marges. Op jaareinde was van deze kredietlijnen niets (2020: nihil) opgenomen. Bovendien beschikt de Groep over een commercial paper & medium-term note program voor een bedrag van € 123,9 miljoen (2020: € 123,9 miljoen). Per jaareinde 2021 waren er geen uitstaande commercial paper notes (2020: nihil). Per jaareinde was er geen externe bankschuld onderworpen aan schuldconvenanten (2020: nihil). De Groep heeft per 31 december 2021 verdisconteerde uitstaande vorderingen voor een totaal bedrag van € 224,8 miljoen (2020: € 152,3 miljoen) in de bestaande factoring-programma’s. Onder deze overeenkomsten worden vrijwel alle risico’s en voordelen, verbonden aan de eigendom van de vorderingen, overgedragen aan de factor. Bijgevolg werden de gefactorde vorderingen per eind 2021 uitgeboekt.

image
image

De volgende tabel toont de contractueel overeengekomen, niet-verdisconteerde kasuitstromen met betrekking tot financiële verplichtingen (inclusief financiële verplichtingen verbonden met activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop). Enkel nettorentebetalingen en aflossingen van de hoofdsom zijn hierin vervat.

2020

in duizend €

2021

2022

2023-2025

2026 en verder

Financiële verplichtingen - hoofdsom

Handelsschulden

-668 422

Overige verplichtingen

-9 939

-150

Rentedragende schulden

-649 314

-42 990

-490 011

-450 037

Derivaten - bruto afgewikkeld

-103 678

-18 530

Financiële verplichtingen - rente

Handels- en overige schulden

Rentedragende schulden

-24 001

-18 041

-45 128

-17 087

Derivaten - netto afgewikkeld

-348

-348

-609

Derivaten - bruto afgewikkeld

-2 825

-2 059

Totaal niet-verdisconteerde kasstromen

-1 458 527

-82 118

-535 748

-467 124


2021

in duizend €

2022

2023

2024-2026

2027 en verder

Financiële verplichtingen - hoofdsom

Handelsschulden

-1 062 185

Overige verplichtingen

-9 122

-142

Rentedragende schulden

-240 525

-224 519

-494 605

-248 279

Derivaten - bruto afgewikkeld

-109 565

Financiële verplichtingen - rente

Handels- en overige schulden

Rentedragende schulden

-22 087

-18 049

-40 723

-5 778

Derivaten - netto afgewikkeld

-343

-272

-309

Derivaten - bruto afgewikkeld

-2 805

Totaal niet-verdisconteerde kasstromen

-1 446 632

-242 982

-535 637

-254 057


Hierin zijn alle instrumenten begrepen die aangehouden werden op de balansdatum en waarvoor de betalingen reeds contractueel werden vastgelegd. Prognoses met betrekking tot toekomstige nieuwe verplichtingen zijn niet meegerekend. Bedragen in vreemde valuta werden omgerekend tegen de slotkoers op de balansdatum. Variabele rentebetalingen met betrekking tot financiële instrumenten werden berekend op basis van de toepasselijke termijnrentevoeten.

image
image

Afdekking

Alle financiële derivaten die de Groep aangaat, hebben betrekking op een onderliggende transactie of een verwacht risico. In functie van het verwachte effect op de winst-en-verliesrekening en als voldaan is aan de strikte criteria van IFRS 9, beslist de Groep geval per geval of hedge accounting zal toegepast worden. In de volgende secties worden de transacties beschreven waarvoor hedge accounting wordt toegepast en de transacties die niet in aanmerking komen voor hedge accounting, maar als een economische afdekking fungeren.

Hedge accounting

De Groep heeft geen hedge accounting toegepast in 2021 (2020: geen). Bijgevolg waren er geen reëlewaardeafdekkingen noch kasstroomafdekkingen in 2021 (2020: geen).

Economische afdekkingen en andere afzonderlijke derivaten

De Groep gebruikt ook financiële instrumenten die als economische afdekking fungeren, maar waarvoor geen hedge accounting wordt toegepast, ofwel omdat niet voldaan is aan de criteria die IFRS 9 ‘Financiële instrumenten’ vooropstelt om in aanmerking te komen voor hedge accounting, ofwel omdat de Groep bewust besloten heeft om geen hedge accounting toe te passen. Deze derivaten worden verwerkt als afzonderlijke instrumenten aangehouden voor handelsdoeleinden.

De Groep gebruikt cross-currency interest-rate swaps en termijnwisselcontracten om het valutarisico van intragroepsleningen tussen twee entiteiten met verschillende functionele valuta’s af te dekken. Tot op heden heeft de Groep ervoor gekozen om geen hedge accounting zoals gedefinieerd in IFRS 9 toe te passen. Aangezien nagenoeg alle cross-currency interest-rate swaps vlottend-vlottend zijn, wordt verwacht dat de wijziging in de reële waarde van het financieel instrument het omrekeningsresultaat als gevolg van de herwaardering van de intragroepsleningen zal compenseren. De belangrijkste betrokken valuta’s zijn de US dollar, de euro en de Russische roebel.

Om het renterisico te beheren, gebruikt de Groep interest-rate swaps om haar schulden met variabele rentevoet om te zetten in schulden met vaste rentevoet. De Groep heeft interest-rate swaps aangegaan voor € 196,5 miljoen ter afdekking van de Schuldschein leningen met variabele rentevoeten (2020: € 196,5 miljoen).

De Groep gebruikt termijnwisselcontracten om haar valutarisico op diverse operationele en financiële transacties te beperken. De reëlewaardewijzigingen van alle termijnwisselcontracten worden onmiddellijk opgenomen in overige financiële opbrengsten en lasten.

In juni 2016 werd een converteerbare obligatielening van € 380 miljoen uitgegeven met een looptijd tot 2021 en een nulcoupon. De karakteristieken van de converteerbare obligatielening waren van die aard dat de conversieoptie een in het contract besloten derivaat vormde zonder nauw verband dat, in overeenstemming met IFRS 9, afgezonderd werd van het basiscontract. De reële waarde van het conversiederivaat van de obligatielening bedroeg € 0,03 miljoen op 31 december 2020 en werd als gevolg van het aflopen van de converteerbare obligatie in juni 2021 erkend als een overige financiële opbrengst van € 0,03 miljoen. Het basiscontract (de pure schuldcomponent zonder de conversieoptie) is opgenomen tegen geamortiseerde kostprijs met behulp van de effectieverentemethode; de effectieve rentelast bedraagt € 4,9 miljoen (2020: € 10,7 miljoen).

In juni 2019 is de Groep ingestapt in een overeenkomst tot virtuele aankoop van hernieuwbare energie (VPPA) in een windmolenpark in Noord-Amerika. De karakteristieken van het contract zijn dusdanig dat de VPPA een derivaat vormt in overeenstemming met IFRS 9. Per 31 december 2021 bedroeg de reële waarde van het derivaat € 13,2 miljoen (2020: € 3,2 miljoen), als gevolg waarvan een winst van € 9,4 miljoen werd erkend in overige financiële opbrengsten.

image
image

Derivativen

Het volgende overzicht presenteert de notionele bedragen van de derivaten volgens hun looptijd. Indien derivaten worden aangemerkt voor hedge accounting conform IFRS 9 zal worden getoond of deze deel uitmaken van een reëlewaardeafdekking (FVH) of een kasstroomafdekking (CFH). Bekaert maakt per 31 december 2021 geen gebruik van hedge accounting:

2020

in duizend €

Vervallend binnen het jaar

Vervallend over meer dan 1 en ten hoogste 5 jaar

Vervallend over meer dan 5 jaar

Aangehouden voor handelsdoeleinden

Termijnwisselcontracten

71 063

Interest-rate swaps

196 500

Cross-currency interest-rate swaps

108 665

18 530

Conversiederivaat

380 000

Totaal

559 728

215 030


2021

in duizend €

Vervallend binnen het jaar

Vervallend over meer dan 1 en ten hoogste 5 jaar

Vervallend over meer dan 5 jaar

Aangehouden voor handelsdoeleinden

Termijnwisselcontracten

67 716

Interest-rate swaps

196 500

Cross-currency interest-rate swaps

128 947

Totaal

196 663

196 500

image
image


Het volgende overzicht vat de reële waarden van de verschillende derivaten samen. Indien derivaten worden aangemerkt voor hedge accounting conform IFRS 9 zal worden getoond of deze deel uitmaken van een reëlewaardeafdekking (FVH) of een kasstroomafdekking (CFH). Bekaert maakt per 31 december 2021 geen gebruik van hedge accounting:

Reële waarde van korte- en langetermijnderivaten

Vorderingen

Verplichtingen

in duizend €

2020

2021

2020

2021

Financiële instrumenten

Aangehouden voor handelsdoeleinden

Termijnwisselcontracten

570

805

1 618

654

Interest-rate swaps

1 081

118

Cross-currency interest-rate swaps

5 264

610

234

2 255

Conversiederivaat

34

Overige derivaten

3 178

13 244

Totaal

9 012

14 659

2 967

3 026

Op meer dan een jaar

3 762

13 244

1 081

703

Op ten hoogste een jaar

5 250

1 416

1 885

2 324

Totaal

9 012

14 659

2 967

3 026

In 2021 hadden de overige derivate vorderingen betrekking op het VPPA derivaat voor € 13,2 miljoen (2020: € 3,2 miljoen).

De Groep heeft geen financiële activa en verplichtingen die gesaldeerd worden voorgesteld in de balans overeenkomstig IAS 32. De Groep gaat ISDA (Internationale Swaps en Derivaten Associatie)-raamovereenkomsten aan met de tegenpartijen voor de meeste van haar derivaten, die de tegenpartijen toelaten om vorderingen uit derivaten te salderen met verplichtingen uit derivaten bij het afwikkelen in geval van wanbetaling. Bij deze overeenkomsten worden geen waarborgen uitgewisseld, noch in geldmiddelen noch in beleggingsinstrumenten.

Het potentieel effect van het salderen van derivatencontracten wordt hierna weergegeven:

Effect van afdwingbare salderingsovereenkomsten

Vorderingen

Verplichtingen

in duizend €

2020

2021

2020

2021

Totaal derivaten opgenomen in de balans

9 012

14 659

2 967

3 026

Afdwingbare salderingen

-234

-610

-234

-610

Nettobedragen

8 778

14 049

2 733

2 416


image
image

Bijkomende toelichting met betrekking tot financiële instrumenten per klasse en categorie

De volgende tabellen tonen de verschillende klassen van financiële activa en verplichtingen met hun nettoboekwaarde en reële waarde, ingedeeld naargelang hun waarderingscategorie volgens IFRS 9 ‘Financiële instrumenten’.

Geldmiddelen en kasequivalenten, geldbeleggingen, handelsvorderingen, overige vorderingen, ontvangen bankwissels en leningen en financiële vorderingen vervallen meestal op korte termijn. Daarom benadert hun nettoboekwaarde op de verslagdatum hun reële waarde. Ook handelsschulden en overige verplichtingen vervallen meestal op korte termijn en om dezelfde reden benadert hun nettoboekwaarde hun reële waarde. De Groep heeft overigens geen posities in collateralized debt obligations (CDO’s).

Volgende afkortingen voor categorieën onder IFRS 9 worden hierna gebruikt:

Afkorting

Categorie volgens IFRS 9

GK

Financiële activa en financiële verplichtingen tegen geamortiseerde kostprijs

RWvOCI/EV

Eigenvermogensinstrumenten aangemerkt als tegen reële waarde via OCI

RWvR/Vpl

Financiële activa verplicht te waarderen tegen reële waarde via het resultaat

RWvR

Financiële verplichtingen aangehouden als tegen reële waarde via het resultaat

image
image


Nettoboekwaarde t.o.v. reële waarde

31 december 2020

31 december 2021

in duizend €

Categorie
volgens
IFRS 9

Netto-boekwaarde

Reële
waarde

Netto-boekwaarde

Reële
waarde

Activa

Financiële activa op >1 jaar

- Financiële & overige vorderingen en kaswaarborgen

GK

10 365

10 365

12 549

12 549

- Beleggingen in aandelen

RWvOCI/EV

13 372

13 372

20 081

20 081

- Derivaten

- Aangehouden voor handelsdoeleinden

RWvR/Vpl

3 762

3 762

13 244

13 244

Financiële activa op <= 1 jaar

- Financiële & overige vorderingen en kaswaarborgen

GK

7 707

7 707

6 475

6 475

- Geldmiddelen en kasequivalenten

GK

940 416

940 416

677 270

677 270

- Geldbeleggingen

GK

50 077

50 077

80 058

80 058

- Handelsvorderingen

GK

587 619

587 619

750 666

750 666

- Ontvangen bankwissels

GK

54 039

54 039

41 274

41 274

- Overige activa op <= 1 jaar

- Overige vorderingen

GK

17 830

17 830

43 437

43 437

- Derivaten

- Aangehouden voor handelsdoeleinden

RWvR/Vpl

5 250

5 250

1 416

1 416

Verplichtingen

Rentedragende schulden op > 1 jaar

- Leaseverplichtingen

GK

60 760

60 760

56 425

56 425

- Ontvangen kaswaarborgen

GK

171

171

204

204

- Kredietinstellingen

GK

187 511

187 511

177 047

177 047

- Schuldschein-lening

GK

319 635

319 635

319 905

319 905

- Obligatieleningen

GK

400 000

401 693

400 000

395 074

Rentedragende schulden op <= 1 jaar

- Leaseverplichtingen

GK

19 746

19 746

20 219

20 219

- Kredietinstellingen

GK

246 817

246 817

217 523

217 523

- Obligatieleningen

GK

375 092

377 929

Overige verplichtingen op > 1 jaar

- Overige derivaten

RWvR

1 081

1 081

118

118

- Overige verplichtingen

GK

150

150

142

142

Handelsschulden

GK

668 422

668 422

1 062 185

1 062 185

Overige verplichtingen op <= 1 jaar

- Conversieoptie

RWvR

34

34

- Overige verplichtingen

GK

25 621

25 621

33 476

33 476

- Derivaten

- Aangehouden voor handelsdoeleinden

RWvR

1 851

1 851

2 324

2 324

image
image

Getotaliseerd per categorie volgens IFRS 9

Financiële activa

GK

1 668 053

1 668 053

1 611 729

1 611 729

RWvOCI/EV

13 372

13 372

20 081

20 081

RWvR/Vpl

9 012

9 012

14 659

14 659

Financiële verplichtingen

GK

2 303 925

2 308 454

2 287 127

2 282 201

RWvR

2 967

2 967

2 441

2 441


De reële waarde van alle financiële instrumenten aangehouden in de balans tegen geamortiseerde kostprijs werd bepaald door het gebruik van ‘Niveau 2’-reëlewaardebepalingstechnieken. Voor de meeste financiële instrumenten benadert de netto-boekwaarde de reële waarde.

Financiële instrumenten volgens de hiërarchie van reëlewaardebepalingen

De reëlewaardebepaling van financiële activa en verplichtingen kan worden getypeerd op een van de volgende manieren:

‘Niveau 1’-reëlewaardebepaling: de reële waarden van financiële activa en verplichtingen met standaardbepalingen en -condities en die verhandeld worden op actieve, liquide markten berusten op marktprijsnoteringen in die actieve markten voor identieke activa en verplichtingen. Dit is voornamelijk het geval voor financiële activa gewaardeerd tegen reële waarde via OCI, zoals de deelneming in Shougang Concord Century Holdings Ltd (zie toelichting 6.6. ‘Overige vaste activa’).

‘Niveau 2’-reëlewaardebepaling: de reële waarden van andere financiële activa en verplichtingen worden bepaald volgens algemeen aanvaarde waarderingsmodellen die gebaseerd zijn op verdisconteerde kasstroomanalyse en gebruik maken van beschikbare prijzen van recente markttransacties en prijsopgaven van handelaars in vergelijkbare instrumenten. Dit is voornamelijk het geval voor derivaten. Termijnwisselcontracten worden gewaardeerd op basis van beschikbare termijnwisselkoersen en rentecurves afgeleid van rentevoetnoteringen met termijnen die overeenkomen met de contracten. Interest-rate swaps worden gewaardeerd tegen de contante waarde van de toekomstige kasstromen en verdisconteerd met gebruik van de toepasselijke rentecurves afgeleid van rentevoetnoteringen. De reëlewaardebepaling van cross-currency interest-rate swaps is gebaseerd op verdisconteerde geschatte kasstromen met behulp van beschikbare termijnwisselkoersen en rentevoeten en de toepasselijke rentecurves hiervan afgeleid.

‘Niveau 3’-reëlewaardebepaling: de reële waarden van de overblijvende financiële activa en verplichtingen worden bepaald met waarderingstechnieken waarvan sommige inputs niet berusten op waarneembare marktgegevens. Bekaert heeft twee soorten van financiële instrumenten waarvoor de reëlewaardebepaling kan worden gezien als ‘niveau 3’, met name de VPPA-overeenkomst en diverse eigenvermogensinstrumenten. De reële waarde van de VPPA-overeenkomst wordt bepaald op basis van een Monte Carlo waarderingsmodel. De belangrijkste factoren die de reële waarde van het VPPA-derivaat beÏnvloeden zijn de disconteringsvoet (niveau 2), de verwachte output aan energie op basis van windstudies in de omgeving en de prijsvolatiliteit in de piek- en daluren (niveau 3). De reële waarde van het belangrijkste eigenvermogensinstrument (Xinju Metal Products Co Ltd) wordt bepaald op basis van een kasstroomprognose met een tijdshorizon van 5 jaar, gebaseerd op het laatste businessplan, en gevolgd door een eindwaarde op basis van een nominale perpetuele groeivoet. De disconteringsvoet en EBITDA zijn de belangrijkste factoren die de reële waarde beïnvloeden.



VPPA derivaat

31 december 2021

Niveau 2-inputs

Disconteringsvoet

Gewogen gemiddelde van curven van bedrijfsobligaties van beleggingskwaliteit

Niveau 3-inputs

Power forward sensitiviteit

Geschatte prijsprognose voor piek- en daluren

Productie sensitiviteit

Gebaseerd op windstudies in de omgeving

Uitkomsten van het model (in duizend €)

Reële waarde van het VPPA derivaat

13 244

image
image

De nettoboekwaarde (d.i. de reële waarde) van de niveau-3-verplichtingen/(vorderingen) is als volgt geëvolueerd:

Niveau 3 - financiële verplichtingen / (vorderingen)

in duizend €

2020

2021

Per 1 januari

-2 378

-10 682

Herclassificatie van level 2 naar level 3 ¹

-7 407

Aanschaffingen

-863

(Winst) / verlies in reële waarde via andere elementen van het resultaat

-131

-1 916

(Winst) / verlies in reële waarde via resultaat

-766

-10 100

Per 31 december

-10 682

-23 561

¹ Eigenvermogensinstrumenten zijn in presentatie geherklasseerd van niveau 2 naar niveau 3


Winsten en verliezen op de reële waarde worden gerapporteerd in de overige financiële opbrengsten en lasten, behalve voor eigenvermogensinstrumenten waar bewegingen in reële waarde worden verwerkt via OCI (€ -1,9 miljoen) (zie toelichting 6.6. ‘Overige vaste activa’).

De volgende tabel toont de sensitiviteit van de reëlewaardeberekening voor het VPPA-derivaat aan de belangrijkste inputs van niveau 3.

Sensitiviteitsanalyse

in duizend €

Wijziging

Impact op het VPPA derivaat

Power forward sensitiviteit

+10%

toename met

2 031

-10%

afname met

-1 942

Productie sensitiviteit

+5%

toename met

1 589

-5%

afname met

-1 501

De sensitiviteit van de reëlewaardeberekening van het eigenvermogensinstrument in Xinju Metal Products Co Ltd (€ 8,0 miljoen) wordt hierna besproken:

Indien EBITDA in alle jaren van het businessplan CNY 4,0 miljoen lager zou liggen, zou de reële waarde € 6,3 miljoen bedragen;

Indien de disconteringsvoet 1% hoger zou zijn, zou de reële waarde € 7,7 miljoen bedragen;

Indien EBITDA in alle jaren van het businessplan CNY 4,0 miljoen lager zou liggen en de disconteringsvoet zou 1% hoger zijn, zou de reële waarde € 5,8 miljoen bedragen.

