
7. Waarderingsregels
7.1. Algemeen
Deze geconsolideerde jaarrekening van MIKO N.V. op 31 december 2021 werd opgesteld overeenkomstig de toepasselijke
voorschriften onder IFRS (“International Financial Reporting Standards”), zoals goedgekeurd door de Europese Unie. Deze
omvatten alle IFRS-normen, IFRIC-interpretaties (“International Financial Reporting Committee”), International
accounting standards en SIC interpretaties uitgegeven en van toepassing of vervroegd toegepast op 31 december 2020.
Deze normen en interpretaties, zoals aangenomen door de Europese Unie, komen overeen met de normen en interpretaties
uitgegeven door de IASB (“International Accounting Standards Board”) en van toepassing op 31 december 2021.
De waarderingsregels in dit rapport werden toegepast conform deze in het vorige boekjaar.
De volgende nieuwe standaarden en wijzigingen aan standaarden zijn voor het eerst verplicht van toepassing voor het
boekjaar startend op 1 januari 2021 en zijn goedgekeurd door de EU en zijn relevant voor de Miko Groep:
- Wijzigingen aan IFRS 16, ‘Leaseovereenkomsten’ met betrekking tot Covid-19 gerelateerde huurconcessies
(effectief vanaf 1 juni 2020, eerdere toepassing toegestaan). Indien aan bepaalde voorwaarden is voldaan,
laten deze wijzigingen (als praktisch hulpmiddel) aan huurders toe niet te moeten beoordelen of bepaalde
covid-19-gerelateerde huurconcessies ‘huuraanpassingen’ zijn. In plaats daarvan kunnen huurders, die dit
praktisch hulpmiddel toepassen, deze huurconcessies boekhoudkundig verwerken alsof het geen
huuraanpassingen zijn.
- Wijzigingen aan IFRS 9, IAS 39, IFRS 7 en IFRS 16 ‘Hervorming van rentevoetbenchmark’ - Fase 2 (effectief
vanaf 01/01/2021). Deze wijzigingen hebben betrekking op kwesties die van invloed kunnen zijn op de
financiële verslaglegging na de hervorming van een rentebenchmark, inclusief de vervanging ervan door
alternatieve rentebenchmarks. De wijzigingen zijn van kracht voor boekjaren die beginnen op of na 1 januari
2021, waarbij eerdere toepassing is toegestaan.
De volgende nieuwe standaard en wijzigingen aan de standaarden werden gepubliceerd. Deze zijn nog niet voor het eerst
verplicht van toepassing voor het boekjaar startend op 1 januari 2021 maar zijn wel goedgekeurd door de EU en zijn
relevant voor de Miko Groep:
- Wijzigingen aan IFRS 16 ‘Leaseovereenkomsten’: Covid-19-gerelateerde huurconcessies na juni 2021
(effectief vanaf 1 april 2021). De wijzigingen verlengen met één jaar de wijziging van mei 2020 die huurders
een vrijstelling geeft om te beoordelen of een COVID-19-gerelateerde huurconcessie al dan niet een
‘huuraanpassing’ is. In het bijzonder stelt de wijziging een huurder in staat om de praktische oplossing met
betrekking tot COVID-19-gerelateerde huurconcessies toe te passen op huurconcessies waarvoor een verlaging
van de leasebetalingen alleen betrekking heeft op betalingen die oorspronkelijk verschuldigd waren op of vóór
30 juni 2022 (in plaats van oorspronkelijk alleen betalingen die op of voor 30 juni 2021 verschuldigd waren).
De wijziging is van kracht voor boekjaren die beginnen op of na 1 april 2021 (eerdere toepassing toegestaan,
inclusief in jaarrekeningen die nog niet zijn goedgekeurd voor publicatie op de datum waarop de wijziging
wordt gepubliceerd).
- Wijzigingen aan IFRS 3 ‘Bedrijfscombinaties’; IAS 16 ‘Materiële vaste activa’; IAS 37 ‘Voorzieningen,
voorwaardelijke verplichtingen en activa’ en jaarlijkse verbeteringen aan IFRS standaarden (effectief vanaf 1
januari 2022). Het pakket wijzigingen omvat beperkte aanpassingen van drie standaarden en de jaarlijkse
verbeteringen, die de formulering verduidelijken of kleine inconsistenties of tegenstrijdigheden tussen vereisten
in deze standaarden corrigeren:
o Wijzigingen aan IFRS 3, ‘Bedrijfscombinaties’ brengen een verwijzing in IFRS 3 naar het
conceptueel kader voor financiële verslaglegging up-to-date zonder de boekhoudkundige vereisten
voor bedrijfscombinaties te wijzigen.
o Wijzigingen aan IAS 16, ‘Materiële vaste activa’ verbieden een bedrijf het in mindering brengen
van bedragen ontvangen uit de verkoop van geproduceerde artikelen op de kosten van een materiële
vast actief, terwijl het bedrijf het actief voorbereidt op het beoogde gebruik. In plaats daarvan zal
een bedrijf dergelijke verkoopopbrengsten en gerelateerde kosten in winst of verlies opnemen.
o Wijzigingen aan IAS 37, ‘Voorzieningen, voorwaardelijke verplichtingen en activa’ specificeren
welke kosten een bedrijf opneemt in de beoordeling of een contract verliesgevend zal zijn.
o Jaarlijkse verbeteringen aan IFRS standaarden brengen kleine wijzigingen aan in IFRS 1 ‘Eerste
toepassing van IFRS’, IFRS 9 ‘Financiële Instrumenten’, IAS 41 ‘Landbouwactiviteiten’ en de
illustratieve voorbeelden bij IFRS 16 ‘Leaseovereenkomsten’.
De volgende nieuwe standaarden en wijzigingen aan standaarden werden gepubliceerd, maar zijn nog niet voor het eerst
verplicht van toepassing voor het boekjaar startend op 1 januari 2021, zijn nog niet goedgekeurd door de EU en zijn relevant
voor de Miko Groep:
- Wijzigingen aan IAS 1, ‘Presentatie van de jaarrekening: classificatie van verplichten als kortlopend of
langlopend’ (effectief vanaf 1 januari 2023). Deze betreffen enkel de presentatie van verplichtingen in de balans,
niet het bedrag of de timing bij erkenning van een actief, verplichting, inkomst of kost noch de
toelichtingsvereisten voor andere elementen van de jaarrekening. Ze verduidelijken dat:
o de classificatie van verplichtingen als kortlopend of langlopend moet worden gebaseerd op
bestaande rechten aan het einde van de verslagperiode en de formulering in alle betrokken paragrafen
moet worden aangepast om te verwijzen naar het "recht" om de afwikkeling uit te stellen met ten
minste twaalf maanden; en dat alleen bestaande rechten aan het einde van de verslagperiode de
classificatie van een verplichting beïnvloeden;
o classificatie niet wordt beïnvloed door verwachtingen over de vraag of een entiteit haar recht zal
uitoefenen om de afwikkeling van een verplichting uit te stellen; en dat afwikkeling verwijst naar de
overdracht aan de tegenpartij van contanten, eigen-vermogensinstrumenten, andere activa of
diensten.