De volgende tabel toont een analyse van financiële instrumenten die tegen reële waarde worden gewaardeerd in de balans volgens de hoger beschreven hiërarchie van reëlewaardebepalingen:

image
image

2020

in duizend €

Niveau 1

Niveau 2

Niveau 3

Totaal

Financiële activa verplicht te waarderen tegen reële waarde via het resultaat

Vorderingen uit derivaten

5 834

3 178

9 012

Eigenvermogensinstrumenten aangemerkt als tegen reële waarde via OCI

Beleggingen in aandelen ¹

5 833

7 538

13 371

Totaal activa

5 833

5 834

10 716

22 383

Financiële verplichtingen aangehouden voor handelsdoeleinden

Conversieoptie

34

34

Verplichtingen uit andere derivaten

2 932

2 932

Totaal verplichtingen

2 932

34

2 966

¹ Eigenvermogensinstrumenten zijn in presentatie geherklasseerd van niveau 2 naar niveau 3


2021

in duizend €

Niveau 1

Niveau 2

Niveau 3

Totaal

Financiële activa verplicht te waarderen tegen reële waarde via het resultaat

Vorderingen uit derivaten

1 416

13 244

14 659

Eigenvermogensinstrumenten aangemerkt als tegen reële waarde via OCI

.

.

.

.

Beleggingen in aandelen ¹

9 764

10 317

20 081

Totaal activa

9 764

1 416

23 561

34 741

Financiële verplichtingen aangehouden voor handelsdoeleinden

Verplichtingen uit andere derivaten

3 026

3 026

Totaal verplichtingen

3 026

3 026

¹ Eigenvermogensinstrumenten zijn in presentatie geherklasseerd van niveau 2 naar niveau 3

image
image

Kapitaalrisicobeheer

De Groep beheert haar kapitaal om te verzekeren dat haar entiteiten in staat zullen zijn hun activiteiten verder te zetten, en met de bedoeling de rentabiliteit voor haar aandeelhouders te maximaliseren door de verhouding van nettoschuld tegenover eigen vermogen te optimaliseren. De Groep heeft haar strategie in dit verband niet gewijzigd tegenover 2020.

De kapitaalstructuur van de Groep bestaat uit nettoschuld, zoals gedefinieerd in toelichting 6.18. ‘Rentedragende schulden’, en eigen vermogen (zowel toerekenbaar aan de Groep als aan minderheidsbelangen).

Gearing ratio

Het Audit, Risk en Finance Comité van de Groep controleert de kapitaalstructuur op halfjaarlijkse basis. Als onderdeel van deze controle wordt de kapitaalkost herzien en worden de risico’s geëvalueerd die verband houden met elke vorm van kapitaalverstrekking. De Groep beoogt een gearing ratio van 50%, gedefinieerd als de verhouding van nettoschuld tegenover eigen vermogen. De Groep hanteert systematisch een aantal richtlijnen om deze doelstelling te realizeren, o.a.

strikte kostopvolging om de winstgevendheid te verbeteren;

bewaken van het werkkapitaal door:

operationele uitmuntendheid,

succesvolle acties om vorderingen te innen,

beter afgestemde betalingstermijnen,

geoptimalizeerd gebruik van factoring,

strikte controle op investeringen in materiële vaste activa

actief beheer van business activiteiten, met inbegrip van Mergers, Acquisitions and divestments (M&A).

Gearing

in duizend €

2020

2021

Nettoschuld

604 081

417 329

Eigen vermogen

1 535 055

2 100 522

Nettoschuld op eigen vermogen

39,4%

19,9%

image
image

7.3. Voorwaardelijke verplichtingen en toezeggingen, gewaarborgde verplichtingen en activa verpand als waarborg

Per 31 december had de Groep de volgende belangrijke voorwaardelijke verplichtingen en toezeggingen:

in duizend €

2020

2021

Voorwaardelijke verplichtingen

12 105

4 200

Toezeggingen tot aankoop van vaste activa

45 690

48 984

Toezeggingen tot deelneming in durfkapitaalfondsen

8 246

3 269


Er waren op jaareinde 2021 geen bankgaranties gelinkt aan milieuverplichtingen.

Afgezien van de lease-overeenkomsten zijn er geen beperkingen in de realisatie van activa of het afwikkelen van verplichtingen. De leaseverplichtingen zijn effectief gewaarborgd aangezien de rechten op de geleasde activa die in de jaarrekening zijn opgenomen, in geval van wanbetaling aan de leasinggever toekomen. De voorwaardelijke verplichtingen en toezeggingen en de activa verpand als waarborg voor derden met betrekking tot de joint ventures staan beschreven in toelichting 6.5. ‘Deelnemingen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen’.

image
image

7.4. Verbonden partijen

Transacties tussen de Onderneming en haar dochterondernemingen, die verbonden partijen zijn, werden geëlimineerd in de consolidatie en worden bijgevolg niet opgenomen in deze toelichting. Transacties met andere verbonden partijen worden hieronder toegelicht.

Transacties met joint ventures

in duizend €

2020

2021

Verkopen van goederen

12 117

13 231

Aankopen van goederen

18 621

18 509

Geleverde diensten

177

81

Ontvangen royalty's en managementvergoedingen

10 074

14 981

Rente- en soortgelijke opbrengsten

1

Ontvangen dividenden

24 706

44 847


Uitstaande balansposities tegenover joint ventures

in duizend €

2020

2021

Handelsvorderingen

4 554

6 116

Overige kortetermijnvorderingen ¹

2 060

27 452

Handelsschulden

4 271

4 945

Overige kortetermijnverplichtingen

1 181

54

¹ De overige kortetermijnvorderingen waren op jaareinde 2021 aanzienlijk hoger omwille van uitstaande vorderingen voor dividenden afkomstig van de Braziliaanse joint ventures (€ 27,5 miljoen).


Geen enkele van de verbonden partijen heeft nog andere transacties aangegaan die voldoen aan de criteria van IAS 24 ‘Informatieverschaffing over verbonden partijen’. De verkopen aan en aankopen van verbonden partijen vinden plaats onder voorwaarden die gelijkwaardig zijn aan de voorwaarden die gelden in zakelijke transacties. De uitstaande saldi aan het einde van het jaar zijn ongedekt en rentevrij en de afwikkeling vindt plaats in contanten. Voor lopende investeringsprojecten zijn voorschotten ontvangen. Meer informatie over transacties met joint ventures is opgenomen in toelichting 6.5. ‘Investeringen in joint ventures en geassocieerde ondernemingen’.

image
image

Het Key Management omvat de Raad van Bestuur, de CEO, de leden van het Bekaert Group Executive en de Senior Vice Presidents (zie laatste pagina van het ‘Financieel overzicht’).

Vergoedingen Key Management

in duizend €

2020

2021

Aantal personen

34

34

Kortetermijnpersoneelsbeloningen

Basisvergoedingen

7 621

8 407

Variabele vergoedingen

3 103

4 126

Vergoedingen als bestuurders van dochterondernemingen

563

511

Vergoedingen na uitdiensttreding

Toegezegdpensioenregelingen

419

327

Toegezegdebijdragenregelingen

1 276

1 551

Op aandelen gebaseerde betalingen

6 280

11 719

Totaal brutovergoedingen

19 262

26 641

Gemiddelde brutovergoeding per persoon

567

784

Aantal toegekende prestatie-aandeeleenheden (zowel in eigenvermogensinstrumenten als in geldmiddelen afgewikkeld)

156 021

131 442

Aantal toe toe te kennen matching shares

10 766

9 112

Aantal toegekende aandelen

23 475

10 940

Voor de toelichtingen die betrekking hebben op de Belgische Corporate Governance Code verwijzen wij naar het hoofdstuk ‘Corporate Governance’ in dit jaarverslag.

image
image

7.5. Gebeurtenissen na balansdatum

Sedert 1 januari 2022 werden een totaal van 7 150 eigen aandelen vervreemd naar aanleiding van de uitoefening van aandelenopties onder de aandelenoptieplannen SOP 2010-2014 en SOP 2015-2017 en werden in totaal 256 760 eigen aandelen overgedragen naar aanleiding van de definitieve verwerving van prestatieaandeeleenheden onder het Performance Share Plan.

Op 10 februari kondigde Bridon-Bekaert Ropes Group (BBRG) de overname aan van VisionTek Engineering Srl als een belangrijke strategische stap in de uitbreiding van het dienstenaanbod aan klanten. BBRG's 'Ropes 360'-services bieden complete oplossingen en ondersteuning om de levensduur van kabels te maximaliseren en de integriteit van de kabel tijdens gebruik te bewaken. De aangekondigde overname zal de digitale mogelijkheden en voordelen van het dienstenaanbod van BBRG uitbreiden. BBRG en VisionTek Engineering zijn sinds 2018 partners. Wat begon als een durfkapitaalinvestering samen met Trentino Sviluppo SpA, veranderde geleidelijk in een succesvol technologisch partnerschap en leidde nu tot de overeenkomst van de integratie van VisionTek binnen BBRG.

De Raad van Bestuur heeft op 24 februari ingestemd met een aandeleninkoopprogramma. In het kader van het programma kan Bekaert uitstaande aandelen inkopen voor een maximale vergoeding tot € 120 miljoen, over een periode van maximaal twaalf maanden.

Op 1 maart 2022 zijn de Bevoegde Autoriteit van de Regering van de Republiek Indonesië en de Bevoegde Autoriteit van de Regering van het Koninkrijk België een Advance Pricing Agreement (APA) overeengekomen met betrekking tot de royaltybetalingen door PT Bekaert Indonesia aan NV Bekaert SA. Hiermee is de laatste fase naar een onderling akkoord afgesloten die Bekaert eind boekjaar 2019 in gang zette, en zal dit zekerheid bieden over de fiscale behandeling van deze royalty's voor de periode 2020 – 2023. Bekaert zal de onzekere belastingpositie over dit onderwerp opnieuw beoordelen na de validatie en uitvoering van de overeenkomst in 2022.

Op 4 maart 2022 werd een toekenning van 132 022 in eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde prestatieaandeeleenheden gedaan in het kader van het PSP 2022-2024 Performance Share Plan. De toegekende prestatieaandeeleenheden vertegenwoordigen een reële waarde van € 4,5 miljoen.

Op 4 maart 2022 werd een toekenning van 23 225 in geldmiddelen afgewikkelde prestatieaandeeleenheden gedaan in het kader van het PSU A&L 2022-2024 en PSU USA 2022-2024 Performance Share Plan. De toegekende prestatieaandeeleenheden vertegenwoordigen een reële waarde van € 0,8 miljoen.

De aanwezigheid van Bekaert in Rusland omvat een productievestiging (Lipetsk) en een verkoopkantoor (Moskou), voornamelijk actief voor het segment Rubberversterking. De meeste van hun activiteiten zijn binnenlands gebonden (lokale inkoop en binnenlandse verkoop). De vraag op korte termijn wordt niet beïnvloed, maar de zichtbaarheid op de evoluties in de vraag in de komende maanden is laag. Bovendien heeft de huidige situatie een impact op de toeleveringsketens, op de activiteiten van klanten en leveranciers, op grondstof-, nuts- en verzendingsprijzen. Als gevolg hiervan worden waar nodig alternatieve toevoerbronnen geactiveerd. In de komende maanden zijn mogelijk andere mitigerende maatregelen nodig. We blijven de mogelijke impact van toepasselijke sancties of beperkingen op onze Russische entiteit volgen. De bijdrage van de Russische entiteiten bedraagt ongeveer 1,5% van het Groepstotaal. Onze blootstelling aan de Russische roebel wordt gepresenteerd in toelichting 7.2.’Beheer van financiële risico’s en financiële instrumenten’, inclusief onze afdekkingen tegen de roebel. Onze cumulatieve wisselkoersaanpassingen op de Russische roebel worden gepresenteerd in toelichting 6.14.'Overgedragen resultaten en overige Groepsreserves'. Op 31 december 2021 hebben de Russische entiteiten een netto te betalen positie ten opzichte van andere Bekaert-entiteiten van € 42,2 miljoen, omgerekend tegen de slotkoers van eind 2021.


7.6. Opdrachten uitgevoerd door de commissaris en aanverwante personen

Gedurende 2021 werden er door de commissaris en met hem beroepshalve in samenwerkingsverband opererende personen bijkomende opdrachten uitgevoerd ten belope van € 188 100.

Deze opdrachten betroffen in essentie verder assurance-opdrachten (€ 12 650), belastingsadvies-opdrachten (€ 58 200) en andere niet-controlediensten (€ 117 250). De bijkomende opdrachten werden goedgekeurd door het Audit, Risk en Finance Comité.

De vergoedingen voor controlediensten voor NV Bekaert SA en haar dochterondernemingen bedroegen € 2 172 501.

image
image

7.7. Dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde ondernemingen

Vennootschappen die deel uitmaken van de Groep op 31 december 2021

Dochterondernemingen

Met industriële activiteit

Adres

FV ¹

% ²

EMEA

Bekaert Advanced Cords Aalter NV

Aalter, België

EUR

100

Bekaert Bohumín sro

Bohumín, Tsjechië

CZK

100

Bekaert Bradford UK Ltd

Bradford, Verenigd Koninkrijk

GBP

100

Bekaert Combustion Technology BV

Assen, Nederland

EUR

100

Bekaert Heating Romania SRL

Negoiesti, Brazi Commune, Roemenië

RON

100

Bekaert Hlohovec as

Hlohovec, Slovakije

EUR

100

Bekaert Izmit Çelik Kord Sanayi ve Ticaret AS

Izmit, Turkije

EUR

100

Bekaert Kartepe Çelik Kord Sanayi ve Ticaret AS

Kartepe, Turkije

EUR

100

Bekaert Petrovice sro

Petrovice, Tsjechië

CZK

100

Bekaert Sardegna SpA

Assemini, Italië

EUR

100

Bekaert Slatina SRL

Slatina, Roemenië

RON

100

Bekaert Slovakia sro

Sládkovičovo, Slovakije

EUR

100

Bekintex NV

Wetteren, België

EUR

100

Bridon International GmbH

Gelsenkirchen, Duitsland

EUR

100

Bridon International Ltd

Doncaster, Verenigd Koninkrijk

GBP

100

Industrias del Ubierna SA

Burgos, Spanje

EUR

100

OOO Bekaert Lipetsk

Gryazi, Rusland

RUB

100

Noord-Amerika

Bekaert Corporation

Wilmington (Delaware), Verenigde Staten

USD

100

Bridon-American Corporation

New York, Verenigde Staten

USD

100

Latijns-Amerika

Acma SA

Santiago, Chili

CLP

52

Acmanet SA

Talcahuano, Chili

CLP

52

BBRG - Osasco Cabos Ltda

São Paulo, Brazilië

BRL

100

BIA Alambres Costa Rica SA

San José-Santa Ana, Costa Rica

USD

58

Ideal Alambrec SA

Quito, Ecuador

USD

58

Industrias Chilenas de Alambre - Inchalam SA

Talcahuano, Chili

CLP

52

Prodimin SAC

Lima, Peru

USD

38

Prodinsa SA

Maipú, Chili

CLP

100

Productora de Alambres Colombianos Proalco SAS

Bogotá, Colombia

COP

40

Productos de Acero Cassadó SA

Callao, Peru

USD

38

Vicson SA

Valencia, Venezuela

USD

80

image
image

Pacifisch Azië

Bekaert Applied Material Technology (Shanghai) Co Ltd

Shanghai, China

CNY

100

Bekaert Binjiang Steel Cord Co Ltd

Jiangyin (provincie Jiangsu), China

CNY

90

Bekaert (China) Technology Research and Development Co Ltd

Jiangyin (provincie Jiangsu), China

CNY

100

Bekaert (Chongqing) Steel Cord Co Ltd

Chongqing, China

CNY

100

Bekaert Industries Pvt Ltd

Taluka Shirur, District Pune, India

INR

100

Bekaert (Jining) Steel Cord Co Ltd

Jining City, Yanzhou district (provincie Shandong),China

CNY

60

Bekaert Jiangyin Wire Products Co Ltd

Jiangyin (provincie Jiangsu), China

CNY

100

Bekaert Mukand Wire Industries Pvt Ltd

Pune, India

INR

100

Bekaert New Materials (Suzhou) Co Ltd

Suzhou (provincie Jiangsu), China

CNY

100

Bekaert (Qingdao) Wire Products Co Ltd

Qingdao (provincie Shandong), China

CNY

100

Bekaert (Shandong) Tire Cord Co Ltd

Weihai (provincie Shandong), China

CNY

100

Bekaert (Shenyang) Advanced Cords Co Ltd

Shenyang (provincie Liaoning), China

CNY

100

Bekaert Shenyang Advanced Products Co Ltd

Shenyang (provincie Liaoning), China

CNY

100

Bekaert Toko Metal Fiber Co Ltd

Tokio, Japan

JPY

70

Bekaert Vietnam Co Ltd

Son Tinh District, provincie Quang Ngai, Vietnam

USD

100

Bekaert Wire Ropes Pty Ltd

Mayfield East, Australië

AUD

100

Bridon (Hangzhou) Ropes Co Ltd

Hangzhou (provincie Zhejiang), China

CNY

100

China Bekaert Steel Cord Co Ltd

Jiangyin (provincie Jiangsu), China

CNY

90

PT Bekaert Indonesia

Karawang, Indonesië

USD

100

PT Bekaert Wire Indonesia

Karawang, Indonesië

USD

100

PT Bridon

Bekasi, West Java, Indonesië

USD

100

¹ Functionele valuta

² Belangenpercentage


image
image


Verkoopkantoren, magazijnen en andere

Adres

FV ¹

% ²

EMEA

Bekaert AS

Hellerup, Denemarken

DKK

100

Bekaert Emirates LLC

Dubai, Verenigde Arabische Emiraten

AED

49

Bekaert Figline SpA

Milaan, Italië

EUR

100

Bekaert France SAS

Rijsel, Frankrijk

EUR

100

Bekaert Gesellschaft mbH

Wenen, Oostenrijk

EUR

100

Bekaert GmbH

Neu-Anspach, Duitsland

EUR

100

Bekaert Middle East LLC

Dubai, Verenigde Arabische Emiraten

AED

49

Bekaert Norge AS

Oslo, Noorwegen

NOK

100

Bekaert Poland Sp z oo

Warsaw, Polen

PLN

100

Bekaert (Schweiz) AG

Baden, Zwitserland

CHF

100

Bekaert Svenska AB

Göteborg, Zweden

SEK

100

Bridon-Bekaert ScanRope AS

Tonsberg, Noorwegen

NOK

100

Bridon Middle East FZE

Sharjah, Verenigde Arabische Emiraten

AED

100

Bridon Scheme Trustees Ltd

Doncaster, Verenigd Koninkrijk

GBP

100

British Ropes Ltd

Doncaster, Verenigd Koninkrijk

GBP

100

Leon Bekaert SpA

Milaan, Italië

EUR

100

OOO Bekaert Wire

Moskou, Rusland

RUB

100

Rylands-Whitecross Ltd

Bradford, Verenigd Koninkrijk

GBP

100

Scheldestroom NV

Zwevegem, België

EUR

100

Twil Company

Bradford, Verenigd Koninkrijk

GBP

100

Noord-Amerika

Wire Rope Industries Ltd/Industries de Câbles d’Acier Ltée

Montréal, Canada

CAD

100

Latijns-Amerika

Bekaert Guatemala SA

Ciudad de Guatemala, Guatemala

GTQ

58

Bekaert Specialty Films de Mexico SA de CV

Monterrey, Mexico

MXN

100

Bekaert Trade Mexico S de RL de CV

Mexico Stad, Mexico

MXN

100

Procables SA

Callao, Peru

PEN

96

Prodac Contrata SAC

Callao, Peru

USD

38

Prodalam SA

Santiago, Chili

CLP

52

Prodicom Selva SAC

Ucayali, Peru

USD

38

Specialty Films de Services Company SA de CV

Monterrey, Mexico

MXN

100

image
image

Pacifisch Azië

Bekaert Architectural Design Consulting (Shanghai) Co Ltd

Shanghai, China

CNY

100

Bekaert Heating Technology (Suzhou) Co Ltd

Taicang City (provincie Jiangsu), China

CNY

100

Bekaert Japan Co Ltd

Tokio, Japan

JPY

100

Bekaert Korea Ltd

Seoel, Zuid-Korea

KRW

100

Bekaert Malaysia Sdn Bhd

Kuala Lumpur, Maleisië

MYR

100

Bekaert Management (Shanghai) Co Ltd

Shanghai, China

CNY

100

Bekaert Shah Alam Sdn Bhd

Kuala Lumpur, Maleisië

MYR

100

Bekaert Singapore Pte Ltd

Singapore

SGD

100

Bekaert Taiwan Co Ltd

Taipei, Taiwan

TWD

100

Bekaert (Thailand) Co Ltd

Tambol Pluakdaeng, Amphur Pluakdaeng,Thailand

USD

100

BOSFA Pty Ltd

Mayfield East, Australië

AUD

100

Bridon Hong Kong Ltd

Hong Kong, China

HKD

100

Bridon New Zealand Ltd

Aukland, Nieuw Zeeland

NZD

100

Bridon Singapore (Pte) Ltd

Singapore

SGD

100

Bridon (South East Asia) Ltd

Hong Kong, China

HKD

100

PT Bekaert Trade Indonesia

Karawang, Indonesië

USD

100

¹ Functionele valuta

² Belangenpercentage

image
image

Financiële ondernemingen

Adres

FV ¹

% ²

Acma Inversiones SA

Santiago, Chili

CLP

100

BBRG Finance (UK) Ltd

Doncaster, Verenigd Koninkrijk

EUR

100

Becare DAC

Dublin, Ierland

EUR

100

Bekaert Building Products Hong Kong Ltd

Hong Kong, China

EUR

100

Bekaert Carding Solutions Hong Kong Ltd

Hong Kong, China

EUR

100

Bekaert Coördinatiecentrum NV

Zwevegem, België

EUR

100

Bekaert do Brasil Ltda

Contagem, Brazilië

BRL

100

Bekaert Holding Hong Kong Ltd

Hong Kong, China

EUR

100

Bekaert Ibérica Holding SL

Burgos, Spanje

EUR

100

Bekaert Ideal SL

Burgos, Spanje

EUR

80

Bekaert Investments NV

Zwevegem, België

EUR

100

Bekaert Investments Italia SpA

Milaan, Italië

EUR

100

Bekaert North America Management Corporation

Wilmington (Delaware), Verenigde Staten

USD

100

Bekaert Services Hong Kong Ltd

Hong Kong, China

EUR

100

Bekaert Singapore Holding Pte Ltd

Singapore

SGD

100

Bekaert Specialty Wire Products Hong Kong Ltd

Hong Kong, China

EUR

100

Bekaert Stainless Products Hong Kong Ltd

Hong Kong, China

EUR

100

Bekaert Steel Cord Products Hong Kong Ltd

Hong Kong, China

EUR

100

Bekaert Strategic Partnerships Hong Kong Ltd

Hong Kong, China

EUR

100

Bekaert Wire Products Hong Kong Ltd

Hong Kong, China

EUR

100

Bekaert Wire Rope Industry NV

Zwevegem, België

EUR

100

Bridon-Bekaert Ropes Group Ltd

Doncaster, Verenigd Koninkrijk

EUR

100

Bridon Holdings Ltd

Doncaster, Verenigd Koninkrijk

GBP

100

Bridon Ltd

Doncaster, Verenigd Koninkrijk

GBP

100

Industrias Acmanet Ltda

Talcahuano, Chili

CLP

52

InverVicson SA

Valencia, Venezuela

USD

80

Procercos SA

Talcahuano, Chili

CLP

52

image
image

Joint ventures

Met industriële activiteit

Adres

FV ¹

% ²

Latijns-Amerika

Agro-Bekaert Colombia SAS

Malambo - Atlántico, Colombia

COP

40

Belgo Bekaert Arames Ltda

Contagem, Brazilië

BRL

45

BMB-Belgo Mineira Bekaert Artefatos de Arame Ltda

Vespasiano, Brazilië

BRL

45

Servicios Ideal AGF Inttegra Cia Ltda

Quito, Ecuador

USD

29

Verkoopkantoren, magazijnen en andere

Adres

FV ¹

% ²

EMEA

Netlon Sentinel Ltd

Blackburn, Verenigd Koninkrijk

GBP

50

Pacifisch Azië

Bekaert Engineering (India) Pvt Ltd

New Delhi, India

INR

40

Financiële ondernemingen

Adres

FV ¹

% ²

EMEA

Agro - Bekaert Springs SL

Burgos, Spanje

EUR

40

¹ Functionele valuta

² Belangenpercentage

Wijzigingen in 2021

1. Omvormingen

Dochterondernemingen

Adres

% ¹

Bridon Middle East FZE

Sharjah, Verenigde Arabische Emiraten

100

2. Wijzigingen in deelnemingspercentage met behoud van zeggenschap

Dochterondernemingen

Adres

% ¹

Productora de Alambres Colombianos Proalco SAS

Bogotá, Colombia

Van 80% naar 40%

3. Fusies

Dochterondernemingen

Gefusioneerd met

Grating Perú S.A.C.

Productos de Acero Cassadó SA

Inversiones BBRG Lima SA

Procables SA

image
image

4. Geliquideerd

Ondernemingen

Adres

Bekaert Costa Rica SA

San José-Santa Ana, Costa Rica

Bekaert (Huizhou) Steel Cord Co Ltd

Huizhou (provincie Guangdong), China

Inversiones Bekaert Andean Ropes SA

Santiago, Chili

In overeenstemming met de Belgische wetgeving geeft onderstaande tabel de kruispuntbanknummers van de Belgische ondernemingen weer.

Ondernemingen

Kruispuntbanknummer

Bekaert Advanced Cords Aalter NV

BTW BE 0645.654.071 RPR Gent, afdeling Gent

Bekaert Coördinatiecentrum NV

BTW BE 0426.824.150 RPR Gent, afdeling Kortrijk

Bekaert Investments NV

BTW BE 0406.207.096 RPR Gent, afdeling Kortrijk

Bekaert Wire Rope Industry NV

BTW BE 0550.983.358 RPR Gent, afdeling Kortrijk

Bekintex NV

BTW BE 0452.746.609 RPR Gent, afdeling Dendermonde

NV Bekaert SA

BTW BE 0405.388.536 RPR Gent, afdeling Kortrijk

Scheldestroom NV

BTW BE 0403.676.188 RPR Gent, afdeling Kortrijk


¹ Belangenpercentage

image
image

Informatie met betrekking tot de Moedervennootschap

Jaarverslag van de Raad van Bestuur en jaarrekening van NV Bekaert SA

Het jaarverslag van de Raad van Bestuur en de statutaire jaarrekening van de moedervennootschap NV Bekaert SA worden hierna in verkorte vorm weergegeven.

Het verslag van de Raad van Bestuur ex artikel 3:6 van het Wetboek van vennootschappen is niet integraal opgenomen in het verslag ex artikel 3:32.

Exemplaren van het volledig verslag van de Raad van Bestuur en van de volledige statutaire jaarrekening van NV Bekaert SA zijn op verzoek gratis beschikbaar op volgend adres:

NV Bekaert SA, Bekaertstraat 2, BE-8550 Zwevegem, Belgium, www.bekaert.com

De commissaris heeft een goedkeurende verklaring zonder voorbehoud gegeven met betrekking tot de statutaire jaarrekening van NV Bekaert SA.

Conform de wet zullen het jaarverslag van de Raad van Bestuur en de jaarrekening van NV Bekaert SA samen met het verslag van de commissaris worden neergelegd bij de Nationale Bank van België.

Verkorte resultatenrekening

in duizend € - Jaren afgesloten op 31 december

2020

2021

Omzet

281 052

415 161

Bedrijfsresultaat vóór niet-recurrente resultaten

-14 004

58 418

Niet-recurrente bedrijfsopbrengsten en -kosten

-3 430

-145

Bedrijfsresultaat na niet-recurrente resultaten

-17 434

58 273

Financieel resultaat vóór niet-recurrente resultaten

1 763

67 831

Niet-recurrente financiële opbrengsten en -kosten

-73 711

-1 158

Financieel resultaat na niet-recurrente resultaten

-71 947

66 673

Resultaat voor belastingen

-89 381

124 945

Belastingen op het resultaat

2 492

13 997

Perioderesultaat

-86 890

138 943


image
image

Verkorte balans na resultaatsverwerking

in duizend € - 31 december

2020

2021

Vaste activa

2 000 915

2 001 872

Immateriële activa

66 449

71 411

Materiële vaste activa

32 588

29 349

Financiële vaste activa

1 901 878

1 901 112

Vlottende activa

461 406

413 107

Totaal der activa

2 462 321

2 414 979


Eigen vermogen

957 368

1 010 924

Kapitaal

177 812

177 923

Uitgiftepremies

37 884

38 850

Herwaarderingsmeerwaarden

1 995

1 995

Wettelijke reserve

17 779

17 792

Onbeschikbare reserves

103 467

94 713

Beschikbare reserves en overgedragen resultaten

618 430

679 651

Voorzieningen en uitgestelde belastingen

77 510

78 866

Schulden

1 427 443

1 325 189

Schulden op meer dan een jaar

845 650

845 650

Schulden op ten hoogste een jaar

581 793

479 539

Totaal der passiva

2 462 321

2 414 979

Waarderingsregels

De waarderings- en omrekeningsregels toegepast in de statutaire jaarrekening van de moedervennootschap zijn gebaseerd op het Belgisch boekhoudrecht.

Samenvatting van het jaarverslag van de Raad van Bestuur

De omzet van de in België gevestigde vennootschap bedroeg € 451,2 miljoen, een toename met 48% in vergelijking met 2020. De operationele winst vóór niet-recurrente resultaten bedroeg € 58,4 miljoen, vergeleken met een verlies van € -14,0 miljoen vorig jaar. De stijging van het operationeel resultaat was het gecombineerd effect van hogere omzetvolumes, hogere marges en betere kostenbeheersing.

De niet-recurrente elementen in de operationele resultaten bedroegen € -0,1 miljoen in 2021 (hoofdzakelijk versnelde afschrijvingen en de realisatie van materiële vaste activa), vergeleken met € -3,4 miljoen vorig jaar.

Het financieel resultaat vóór niet-recurrente resultaten bedroeg € 67,8 miljoen tegenover € 1,8 miljoen vorig jaar. De hogere dividendinkomsten in 2021 zijn de grootste verklaring voor deze evolutie.

image
image

De niet-recurrente financiële opbrengsten en kosten bedroegen € -1,2 miljoen in 2021, vergeleken met € -73,7 miljoen in het vorig jaar, wat hoofdzakelijk gedreven was door de afschrijvingen op deelnemingen.

De belastingen op het resultaat van € 14,0 miljoen zijn positief als gevolg van het in resultaat nemen van belastingskrediet op investeringen, idem met vorig jaar, alsook de groepsbijdrage Scheldestroom nv. Dit resulteerde in een perioderesultaat van € 138,9 miljoen vergeleken met € -86,9 miljoen in 2020.

Milieuprogramma’s

De voorzieningen voor milieusaneringsprogramma’s zijn gedaald tot € 16,5 miljoen (2020: € 17,2 miljoen).

Informatie omtrent onderzoek en ontwikkeling

Meer informatie omtrent de activiteiten van de Onderneming inzake onderzoek en ontwikkeling vindt u in de sectie ‘Kennis’ in het hoofdstuk ‘Strategie en performantie’.

Deelnemingen in het kapitaal

Naar aanleiding van de inwerkingtreding van de wet van 2 mei 2007 op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen (de transparantiewet) heeft NV Bekaert SA aan de wettelijke quota van 5% en van elk veelvoud van 5% de statutaire quota van 3% en 7,5% toegevoegd. In 2021 ontving de Onderneming volgende kennisgevingen. Op 31 december 2021 bedroeg het totale aantal effecten met stemrecht 60 452 261. De stemrechten verbonden aan de eigen aandelen die door de Onderneming worden gehouden, worden opgeschort. Op 31 december 2021 bezat Bekaert 3 145 446 eigen aandelen.

Transparantiekennisgeving van 12 april 2021

Uit deze melding bleek dat de Stichting Administratiekantoor Bekaert op 7 april 2021, ingevolge de directe/indirecte overdracht van aandelen, de drempel van 40% naar beneden had overschreden. Op 7 april 2021 waren er in totaal 60 414 841 stemgerechtigde aandelen.

Stemrechten

Vorige kennisgeving

Na de transactie

Aantal stemrechten

Aantal stemrechten

Percentage stemrechten

Houders van stemrechten

Gelinkt aan aandelen

Niet gelinkt aan aandelen

Gelinkt aan aandelen

Niet gelinkt aan aandelen

Stichting Administratiekantoor Bekaert

22 370 001

20 654 557

34,19%

—%

Bekaert

3 005 875

3 498 164

5,79%

—%

TOTAAL

25 375 876

24 152 721

39,98%

—%

image
image

Transparantiekennisgeving van 22 juni 2021

Uit deze melding bleek dat een akkoord om in onderling overleg te handelen was bereikt waardoor op 16 juni 2021 de drempel van 35% werd overschreden. Op 16 juni 2021 waren er in totaal 60 414 841 stemgerechtigde aandelen.

Stemrechten

Vorige kennisgeving

Na de transactie

Aantal stemrechten

Aantal stemrechten

Percentage stemrechten

Houders van stemrechten

Gelinkt aan aandelen

Niet gelinkt aan aandelen

Gelinkt aan aandelen

Niet gelinkt aan aandelen

Stichting Administratiekantoor Bekaert

20 654 557

20 522 237

33,97%

—%

Subtotaal

20 654 557

20 522 237

33,97%

—%

Individual Controlling Aliunde Ltd

—%

—%

Aliunde Ltd

421 370

0,70%

—%

Subtotaal

421 370

0,70%

—%

Three individuals controlling Velge Holding NV

—%

—%

Velge Holding NV

284 190

0,47%

—%

Subtotaal

284 190

0,47%

—%

Individual controlling Berfin SA

—%

—%

Berfin SA

108 470

0,18%

—%

Subtotaal

108 470

0,18%

—%

Four individuals controlling Genefin SA

—%

—%

Genefin SA

600 000

0,99%

—%

Subtotaal

600 000

0,99%

—%

Individual controlling Millenium 3 SA

—%

—%

Millenium 3 SA

130 200

0,22%

—%

Subtotaal

130 200

0,22%

—%

TOTAAL

22 066 467

36,52%

—%

Gedetailleerde informatie is te vinden op: https://www.bekaert.com/en/about-us/news-room/regulated-information.

image
image

Voorstel van resultaatverwerking NV Bekaert SA 2021

Het resultaat van het boekjaar na belastingen bedroeg € 138 942 685 tegenover € -86 889 620 vorig boekjaar.

De Raad van Bestuur heeft voorgesteld dat de Gewone Algemene Vergadering van 11 mei 2022 het resultaat als volgt zal bestemmen:

in €

Te bestemmen resultaat van het boekjaar

138 942 685

Toevoeging aan de wettelijke reserve

-13 000

Toevoeging  aan de overige reserves

-52 466 652

Uit te keren winst

86 463 033

De Raad van Bestuur heeft voorgesteld dat de Gewone Algemene Vergadering een brutodividend zal uitkeren van € 1,50 per aandeel (2020: € 1,00 per aandeel).

Het dividend is in euro betaalbaar op 16 mei 2022 bij de loketten van:

BNP Paribas Fortis, ING België, Bank Degroof Petercam, KBC Bank, Belfius Bank in België;

Société Générale in Frankrijk;

ABN AMRO Bank in Nederland;

UBS in Zwitserland.

Statutaire benoemingen

Het bestuurdersmandaat van de bestuurders Charles de Liedekerke, Hubert Jacobs van Merlen, Oswald Schmid, Colin Smith en Mei Ye zal eindigen bij afloop van de Gewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders op 11 mei 2022.

Charles de Liedekerke, Hubert Jacobs van Merlen en Colin Smith hebben zich niet herverkiesbaar gesteld.

De Raad van Bestuur stelt voor dat de Algemene Vergadering van Aandeelhouders:

Maxime Parmentier benoemt als bestuurder voor een periode van één jaar, tot en met de in het jaar 2023 te houden Gewone Algemene Vergadering;

Oswald Schmid herbenoemt als bestuurder voor een periode van één jaar, tot en met de in het jaar 2023 te houden Gewone Algemene Vergadering;

Mei Ye herbenoemt als onafhankelijk bestuurder voor een periode van één jaar, tot en met de in het jaar 2023 te houden Gewone Algemene Vergadering.

image
image

Alternatieve prestatiemaatstaven


Maatstaf

Definitie

Reden voor gebruik

Kapitaalgebruik (CE)

Werkkapitaal + nettoboekwaarde van goodwill, immateriële en materiële vaste activa, en recht-op-gebruik activa. Het gemiddeld kapitaalgebruik wordt gewogen met het aantal peri- oden dat een entiteit bijgedragen heeft tot het geconsolideerd perioderesultaat.

Kapitaalgebruik omvat de voornaamste balanselementen die het operationeel management actief en effectief kan beheren om de financiële prestaties te optimaliseren en dient als noemer van de ROCE.

Financiële autonomie

Eigen vermogen in verhouding tot totaal activa.

Deze ratio reflecteert de mate waarin de Groep met eigen vermogen gefinancierd is.

Courante ratio

Vlottende activa in verhouding tot de kortlopende schulden.

Deze ratio geeft aan of de Groep in staat is om met de kortlopende bezittingen de kortlopende schulden te betalen.

Gezamenlijke cijfers

Som van de geconsolideerde vennootschappen plus 100% van de joint ventures en de geassocieerde ondernemingen, na eliminatie van onderlinge transacties (indien van toepassing). Voorbeelden: omzet, investeringen, personeelsaantal.

Naast geconsolideerde cijfers, die enkel entiteiten omvatten waarin de Groep de zeggenschap heeft, verschaffen gezamenlijke cijfers nuttige inzichten over de reële omvang en prestaties van de Groep met inbegrip van zijn joint ventures en geassocieerde ondernemingen.

EBIT

Bedrijfsresultaat (earnings before interest and taxation).

EBIT omvat de voornaamste elementen van de winst-en-verliesrekening die het operationeel management actief en effectief kan beheren om de rendabiliteit te optimaliseren, en dient o.a. als teller van de ROCE en de EBIT interestdekking.

EBIT–onderliggend

Bedrijfsresultaat (earnings before interest and taxation) vóór bedrijfsopbrengsten en –kosten in verband met herstructureringen, bijzondere waardeverminderingen, bedrijfscombinaties, afgestoten activiteiten, milieuvoorzieningen en andere gebeurtenissen en transacties die een eenmalig effect hebben dat niet inherent aan de business is.

EBIT – onderliggend wordt gerapporteerd om de lezer een beter begrip te geven van de operationele rendabiliteit zonder eenmalige elementen, omdat deze een betere basis voor vergelijking en extrapolatie vormt.

EBITDA

Bedrijfsresultaat (EBIT) + afschrijvingen, waardeverminderingen en bijzondere waardeverminderingen van activa en negatieve goodwill.

EBITDA verschaft een maatstaf van operationele rendabiliteit zonder non-cash effecten van investerings-beslissingen uit het verleden en activa van het werkkapitaal.

EBITDA–onderliggend

EBITDA vóór bedrijfsopbrengsten en –kosten in  verband met herstructureringen, bijzondere waardeverminderingen, bedrijfscombinaties, afgestoten activiteiten, milieuvoorzieningen en andere gebeurtenissen en transacties die een eenmalig effect hebben dat niet inherent aan de business is.

EBITDA – onderliggend wordt gerapporteerd om de lezer een beter begrip te geven van de operationele rendabiliteit zonder eenmalige elementen en non-cash effecten van investeringsbeslissingen uit het verleden en activa van het werkkapitaal, omdat deze een betere basis voor vergelijking en extrapolatie vormt.

EBIT interestdekking

Bedrijfsresultaat (EBIT) gedeeld door de nettorentelasten.

De EBIT interestdekking toont in welke mate de Groep in staat is om de interesten op schulden te betalen via zijn operationele rendabiliteit.

Gearing

Nettoschuld in verhouding tot het eigen vermogen.

Gearing reflecteert de verhouding externe financiering tegenover eigen vermogen, en toont in welke mate de operaties gefinancierd zijn door krediet- verstrekkers dan wel aandeelhouders.

Marge op omzet

EBIT, EBIT-onderliggend, EBITDA en EBITDA-onderliggend op omzet.

Elk van deze ratio’s vertegenwoordigt een specifieke maatstaf van de operationele rendabiliteit uitgedrukt als een percentage op omzet.

Nettokapitalisatie

Nettoschuld + eigen vermogen.

Nettokapitalisatie reflecteert het totaal bedrag waarvoor de Groep gefinancierd is door kredietverstrekkers en aandeelhouders.

Nettoschuld

Rentedragende schulden na aftrek van financiële vorderingen en kaswaarborgen op meer dan één jaar en op ten hoogste één jaar, geldbeleggingen, geldmiddelen en kasequivalenten.

Nettoschuld is een maatstaf van schuld na aftrek van financiële activa die kunnen ingezet worden om de brutoschuld af te lossen.

Nettoschuld op EBITDA

Nettoschuld gedeeld door EBITDA.

Nettoschuld op EBITDA toont in welke mate (uitgedrukt in aantal jaren) de Groep in staat is om zijn schulden af te lossen via zijn operationele rendabiliteit.

Operationele vrije kasstroom

Nettokasstroom uit bedrijfsactiviteiten - investeringen in vaste activa (na aftrek van inkomsten uit de verkoop van vaste activa)

De operationele vrije kasstroom reflecteert de nettokasstroom die nodig is om de operationele activiteiten te ondersteunen (behoefte aan werkkapitaal en investeringen in vaste activa).

ROCE

Bedrijfswinst (EBIT) in verhouding tot gewogen gemiddeld kapitaalgebruik (Return On Capital Employed).

ROCE reflecteert de operationele rendabiliteit van de Groep in verhouding tot de geldmiddelen die ingezet en beheerd worden door het operationeel management.

image
image

ROE

Perioderesultaat in verhouding tot gemiddeld eigen vermogen (Return On Equity).

ROE reflecteert de nettorendabiliteit van de Groep in verhouding tot het eigen vermogen dat zijn aandeelhouders ter beschikking gesteld hebben.

Vrij kasstroom

Nettokasstroom uit bedrijfsactiviteiten - investeringen in vaste activa + ontvangen dividenden - netto betaalde rente

De vrije kasstroom vertegenwoordigt de kasstroom die een onderneming ter beschikking heeft voor het terugbetalen van rentedragende schulden of het uitbetalen van dividenden aan beleggers.

WACC

Kost van het vermogen gewogen aan een beoogde gearing ratio van 50% (nettoschuld/eigen vermogen structuur) na belastingen.

WACC reflecteert het rendement van een belegging in de Onderneming.

Werkkapitaal (operationeel)

Voorraden + handelsvorderingen + ontvangen bankwissels + betaalde voorschotten - handelsschulden – ontvangen voorschotten – schulden m.b.t. verloning en sociale zekerheid – belastingen m.b.t. personeel. Het gemiddeld kapitaalgebruik wordt gewogen met het aantal perioden dat een entiteit bijgedragen heeft tot het geconsolideerd perioderesultaat.

Het werkkapitaal omvat alle vlottende activa en verplichtingen op ten hoogste een jaar die het operationeel management actief en effectief kan beheren om de financiële prestaties te optimaliseren. Het komt overeen met de kortetermijncomponent van het kapitaalgebruik.

Interne Bekaert Management Reporting

Heeft als focus de operationele prestaties van de industriële ondernemingen van de Groep, waarbij financiële ondernemingen en andere niet-industriële ondernemingen worden weglaten. In een flash benadering waarin niet alle consolidatieposten opgenomen worden die zijn weerspiegeld in de volledige consolidatie waarop het jaarverslag is gebaseerd.

Deze pragmatische aanpak maakt een kort opvolgingsproces mogelijk over de operationele prestaties van de onderneming doorheen het jaar.


Nettoschuld

Rentedragende schulden op meer dan een jaar

907

897

Leaseverplichting op meer dan een jaar

61

56

Rentedragende schulden op ten hoogste een jaar

622

218

Leaseverplichting op ten hoogste een jaar

20

20

Totale financiële schuld

6.18

1 610

1 191

Financiële vorderingen en kaswaarborgen op meer dan een jaar

-7

-10

Leningen op ten hoogste een jaar

-8

-6

Geldbeleggingen

-50

-80

Geldmiddelen en kasequivalenten

-940

-677

Nettoschuld

6.18

604

417


Kapitaalgebruik

2 020

2 021

Immateriële vaste activa

55

61

Goodwill

149

151

Materiële vaste activa

1 192

1 254

Recht-op-gebruik vaste activa

133

132

Operationeel werkkapitaal

6.8

535

678

Kapitaalgebruik

2 063

2 276

Gewogen gemiddeld kapitaalgebruik

2 235

2 169


in miljoen €

Toelichting in het jaarverslag

2020

2021

image
image


Operationeel werkkapitaal

2 020

2 021

Voorraden

683

1 121

Handelsvorderingen

588

751

Ontvangen bankwissels

54

41

Betaalde voorschotten

19

20

Handelsschulden

-668

-1 062

Ontvangen voorschotten

-16

-24

Schulden m.b.t. verloning en sociale zekerheid

-116

-161

Belastingen m.b.t. personeel

-9

-8

Operationeel werkkapitaal

6.8

535

678

Gewogen gemiddeld operationeel werkkapitaal

786

607

Van EBIT-onderliggend naar EBIT

5.2

EBITDA

2 020

2 021

EBIT

257

513

Waardeverminderingen op immateriële vaste activa

10

9

Afschrijvingen materiële vaste activa

161

151

Afschrijvingen recht-op-gebruik vaste activa

24

24

Waardeverminderingen/(terugname van waardeverminderingen) op voor-raden en vorderingen

7

-19

Bijzondere waardeverminderingen/ (terugnames van afschrijvingen of bijzondere waardeverminderingen) op vaste activa

14

-2

EBITDA

473

677


EBITDA - Onderliggend

2 020

2 021

EBIT - Onderliggend

272

515

Waardeverminderingen op immateriële vaste activa

10

9

Afschrijvingen materiële vaste activa

161

151

Afschrijvingen recht-op-gebruik vaste activa

24

24

Waardeverminderingen/(terugname van waardeverminderingen) op voor-raden en vorderingen

7

-11

Bijzondere waardeverminderingen/ (terugnames van afschrijvingen of bijzondere waardeverminderingen) op vaste activa

5

EBITDA - Onderliggend

479

689


ROCE

2 020

2 021

EBIT

257

513

Weighted average capital employed

2 235

2 169

ROCE

11,5%

23,7%

image
image


EBIT interest coverage

2 020

2 021

EBIT

257

513

(Renteopbrengsten)

5.4

-3

-3

Rentelasten

5.4

60

44

(Rentegedeelte van verdisconteerde voorzieningen)

5.4

-3

-2

Netto rentelasten

53

39

EBIT interestdekking

4,8

13,0


ROE (rentabiliteit eigen vermogen)

2 020

2 021

Perioderesultaat

148

451

Gemiddeld eigen vermogen (periode gewogen)

1 533

1 818

ROE

9,7%

24,8%


Kapitalisatie ratio (Financiële autonomie)

2 020

2 021

Eigen vermogen

1 535

2 101

Totaal activa

4 288

4 844

Financiële autonomie

35,8%

43,4%


Gearing (nettoschuld op eigen vermogen)

2 020

2 021

Nettoschuld

604

417

Eigen vermogen

1 535

2 101

Gearing (nettoschuld op eigen vermogen)

7.2

39,4%

19,9%


Nettoschuld op EBITDA

2 020

2 021

Nettoschuld

604

417

EBITDA

473

677

Nettoschuld op EBITDA

1,3

0,6


image
image

Nettoschuld op EBITDA- Onderliggend

2 020

2 021

Nettoschuld

604

417

EBITDA-Onderliggend

479

689

Nettoschuld op EBITDA-Onderliggend

1,3

0,6


Courante Ratio

2 020

2 021

Vlottende activa

2 466

2 872

Verplichtingen op ten hoogste een jaar

1 589

1 636

Courante ratio

1,6

1,8


Operationele vrije kasstroom

2 020

2 021

Nettokasstroom uit bedrijfsactiviteiten

505

385

Investeringen in immateriële vaste activa

-3

-13

Investeringen in materiële vaste activa

-104

-144

Investeringen in recht-op-gebruik activa

Inkomsten uit verkoop van vaste activa

52

37

Operationele vrije kasstroom

449

265


Vrije kasstroom

2020

2 021

Nettokasstroom uit bedrijfsactiviteiten

505

385

Investeringen in immateriële vaste activa

-3

-13

Investeringen in materiële vaste activa

-104

-144

Investeringen in recht-op-gebruik activa

Ontvangen dividenden

25

25

Ontvangen rente

3

3

Betaalde rente

-43

-35

Vrije kasstroom

383

221

image
image

Verslag van de commissaris

image
image
image
image
image
image
image
image
image
image
image
image
image
image

Milieugegevens

image
image

Omgaan met en opslaan van chemicaliën

We hebben een product stewardship raamwerk in voege met de daaraan gerelateerde vereiste ontwikkeling van vaardigheden.  Het raamwerk omvat:

gestandaardiseerd chemicaliënbeheer,

milieunaleving voor zowel grondstoffen als afgewerkte producten, en

daaraan gelinkte klantenverwachtingen.

In 2021 hebben we wereldwijd een standaard voor chemicaliënbeheer uitgerold en een globaal systeem in gebruik genomen die een efficiënte implementatie toelaat van de standaard, een strikt governance process en meer proactieve naleving.

In lijn met de ISO 14001-eisen werd een groepswijd proces voor levenscyclusbeheer ontwikkeld. Het proces is gericht op het identificeren van potentieel significante milieu-impacts in de volledige leverketen en is van toepassing op alle fases in de levenscyclus van onze afgewerkte producten en hoe ze op de juiste manier moeten worden behandeld. 

Bij Bekaert volgen we de EU REACH-regelgeving nauwlettend en proactief op om naleving te garanderen, zowel voor de grondstoffen die we gebruiken als voor onze afgewerkte producten. Wij werken samen met onze leveranciers om hun REACH-naleving te verifiëren in het toeleveringsproces van grondstoffen. Bovendien identificeren we mogelijk zorgwekkende stoffen om een proactieve uitfasering op te starten. In het geval we belangrijke regionale verschillen identificeren op het vlak van gevarenclassificatie en blootstellingslimieten, passen we onze eigen bedrijfsspecifieke gevarenclassificatie en blootstellingslimieten toe die moeten worden nageleefd als er geen strengere regelgeving van toepassing is.

GRI 403-7

image
image

Energie

Data 2019-2020 hebben betrekking op gezamenlijke cijfers, inclusief de joint ventures in Brazilië.

Data 2021 worden gerapporteerd voor zowel gezamenlijke (inclusief joint ventures in Brazilië) als geconsolideerde entiteiten (exclusief joint ventures).

Energie-intensiteitsratio in KWh per ton

2019

2020

2021 inclusief Brazilië

2021 exclusief Brazilië

Elektrische energie (incl. koeling)

889

876

868

750

Thermische energie (stoom en hitte)

93

87

71

70

Aardgas

417

429

474

394

Energie-intensiteitsratio: de energie (elektriciteit en thermisch) gebruikt per ton geproduceerd eindproduct.

Data 2019-2020 hebben betrekking op gezamenlijke cijfers, inclusief de joint ventures in Brazilië.

Data 2021 worden gerapporteerd voor zowel gezamenlijke (inclusief joint ventures in Brazilië) als gecombineerde entiteiten (exclusief joint ventures).

De energie-intensiteitsratio van 2021 nam toe met + 1% versus 2019 en met +1.5% versus 2020.

% van energienoden uit hernieuwbare bronnen¹

2019

2020²

2021

42

42

39

¹ Inclusief joint ventures

² Restated cijfer 2020: in voorgaande jaren hebben we ‘grid mix’ als referentie gebruikt, wat de geobserveerde herbruikbare energie op een bepaald grid is. Het GHG protocol, (page 48) geeft de voorkeur aan het gebruik van de  ‘residual grid mix’ wat bedoeld is om de vrijwillige aankoop van anderen uit te filteren. Dit verlaagt het % herbruikbare energie op een grid en bij gevolg het cijfer van Bekaert voor 2020 dat eerder gerapporteerd werd (43%) naar 42%.

Het is onze amibitie om onze gezamenlijke scope 1 en scope 2 emissies van broeikasgassen significant te verminderen tegen 2030, in vergelijking met 2019, in lijn met science-based targets. We plannen net-zero emissies te bereiken tegen 2050. Eén van de belangrijkste manieren om onze emissies van broeikasgassen te verminderen, is de energie-efficiëntie van onze operaties te verbeteren door ons energieverbruik te verminderen.  We installeren energie-efficiënte infrastructuur en machines in onze nieuwe fabrieken en fabrieksuitbreidingen, en geven onze bestaande faciliteiten een upgrade.

Totaal energieverbruik¹ = 5 134 gWh waarvan:

Elektrische energie (incl. koeling) = 3 154 gWh

Thermische energie (stoom en hitte) = 257 gWh

Aardgas = 1 723 gWh

GRI 302-1

Energie-intensiteitsratio¹:

Elektrische energie (incl. koeling) = 868 kWh/ton

Thermische energie (stoom en hitte) = 71 kWh/ton

Aardgas = 474 kWh/ton

GRI 302-3

Gebruikte methode: de energiegegevens worden gemonitord in een centrale database.

Herbruikbare energie: In 2021 was 39% van onze elektriciteit afkomstig van herbruikbare energiebronnen.

Energieverbruik in GWh

2019

2020

2021 inclusief Brazilië

2021 exclusief Brazilië

Totaal energieverbruik

4 957

4 577

5 134

4 457

Elektrische energie (incl. koeling)

3 152

2 880

3 154

2 753

Thermische energie (stoom en hitte)

329

286

257

257

Aardgas

1 476

1 410

1 723

1 447

image
image

CO₂

Scope 1

Scope 2

We aim for zero, omdat we geloven dat dit de enige manier is om bewuste en sterke acties te ondernemen om onze ecologische voetafdruk te verlagen.

In lijn hiermee hebben we ons ertoe verbonden om toe te treden tot the Business Ambition for 1.5°C. Bedrijven die zich verbinden tot the Business Ambition for 1.5°C ontvangen onafhankelijke validatie van hun doelen van het Science Based Targets initiative (SBTi) en maken deel uit van the UN Climate Champions’ Race to Zero.

Scope 1-emissies zijn directe broeikasgasemissies die gelinkt zijn aan onze operaties.

Broeikasgasuitstoot van aangekochte elektriciteit en andere soorten energie:

Elektrische energie (incl. koeling) = 1 345 956 ton CO₂

Thermische energie (stoom en hitte) = 46 425 ton CO₂

GRI 305-2

Broeikasgasintensiteitsratio:

Elektrische energie (incl. koeling) = 370 kg CO₂/ton.

Thermische energie (stoom en hitte) = 13 kg CO₂/ton.

GRI 305-4

Scope 2 Broeikasgasuitstoot van aangekochte elektriciteit en andere soorten energie

2019

2020

2021 inclusief Brazilië

2021 exclusief Brazilië

Elektrische energie (incl. koeling) in ton CO₂

1 351 373

1 195 306

1 345 956

1 308 129

Thermische energie (stoom en hitte) in ton CO₂

60 371

52 718

46 425

46 425

Data 2019-2020 hebben betrekking op gezamenlijke cijfers, inclusief de joint ventures in Brazilië.

Data 2021 worden gerapporteerd voor zowel gezamenlijke (inclusief joint ventures in Brazilië) als gecombineerde entiteiten (exclusief joint ventures).

Scope 2 Broeikasgas-intensiteitsratio

2019

2020

2021 inclusief Brazilië

2021 exclusief Brazilië

Elektrische energie (incl. koeling)) in kg CO₂/ton

381

363

370

356

Thermische energie (stoom en hitte) in kg CO₂/ton

17

16

13

13

Data 2019-2020 hebben betrekking op gezamenlijke cijfers, inclusief de joint ventures in Brazilië.

Data 2021 worden gerapporteerd voor zowel gezamenlijke (inclusief joint ventures in Brazilië) als gecombineerde entiteiten (exclusief joint ventures).

Broeikasgasintensiteitsratio voor thermische energie daalde in 2021 met -19% versus 2020 en met -24% versus 2019.

Scope 2-emissies zijn indirecte emissies, van aangekochte elektriciteit, stoom enz. die worden berekend op basis van energieverbruik en landspecifieke kWh naar CO₂-conversiefactoren zoals vermeld in de ‘International Energy Agency’ CO₂-conversienormen.

GRI 305-2

Aardgas

Broeikasgasuitstoot van aardgas = 316 854 ton CO₂

Broeikasgasintensiteitsratio van aardgas = 87 kg CO₂/ton

GRI 305-1

Scope 1 Broeikasgasuitstoot van aardgas

2019

2020

2021 inclusief Brazilië

2021 exclusief Brazilië

Scope 1 Broeikasgasuitstoot van aardgas (in ton CO₂)

271 609

259 569

316 854

262 580

Broeikasgasintensiteitsratio van aardgas (kg CO₂/ton)

77

79

87

71

Data 2019-2020 hebben betrekking op gezamenlijke cijfers, inclusief de joint ventures in Brazilië.

Data 2021 worden gerapporteerd voor zowel gezamenlijke (inclusief joint ventures in Brazilië) als gecombineerde entiteiten (exclusief joint ventures).

Broeikasgasintensiteit voor aardagas nam in 2021 met +10% toe versus 2020 en met +13% versus 2019.

image
image

Scope 3

Transport

Scope 3-emissies van transport zijn van Bekaert geconsolideerde entititeiten (exclusief joint ventures)

Broeikasgasintensiteitsratio van uitgaand transport:

In de voorbije jaren hebben we broeikasgasuitstoot van uitgaand transport gerapporteerd onder Scope 1 (in lijn met de GRI richtlijnen). Echter, om gealigneerd te zijn met onze SBTi-doelstellingen, wordt broeikasgasuitstoot van uitgaand transport nu gerapporteerd onder Scope 3.

Broeikasgasuitstoot uitgaand transport:

Zeetransport wereldwijd: 31 137 ton CO₂

Wegtransport voor rubberversterking EMEA: 10 562 ton CO₂

Luchtvracht: 4 118 ton CO₂

Broeikasgasintensiteitsratio uitgaand transport:

Zeetransport wereldwijd: 0,0384 ton CO₂/ton verscheept product

Wegtransport voor rubberversterking EMEA: 0,0716 ton CO₂-/ton verzonden product

Luchtvracht: 5,103 ton CO₂-/ton verzonden product

GRI 305-3

Uitstoot van uitgaand transport namen toe omwille van een sterke heropleving van de vraag en behendig beheer van de toeleveringsketen. 

Scope 3 Broeikasgasuitstoot uitgaand transport in ton CO₂

2019

2020

2021

Zeetransport wereldwijd

18 578

22 603

31 137

Wegtransport voor rubberversterking EMEA

9 284

8 249

10 562

Luchtvracht

0

803

4 118


Scope 3 Broeikasgasintensiteitsratio uitgaand transport (in ton CO₂e/ton getransporteerd product)

2020

2021

Zeetransport wereldwijd

0,0550

0,0384

Wegtransport voor rubberversterking EMEA

0,0388

0,0716

Luchtvracht

0,0000

5,1030

Gerapporteerd sinds 2020, met uitzondering van luchtvracht: sinds 2021

GRI 305-3, GRI 305-4

Broeikasgasuitstoot van bedrijfswagens, bussen en vliegverkeer:

Broeikasgasuitstoot van bedrijfswagens en bussen (uitgezonderd JVs): 3 508 ton CO₂/jaar

Broeikasgasuitstoot van zakenreizen (vliegverkeer): 1 000 ton CO₂ (zonder radiative forcing (RF))

Broeikasgasuitstoot van bedrijfswagens, bussen voor personeel en vliegverkeer

2019

2020

2021

Broeikasgasuitstoot van bedrijfswagens en bussen (uitgezonderd JVs) in ton CO₂/jaar

3 692

3 606

3 508

Broeikasgasuitstoot van zakenreizen (vliegverkeer) in ton CO₂ (zonder radiative forcing (RF))

2 740

1 700

1 000

GRI 305-3, GRI 305-4

Scope 3 emissies van aangekochte goederen (in ton)

Scope 3 broeikasgasuitstoot van aangekochte producten (in ton)

2019

2020

2021 inclusief Brazilië

2021 exclusief Brazilië

Scope 3 broeikasgasuitstoot van aangekochte walsdraad

5 856 000

5 490 000

6 059 000

4 753 000

Berekeningsmethode: Ton aangekochte walsdraad in een specifiek jaar vermenigvuldigd met de gemiddelde werelduitstootintensiteit van staal. (1,83 ton CO₂/ton staal).

GRI305-3

image
image

Water

Opname van water

De totale wateronttrekking bedroeg 8 975 megaliter (ML) waarvan 3 619 ML uit gebieden met waterstress.

Opname van zoetwater per bron:

Oppervlaktewater: 626 ML waarvan 605 ML uit gebieden met waterstress

Grondwater:  2 571 ML waarvan 813 ML uit gebieden met waterstress

Water van derden: 5 778 ML waarvan  2 201 ML uit gebieden met waterstress:

4 970 ML van oppervlaktewater waarvan 1 846 ML uit gebieden met waterstress

808 ML van grondwater waarvan 355 ML uit gebieden met waterstress

Alle gegevens worden verstrekt door de fabrieken.

Waterstress: in gebieden met waterstress is de verhouding tussen de totale jaarlijkse wateropname en de totale jaarlijkse beschikbare hernieuwbare watertoevoer hoog (40-80%) of extreem hoog (>80%)

1 megaliter (ML) = 1 000 000 liter

Opname van water (in ML)

2019¹

2020¹

2021

Totale wateropname

9 237

8 088

8 975

uit gebieden met waterstress

3 626

3 107

3 619

Opname van zoetwater per bron (in ML)

2019¹

2020¹

2021

Oppervlaktewater

761

587

626

uit gebieden met waterstress

559

530

605

Grondwater

2 355

2 201

2 571

uit gebieden met waterstress

754

640

813

Water van derden

6 121

5 300

5 778

uit gebieden met waterstress

2 312

1 937

2 201


Water van derden per bron (in ML)

2019¹

2020¹

2021

Water van derden van oppervlaktewater

5 581

4 783

4 970

uit gebieden met waterstress

2 055

1 717

1 846

Water van derden van grondwater

540

517

808

uit gebieden met waterstress

257

220

355

¹ 2019 en 2020 data werden aangepast in lijn met de aangepaste definitie voor gebieden met waterstress


GRI 303-3

We gebruiken water in onze productieprocessen, en we willen elke druppel sparen. We bekijken ons waterverbruik grondig en implementeren programma’s om ons waterverbruik te verminderen, specifiek, maar niet exclusief, in gebieden met waterstress. Het is onze ambitie om onze opname van zoetwater in gebieden met waterstress met -15% te verminderen tegen 2030 ten opzichte van 2019. 

Na gebruik, en veelvuldig hergebruik, wordt water dat niet meer gerecycleerd kan worden behandeld en gezuiverd voor het geloosd wordt.

Alle waterdata zijn gezamenlijke data (geconsolideerde entiteiten + joint ventures)

GRI 303-1

image
image

Waterverbruik

Waterverbruik = totale wateronttrekking - totaal lozing van afvalwater.

Het totale waterverbruik bedroeg 4 811 ML waarvan 1 587 ML uit gebieden met waterstress.

Alle gegevens worden verstrekt door de fabrieken.

Waterstress: in gebieden met waterstress is de verhouding tussen de totale jaarlijkse wateropname en de totale jaarlijkse beschikbare hernieuwbare watertoevoer hoog (40-80%) of extreem hoog (>80%)

1 megaliter (ML) = 1 000 000 liter

Waterverbruik

2019¹

2020¹

2021

Totaal waterverbruik

4 922

4 376

4 811

Van gebieden met waterstress

1 899

1 621

1 587

¹ 2019 en 2020 data werden aangepast in lijn met de aangepaste definitie voor gebieden met waterstress

Lozing van afvalwater

Het totale volume geloosd afvalwater na afvalwaterzuivering bedroeg 4 164 ML waarvan 2 032 ML naar gebieden met waterstress.

Bestemming van het geloosde afvalwater:

Oppervlaktewater:  1 466 ML waarvan 502 ML zoetwater en 964 ML ander water is

Grondwater: 0 ML

Zeewater: 100 ML waarvan 0 ML zoetwater en 100 ML ander water is

Water van derden: 2 598 ML waarvan 94 ML zoetwater en 2 504 ML ander water is

Lozing van afvalwater naar gebieden met waterstress was 2 032 ML waarvan 557 ML zoetwater en 1 475 ML ander water is.

Onze waterafvoer wordt gefilterd op onze eigen terreinen.

Alle gegevens worden verstrekt door de fabrieken.

Waterstress: in gebieden met waterstress is de verhouding tussen de totale jaarlijkse wateropname en de totale jaarlijkse beschikbare hernieuwbare watertoevoer hoog (40-80%) of extreem hoog (>80%)

1 megaliter (ML) = 1 000 000 liter

Lozing van afvalwater (in ML)

2019¹

2020¹

2021

Het totale volume geloosd afvalwater na afvalwaterzuivering

4 315

3 712

4 164

naar gebieden met waterstress

1 727

1 486

2 032

Bestemming van het geloosde afvalwater (in ML)

2019¹

2020¹

2021

Oppervlaktewater

1 595

1 511

1 466

Zoetwater

599

462

502

Ander water

996

1 049

964

Grondwater

0

0

0

Zeewater

86

91

100

Zoetwater

0

0

0

Ander water

86

91

100

Water van derden

2 633

2 109

2 598

Zoetwater

295

221

94

Ander water

2 339

1 889

2 504

Lozing van afvalwater naar gebieden met waterstress

1 727

1 486

2 032

Zoetwater

668

527

557

Ander water

1 059

959

1 475

¹ 2019 en 2020 data werden aangepast in lijn met de aangepaste definitie voor gebieden met waterstress


GRI 303-4, GRI 303-2


GRI 305-5

image
image

Afval

Het is onze ambitie om ons afvalvolume tegen 2030 met 25% te verminderen versus 2019. Alle staalschroot keert terug naar de staalindustrie voor recyclage.

Afvaldata zijn gezamenlijke data (geconsolideerde entiteiten + joint ventures).

Staalschroot in ton

2019

2020

2021

Voorbereiding voor hergebruik

0

0

0

Recyclage

117 879

101 727

107 760

Andere

0

0

0

Staalschroot = schroot van staaldraad, spoelen en machineonderdelen die het einde van de levensduur bereikt hebben, en ander uit staal bestaand schroot.

GRI 306-4

image
image

Duurzame oplossingen

We zetten ideeën om in zinvolle duurzame oplossingen die de ecologische voetafdruk van onze klanten verminderen in eindmarkten. 

Enkele voorbeelden daarvan zijn:

Automobielsector

Banden hebben een impact op de uitstoot van auto’s. Staalkoord wordt gebruikt om banden te versterken en kan daardoor een rol spelen in het verminderen van de ecologische voetafdruk van auto’s. Bekaerts gamma van staalkoord met super- en ultrahoge treksterkte om banden te versterken laat bandenmakers toe om banden te produceren met een lager gewicht, een dunnere staalgordel en lagere rolweerstand waardoor de banden duurzamer worden. Bovendien verbetert deze technologie de levensduur van de batterij en vermindert ze het geluid bij elektrische wagens.

Genereren van hernieuwbare energie

Productie van offshore windenergie wordt steeds relevanter in het genereren van hernieuwbare energie. Het verankeren van windturbines op de zeebodem is cruciaal voor deze hernieuwbare energiebron. Onze verankeringskabels houden de drijvende windturbines aan het werk en elimineren de behoefte aan uitgebreide funderingen. Het offshore genereren van energie wordt ook ondersteund door onze oplossingen voor onderzeese energiekabels die elektriciteit transporteren van offshore windparken naar het vasteland.

Bouwtechnologie

Beton is een belangrijke factor in de uitstoot van broeikasgassen in de bouwsector. Om het volume beton te verminderen en om het te versterken tegen tactiele krachten worden voornamelijk stalen staven gebruikt ter versterking. Bekaerts alternatief, Dramix® staalvezels, helpt spelers in de bouwsector om 50% minder staal in gewicht te gebruiken, vergeleken met traditionele staaloplossingen, waardoor de CO₂ uitstoot per project tussen 20 en 50% daalt.

Waterelektrolyse / gebruik van waterstof

Waterstof wordt beschouwd als een belangrijke hefboom in het energie-ecosysteem van de toekomst.  Er is een heel groot groeipotentieel in de productie van groene waterstof. Alle verbeteringen van dit proces hebben een significante impact op de toekomstige wereldwijde energiestrategie om klimaatneutraal te worden. Bekaerts oplossingen voor poreuze transportlagen verhogen de prestaties en duurzaamheid van elektromechanische apparaten die gebruikt worden bij waterstofproductie. Onze oplossingen in waterstoftechnologie omvatten ook slangendraad voor tankpistolen in waterstofhervulstations. We zijn ook pionier in de decarbonisatie van verwarming met onze branders en warmtewisselaars voor waterstof en energie-efficiënte gasboilers.

image
image

EU-Taxonomie

EU-Taxonomie geschiktheidsbeoordelingsproces

Een "in aanmerking komende economische activiteit" is een activiteit die in de EU-Taxonomie wordt beschreven, ongeacht of zij voldoet aan alle technische criteria die voor die activiteit zijn vastgesteld. Rapportage over de geschiktheid betekent niet dat de activiteit volgens de EU-Taxonomie ecologisch duurzaam is, het betekent dat de activiteit het potentieel heeft om ecologisch duurzaam te zijn als de activiteit aan alle technische screeningscriteria voldoet. Een activiteit die - onder andere - aan alle technische screeningscriteria voldoet, wordt dan beschouwd als in overeenstemming met de EU-Taxonomie.

Om te evalueren of we in aanmerking komen voor de EU-Taxonomie, hebben we alle producten die door de Bekaert dochterondernemingen worden vervaardigd, de toepasselijke uitgaven en de gedane investeringen in kaart gebracht en ze afgestemd op de activiteiten die in de EU-Taxonomie worden beschreven.

Om deze oefening te vergemakkelijken, bevat de EU-Taxonomie een verwijzing naar NACE codes (Revisie 2) voor elke activiteit. Deze verwijzing is echter slechts indicatief en prevaleert niet boven de specifieke definitie in de tekst van de gedelegeerde klimaatwet. Daarom hebben wij de geschiktheid van onze producten en uitgaven eerst in kaart gebracht aan de hand van de beschrijvingen in de Gedelegeerde Wet, en alleen met gebruikmaking van de NACE-codes (herziening 2) en andere referentieclassificaties die door het Platform voor duurzame financiering⁵ als verdere leidraad worden verstrekt.

Wij hebben onze geschiktheid beoordeeld door samen te werken met en elk van onze vier business units te betrekken bij het uitvoeren van de hierboven genoemde mapping-oefening. We hielden rekening met elk van de elementen in de beschrijving van de activiteit in de Gedelegeerde Klimaatwet, en in geval van twijfel verwezen we naar de technische screeningscriteria en het TEG Eindrapport - Technische Bijlage voor meer informatie over welke door Bekaert geproduceerde producten al dan niet in aanmerking zouden kunnen komen.

⁵ Verwijzen naar: https://ec.europa.eu/info/files/sustainable-finance-taxonomy-nace-alternate-classification-mapping_en

Dit gedeelte heeft betrekking op de belangrijkste prestatie-indicatoren en begeleidende informatie die vereist zijn op grond van Verordening EU 2020/852¹ en de bijbehorende gedelegeerde handelingen² (de EU-Taxonomie).

De EU-Taxonomie is bedoeld om kapitaal naar duurzame activiteiten te leiden, met als einddoel de financiering van duurzame groei en het bereiken van de EU-doelstelling om tegen 2050 klimaatneutraal te zijn.

Rapportering over onze bijdrage aan het milieu via de EU-Taxonomie ligt in lijn met Bekaerts ambitie om duurzame waarde te creëren voor alle belanghebbenden en een industrieleider te worden op het vlak van duurzaamheid.

De EU-Taxonomie kan worden gezien als een groen woordenboek: een classificatiesysteem om te bepalen welke activiteiten ecologisch duurzaam zijn. Om als zodanig te worden beschouwd, moet een activiteit - onder andere - substantieel bijdragen aan een of meer van de zes milieudoelstellingen³ (door te voldoen aan technische screeningscriteria, d.w.z. bepaalde prestatiedrempels en andere eisen).

Dit is het eerste jaar dat de EU-Taxonomie van toepassing is, en de invoering ervan zal geleidelijk gebeuren. Voor dit eerste jaar moet Bekaert enkel rapporteren over haar aandeel van in aanmerking komende en niet in aanmerking komende activiteiten en moet ze haar potentiële bijdrage enkel analyseren voor de eerste twee van de zes milieudoelstellingen: mitigatie van de klimaatverandering en adaptatie aan de klimaatverandering⁴.

image

¹ Verordening EU 2020/852 van het Europees Parlement en de Raad, gepubliceerd in het Publicatieblad van de Europese Unie op 22.6.2020.

² De gedelegeerde klimaatwet (gedelegeerde verordening (EU) 2021/2139 van de Commissie van 4 juni 2021) en de gedelegeerde openbaarmakingswet (gedelegeerde verordening (EU) 2021/2178 van de Commissie van 6 juli 2021).

³ Matiging van de klimaatverandering, Aanpassing aan de klimaatverandering, Duurzaam gebruik en bescherming van water en mariene rijkdommen, Overgang naar een circulaire economie, Voorkoming en bestrijding van verontreiniging, en Bescherming en herstel van biodiversiteit en ecosystemen.

⁴ De criteria voor de andere vier milieudoelstellingen zullen naar verwachting eind 2022 officieel worden goedgekeurd.

image
image


Hieronder brengen we verslag uit over onze EU-Taxonomie geschiktheid voor 2021, uitgedrukt via drie KPI's: ons aandeel van in aanmerking komende en niet in aanmerking komende activiteiten in de geconsolideerde omzet van Bekaert van 2021, kapitaaluitgaven en 'toepasselijke' operationele uitgaven.

Opmerking: geconsolideerde omzet is de terminologie die gebruikt wordt in de Bekaert resultatenrekening. Het heeft dezelfde definitie als 'netto-omzet' zoals gebruikt in de EU-Taxonomie. We verwijzen naar toelichting 5.1 in Deel II - Jaarrekening van dit verslag voor meer gedetailleerde informatie over onze principes inzake omzeterkenning.

Om dubbeltellingen te voorkomen, voerde elke bedrijfseenheid de geschiktheidsanalyse afzonderlijk uit, voor de producten die binnen de bedrijfseenheid worden vervaardigd. Deze informatie werd vervolgens samengevoegd en gevalideerd door Group Finance, volgens dezelfde principes als voor de geconsolideerde financiële verslaggeving.

Voorbeelden van in aanmerking komende producten zijn te vinden in Deel I: Onze prestaties in 2021 - Waardeketen van dit rapport.

Bekaerts engagement bestaat erin om langetermijnwaarde te creëren voor al haar stakeholders en om groene en duurzame oplossingen te creëren. Deze duurzame waarde vertaalt zich ook in de verlengde levensduur van onze producten, de energie-efficiëntie die onze producten bieden, de verminderde koolstofvoetafdruk door hun gebruik, evenals het gebruik van alternatieve koolstofarme materialen en innovatieve technologieën in haar productieprocessen.

Noemer

De noemer bestaat uit de geconsolideerde omzet zoals vermeld in Deel II: Financieel Overzicht van dit rapport.

EU-Taxonomie kritische prestatie-indicatoren

1 Geconsolideerde omzet

2 Kapitaaluitgaven (Capex)

Teller

De teller bestaat uit de geconsolideerde omzet van Bekaert in 2021 die verband houdt met de hieronder opgesomde economische activiteiten (de nummers verwijzen naar de sectie in Bijlage I van de Gedelegeerde Klimaatwet die overeenstemt met die activiteit):

3.1 Fabricage van technologieën voor hernieuwbare energie

3.2 Fabricage van apparatuur voor het gebruik van waterstof

3.5 Fabricage van energie-efficiënte apparatuur voor gebouwen

3.6 Fabricage van koolstofarme technologieën

Alle bovenstaande activiteiten worden beschouwd als in aanmerking komende faciliterende activiteiten, zoals bedoeld in artikel 10, lid 1, onder i), van Verordening (EU) 2020/852.

Teller

De teller bestaat uit a) investeringen in verband met activiteiten die in aanmerking komen voor de taxonomie en b) investeringen in verband met andere economische activiteiten die in aanmerking komen voor de taxonomie (in beide gevallen gaat het om investeringen in het belastingjaar 2021), zoals beschreven in punt 1.1.2.2 van bijlage I bij de gedelegeerde handeling tot openbaarmaking. De totale, voor de EU-belastinggrondslag in aanmerking komende investeringen, worden berekend op basis van de volgende economische activiteiten:

image
image

3.1 Fabricage van technologieën voor hernieuwbare energie

3.2 Fabricage van apparatuur voor het gebruik van waterstof

3.5 Fabricage van energie-efficiënte apparatuur voor gebouwen

3.6 Fabricage van koolstofarme technologieën

5.1 Bouw, uitbreiding en exploitatie van systemen voor winning, behandeling en distributie van water

5.2 Vernieuwing van systemen voor waterwinning, -behandeling en -distributie

5.3 Bouw, uitbreiding en exploitatie van systemen voor de opvang en behandeling van afvalwater

5.4 Vernieuwing van systemen voor opvang en behandeling van afvalwater

7.2 Renovatie van bestaande gebouwen

7.3 Installatie, onderhoud en reparatie van energie-efficiënte uitrusting

7.5 Installatie, onderhoud en reparatie van instrumenten en apparaten voor het meten, regelen en controleren van de energieprestaties van gebouwen

7.6 Installatie, onderhoud en reparatie van technologieën op het gebied van hernieuwbare energie

De activiteiten 3.1, 3.2, 3.5, 7.3, 7.5 en 7.6 worden beschouwd als geschikte activiteiten, zoals bedoeld in artikel 10, lid 1, onder i), van Verordening (EU) 2020/852. Activiteit 7.2 wordt beschouwd als een geschikte transitieactiviteit in de zin van artikel 10, lid 2, onder i), van Verordening (EU) nr. 2020/852.

In bepaalde scenario's waarin geïnvesteerde apparatuur wordt gebruikt om zowel in aanmerking komende als niet in aanmerking komende producten te vervaardigen, hebben we een toewijzingsregel toegepast op basis van de tonnage van de vervaardigde in aanmerking komende producten, om de in aanmerking komende investeringen te berekenen.

Om dubbeltellingen te voorkomen, heeft elke bedrijfseenheid eerst haar investeringsuitgaven afzonderlijk gescreend om de investeringsuitgaven in verband met de aankoop van output van voor de taxonomie in aanmerking komende economische activiteiten te identificeren (letterlijk b) van het genoemde punt 1.1.2.2). In een tweede fase heeft elke business unit de kapitaaluitgaven die in de vorige

stap buiten beschouwing was gelaten verder gescreend om de overeenstemmende uitgaven te koppelen aan in aanmerking komende producten die door Bekaert worden vervaardigd (letterlijke bepaling (a) van afdeling 1.1.2.2 van Bijlage I van de Gedelegeerde Wet Openbaarmaking). Afzonderlijk identificeerde de financiële afdeling van de Groep de kapitaaluitgaven met betrekking tot andere economische activiteiten die in aanmerking komen voor de Taxonomie en die niet werden geregistreerd in de rekeningen van de business units.

Noemer

De noemer bestaat uit de totale capex van Bekaert geïnvesteerd in het boekjaar 2021 zoals bekendgemaakt in Deel II van dit verslag: Jaarrekening, die de toevoegingen aan materiële vaste activa (PP&E) omvat, beschouwd vóór afschrijvingen, waardeverminderingen en eventuele waardewijzigingen die van toepassing kunnen zijn.

3 Operationele uitgaven (opex)

Teller

Het concept van de opex volgens de EU-Taxonomie is niet gelijk aan één post in de winst-en-verliesrekening. De EU-Taxonomie heeft een specifiek toepassingsgebied voor operationele kosten die gerapporteerd moeten worden (beschreven in het deel over de noemer hierna), daarom verwijzen we naar dit beperkte concept als 'toepasselijke' opex om het duidelijk te onderscheiden van de lijnen in de resultatenrekening die door Bekaert worden gerapporteerd.

De teller bestaat uit (a) 'toepasselijke' opex met betrekking tot activiteiten die in aanmerking komen voor de Taxonomie en (b) 'toepasselijke' opex met betrekking tot andere economische activiteiten die in aanmerking komen voor de Taxonomie, zoals beschreven in Sectie 1.1.2.2 van Bijlage I van de Gedelegeerde Wet Openbaarmaking. De totale voor de EU-Taxonomie in aanmerking komende "toepasselijke" opex wordt voornamelijk berekend op basis van de volgende economische activiteiten:

image
image

3.1 Fabricage van technologieën voor hernieuwbare energie

3.2 Fabricage van apparatuur voor het gebruik van waterstof

3.5 Fabricage van energie-efficiënte apparatuur voor gebouwen

3.6 Fabricage van koolstofarme technologieën

6.5 Vervoer met motorfietsen, personenauto’s en lichte bedrijfsvoertuigen

9.1 Dicht bij de markt aansluitend(e) onderzoek, ontwikkeling en innovatie

10.1 Schade-, ziekte- en ongevallenverzekeringen: acceptatie van klimaatgerelateerde gevaren

Alle bovenstaande activiteiten worden beschouwd als in aanmerking komende faciliterende activiteiten, als bedoeld in artikel 10, lid 1, onder i), van Verordening (EU) 2020/852, met uitzondering van activiteit 6.5 Vervoer met motorfietsen, personenauto’s en lichte bedrijfsvoertuigen.

In bepaalde scenario's waarin het onmogelijk is om de opex toe te wijzen aan individuele productlijnen, hebben we een toewijzingsregel toegepast op basis van de tonnage van de in aanmerking komende vervaardigde producten, om de in aanmerking komende O&O-uitgaven, maatregelen voor renovatie van gebouwen en onderhouds- en reparatiekosten te berekenen.

Om dubbeltellingen te voorkomen, heeft elke bedrijfseenheid de onkosten die voldoen aan de definitie van de EU-Taxonomie met betrekking tot de in aanmerking komende producten afzonderlijk geëxtraheerd. Afzonderlijk identificeerde onze centrale aankoopdienst de 'toepasselijke' opex met betrekking tot andere economische activiteiten die in aanmerking komen voor de Taxonomie en die niet in de boekhouding van de business units werden opgenomen.

Momenteel besteedt Bekaert 45% van haar totale O&O-uitgaven aan in aanmerking komende activiteiten. In de volgende jaren willen we echter het grootste deel van onze O&O toewijzen aan in aanmerking komende productsegmenten en werken aan de verbetering van onze huidige portefeuille van in aanmerking komende producten.

Noemer

Opex wordt in de Gedelegeerde Wet Toelichtingen gedefinieerd als directe, niet-gekapitaliseerde kosten die verband houden met onderzoek en ontwikkeling, maatregelen voor de renovatie van gebouwen, korte termijn leases, onderhoud en reparatie, en alle andere directe uitgaven in verband met het dagelijkse onderhoud van materiële vaste activa. De noemer omvat de uitgaven die binnen deze definitie van opex vallen.

Elke bedrijfseenheid heeft de onderhouds- en herstellingskosten (die niet-gekapitaliseerde uitgaven voor renovatiemaatregelen van gebouwen omvatten) verkregen via interne rapporteringssystemen.

Sociale verklaringen

image
image

Gezondheid en veiligheid

Veiligheidsprogramma’s

De veiligheidsprogramma’s van Bekaert zorgen ervoor dat alle medewerkers wereldwijd dezelfde veiligheidsmentaliteit en -gedrag aannemen.

BeCare: een veilig Bekaert voor iedereen

We willen een werkomgeving creëren die niemand schade berokkent. We zijn vastberaden alles te doen wat nodig is om ongevallen op de werkvloer te voorkomen.

BeCare, Bekaerts wereldwijd veiligheidsprogramma dat opgestart werd in 2016, is onze manier om dit voor elkaar te krijgen.  Het richt zich op het creëren van een veiligheidscultuur met onderlinge afhankelijkheid, het promoten van risicobewustzijn, het uitschakelen van risicotolerantie en het investeren in de middelen en uitrusting die nodig zijn voor een veiliger werkomgeving.

BeCare heeft het gedrag veranderd in onze fabrieken en kantoren en in onze ontmoetingen met businesspartners.

Eind 2021 lanceerde Bekaert ook een nieuw veiligheids- en nalevingsopleidingsprogramma dat gealigneerd is met BeCare.  Meer informatie over ‘Compass’ is te vinden in deel I van dit rapport: Onze prestaties in 2021: Mensen.

GRI403-2

Veiligheidsprocedures

Bekaert heeft verscheidene veiligheidsprocedures en -standaarden ontwikkeld die gelden in alle fabrieken wereldwijd. Ze zijn erop gericht een coherente en gestandaardiseerde aanpak te creëren voor alle processen en acties wereldwijd.

GRI403-2

In overeenstemming met ons BeCare-veiligheidsprogramma, en om meer nadruk te leggen op veiligheid in specifieke situaties, moeten onze medewerkers de Regels die Levens Redden volgen. De regels zijn eenvoudige dos and don’ts in 10 gevaarlijke situaties die het hoogste potentieel hebben om dodelijk te zijn. Ze zijn van toepassing op iedereen: werknemers, aannemers en bezoekers. Bovendien gelden ze niet enkel op de werkplek, maar zijn ze ook thuis en op de weg sterk aanbevolen.

Het naleven van deze regels is een voorwaarde voor tewerkstelling en toegang tot onze vestigingen. Het volgen van deze regels en anderen helpen om dit te doen zal levens redden. Daarom zijn er gevolgen van toepassing voor wie de Regels die Levens Redden niet volgt. 

GRI 403-2, GRI 403-7

We zijn er ons van bewust dat, naast de gedragscomponent, de veiligheid van uitrusting van het hoogste belang is in onze inspanningen om onze veiligheidsprestaties te verbeteren. Daarom hebben we een veiligheidsstandaard voor uitrusting die de vereisten beschrijft waaraan alle nieuwe en bestaande uitrusting moet voldoen. Onze engineeringafdelingen starten hun ontwerpproces vanuit deze standaard bij het ontwikkelen van nieuwe machines. Bestaande uitrusting wordt geëvalueerd op veiligheidsgerelateerde risico’s aan de hand van een risicoanalyse. Deze analyse geeft prioriteit aan de risico’s met de zwaarste impact en de hoogste kans om zich voor te doen.

Bekaert heeft een investeringsprogramma voor veiligheid goedgekeurd. Het programma zal in de loop van 2022 worden uitgerold als een bijkomende enabler om een veilige werkomgeving voor alle medewerkers op de werkvloer te creëren.

GRI 403-2

image
image

Een gezonde werkomgeving

Naast de initiatieven van BeCare gericht op het elimineren van veiligheidsrisico’s, willen we ook een gezonde werkplek voor onze werknemers creëren en onderhouden.

Werkomstandigheden

Wij controleren de omstandigheden op de werkvloer met betrekking tot lawaai, stof en temperatuur en werken aan een stappenplan voor verdere verbeteringen. In onze nieuwe investeringen houden we rekening met zeer strikte normen op vlak van werkomstandigheden.

GRI 403-6

Alle medewerkers en onderaannemers die wereldwijd in de fabrieken van Bekaert werken, dragen de aangeboden veiligheids- en gezondheidsuitrusting om de risico’s op verwondingen en gezondheidsschade te vermijden. Deze omvat uniformen, stoffilters, oog- en gehoorbescherming, en hijs- en takelapparatuur om spoelen, rollen en paletten ergonomisch te heffen en te verplaatsen.

Bekaert zal, tenzij er geen alternatief is, geen leasecontracten verlengen of nieuwe aankopen uitvoeren van heftrucks of andere bedrijfsinterne voertuigen met dieselmotor in de fabrieken, om zo de CO₂-uitstoot te elimineren.

GRI 403-3

Omgaan met en opslaan van chemicaliën

Er wordt binnen het bedrijf speciale aandacht besteed aan het omgaan met en opslaan van chemicaliën. Een databank houdt alle chemicaliën bij die in onze fabrieken gebruikt worden en er gelden strenge gezondheids- en veiligheidsrichtlijnen voor alle werknemers. Werknemers die worden blootgesteld aan potentieel gevaarlijke materialen doorlopen elke zes maanden een verplichte medische controle. We ontwikkelen en optimaliseren technieken en processen die de nood aan gevaarlijke chemicaliën tijdens warmtebehandelingen elimineert.

GRI 403-3

Mentaal welzijn

69% van onze medewerkers in Bekaerts dochterondernemingen heeft toegang tot

een wereldwijd geïmplementeerd employee assistance program dat focust op mentaal welzijn. In verschillende entiteiten lopen er bovendien andere programma’s voor mentaal welzijn die specifiek gericht zijn op de impact van de pandemie op mentaal welzijn.

20% van onze medewerkes volgde in 2021 een training die zich focust op welzijn. 

GRI 403-3, GRI 403-6

Meer informatie over onze naleving van de standaarden voor het omgaan met chemicaliën en andere stoffen die een potentieel milieu-en gezondheidsrisico kunnen vormen zijn opgenomen in Deel II: Milieugegevens van dit verslag.

Veiligheidscijfers

Incidenten per regio

De graad van gerapporteerde incidenten daalde met 8% ten opzichte van 2020.

De frequentiegraad was 23% lager dan vorig jaar, door een daling in incidenten met werkverlet.

Het aantal incidenten met levensingrijpende verwondingen nam toe van één in 2020 naar acht in 2021.

14% van de ongevallen hebben geleid tot of hadden het potentieel om te leiden tot een levensingrijpende verwonding, een daling in vergelijking met 16% in 2020.

Het aantal incidenten in hogerisicosituaties (die niet noodzakelijk resulteren in een ernstige verwonding) is met 12.5% toegenomen in 2021.

47% van de ongevallen die bij Bekaert voorkomen, veroorzaken letsels aan handen en vingers. Ondanks alle veiligheidsmaatregelen, hadden acht van deze incidenten in 2021 levensveranderende gevolgen voor een van onze medewerkers, vergeleken met één dergelijk incident in 2020.In veiligheidsprocedures en tijdens veiligheidsopleidingen wordt er speciale aandacht gegeven aan de preventie van hand- en vingerletsels. Verwondingen aan andere lichaamsdelen betroffen hoofd en nek (16%), bovenste ledematen (13%), lagere ledematen (9%), voeten en tenen (6%) en torso, rug en organen (7%).

GRI 403-9

image
image

In 2021 kreeg Bekaert een ISO45001-certificaat op groepsniveau (de standaard voor veiligheidsbeheersystemen) en 31% van de Bekaert-fabrieken wereldwijd waren ISO45001 gecertifieerd. Toenemende certificatie van Bekaert-fabrieken over de hele wereld blijft onze doelstelling.

GRI 403-1, GRI 403-8

Gemiddeld volgde elke werknemer 8 uur veiligheidstraining in 2021.

GRI 403-5

Belangrijkste veiligheidsperformantie indicatoren Bekaert geconsolideerde vestigingen

2018

2019

2020

2021

Gerapporteerde incidentengraad

7,17

5,62

4,3

3,96

Frequentiegraad

4,41

3,39

2,94

2,27

Ernstgraad

0,13

0,13

0,02

0,10


Belangrijkste veiligheidsperformantie indicatoren Bekaert geconsolideerde vestigingen + joint ventures

2018

2019

2020

2021

Gerapporteerde incidentengraad

6,61

5,18

4,02

3,67

Frequentiegraad

3,98

3,08

2,65

2,08

Ernstgraad

0,11

0,13

0,02

0,12

Incidenten per regio

Groepsdata per regio

LTIFR ⁽¹⁾

LTIFR ⁽¹⁾

LTIFR ⁽¹⁾

Ernst- graad ⁽²⁾

Ernst- graad ⁽²⁾

Ernst- graad ⁽²⁾

TRIR ⁽³⁾

TRIR ⁽³⁾

TRIR ⁽³⁾

Totaal (Bekaert payroll mede-werkers + aannemers

Bekaert

Aannemers

Totaal (Bekaert payroll mede-werkers + aannemers

Bekaert

Aannemers

Totaal (Bekaert payroll mede-werkers + aannemers

Bekaert

Aannemers

EMEA

5,88

6,06

4,34

0,32

0,29

0,62

7,23

7,28

6,82

Latijns-Amerika

1,71

1,82

1,34

0,00

0,00

0,00

1,71

1,82

1,34

Noord-Amerika

1,48

1,64

0,00

0,30

0,33

0,00

18,91

19,97

9,11

Pacifisch Azië

0,62

0,71

0,38

0,00

0,00

0,00

1,14

1,23

0,89

JV’s in Brazilië en Colombia

0,95

1,31

0,00

0,21

0,29

0,00

2,10

2,63

0,75

* Aannemer = medewerker van een leverancier die vooraf gedefinieerde taken op regelmatige basis op onze sites uitvoert. Dit omvat onder andere, maar is niet beperkt tot, medewerkers van schoonmaakbedrijven, veiligheidsdiensten, tijdelijke tewerkstellingskantoren (interimkrachten).


GRI 403-9

image
image

Incidenten per geslacht

Groepsdata per geslacht (payroll medewerkers)

Mannen

Vrouwen

2020

2021

2020

2021

LTIFR ⁽¹⁾

3,27

2,43

2,34

2,31

Ernstgraad ⁽²⁾

0,02

0,11

0,00

0,33

TRIR ⁽³⁾

5,01

4,30

2,88

3,47

¹ Frequentiegraad (Lost Time Incident Frequency Rate): aantal ongevallen met werkverlet per miljoen gewerkte uren.

² Ernstgraad (SI-graad: Serious Injuries): aantal ongevallen met levensveranderende letsels per miljoen gewerkte uren.

³ Incidentengraad (TRIR: Total Recordable Injury Rate): aantal incidenten per miljoen gewerkte uren.


GRI 403-9

image
image

Communiceren met en engageren van onze medewerkers

Het engageren en empoweren van onze medewerkers is altijd belangrijk geweest binnen Bekaert. We empoweren onze teams met verantwoordelijkheid, autoriteit en aansprakelijkheid en rekenen op het engagement van elke Bekaert-medewerker om de prestaties te verbeteren.

Het Bekaert Intranet is een plek waar medewerkers kennis kunnen delen en bekomen, snel relevante informatie kunnen vinden, met collega’s in contact kunnen komen, kunnen samenwerken met teamleden rond gemeenschappelijke ontwikkelingsprogramma’s en actief kunnen bijdragen aan doeltreffende communicatie binnen de onderneming. Bovendien worden het interne socialemediaplatform Yammer en het videoplatform Stream intensief gebruikt om best practices, ideeën en mijlpalen te delen. Onze medewerkers ontvangen regelmatig interne nieuwsbrieven met bedrijfsboodschappen en businessupdates.

Elk kwartaal nodigen de CEO en CFO van Bekaert alle managers en bedienden van over heel de wereld uit om deel te nemen aan interne webcasts over de financiële nieuwsberichten. Ze delen informatie over Bekaerts prestaties en de te nemen acties en beantwoorden de gestelde vragen. De sessies worden opgenomen en kunnen achteraf (her)bekeken worden via ons intern videoplatform.

Daarnaast worden de medewerkers ook uitgenodigd voor online Communication Town Halls, gepresenteerd door de leden van het Bekaert Group Executive. Zij delen updates over marktontwikkelingen, genomen beslissingen en nieuwe of geïmplementeerde strategieën. Deze sessies stimuleren interactie onder alle deelnemers.

Eind 2021 heeft Bekaert een podcast kanaal voor medewerkers gelanceerd, Bekaert Bits & Bytes. De podcast verspreidt verhalen van collega’s van over de hele wereld die hun inspiratie en gesprekken over relevante thema’s delen. 

GRI 102-43, GRI 102-44

Leren en ontwikkelen

Gemiddeld aantal uur training per medewerker

In 2021 kreeg elke medewerker gemiddeld 33 uur opleiding.

Gemiddeld aantal uur training per medewerker per regio

2019

2020

2021

Mannen

Vrouwen

Mannen

Vrouwen

Mannen

Vrouwen

EMEA

Arbeiders

19

14

12

10

37

37

Bedienden

16

16

15

8

25

26

Management

8

10

12

16

17

20

Latijns Amerika

Arbeiders

75

9

7

7

39

150

Bedienden

32

34

7

6

23

21

Management

44

46

11

31

34

43

Noord-Amerika

Arbeiders

36

40

35

33

22

14

Bedienden

20

13

22

7

17

9

Management

13

6

11

8

20

19

Pacifisch Azië

Arbeiders

49

29

23

31

37

58

Bedienden

22

11

12

13

24

16

Management

12

12

14

21

39

27


Noot: in Latijns-Amerika werden in 2021 intensieve opleidingsprogramma’s voorzien om meer vrouwelijke medewerkers in te zetten in productie- en andere operationele functies. Dit verklaart het hoge gemiddelde aantal uren opleiding voor vrouwelijke operatoren in de regio.

GRI 404-1

image
image

Vakbonden en collectieve arbeidsovereenkomsten

Communicatie omvat ook het uitwisselen van informatie en onderhandelen met vakbonden. We erkennen het recht van iedere medewerker om zich al dan niet bij een vakbond aan te sluiten. 64% van onze medewerkers wereldwijd valt onder een collectieve arbeidsovereenkomst.

Overeenkomsten met vakbonden worden lokaal gesloten en omvatten de volgende elementen:

Persoonlijke beschermingsmiddelen

Het recht om onveilig werk te weigeren

Gezondheids- en veiligheidscommissies bestaande uit managers en medewerkers

Deelname van werknemersvertegenwoordigers in aangelegenheden rond gezondheid en veiligheid

Controles, audits en ongevallenonderzoeken

Training en opleiding

Klachtenprocedure

Periodieke controles

GRI 102-41, GRI 403-4, GRI 407-1

Gezondheids- en veiligheidscommissies

Alle medewerkers zijn vertegenwoordigd in formele gezondheids- en veiligheidscommissies bestaande uit managers en medewerkers. Zij helpen het toezicht op gezondheids- en veiligheidsprogramma’s op het werk op te volgen en geven advies hierover.

GRI 403-4, GRI 403-3, GRI 403-9

image
image

Onderzoeks- en innovatiepartnerschappen

Bekaert heeft onderzoeks- en innovatiepartnerschappen met de volgende partners:

Partner

Innovatiegebied

Technical University of Denmark (DTU)

Eco2Fuel

University Politecnica Valencia (UPV)

Eco2Fuel

Consiglio Nazionale delle Ricerche (CNR)

Eco2Fuel

Centro Ricerch e FIAT

Eco2Fuel

Flemish Institute for Technological (VITO)

Hyve

IMEC

Hyve

TNO (Toegepast Natuurweterschappelijk Onderzoek)

MooringSense

SINTEF

MooringSense

CTC (Foundacion Centro Tecnologico de Componentes

MooringSense

UCD University College Dublin

Modeling

Imperial College London

Modeling

Universitas Studiorum Zagrabiensis

Modeling

CEIT

Modeling

Ghent University

Modeling

OCAS

Physical Metallurgy

CRM (Centre de Recherches Metallurgie)

Metallic Coatings

INSA Lyon

Physical Metallurgy

Université de Lille (UMET)

Physical Metallurgy

KU Leuven

Flanders' Make

Digital - engineering

VKI Von Karman Institute

Metallic coatings - hot dip

image
image

Hoogste ethische standaarden

Gedragscode

Ons aanwervingsbeleid schrijft voor dat elke nieuwe medewerker een exemplaar van onze Gedragscode ontvangt. Elk jaar wordt van onze bedienden en managers verwacht dat ze de Gedragscode lezen, een test afleggen over situaties omtrent bedrijfsethiek en hun engagement voor de principes van de Code herbevestigen via Bekaerts wereldwijde online leerplatform.

GRI 102-16

Als onderdeel van het jaarlijks engagementprocess herinnert een verplichte training de medewerkers aan de te volgen principes wanneer ze geconfronteerd worden met ethische keuzes. 100% van de managers en 100% van de bedienden hebben hun engagement aan de Gedragscode in 2021 hernieuwd en het is ons doel dit jaarlijks te herhalen. We hebben de meeste van onze operatoren al de principes van de Gedragscode aangeleerd. De afzonderingsprocedures die ingesteld werden tijdens de Covid-19-pandemie hebben ons echter verhinderd om de training volledig af te werken in 2021. We verwachten ons doel te bereiken tegen eind 2022.

In 2021 hebben we een verplichte anti-omkoping en anticorruptie opleiding uitgerold voor alle managers bij Bekaert en voor bedienden die frequent contact hebben met derden. 100% van de doelgroep heeft de training gevolgd en slaagde voor de test. Er werd een specifieke opleiding over antitrust toegewezen aan een gerichte doelgroep van managers, gebaseerd op het Hay classificatie niveau en de functie. 100% van de geadresseerden vervolledigde de training en slaagde voor de test.

Functionele groepen (zoals de aankoopfuncties) kregen ook bijzondere trainingsprogramma’s over de Gedragscode en over anticorruptie en anti-omkopingsbeleid.

Bovendien doet de afdeling Group Internal Audit regelmatig audits op de naleving van de respectieve beleidsregels en procedures en beveelt deze correctieve acties aan waar nodig. Alle beleidsregels zijn beschikbaar op het Bekaert Intranet.

GRI 205-2

Onze Gedragscode bevat een (klokkenluider)procedure om een integriteitsbezorgdheid te melden. Medewerkers hebben de keuze tussen een gesprek met hun overste, HR-

manager of de Interne Auditmanager, het versturen van een e-mail naar integrity@bekaert.com of het rapporteren via onze website waar het anoniem kan. 

In 2021, werden 62 aantijgingen gerapporteerd. 23 ervan werden aangeduid voor verder onderzoek. 6 van de 62 aantijgingen gingen over discirminatie of pesterij en één ging over omkoping en corruptie. Na onderzoek werden respectievelijk 2 en 1 geval gegrond beschouwd en werden ze behandeld. Alle bezorgdheden en klachten worden vertrouwelijk behandeld en Bekaert neemt de nodige maatregelen om medewerkers te beschermen tegen gelijk welke vorm van vergelding als ze een bezorgdheid melden. Deze informatie, inclusief het opvolgingsproces, is geregeld via een formele procedure die de richtlijnen volgt voor de bescherming van personen die inbreuken op het Unierecht melden (of ‘Klokkenluidersrichtlijn’), zoals voorgeschreven door de Europese Unie.

We willen onze medewerkers aanmoedigen om vrijuit te spreken (‘Speak Up’) wanneer ze feitelijke of vermoedelijke integriteitsbezorgdheden en -vragen hebben. Begin 2021 werd wereldwijd een ‘Speak Up’ campagne gelanceerd in al onze vestigingen. Het campagnemateriaal is beschikbaar in alle relevante talen.

GRI 406-1, GRI 205-3, GRI 418-1

image
image

Diversiteit bevorderen

Alle diversiteitsgegevens hebben betrekking op Bekaert dochterondernemingen (exclusief joint ventures).

Diversiteit in nationaliteiten

Binnen onze organisatie hebben 430 medewerkers een andere nationaliteit dan die van het land waarin ze werken. De landen waar we de grootste groep buitenlandse medewerkers hebben, zijn Chili (133 of 9% van de medewerkers), België (67 of 5% van de medewerkers) en Slovakije (86 of 4% van de medewerkers).

DIVERSITEIT NATIONALITEITEN - 31 december 2021

# mensen

# nationaliteiten

# niet-native ¹

% niet-native

RAAD VAN BESTUUR

13

8

7

54%

Bekaert Group Executive (BGE)

8

5

5

63%

Senior Vice Presidents (B16-B18) ²

14

5

5

36%

Next leadership level (B13-B15) ²

93

20

47

51%

TOTAAL LEADERSHIP TEAM

115

22³

57

50%

¹ Niet-native = van een andere nationaliteit dan die van de hoofdzetel van het moederbedrijf (België)

² Hay-classificatiereferentie

³ Aantal nationaliteiten in het leadership team

Genderdiversiteit

GENDERDIVERSITEIT - 31 december 2021

% mannelijk

% vrouwelijk

Arbeiders

93%

7%

Bedienden

69%

31%

Management ¹

80%

20%

TOTAAL BEKAERT-MEDEWERKERS

87%

13%

¹ B7 en hoger (Hay-classificatiereferentie)


GRI 405-1


GRI 405-1

Het productiekarakter van Bekaerts activiteiten verklaart de voornamelijk mannelijke populatie, in het bijzonder bij operatoren.

Bekaert hanteert een wervings- en promotiebeleid dat gericht is op het gestaag verhogen van diversiteit, inclusief genderdiversiteit. Dit past binnen het Diversiteits- en inclusieprogramma van het bedrijf. 28% van de managers en bedienden van Bekaerts dochterondernemingen zijn vrouwen (per jaareinde 2021). We verbinden ons ertoe om dit aandeel te verhogen en zo gendergelijkheid te steunen. Het is onze doelstelling om een ratio van 40% te bereiken tegen 2030 door een jaarlijkse verbetering van +1.5% in de komende acht jaar. Deze doelstelling werd, vanaf 2022, ook toegevoegd in de incentive-doelstellingen op korte termijn voor Uitvoerend Management.

GRI 405-1

image
image

Genderdiversiteit in de Raad van Bestuur en het hoger management van Bekaert:

GENDERDIVERSITEIT - 31 december 2021

# mensen

% mannelijk

% vrouwelijk

RAAD VAN BESTUUR

13

62%

38%

Bekaert Group Executive (BGE)

8

87%

13%

Senior & next leadership level ¹

107

81%

19%

TOTAAL LEADERSHIP TEAM

115

82%

18%

¹ B13-B18 (Hay-classificatiereferentie)


Meer informatie over genderdiversiteit in de Raad van Bestuur is te vinden in Deel I: Leiderschap, en in Deel II: Corporate Governance Verklaring van dit rapport.

GRI 405-1

In 2030 wil Bekaert op hoger managementniveau een genderdiversiteitsratio van 33% verzekeren.

Leeftijdsdiversiteit

LEEFTIJDSDIVERSITEIT - 31 december 2021

< 30 jaar

30-50 jaar

> 50 jaar

Arbeiders

19%

67%

14%

Bedienden

12%

70%

18%

Management ¹

2%

68%

30%

TOTAAL BEKAERT-MEDEWERKERS

16%

68%

16%

¹ B7 en hoger (Hay-classificatiereferentie)


GRI 405-1

Leeftijdsdiversiteit in Bekaerts hoogste bestuursorganen:

LEEFTIJDSDIVERSITEIT - 31 december 2021

# mensen

30-50 jaar

> 50 jaar

RAAD VAN BESTUUR

13

31%

69%

Bekaert Group Executive (BGE)

8

38%

62%

Senior Vice Presidents (B16-B18) ¹

14

21%

79%

Next leadership level (B13-B15) ¹

93

42%

58%

TOTAAL LEADERSHIP TEAM

115

39%

61%

¹ Hay-classificatiereferentie

GRI 405-1

image
image

Personeelgerelateerde data:

REGIO - 31 december 2021

EMEA

Noord- Amerika

Latijns- Amerika

Pacifisch Azië

TOTAAL ¹

Arbeiders

6 103

1 089

1 892

8 150

17 234

Mannen

5 258

1 029

1 823

7 904

16 015

Vrouwen

845

60

69

246

1 219

Bedienden

1 412

256

1 194

1 819

4 681

Mannen

920

159

766

1 399

3 244

Vrouwen

492

97

428

420

1 437

Management

700

157

188

608

1 653

Mannen

571

129

155

473

1 328

Vrouwen

129

28

33

135

325

Totaal mannen

6 749

1 317

2 745

9 776

20 587

Totaal vrouwen

1 466

185

529

801

2 981

ALGEMEEN TOTAAL

8 215

1 502

3 274

10 577

23 568

¹ Inclusief joint ventures


GRI 102-8

87% van de werknemers van Bekaert hebben een vast contract, 13% een contract van bepaalde duur. Werknemers met een tijdelijk contract staan doorgaans op de loonlijst van externe organisaties (Speciale Economische Zones, interimkantoren) en zijn bijgevolg niet inbegrepen in de Bekaert-aantallen.

99% van de Bekaert-medewerkers werkt voltijds.

GRI 102-8

image
image

Nieuwe medewerkers

Bekaert geconsolideerde vestigingen:

Nieuwe medewerkers in 2021

Totaal

Mannen

Vrouwen

Aantal nieuwe medewerkers

2 767

2 311

456

% nieuwe medewerkers op het totaal aantal medewerkers

12%

10%

2%

% nieuwe medewerkers op het totaal aantal nieuwe medewerkers

84%

16%

GRI 401-1

Nieuwe medewerkers in 2021 per regio

EMEA

Latijns-Amerika

Noord-Amerika

Pacifisch Azië

Aantal nieuwe medewerkers

996

622

450

685

% nieuwe medewerkers op het totaal aantal medewerkers

4%

3%

2%

3%

% nieuwe medewerkers op het totaal aantal nieuwe medewerkers

36%

22%

16%

25%

GRI 401-1

Nieuwe medewerkers in 2021 per categorie

Arbeider

Bediende

Management

Aantal medewerkers

2 075

552

140

% nieuwe medewerkers op het totaal aantal medewerkers

9%

2%

1%

% nieuwe medewerkers op het totaal aantal nieuwe medewerkers

75%

20%

5%

GRI 401-1

Aantal vacatures in 2021

# vacatures

980

% vacatures dat binnen 90 dagen werd ingevuld

70%

% vacatures dat langer dan 90 dagen open stond

30%

image
image

Turnover

Bekaert geconsolideerde vestigingen exclusief medewerkers met een contract van bepaalde duur en exclusief collectieve ontslagen:

Medewerkers turnover in 2021

Totaal

Mannen

Vrouwen

turnover (aantal) vrijwillig vertrek

731

600

131

turnover (aantal) alle personeel exits (vrijwillig vertrek – ontslag – pensioen – einde tijdelijk contract – overlijden tijdens in dienst)

1 293

1 073

220

turnover (%) vrijwillig vertrek

3,6%

3,3%

5,1%

turnover (%) alle personeel exits (vrijwillig vertrek – ontslag – pensioen – einde tijdelijk contract – overlijden tijdens in dienst)

6,3%

6,0%

8,6%

GRI 401-1

Medewerkers turnover in 2021 per regio

EMEA

Latijns-Amerika

Noord-Amerika

Pacifisch Azië

turnover (aantal) vrijwillig vertrek

253

115

157

206

turnover (aantal) alle personeel exits (vrijwillig vertrek – ontslag – pensioen – einde tijdelijk contract – overlijden tijdens in dienst)

468

259

233

333

turnover (%) vrijwillig vertrek

3,2%

3,7%

10,3%

2,6%

turnover (%) alle personeel exits (vrijwillig vertrek – ontslag – pensioen – einde tijdelijk contract – overlijden tijdens in dienst)

6,0%

8,4%

15,2%

4,1%

GRI 401-1

Medewerkers turnover in 2021 per regio

Arbeider

Bediende

Management

turnover (aantal) vrijwillig vertrek

438

202

91

turnover (aantal) alle personeel exits (vrijwillig vertrek – ontslag – pensioen – einde tijdelijk contract – overlijden tijdens in dienst)

826

317

150

turnover (%) vrijwillig vertrek

3,0%

4,7%

5,9%

turnover (%) alle personeel exits (vrijwillig vertrek – ontslag – pensioen – einde tijdelijk contract – overlijden tijdens in dienst)

5,6%

7,4%

9,8%

GRI 401-1

Medewerkers turnover in 2021 per leeftijdscategorie

< 30 jaar

30-50 jaar

> 50 jaar

turnover (aantal) vrijwillig vertrek

144

478

109

turnover (aantal) alle personeel exits (vrijwillig vertrek – ontslag – pensioen – einde tijdelijk contract – overlijden tijdens in dienst)

194

744

355

turnover (%) vrijwillig vertrek

5,5%

3,4%

2,8%

turnover (%) alle personeel exits (vrijwillig vertrek – ontslag – pensioen – einde tijdelijk contract – overlijden tijdens in dienst)

7,5%

5,3%

9,2%

GRI 401-1

image
image

Prestatiebeoordelingen

Om sterke prestaties, inzet en voortdurende ontwikkeling van al onze medewerkers te stimuleren, worden de doelstellingen van de groep omgezet in team- en persoonlijke doelstellingen.

Bekaert heeft een People Performance Management (PPM)-programma ontwikkeld en uitgerold. PPM  is onze manier om de prestaties van mensen te beoordelen en te bekijken hoe we onze doelen in de toekomst beter kunnen bereiken. Als zodanig maakt PPM deel uit van een grotere inspanning om een veel meer prestatiegerichte organisatie te worden.

Het performantieopvolgingsproces omvat persoonlijke ontwikkelingsbeoordelingsgesprekken, transparantie, feedforward en leiderschapsgedrag.

De nieuwe prestatiemanagementaanpak is mogelijk door: een duidelijke afstemming van team- en individuele doelen met de businessprioriteiten; het regelmatig sturen en coachen van prestaties; een billijke erkenning in lijn met de bereikte prestaties; en betere tools waarmee medewerkers hun prestaties en feedforward-acties gedurende het jaar kunnen bijhouden.

Percentage medewerkers dat een prestatiebeoordeling kreeg in 2021¹

MEDEWERKERSCATEGORIE

Percentage

Managers

100%

Bedienden

100%

Arbeiders

76%

¹ Exclusief  joint ventures


GRI 404-3

Prestatiebeoordelingen

image
image

Vergoedingen en voordelen

We bieden concurrentiële salarissen en beloningen om het financiële, fysieke en algemene welzijn van onze medewerkers en hun gezinnen te verbeteren. Ons aanbod verschilt van land tot land en is veelal afgestemd op het socialezekerheidsbeleid in het betreffende land. Wij bieden een heel scala aan personeelsvoordelen, waaronder pensioenuitkeringen, ziektekostenregelingen, beloningen voor langdurig dienstverband, arbeidsongevallen-/invaliditeitsverzekering en betaald verlof. Voor gedetailleerde informatie over vergoedingen en voordelelen, verwijzen we naar Deel II: Financieel Overzicht, sectie 6.15.

GRI 201-3

Verloningselementen voor fulltime en parttime mede-werkers per belangrijke bedrijfslocatie (> 1 000 medewerkers):

VOORDEEL

België

Slovakije

China

Chili

VS

Indonesië

Levensverzekering

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Gezondheidszorg

Ja

Nee

Ja

Ja

Ja

Ja

Invaliditeitsverzekering

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ouderschapsverlof

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Pensioenregeling

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Aandeelhouderschap

Nee

Nee

Nee

Nee

Nee

Nee

Deze voordelen worden niet aan tijdelijke werknemers (‘interim-medewerkers’) toegekend die niet op de loonlijst van Bekaert staan.

GRI 401-2, GRI 403-6

Beëindiging en ontslagvergoeding

Bekaert heeft in 2021 verschillende vestigingen gesloten of geherstructureerd. Het management implementeert dergelijke maatregelen alleen wanneer andere opties om de prestaties te herstellen met het oog op het veiligstellen van een duurzame, winstgevende toekomst, mislukt of niet bestaande zijn.

Bij de uitvoering van dergelijke maatregelen streeft het management ernaar de sociale impact voor de betrokken werknemers te beperken door middel van herindustrialisatie, hulp bij hertewerkstelling en een billijke ontslagvergoeding.

GRI 404-2

Over

dit rapport

DEEL III

image

Rapporteringsprincipes

Rapporteringsperiode

Dit rapport beslaat de activiteiten tussen 1 januari 2021 en 31 december 2021, tenzij anders aangegeven en indien relevant voor het rapport.

Bekaert rapporteert halfjaarlijks over de financiële resultaten (halfjaar- en jaarresultaten). Bekaert rapporteert jaarlijks over de duurzaamheidsprestaties van de groep.

GRI 102-50, GRI 102-51, GRI 102-52

Proces voor definitie van rapporteringsinhoud

De inhoud van dit rapport is vastgesteld aan de hand van de belangrijkste indicatoren van onze activiteiten, de impact van en betrokkenheid bij de belangengroepen van de onderneming, de inspanningen om de duurzaamheid te verbeteren en de mate van detaillering zoals vastgesteld door de GRI Sustainability Reporting Standards en het huidige NFRD (Non-Financial Reporting Directive).

Dit rappot voldoet aan de iXBRL/ESEF-wetgeving en bevat de uitkomst van de EU Taxonomy geldigheidsverklaringsvereisten. De structuur en inhoud van dit eerste geïntegreerde jaarverslag zijn gebaseerd op het kader Guidelines of Value Reporting Foundation (International Reporting Council (IIRC) & Sustainability Accounting Standards Board (SASB).

De geconsolideerde jaarrekening werd opgesteld in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals aanvaard en gepubliceerd binnen de Europese Unie.

Onze belangengroepen zijn de medewerkers, leveranciers, klanten, aandeelhouders en partners van Bekaert, lokale overheden en de gemeenschappen waar we actief zijn.

GRI 102-46

Rapporteringsdomein

Dit rapport omvat de geconsolideerde prestatie-indicatoren voor alle dochterondernemingen van de Bekaert Groep. Geconsolideerde data is van toepassing op de 100%-dochterondernemingen van NV Bekaert SA en deze waarin NV Bekaert SA een meerderheidsparticipatie heeft. Wanneer specifiek vermeld omvatten (gezamenlijke) verklaringen in het rapport acties en prestatiemetingen van joint ventures, beschouwd aan 100% eigendom.

GRI 102-45, GRI 102-48, GRI 102-49

image

Duurzaamheidsstandaarden

Dit rapport werd samengesteld volgens de GRI Sustainability Reporting Standards: Core optie. Global Reporting Initiative (GRI) is een non-profit organisatie die economische, milieugerelateerde en maatschappelijke duurzaamheid bevordert.

In 2021 werd Bekaert erkend door opname in de Solactive ISS ESG Screened Europe Small Cap Index en de Solactive ISS ESG Screened Developed Markets Small Cap Index - een referentiecriterium voor toppresteerders op het vlak van maatschappelijk verantwoord ondernemen gebaseerd op Vigeo Eiris’ onderzoek - en in Kempen SRI.

In 2021 analyseerden de ratingagentschappen MSCI en ISS-ESG de ecologische, sociale en governance prestaties van ons bedrijf op basis van publiek beschikbare informatie. Hun rapporten worden gebruikt door institutionele investeerders en financiële dienstverleners. Bekaert ontving een 'A' beoordeling in de MSCI ESG Ratings en 'C-' beoordeling in de ISS-ESG rating (op een schaal van D- tot A+), wat gemiddeld is binnen de sector.

Na vier jaar op rij het gouden erkenningsniveau van EcoVadis toegekend te hebben gekregen, kreeg Bekaert voor de bekendmaking van haar 2020 data een platinum erkenningsniveau. EcoVadis een onafhankelijk bureau voor duurzaam ondernemen waarvan de methodologie op internationale CSR-normen gebaseerd is. Het bureau stelt dat Bekaert deel uitmaakt van de top 1% van de door EcoVadis beoordeelde bedrijven in dezelfde industriecategorie.

Als antwoord op de groeiende interesse doorheen de toeleveringsketen om over de ecologische voetafdruk van activiteiten en logistiek te rapporteren, werkt Bekaert ook mee aan de bevragingen van CDP. Bekaert werd een C score voor zowel de Climate Change als de Supplier Engagement Rating gebaseerd op 2020 data bekendmaking.

GRI 102-54

image

GRI Content Index

Voor de GRI Content Index Service keek GRI Services na of de GRI content index duidelijk is weergegeven en de verwijzingen naar alle bepalingen overeenkomen met de betreffende secties van het verslag.

Deze controle werd uitgevoerd op de Engelstalige versie van dit rapport.

GRI 102-55

GENERAL DISCLOSURES

GRI STANDARD

DISCLOSURE

Page numbers and/ or URL and/or direct answers

GRI 101 Foundation 2016

GRI 102 General disclosure 2016

ORGANIZATIONAL PROFILE

Disclosure 102-1 Name of the organization

9

Disclosure 102-2 Activities, brands, products & services

9, 12, 13

Disclosure 102-3 Location of headquarters

9

Disclosure 102-4 Location of operations

10

Disclosure 102-5 Ownership and legal form

287

Disclosure 102-6 Markets served

9

Disclosure 102-7 Scale of the organization

9

Disclosure 102-8 Information on employees and other workers

272

Disclosure 102-9 Supply chain

39

Disclosure 102-10 Significant changes to the organization and its supply chain

3940

Disclosure 102-11 Precautionary principle or approach

45, 93

Disclosure 102-12 External initiatives

51

Disclosure 102-13 Membership of associations

49

STRATEGY

Disclosure 102-14 Statement from the most senior-decision makers

7

ETHICS AND INTEGRITY

Disclosure 102-16 Values, principles, standards and norms of behavior

9, 51, 269

GOVERNANCE

Disclosure 102-18 Governance structure

19, 25

Disclosure 102-23 Chair of the highest governance body

19

image

STAKEHOLDER ENGAGEMENT

Disclosure 102-40 List of stakeholder groups

29, 30

Disclosure 102-41 Collective bargaining agreements

267

Disclosure 102-42 Identifying and selecting stakeholders

29

Disclosure 102-43 Approach to stakeholder engagement

266

Disclosure 102-44 Key topics and concerns raised

266

REPORTING PRACTICE

Disclosure 102-45 Entities included in the consolidated financial statements

278

Disclosure 102-46 Defining report content and topic Boundaries

278

Disclosure 102-47 List of material topics

32

Disclosure 102-48 Restatements of information

278

Disclosure 102-49 Changes in reporting

278

Disclosure 102-50 Reporting period

278

Disclosure 102-51 Date of most recent report

278

Disclosure 102-52 Reporting cycle

278

Disclosure 102-53 Contact point for questions regarding the report

278

Disclosure 102-54 Claims of reporting in accordance with the GRI Standards

279

Disclosure 102-55 GRI Content Index

280

Disclosure 102-56 External assurance

No external assurance


MATERIAL TOPICS

GRI STANDARD

DISCLOSURE

Page numbers and/ or URL and/or direct answers

ECONOMICS

GRI 103 Management approach 2016

Disclosure 103-1 Explanation of the material topic and its Boundary

32

Disclosure 103-2 The management approach and its components

19, 35, 40, 43, 51, 52, 54

Disclosure 103-3 Evaluation of the management approach

19

GRI 201 Economic performance 2016

Disclosure 201-1 Direct economic value generated and distributed

34, 37

Disclosure 201-3 Defined benefit plan obligations and other retirement plans

276

GRI 103 Management approach 2016

Disclosure 103-1 Explanation of the material topic and its Boundary

32

Disclosure 103-2 The management approach and its components

19, 35, 40, 43, 51, 52, 54

Disclosure 103-3 Evaluation of the management approach

19

GRI 204 Procurement practices 2016

Disclosure 204-1 Proportion of spending on local suppliers

40

GRI 103 Management approach 2016

Disclosure 103-1 Explanation of the material topic and its Boundary

32

Disclosure 103-2 The management approach and its components

19, 35, 40, 43, 51, 52, 54

Disclosure 103-3 Evaluation of the management approach

19

GRI 205 Anti-corruption 2016

Disclosure 205-2 Communication and training about anti-corruption policies and procedures

51, 269

Disclosure 205-3 Confirmed incidents of corruption and actions taken

269


image

ENVIRONMENTAL

GRI 103 Management approach 2016

Disclosure 103-1 Explanation of the material topic and its Boundary

32

Disclosure 103-2 The management approach and its components

19, 35, 40, 43, 51, 52, 54

Disclosure 103-3 Evaluation of the management approach

19

GRI 301 Materials 2016

Disclosure 301-2 Recycled input materials used

40, 44

GRI 103 Management approach 2016

Disclosure 103-1 Explanation of the material topic and its Boundary

32

Disclosure 103-2 The management approach and its components

19, 35, 40, 43, 51, 52, 54

Disclosure 103-3 Evaluation of the management approach

19

GRI 302 Energy 2016

Disclosure 302-1 Energy consumption within the organization

41, 250

Disclosure 302-3 Energy intensity

250

Disclosure 302-4 Reduction of energy consumption

44

Water and effluents

GRI 103 Management approach 2016

Disclosure 103-1 Explanation of the material topic and its Boundary

32

Disclosure 103-2 The management approach and its components

19, 35, 40, 43, 51, 52, 54

Disclosure 103-3 Evaluation of the management approach

19

GRI 303 Water and effluents 2018

Disclosure 303-1 Interactions with water as a shared resource

253

Disclosure 303-2 Management of water discharge-related impacts

254

Disclosure 303-3 Water withdrawal

253

Disclosure 303-4 Water discharge

254

Disclosure 303-5 Water consumption

254

GRI 103 Management approach 2016

Disclosure 103-1 Explanation of the material topic and its Boundary

32

Disclosure 103-2 The management approach and its components

19, 35, 40, 43, 51, 52, 54

Disclosure 103-3 Evaluation of the management approach

19

GRI 305 Emissions 2016

Disclosure 305-1 Energy direct (Scope 1) GHG emissions

251

Disclosure 305-2 Energy indirect (Scope 2) GHG emissions

251

Disclosure 305-3 Other indirect (Scope 3) GHG emissions

252

Disclosure 305-4 GHG emissions intensity

251, 252

Disclosure 305-5 Reduction of GHG emissions

251

GRI 103 Management approach 2016

Disclosure 103-1 Explanation of the material topic and its Boundary

32

Disclosure 103-2 The management approach and its components

19, 35, 40, 43, 51, 52, 54

Disclosure 103-3 Evaluation of the management approach

19

GRI 308 Supplier Environmental assessment 2016

Disclosure 308-1 New suppliers that were screened using environmental criteria

40


image

SOCIAL

GRI 103 Management approach 2016

Disclosure 103-1 Explanation of the material topic and its Boundary

32

Disclosure 103-2 The management approach and its components

19, 35, 40, 43, 51, 52, 54

Disclosure 103-3 Evaluation of the management approach

19

Disclosure 401-1 New employee hires and employee turnover

273, 274

GRI 401 Employment 2016

Disclosure 401-2 Benefits provided to full-time employees that are not provided to temporary or part-time employees

276

Occupational health and safety

GRI 103 Management approach 2016

Disclosure 103-1 Explanation of the material topic and its Boundary

32

Disclosure 103-2 The management approach and its components

19, 35, 40, 43, 51, 52, 54

Disclosure 103-3 Evaluation of the management approach

19

GRI 403 Occupational health and safety 2018

Disclosure 403-1 Occupational health and safety management system

264

Disclosure 403-2 Hazard identification, risk assessment, and incident investigation

262

Disclosure 403-3 Occupational health services

263, 267

Disclosure 403-4 Worker participation, consultation, and communication on occupational health and safety

267

Disclosure 403-5 Worker training on occupational health and safety

264

Disclosure 403-6 Promotion of worker health

263, 276

Disclosure 403-7 Prevention and mitigation of occupational health and safety impacts directly linked by business relationships

249, 262

Disclosure 403-8 Workers covered by an occupational health & safety management system

264

Disclosure 403-9 Work-related injuries

267, 263, 264, 265

GRI 103 Management approach 2016

Disclosure 103-1 Explanation of the material topic and its Boundary

32

Disclosure 103-2 The management approach and its components

19, 35, 40, 43, 51, 52, 54

Disclosure 103-3 Evaluation of the management approach

19

GRI 404 Training and education 2016

Disclosure 404-1 Average hours of training per year per employee

25, 266

Disclosure 404-2 Programs for upgrading employee skills and transition assistance programs

52, 276

Disclosure 404-3 Percentage of employees receiving regular performance and career development reviews

275

GRI 103 Management approach 2016

Disclosure 103-1 Explanation of the material topic and its Boundary

32

Disclosure 103-2 The management approach and its components

19, 35, 40, 43, 51, 52, 54

Disclosure 103-3 Evaluation of the management approach

19

GRI 405 Diversity and equal opportunity 2016

Disclosure 405-1 Diversity of governance bodies and employees

270, 271

GRI 103 Management approach 2016

Disclosure 103-1 Explanation of the material topic and its Boundary

32

Disclosure 103-2 The management approach and its components

19, 35, 40, 43, 51, 52, 54

Disclosure 103-3 Evaluation of the management approach

19

GRI 406 Non-discrimination 2016

Disclosure 406-1 Incidents of discrimination and corrective actions taken

269

GRI 103 Management approach 2016

Disclosure 103-1 Explanation of the material topic and its Boundary

32

Disclosure 103-2 The management approach and its components

19, 35, 40, 43, 51, 52, 54

Disclosure 103-3 Evaluation of the management approach

19

image

GRI 407 Freedom of association and collective bargaining 2016

Disclosure 407-1 Operations and suppliers in which the right to freedom of association and collective bargaining may be at risk

40, 267

GRI 103 Management approach 2016

Disclosure 103-1 Explanation of the material topic and its Boundary

32

Disclosure 103-2 The management approach and its components

19, 35, 40, 43, 51, 52, 54

Disclosure 103-3 Evaluation of the management approach

19

GRI 408 Child Labor 2016

Disclosure 408-1 Operations and suppliers at significant risk for incidents of child labor

40, 51

GRI 103 Management approach 2016

Disclosure 103-1 Explanation of the material topic and its Boundary

32

Disclosure 103-2 The management approach and its components

19, 35, 40, 43, 51, 52, 54

Disclosure 103-3 Evaluation of the management approach

19

GRI 409 Forced or Compulsory Labor 2016

Disclosure 409-1 Operations and suppliers at significant risk for incidents of forced or compulsory labor

40, 51

GRI 103 Management approach 2016

Disclosure 103-1 Explanation of the material topic and its Boundary

32

Disclosure 103-2 The management approach and its components

19, 35, 40, 43, 51, 52, 54

Disclosure 103-3 Evaluation of the management approach

19

GRI 414 Supplier Social Assessment 2016

Disclosure 414-1 New suppliers that were screened using social criteria

40

Disclosure 414-2 Negative social impacts in the supply chain and actions taken

40

GRI 103 Management approach 2016

Disclosure 103-1 Explanation of the material topic and its Boundary

32

Disclosure 103-2 The management approach and its components

19, 35, 40, 43, 51, 52, 54

Disclosure 103-3 Evaluation of the management approach

19

GRI 418 Customer privacy 2016

Disclosure 418-1 Substantiated complaints concerning breaches of customer privacy and losses of customer data

52, 269

image

Verklarende woordenlijst

VERKLARENDE WOORDENLIJST

GENDER

Genderdiversiteitspercentage

Geeft het aandeel van het andere (minderheids-) geslacht aan

Leadership team

Bekaert Group Executive en Managers B13 en hoger (Hay-classificatiereferentie)

VEILIGHEID

Zware letsels

Ongevallen met levensbedreigend/levensveranderend letsels

BeCare-bereik %

Percentage medewerkers dat BeCare-training heeft gevolgd, het wereldwijde veiligheidsprogramma van Bekaert

MILIEU

kWh/GWh

Kilowatt per uur / Gigawatt per uur 1 gWh = 1 miljoen kWh

Energie-intensiteitsratio

De gebruikte energie (elektriciteit en thermisch) per geproduceerde ton eindproduct

BKG-intensiteitsratio

Verhouding broeikasgas of kooldioxide-uitstoot (CO₂) in kg per geproduceerde ton eindproduct (intensiteit gecorrigeerd met aandeel van hernieuwbare energie)

Scope 1-uitstoot

CO₂-uitstoot van bronnen die onze eigendom zijn of door ons worden beheerd (in onze fabrieken)

Scope 2-uitstoot

CO₂-uitstoot van aangekochte/verkregen elektriciteit, verwarming, koeling en stoom voor verbruik in onze fabrieken

Scope 3-uitstoot

CO₂-uitstoot die voortvloeit uit onze activiteiten, maar afkomstig is van bronnen die geen eigendom van ons zijn of niet door ons worden beheerd

Energie > CO₂-conversie

Gebaseerd op IEA-/EPA-regels

Jaarlijkse CO₂-besparing dankzij Bekaert ST/UT-staalkoord

Scope 3-uitstoot: CO₂-uitstoot van brandstof x brandstofbesparing voor banden versterkt met ST/UT-staalkoord van Bekaert. Berekend voor banden van personenvoertuigen en vrachtwagens op basis van gerealiseerde verkoop (en verkoopdoelstellingen) van Bekaert; algemeen aanvaarde conversietabellen brandstof/CO₂; en testresultaten van ST/UT op rolweerstand (resultaten variëren van 2% tot 7% naargelang het bandenontwerp en overige factoren. In onze berekeningen zijn we uitgegaan van de laagste testresultaten (2%) zodat onze gegevens (werkelijke gegevens en doelen) de laagst mogelijke impact van onze producten op de verlaging van de CO₂-uitstoot weerspiegelen.


image

Management

Per einde maart 2021

Bekaert Group Executive

Oswald Schmid

Chief Executive Officer

Juan Carlos Alonso

Chief Strategy Officer

Kerstin Artenberg

Chief Human Resources Officer

Taoufiq Boussaid

Chief Financial Officer

Yves Kerstens

Divisional CEO Specialty Businesses and Chief Operations Officer

Arnaud Lesschaeve

Divisional CEO Rubber Reinforcement

Curd Vandekerckhove

Divisional CEO Bridon-Bekaert Ropes Group

Stijn Vanneste

Divisional CEO Steel Wire Solutions

Senior Vice Presidents

Jan Boelens

Senior Vice President Steel Wire Solutions EMEA

Bruno Cluydts

Chief Strategy Officer BBRG

Philip Eyskens

Chief Legal & Compliance Officer

Annalisa Gigante

Chief Innovation and Technology Officer

Katiana Iavarone

Chief Procurement Officer

Raj Kalra

Senior Vice President Rubber Reinforcement Sales, Marketing & Strategy

Patrick Louwagie

Senior Vice President Global Engineering and Operational Excellence

Dirk Moyson

Senior Vice President Rubber Reinforcement Global Operations

Steven Parewyck

Senior Vice President Steel Wire Solutions Latin America North and North America

Raf Rentmeesters

Senior Vice President Building Products

Adam Touhig

Senior Vice President Rubber Reinforcement Asia

Gunter Van Craen

Chief Digital & Information Officer (CIO)

Geert Voet

Senior Vice President Steel Wire Solutions South and Central America

Zhigao Yu

Senior Vice President Rubber Reinforcement Technology

image

Verklaring van de verantwoordelijke personen

De ondertekenende personen verklaren dat, voorzover hen bekend:

de geconsolideerde jaarrekening van NV Bekaert SA en haar dochterondernemingen per 31 december 2020 opgesteld is overeenkomstig de International Financial Reporting Standards, en een getrouw beeld geeft van het vermogen, van de financiële toestand en van de resultaten van de gezamenlijke in de consolidatie opgenomen ondernemingen; en

het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening een getrouw overzicht geeft van de ontwikkeling en de resultaten van het bedrijf en van de positie van de gezamenlijke in de consolidatie opgenomen ondernemingen, alsmede een beschrijving van de voornaamste risico’s en onzekerheden waarmee zij geconfronteerd worden.

Namens de Raad van Bestuur:

Design & Productie

Katrien Strobbe - Strobbe Design
Eduardo Chaves - Bekaert

Disclaimer

Dit rapport kan toekomstgerichte verklaringen bevatten. Die verklaringen reflecteren de huidige inzichten van de bedrijfsleiding aangaande toekomstige gebeurtenissen, en zijn onderhevig aan bekende en onbekende risico’s, onzekerheden en andere factoren die ertoe kunnen leiden dat de werkelijke resultaten aanzienlijk verschillen van toekomstige resultaten of prestaties die door die toekomstgerichte verklaringen worden uitgedrukt of die daaruit zouden kunnen worden afgeleid. Bekaert verstrekt de in dit rapport opgenomen informatie per huidige datum en neemt geen enkele verplichting op om de toekomstgerichte verklaringen in het licht van nieuwe informatie, toekomstige gebeurtenissen of anderszins te actualiseren. Bekaert wijst elke aansprakelijkheid af voor verklaringen die door derden worden afgelegd of gepubliceerd, en neemt geen enkele verplichting op om onnauwkeurige gegevens, informatie, conclusies of opinies te corrigeren die door derden worden gepubliceerd met betrekking tot dit of enig ander rapport of persbericht dat door Bekaert wordt verspreid.

Contact

bekaert.com
corporate@bekaert.com
T +32 56 76 61 00

GRI 102-5

Het jaarverslag betreffende het boekjaar 2021 is beschikbaar op internet in het Engels en het Nederlands op annualreport.bekaert.com

Company Secretary

Isabelle Vander Vekens

Jürgen Tinggren

Voorzitter van de Raad van Bestuur

Oswald Schmid

Gedelegeerd Bestuurder

Auditors

EY

De audit-opinie is opgenomen in het Financieel Overzicht van dit jaarverslag.

Uitgever & coördinatie

Katelijn Bohez, VP Sustainable Finance & Community Relations

GRI 102-53